Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling bekostiging financieel toezicht 2016

Geldend van 29-09-2016 t/m heden

Regeling van de Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 2 juni 2016, kenmerk: 2016-0000055687 tot vaststelling van de bandbreedtes en tarieven, bedoeld in artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht, voor het jaar 2016 (Regeling bekostiging financieel toezicht 2016)

De Minister van Financiën en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht;

Besluiten:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. geconsolideerde jaarrekening: jaarrekening waarin de activa, passiva, baten en lasten van personen die een groep of groepsdeel vormen en andere in de consolidatie meegenomen personen, als één geheel zijn opgenomen;

  • b. toezichtcategorie: toezichtcategorie als bedoeld in bijlage II, III en IV van de Wet bekostiging financieel toezicht.

Artikel 2

  • 1 Voor het kalenderjaar 2016 worden de bandbreedtes en tarieven, bedoeld in artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht, voor bijlage II, onderdeel ‘Toezichthouder: Autoriteit Financiële Markten’, van die wet als volgt vastgesteld:

    Tabel 1

    Toezichtcategorie

    Maatstaf

    Bandbreedtes

    Tarieven

    Aanbieders van krediet

    Particuliere cliënten(PC):

     

    € 1.197 vermeerderd met:

           
     

    Aantal particuliere cliënten dat met de aanbieder rechtstreeks of middellijk als wederpartij een overeenkomst is aangegaan inzake krediet

    >0 tot en met 5.000 PC

    € 3,62 per PC

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >5.000 tot en met 10.000 PC

    € 2,53 per PC

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >10.000 tot en met 100.000 PC

    € 0,36 per PC

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >100.000 PC

    € 0,18 per PC

    Accountantsorganisaties

    Omzet:

    Omzet uit wettelijke controles bij organisaties van openbaar belang (OOB-controles) en bij controlecliënten die geen organisaties van openbaar belang zijn (niet OOB-controles)

    Omzet uit OOB-controles:

    € 1.730 in voorkomend geval vermeerderd met:

     
         
     

    >€ 0 tot en met €10 miljoen

    € 35.837 per € miljoen omzet

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 10 miljoen tot en met € 20 miljoen

    € 17.173 per € miljoen omzet

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 20 miljoen

    € 9.258 per € miljoen omzet

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

        Omzet uit niet OOB-controles:  
       

    >€ 0 tot en met € 20 miljoen

    € 10.901 per € miljoen omzet

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 20 miljoen tot en met € 100 miljoen

    € 6.123 per € miljoen omzet

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 100 miljoen

    € 2.240 per € miljoen omzet

    Adviseurs en bemiddelaars

    Fte's:

     

    € 850 vermeerderd met:

           
     

    Het aantal werknemers en andere personen, die zich onder verantwoordelijkheid van de financiële dienstverlener direct of indirect bezighouden met financiële dienstverlening, waarbij het aantal deeltijdmedewerkers wordt omgerekend naar voltijdmedewerkers

    >0 tot en met 20,0 fte’s

    € 349,13 per fte

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >20,0 tot en met 200,0 fte’s

    € 318,10 per fte

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >200,0 tot en met 500,0 fte’s

    € 64,20 per fte

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >500,0 fte’s

    € 16,60 per fte

    Afwikkelondernemingen, betaalinstellingen en elektronischgeldinstellingen

    Provisie-inkomsten (PI) Betaaldienstverleners waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in artikel 2:3e, eerste lid van de wet op het financieel toezicht

    € 0

         
      Betaaldienstverleners waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in artikel 2:3.0b, 2:3.0g, 2:3.0l, 2:3a, eerste lid en 2:10a, eerste lid van de wet op het financieel toezicht  
           
        Personen met PI in het bereik van:  
           
       

    € 0 tot en met € 0,2 miljoen

    € 574

           
       

    >€ 0,2 miljoen tot en met € 0,5 miljoen

    € 1.254

           
       

