Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Bestuursreglement werkwijze College sanering zorginstellingen

Geldend van 23-06-2016 t/m heden

Bestuursreglement werkwijze College sanering zorginstellingen

Het College sanering zorginstellingen,

Besluit:

Hoofdstuk I. Definities

Artikel 1

In dit reglement wordt verstaan onder:

  • a. Wet: de Wet toelating zorginstellingen:

  • b. Besluit: het Uitvoeringsbesluit WTZi:

  • c. College: het College sanering zorginstellingen:

  • d. Voorzitter: de voorzitter van het College:

  • e. Directeur: de directeur/secretaris van het bestuur van het College:

  • f. Gemachtigde: een natuurlijk persoon, aangewezen door het College, conform artikel 8.3, eerste lid, van het Besluit;

  • g. Liquidatiebegroting: een door de zorginstelling op te stellen begroting, inhoudende de mogelijk als lasten en baten terzake van sanering te bestempelen kosten en opbrengsten, al dan niet over een kalenderjaar.

  • h. Commissie: een door het College ingestelde commissie:

  • i. Secretariaat: het geheel van het benoemde personeel, verder te noemen: secretariaat.

  • j. Beleidsmedewerker: de medewerker in dienst van het College.

Hoofdstuk II. Werkwijze

Artikel 2

De voorzitter draagt er zorg voor dat het College zich als publiekrechtelijk orgaan bij zijn bedrijfsvoering in het algemeen richt op datgene wat gebruikelijk is bij de rijksoverheid, onverlet de eigen verantwoordelijkheid van het College, een en ander met inachtneming van de voor het College geldende wet- en regelgeving.

Artikel 3

  • 1 Het College kan commissies instellen, aan welke bepaalde taken kunnen worden opgedragen.

  • 2 Het College bepaalt de taak en de samenstelling van elke commissie, benoemt de leden, en wijst een voorzitter aan, dan wel laat de aanwijzing van de voorzitter aan de commissie zelf over. Een commissie regelt zelf haar werkzaamheden, tenzij anders bepaald door het College. Het College is te allen tijde bevoegd de commissie op te heffen.

  • 3 Vergaderingen van de commissie zijn niet openbaar, tenzij anders door het College is bepaald.

Hoofdstuk III. Secretariaat

Artikel 4

  • 1 Het College doet zich bijstaan door een secretariaat.

  • 2 De directeur geeft leiding aan het secretariaat.

Artikel 5

  • 1 De directeur dient de door het College verstrekte instructies in acht te nemen.

  • 2 Bij de uitoefening van zijn functie onderhoudt de directeur regelmatig contact met de voorzitter. De directeur verstrekt daarbij alle inlichtingen omtrent de lopende werkzaamheden van het secretariaat.

  • 3 De directeur heeft tot taak zorg te dragen voor het tijdig uitvoeren, respectievelijk doen uitvoeren, van verplichtingen en besluiten van het College en de voorbereiding hiervan.

  • 4 De directeur legt jaarlijks, binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar, een conceptjaarverslag van de werkzaamheden, inclusief financiële verantwoording en rechtmatigheid verantwoording, alsmede een doelmatigheidsverantwoording en gegevens omtrent de uitvoering van het werkprogramma aan het College voor ter vaststelling.

Artikel 6

  • 1 De directeur draagt zorg voor een goede financiële administratie die zodanig wordt ingericht dat omtrent de staat van baten en lasten en omtrent de vermogenstoestand van het College te allen tijde een volledig overzicht kan worden verkregen.

  • 2 De directeur biedt het College jaarlijks uiterlijk in september een concept begroting aan.

Hoofdstuk IV. Vergaderingen van het College

Artikel 7

  • 1 Het College vergadert voor zover mogelijk in het bijzijn van de directeur en de beleidsmedewerkers.

  • 2 Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het College aan de hand van de opgestelde nota’s en, indien aanwezig het gegeven advies, de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen conform artikel 3:2 van de algemene wet bestuursrecht.

  • 3 In voorkomende gevallen kan het College schriftelijk vergaderen. Dit is ter beoordeling aan de voorzitter.

  • 4 Vergaderingen van het College zijn slechts openbaar indien het College daartoe besluit.

  • 5 De voorzitter kan besluiten personen, niet zijnde leden of medewerkers van het secretariaat uit te nodigen vergaderingen geheel of gedeeltelijk bij te wonen.

  • 6 Personen, genoemd in het voorgaande lid van dit artikel, zijn uitgesloten van stemming.

Artikel 8

  • 1 Van het verhandelde in een vergadering wordt onder verantwoordelijkheid van de directeur door het secretariaat een besluitenlijst gemaakt:

  • 2 Deze besluitenlijst wordt al dan niet gewijzigd, door het College vastgesteld en vervolgens ondertekend door de voorzitter.

