Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo[Regeling vervalt per 01-01-2020.]

Geldend van 14-09-2017 t/m heden

Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 2 september 2009, nr. VO/1180268, houdende regels voor het verstrekken van subsidie voor korte scholingstrajecten voor leraren in het voortgezet onderwijs om hun onderwijsbevoegdheid te behalen en houdende wijziging van de Regeling subsidie zij-instroom 2017 in verband met het verruimen van de mogelijkheden voor zij-instromers (Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo)

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsbepalingen

Artikel 1.2. Te subsidiëren activiteiten

De minister kan in de kalenderjaren 2017, 2018 en 2019 aan leraren in het primair en voortgezet onderwijs, of aan personen die zich voornemen als leraar in het voortgezet onderwijs werkzaam te zijn, subsidie verstrekken voor het volgen van een kort scholingstraject dat opleidt tot de bekwaamheid die nodig is om les te geven in het voortgezet onderwijs of onderdelen daarvan. Hiervoor komen in aanmerking korte scholingstrajecten die:

Artikel 1.4. Subsidieplafond en verdeling

  • 1 Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is in 2017 een bedrag van maximaal € 2,1 miljoen beschikbaar.

  • 2 De minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 1.5. Weigeringsgrond

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, weigert de minister een subsidieaanvraag, indien de aanvrager reeds een tegemoetkoming van de minister ontvangt op basis van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en scholingskosten.

Hoofdstuk 2. Subsidie korte scholingstrajecten voor leraren

Artikel 2.1. Subsidiebedragen en subsidieverlening

  • 1 In de kalenderjaren 2017 en 2018 wordt de subsidie verleend en ambtshalve vastgesteld op een bedrag dat gelijk is aan de kosten voor een kort scholingstraject, zoals die op de factuur van de aanbieder staan vermeld met een maximum van € 6.000 per aanvraag.

  • 2 In het kalenderjaar 2019 wordt de subsidie verleend en ambtshalve vastgesteld op een bedrag dat gelijk is aan tachtig procent van de kosten voor een kort scholingstraject, zoals die op de factuur van de aanbieder staan vermeld met een maximum van € 6.000 per aanvraag.

Artikel 2.2. Subsidieaanvraag

  • 1 Voor een subsidieaanvraag wordt het aanvraagformulier gebruikt, dat is bekendgemaakt op de website van de Dienst Uitvoering Onderwijs.

  • 2 Een aanvraag wordt binnen acht weken na de eerste scholingsactiviteit ingediend.

  • 4 De subsidieaanvraag bevat een afschrift van de factuur van het betreffende scholingstraject.

Artikel 2.3. Subsidieverplichtingen

  • 1 De subsidieontvanger legt het scholingstraject met goed gevolg af en maakt hiervan uiterlijk zes maanden na de laatste scholingsactiviteit melding van bij de Dienst Uitvoering Onderwijs door een afschrift van het behaalde certificaat in te dienen.

  • 2 De subsidieontvanger maakt er bij de minister in ieder geval melding van, indien hij het scholingstraject voortijdig beëindigt, of dat niet met goed gevolg afrondt.

  • 3 De subsidieontvanger maakt er bij de minister in ieder geval melding van, indien hij het scholingstraject niet kan of vermoedt niet te kunnen afleggen binnen de in de aanvraag opgegeven periode. De subsidieontvanger meldt daarbij in ieder geval op welke datum hij verwacht dat de laatste scholingsactiviteit zal plaatsvinden. De subsidieontvanger kan een melding als hier bedoeld ten hoogste één keer maken.

Artikel 2.4. Subsidievaststelling en verantwoording

  • 2 De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 3.1. Hardheidsclausule

De minister kan deze regeling in bijzondere gevallen buiten toepassing verklaren of daarvan afwijken, voor zover de toepassing, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, tot een onbillijkheid van overwegende aard zal leiden.

Artikel 3.3. Wijziging Regeling subsidie zij-instroom 2017

[Red: Wijzigt de Regeling subsidie zij-instroom 2017.]

Artikel 3.4. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 september 2017, behoudens artikel 3.2 dat in werking treedt met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte in de Staatscourant.

  • 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2020.

Artikel 3.5. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidie korte scholingstrajecten vo.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

S. Dekker