    >€ 0,5 miljoen tot en met € 1 miljoen

    € 2.041

           
       

    >€ 1 miljoen tot en met € 5 miljoen

    € 2.786

           
       

    >€ 5 miljoen

    € 3.575

    Banken en clearinginstellingen

    Minimum omvang toetsingsvermogen (MTV):

     

    € 9.020 vermeerderd met:

           
     

    Minimum omvang toetsingsvermogen berekend conform de regels die op grond van artikel 3:57 van de Wet op het financieel toezicht worden bepaald

    >€ 0 tot en met € 80 miljoen MTV

    € 1.388 per € miljoen MTV

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 80 miljoen tot en met € 400 miljoen MTV

    € 601 per € miljoen MTV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 400 miljoen tot en met € 4 miljard MTV

    € 313 per € miljoen MTV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 4 miljard MTV

    € 91 per € miljoen MTV

    Beheerders van beleggingsinstellingen en van icbe’s alsmede bewaarders alsmede aanbieders van beleggingsobjecten alsmede beleggingsondernemingen niet voor eigen rekening (exclusief exploitanten van een MTF)

    Vergunning en type beleggingsdienst of -activiteit in combinatie met vermogen:

    Vergunning als bedoeld in:  

    a.

       

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:3g Wft uitoefenen van het bedrijf van bewaarder;

    Art. 2:3g, 2:55, 2:65: 2:69b van de wet op het financieel toezicht of artikel 18, tweede lid, verordening (EU) nr. 1031/2010

    € 5.920

         

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:55 Wft aanbieden van beleggingsobjecten;

    Art. 2:96 van de wet op het financieel toezicht

    € 0

       
        In combinatie met type beleggingsdienst of – activiteit

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:65 Wft beheren van een beleggingsinstelling in een voorkomend geval verhoogd met een bedrag per type dienst of activiteit genoemd in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel a,b of d, Wft of artikel 2: 97, vierde lid, Wft;

    Ontvangen en doorgeven van orders als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 1.797

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Uitvoeren van orders voor rekening van cliënten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 5.392

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Vermogensbeheer als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 7.190

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:69b Wft beheren van een icbe, in een voorkomend geval verhoogd met een bedrag per type dienst genoemd in artikel 2:97, derde lid, Wft;

    Beleggingsadvies als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 5.392

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Begeleiden of overnemen van emissies met plaatsingsgaranties als bedoeld in artikel 1:1van de Wet op het financieel toezicht

    € 1.797

       
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:96 Wft verlenen van een van de beleggingsdiensten genoemd in de onderdelen a tot en met f van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’;

    Begeleiden van emissies zonder plaatsingsgarantie als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 1.797

         
      In combinatie met vermogen Balanstotaal (BT)

    In voorkomend geval vermeerderd met:

       

    € 0 tot en met € 5 miljard

    € 50,62 per miljoen BT

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    > € 5 miljard tot en met € 10 miljard

    € 28,19 per miljoen BT

           
     

    – het op grond van een vergunning overeenkomstig artikel 18, tweede lid, verordening (EU) nr. 1031/2010 aanbieden van broeikasgasemissierechten

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 10 miljard tot en met € 15 miljard

    € 2,24 per miljoen BT

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    > € 15 miljard

    € 0,13 per miljoen BT

           
     

    b. de omvang van het totaal van:

    – het balanstotaal van de aanbieder van beleggingsobjecten;

    Beheerd individueel vermogen (BV) in voorkomend geval vermeerderd met het vermogen waarover wordt geadviseerd (AV)

    In voorkomend geval vermeerderd met:

       

    € 0 tot en met € 1 miljard

    € 5,00 per miljoen BV + AV

     

    – het balanstotaal van de beheerde beleggingsinstelling(en);

       
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het balanstotaal van de beheerde icbe(’s);

    > € 1 miljard tot en met € 5 miljard

    € 2,50 per miljoen BV + AV

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het beheerd individueel vermogen zoals omschreven in het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het beheren van individueel vermogen», welk begrip wordt gebruikt in onderdeel c van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’, in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel a, Wft en in artikel 2:97, derde of vierde lid, Wft;

    > € 5 miljard tot en met € 20 miljard

    € 0,25 per miljoen BV + AV

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 20 miljard

    € 0,05 per miljoen BV + AV

           
     

    – het vermogen waarover wordt geadviseerd bij het ‘adviseren over financiële instrumenten’ zoals genoemd in onderdeel d van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’, in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel b, Wft en in artikel 2:97, derde of vierde lid, Wft.