Hoofdstuk V. Toelating en aanwijzing gemachtigde

Artikel 9

  • 1 Naar aanleiding van overleg tussen de voorzitter en de directeur over het aantrekken van eventuele nieuwe gemachtigden, doet de directeur een voorstel aan de voorzitter voor een eerste gesprek.

  • 2 De kandidaat-gemachtigde wordt ontvangen door de directeur.

  • 3 Na gebleken geschiktheid wordt/worden de kandidaat-gemachtigde(n) voorgesteld aan het College. Het College beslist na het horen van de kandidaat-gemachtigde of tot toelating tot de kring der gemachtigden wordt overgegaan.

  • 4 Van het besluit, bedoeld in het derde lid van dit artikel, wordt de kandidaat- gemachtigde op de hoogte gesteld.

Hoofdstuk VI. Horen inzake bezwaarschriftprocedure

Artikel 10

  • 1 Er is een commissie die het College in voorkomende gevallen adviseert omtrent de beslissing op bezwaarschriften die worden ingediend tegen besluiten van dat College.

  • 2 De commissie bestaat uit een voorzitter, niet zijnde de voorzitter van het College en ten minste twee leden, van wie één tot plaatsvervangend voorzitter wordt benoemd.

  • 3 De voorzitter en het lid worden door het College voor een periode van ten hoogste vier jaar benoemd. Zij kunnen worden herbenoemd. Zij kunnen te allen tijde ontslag nemen. In geval van opvolging treedt de opvolger gelijktijdig af met de overige leden.

  • 4 Het College kan, op voordracht van de voorzitter van de commissie, dan wel bij diens ontstentenis, de plaatsvervangend voorzitter, ten behoeve van de advisering omtrent de afdoening van een bezwaarschrift, ook ad hoc één of meer adviseurs benoemen.

  • 5 De voorzitter en het lid zijn niet werkzaam bij of onder verantwoordelijkheid van het College.

  • 6 De voorzitter en het lid ontvangen een vacatiegeld, alsmede een vergoeding voor reis- en verblijfkosten.

  • 7 De commissie laat zich bijstaan door de directeur of door een beleidsmedewerker die hiertoe tot secretaris van de commissie wordt benoemd.

  • 8 Van het horen wordt door de secretaris een verslag gemaakt, dat ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de voorzitter en het lid van de commissie.

  • 9 De hoorzitting is niet openbaar.

  • 10 De commissie beraadslaagd en beslist achter gesloten deuren over het aan het College uit te brengen advies. De secretaris neemt deel aan dit overleg, doch heeft geen stemrecht.

  • 11 Het secretariaat bereidt de adviezen van de commissie voor.

  • 12 Het advies wordt door de voorzitter ondertekend en zo spoedig mogelijk aan het College ter hand gesteld.

  • 13 Het verslag van het horen en de op de zaak betrekking hebbende stukken worden aan het College en belanghebbenden gezonden.

  • 14 Het College neemt op basis van het advies, het hoorzittingverslag en de op de zaak betrekking hebbende stukken een beslissing.

  • 15 Bij eenvoudige zaken kan het College besluiten dat het horen geschiedt door de voorzitter, als bedoeld in artikel 1 onder d.

  • 16 Het besluit omtrent het gestelde in het vorige lid wordt door het College genomen in overleg met de directeur.

Hoofdstuk VII. Mandatering

Artikel 11

Het College stelt een mandaterings- en volmachtbesluit vast, waarin het in ieder geval aangeeft welke bevoegdheden namens het College door de directeur worden uitgeoefend. In het mandaterings- en volmachtbesluit kan het College tevens bepalen dat de directeur in de bij dit besluit aangegeven gevallen bevoegd is ondermandaat te verlenen. In geval van (langduriger)ontstentenis van de directeur voorziet de voorzitter in (zijn/haar) vervanging.

Hoofdstuk VIII. Klachtenregeling

Artikel 12

Het College stelt een klachtenregeling vast, waarin het in ieder geval aangeeft de mogelijkheden zich te beklagen over optreden van het College en op welke wijze een ingediende klacht wordt afgehandeld.

Hoofdstuk IX. Wijziging reglement

Artikel 13

Een wijziging van het bestuursreglement behoeft de goedkeuring van de minister.

Hoofdstuk X. Slotbepaling

Artikel 14

In alle gevallen waarin deze regels niet voorzien, en in alle geschillen over de uitleg van deze regels, beslist het College.

Artikel 15

Het bestuursreglement College sanering zorginstellingen d.d. 24 mei 2007 wordt ingetrokken.

Artikel 16

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft op 31 mei 2016 de regels goedgekeurd.

Artikel 17

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.