Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit instelling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden IenM

Geldend van 01-04-2017 t/m heden

Besluit instelling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden IenM

De Minister van Infrastructuur en Milieu,

In overeenstemming met het Departementaal Georganiseerd Overleg, als bedoeld in artikel 113 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, ingesteld voor het Ministerie van Infrastructuur en Milieu;

Besluit:

§ 1. Algemeen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • de minister: de Minister van Infrastructuur en Milieu;

  • het ministerie: het Ministerie van Infrastructuur en Milieu;

  • medewerker: degene die op basis van een ambtelijke aanstelling werkzaamheden verricht of heeft verricht bij het ministerie.

Artikel 2

Deze regeling is niet van toepassing voor zover een bezwaarschrift betrekking heeft op de uitkomst van de bepaling van de zwaarte van de functie van een ambtenaar, bedoeld in artikel 5, derde lid, van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.

§ 2. De Commissie

Artikel 3

  • 1 Er is een Bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden Infrastructuur en Milieu.

  • 2 De commissie heeft tot taak: de minister te adviseren over de te nemen beslissing op een haar voorgelegd bezwaar van een medewerker tegen een besluit of handeling in verband met de dienstbetrekking.

Artikel 4

  • 1 De commissie bestaat uit:

    • a. een voorzitter, tevens lid, niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de minister.

    • b. twee leden.

  • 2 Als leden van een bezwarencommissie treden op ambtenaren van het ministerie die door de minister op een lijst zijn geplaatst van mogelijke deelnemers aan een bezwarencommissie.

  • 3 Op voorgenoemde lijst staan ook leden op voordracht van het Departementaal Georganiseerd Overleg.

  • 4 De leden worden, behoudens tussentijds ontslag, voor vier jaar benoemd. De benoeming kan aansluitend eenmaal voor vier jaar worden verlengd.

  • 3 De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de commissie ontvangen een vergoeding per vergadering ter hoogte van de maximaal toegestane vergoeding per vergadering voor de voorzitter als bedoeld in artikel 2 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies. De niet-ambtelijke leden en niet-ambtelijke plaatsvervangende leden van de commissie ontvangen een vergoeding per vergadering ter hoogte van de maximaal toegestane vergoeding per vergadering voor de andere leden als bedoeld in artikel 2 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies.

Artikel 5

  • 1 Indien een bezwaar is gericht tegen een vastgestelde formele beoordeling of tegen een ontslag, wordt in de commissie een lid opgenomen dat wordt vermeld op een lijst van personen, samengesteld op voordracht van het Departementaal Georganiseerd Overleg.

  • 2 In verband met voor een zaak noodzakelijke kennis kan een ter zake deskundige persoon als informant worden toegevoegd aan een commissie.

  • 3 De commissie wordt bijgestaan door een secretaris van het Expertisecentrum arbeidsjuridisch. De secretaris die wordt toegevoegd aan de commissie mag niet betrokken zijn geweest bij de voorbereiding van het bestreden besluit of de bestreden handeling.

Artikel 6

  • 1 De leden van de commissie verschonen zich van de behandeling van zaken waarbij zij in enig opzicht betrokken zijn geweest of indien sprake is van een omstandigheid, waardoor naar objectieve maatstaven getwijfeld kan worden aan de onpartijdigheid.

  • 2 De leden van de commissie kunnen worden gewraakt om aan de behandeling van in het eerste lid bedoelde zaken deel te nemen.

  • 3 Een verzoek tot wraking wordt voorafgaande aan de behandeling ter zitting schriftelijk ingediend bij de secretaris van de commissie.

  • 4 De fungerend voorzitter beslist op een verzoek tot wraking. Indien het verzoek tot wraking de voorzitter betreft, beslist een plaatsvervangend voorzitter.

Artikel 7

  • 1 De bij de behandeling van een zaak betrokken leden van de commissie stellen het advies van de commissie vast bij meerderheid van stemmen. Geen der leden onthoudt zich van stemming.

  • 2 De bij de behandeling van een zaak fungerend voorzitter en secretaris van de commissie ondertekenen het advies en het verslag van de hoorzitting.

  • 3 De secretaris zendt het advies en het verslag van de hoorzitting aan de minister.

Artikel 8

  • 1 De commissie kan van de minister de medewerking verlangen die zij nodig acht voor de behandeling van een bezwaar.

  • 2 De commissie kan het horen opdragen aan de fungerend voorzitter.

  • 3 Het horen van de indiener van het bezwaarschrift vindt plaats in aanwezigheid van degene die namens de minister het bestreden besluit heeft genomen of de betreden handeling heeft verricht.

  • 4 Het horen vindt niet in het openbaar plaats.

§ 3. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 9

De benoeming van de op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit zittende leden van de algemene bezwarenadviescommissie VROM en de bezwarencommissie personele aangelegenheden Verkeer en Waterstaat van de commissie blijft, behoudens tussentijds ontslag, van kracht voor de periode waarvoor zij zijn benoemd.

Artikel 10

De Regeling hoorcommissie personele aangelegenheden voormalig Verkeer en Waterstaat en de regeling Algemene bezwarenadviescommissie VROM worden ingetrokken. Bezwaren die in behandeling zijn genomen voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit worden behandeld op basis van de regelingen genoemd in de vorige volzin.

Artikel 11

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 april 2012.

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling bezwarenadviescommissie personele aangelegenheden IenM.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Milieu,

namens deze:

de Secretaris-Generaal,

S. Riedstra