       

    Beleggingsondernemingen voor eigen rekening

    Handelaren:

     

    € 460 vermeerderd met:

         

    Het aantal in Nederland werkzame personen dat door de onderneming is belast met het verrichten van transacties in financiële instrumenten

    >0 handelaren

    € 1.165 per handelaar

    Centrale effectenbewaarinstellingen

    Transactievolume:  

    € 10.000

         
     

    Het aantal afwikkelingsinstructies dat verwerkt wordt door de effectenbewaarinstelling

       

    Centrale tegenpartijen

    Omzet:  

    € 17.240 vermeerderd met:

           
     

    De aan de hand van de artikelen 41, 42 en 43 van Verordening (EU) Nr. 648/2012 (EMIR-verordening) te bepalen waarde van het geheel aan middelen dat de centrale tegenpartij aanhoudt ter dekking van de risico’s die zij loopt.

    >€ 0 tot en met € 10 miljoen

    € 1.290 per € miljoen omzet

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 10 miljoen tot en met € 100 miljoen

    € 390 per € miljoen omzet

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 100 miljoen tot en met € 1 miljard

    € 60 per € miljoen omzet

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 1 miljard

    € 40 per miljoen € omzet

    Effectenuitgevende instellingen: markt

    Marktkapitalisatie:

    De gemiddelde marktkapitalisatie (GMK) van de instelling.

    Personen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel 21, van verordening (EU) nr. 596/2014 of artikel 5:33, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op het financieel toezicht voor zover het aandelen uitgevende personen betreft niet zijnde beleggingsmaatschappijen:

    € 9.470 vermeerderd met:

           
       

    >€ 0 tot en met € 500 miljoen GMK

    € 40,44 per € miljoen GMK

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 500 miljoen tot en met € 1 miljard GMK

    € 24,63 per € miljoen GMK

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 1 miljard tot en met € 5 miljard GMK

    € 11,46 per € miljoen GMK

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 5 miljard GMK

    € 0,69 per € miljoen GMK

           
        Personen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel 21, van verordening (EU) nr. 596/2014 of artikel 5:33, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op het financieel toezicht voor zover het aandelen uitgevende personen betreft zijnde beleggingsmaatschappijen

    €1.290

           
        Personen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel 21, van verordening (EU) nr. 596/2014 of artikel 5:33, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op het financieel toezicht voor zover het schuldpapier uitgevende personen betreft

    € 960

    Effectenuitgevende instellingen: verslaggeving

    Marktkapitalisatie terwijl voor partijen die geen marktkapitalisatie kennen het eigen vermogen relevant is:

    Marktkapitalisatie:

    De gemiddelde marktkapitalisatie (GMK) van de instelling.

    Eigen vermogen:

    Eigen vermogen (EV).

    Personen als bedoeld in artikel 5:25b, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht of artikel 1, onderdeel b, van de Wet toezicht financiële verslaggeving voor zover zij een geconsolideerde jaarrekening opstellen:

    € 6.970 vermeerderd met:

         
     

    >€ 0 tot en met € 500 miljoen GMK of EV

    € 27,38 per € miljoen GMK of EV

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 500 miljoen tot en met € 1 miljard GMK of EV

    € 16,64 per € miljoen GMK of EV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 1 miljard tot en met € 5 miljard GMK of EV

    € 8,32 per € miljoen GMK of EV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 5 miljard GMK of EV

    € 0,47 per € miljoen GMK of EV

           
        Personen als bedoeld in artikel 5:25b, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht of artikel 1, onderdeel b, van de Wet toezicht financiële verslaggeving voor zover zij geen geconsolideerde jaarrekening opstellen

    € 3.260

    Financiële infrastructuur: marktexploitanten en exploitanten van een MTF

    Transacties:

     

    € 49.430 vermeerderd met:

         

    Het aantal transacties (enkele telling) in financiële instrumenten dat tot stand is gekomen volgens de regels en de systemen van de desbetreffende gereglementeerde markt of multilaterale handelsfaciliteit.

    >0 tot en met 10.000 transacties

    € 0,5880 per transactie

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >10.000 tot en met 100.000 transacties

    € 0,1778 per transactie

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >100.000 tot en met 1.000.000 transacties

    € 0,0301 per transactie

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >1.000.000 transacties

    € 0,0206 per transactie

    Pensioenfondsen en premiepensioeninstellingen

    Deze categorie kent twee heffingsmaatstaven die beide worden toegepast:

     

    € 715 vermeerderd met:

         

    1. Deelnemers:

    Aantal actieve deelnemers

    2. Vermogen:

    Som van de technische voorzieningen en het eigen vermogen (TV+EV)

    Deelnemers:  
         
     

    >0 tot en met 100.000 deelnemers

    € 0,44 per deelnemer

     
           
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >100.000 tot en met 500.000 deelnemers

    € 0,05 per deelnemer

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >500.000 tot en met 1.000.000 deelnemers

    € 0,03 per deelnemer

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >1.000.000 deelnemers

    € 0,01 per deelnemer

           
        In combinatie met Vermogen:

    In alle gevallen vermeerderd met:

           
       

    >€ 0 tot en met € 10 miljard TV+EV

    € 2,74 per € miljoen TV+EV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 10 miljard tot en met € 50 miljard TV+EV

    € 0,40 per € miljoen TV+EV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 50 miljard tot en met € 100 miljard TV+EV

    € 0,12 per € miljoen TV+EV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 100 miljard TV+EV

    € 0,04 per € miljoen TV+EV

    Verzekeraars: Leven- en pensioen

    Premie-inkomen:

     

    € 3.060 vermeerderd met:

         
     

    Bruto premie-inkomen in Nederland (BPIN) uit pensioenverzekeringen en levensverzekeringen

    >€ 0 tot en met € 1 miljard BPIN

    € 547,46 per € miljoen BPIN

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 1 miljard tot en met € 2 miljard BPIN

    € 326,14 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 2 miljard tot en met € 3 miljard BPIN

    € 110,66 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 3 miljard BPIN

    € 27,96 per € miljoen BPIN

    Verzekeraars: Schade niet zijnde zorg

    Premie-inkomen:

     

    € 1.290 vermeerderd met:

         
     

    Bruto premie-inkomen in Nederland (BPIN) uitgezonderd het premie-inkomen uit zorgverzekeringen en aanvullende ziektekostenverzekeringen

    >€ 0 tot en met € 1 miljard BPIN

    € 144,93 per € miljoen BPIN

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 1 miljard tot en met € 2 miljard BPIN

    € 86,79 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 2 miljard tot en met € 3 miljard BPIN

    € 28,93 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 3 miljard BPIN

    € 7,17 per € miljoen BPIN

    Verzekeraars: zorg

    Premie-inkomen:

     

    € 920 vermeerderd met:

           
     

    Bruto premie-inkomen in Nederland (BPIN) voorzover afkomstig uit aanvullende ziektekostenverzekering

    >€ 0 tot en met € 1 miljard BPIN

    € 2,70 per € miljoen BPIN

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 1 miljard tot en met € 2 miljard BPIN

    € 1,61 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 2 miljard tot en met € 3 miljard BPIN

    € 0,54 per € miljoen BPIN

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 3 miljard BPIN

    € 0,13 per € miljoen BPIN

  • 2 Twee of meer aanbieders van beleggingsobjecten waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in artikel 2:55 van de Wet op het financieel toezicht en die gedurende het gehele jaar, in steeds dezelfde samenstelling, gezamenlijk aanbiedingen doen aan consumenten, of deze aanbiedingen aan consumenten gezamenlijk beheren, worden voor de toepassing van artikel 2 aangemerkt als één persoon.

Artikel 3

  • 1 Voor het kalenderjaar 2016 worden de bandbreedtes en tarieven, bedoeld in artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht, voor bijlage II, onderdeel ‘Toezichthouder: de Nederlandsche Bank’, van die wet als volgt vastgesteld:

    Tabel 2

    Toezichtcategorie

    Maatstaf

    Bandbreedtes

    Tarieven

    Beheerders van beleggingsinstellingen en instellingen voor collectieve beleggingen in effecten (icbe) alsmede bewaarders alsmede beleggingsondernemingen

    Voor bewaarders (personen a): een vast bedrag.

    Type beleggingsdienst of -activiteit

    € 3.500 in voorkomend geval vermeerderd met:

    Voor beheerders van beleggingsinstellingen en icbe’s alsmede beleggingsondernemingen (personen b, c en d):

    Ontvangen en doorgeven van orders als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 0

      Vergunning en type beleggingsdienst of -activiteit in combinatie met vermogen:

    a.

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:65 Wft beheren van een beleggingsinstelling in een voorkomend geval verhoogd met een bedrag per type dienst of activiteit als genoemd in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel a,b of d Wft of artikel 2:97, vierde lid, Wft;

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Uitvoeren van orders voor rekening van cliënten als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 3.500

       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Vermogensbeheer als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 3.500

         
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:69b Wft beheren van een icbe, in een voorkomend geval verhoogd met een bedrag per type dienst genoemd in artikel 2:97, derde lid, Wft;

    Beleggingsadvies als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 0

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Begeleiden of overnemen van emissies met plaatsingsgaranties als bedoeld in artikel 1:1van de Wet op het financieel toezicht

    € 5.500

           
     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:96 Wft verlenen van een van de beleggingsdiensten genoemd in de onderdelen a tot en met f van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    Begeleiden van emissies zonder plaatsingsgarantie als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht

    € 3.000

         
      In combinatie met vermogen

    Balanstotaal (BT)

    In voorkomend geval vermeerderd met:

       

    € 0 tot en met € 1 miljard

    € 12,00 per miljoen BT

     

    – het op grond van een vergunning als bedoeld in artikel 2:96 Wft verrichten van een van de beleggingsactiviteiten genoemd in de onderdelen a en b van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verrichten van een beleggingsactiviteit’;

    b. de omvang van het totaal van:

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 1 miljard tot en met € 10 miljard

    € 7,50 per miljoen BT

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 10 miljard tot en met € 50 miljard

    € 3,00 per miljoen BT

           
     

    – het balanstotaal van de beheerde beleggingsinstelling(en);

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 50 miljard

    € 0,50 per miljoen BT

           
     

    – het balanstotaal van de beheerde icbe (’s);

    Beheerd individueel vermogen (BV)

    In voorkomend geval vermeerderd met:

       

    € 0 tot en met € 1 miljard

    € 12,00 per miljoen BT

     

    – het beheerd individueel vermogen zoals omschreven in het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het beheren van individueel vermogen’, welk begrip wordt gebruikt in onderdeel c van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’, in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel a, Wft en in artikel 2:97, derde of vierde lid, Wft;

       
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 1 miljard tot en met € 10 miljard

    € 7,50 per miljoen BT

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 10 miljard tot en met € 50 miljard

    € 3,00 per miljoen BT

       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 50 miljard

    € 0,50 per miljoen BT

         
        Vermogen waarover geadviseerd wordt:

    In voorkomend geval vermeerderd met:

     

    – het vermogen waarover wordt geadviseerd bij het ‘adviseren over financiële instrumenten’ zoals genoemd in onderdeel d van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verlenen van een beleggingsdienst’, in artikel 2:67a, tweede lid, onderdeel b, Wft en in artikel 2:97, derde of vierde lid, Wft;

    € 0 tot en met € 1 miljard

    € 1.000

         
     

    > € 1 miljard tot en met € 10 miljard

    € 2.000

         
     

    > € 10 miljard tot en met € 50 miljard

    € 4.000

         
     

    > € 50 miljard

    € 10.000

           
     

    – honderd maal het minimum aan te houden toetsingsvermogen dat door DNB is vastgesteld van degene die handelt voor eigen rekening zoals genoemd in onderdeel a van het in artikel 1:1 Wft gedefinieerde begrip ‘het verrichten van een beleggingsactiviteit’.

    Honderd maal het aan te houden toetsingsvermogen

    In voorkomend geval vermeerderd met:

     

    € 0 tot en met € 1 miljard

    € 12,00 per miljoen van honderd maal het aan te houden toetsingsvermogen

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 1 miljard tot en met € 10 miljard

    € 7,50 per miljoen van honderd maal het aan te houden toetsingsvermogen

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    > € 10 miljard tot en met € 50 miljard

    € 3,00 per miljoen van honderd maal het aan te houden toetsingsvermogen

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    > € 50 miljard

    € 0,50 per miljoen van honderd maal het aan te houden toetsingsvermogen

           

    Betaalinstellingen, clearinginstellingen en elektronischgeldinstellingen

    Provisie-inkomsten (PI)

    Personen waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in de artikelen 2:3e, eerste lid, of 2:10e van de Wet op het financieel toezicht:

    € 0

           
        Personen waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in de artikelen 2:3a, eerste lid, of 2:10a van de Wet op het financieel toezicht:  
           
        Personen met PI in het bereik van:  
           
       

    € 0 tot en met € 0,1 miljoen

    € 7.000

           
       

    >€ 0,1 miljoen tot en met € 0,2 miljoen

    € 12.000

           
       

    >€ 0,2 miljoen tot en met € 0,5 miljoen

    € 30.000

           
       

    >€ 0,5 miljoen tot en met € 1 miljoen

    € 65.000

           
       

    >€ 1 miljoen tot en met € 5 miljoen

    € 108.000

           
       

    >€ 5 miljoen tot en met € 50 miljoen

    € 152.000

           
       

    >€ 50 miljoen tot en met € 100 miljoen

    € 194.000

           
       

    >€ 100 miljoen

    € 250.000

           
        Personen waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in de artikelen 2:54i, eerste lid, of 2:54l, eerste lid van de Wet op het financieel toezicht

    € 3.000

    Pensioenfondsen en premiepensioeninstellingen

    Instellingen met vereist eigen vermogen (excl. premie-pensioeninstellingen):

     

    € 2.000 vermeerderd met:

       
       

    >€ 0 tot en met € 10 miljard TV+VEV

    € 58,07 per € miljoen TV+VEV vermenigvuldigd met de als volgt te berekenen bonus/malus factor:

    ((TV+VEV)/(TV+EV))

     

    Som van de technische voorziening pensioenverplichting en het vereist eigen vermogen (TV+VEV), vermenigvuldigd met een bonus/malus factor.

    De bonus/malus factor is gelijk aan de som van de technische voorziening pensioenverplichting en het vereist eigen vermogen (TV+VEV), gedeeld door de som van de technische voorziening pensioenverplichtingen en het (aanwezige) eigen vermogen (TV+EV).

     
         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 10 miljard tot en met € 50 miljard TV+VEV

    € 8,71 per € miljoen TV+VEV vermenigvuldigd met de als volgt te berekenen bonus/malus factor:

    ((TV+VEV)/(TV+EV))

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 50 miljard tot en met € 100 miljard TV+VEV

    € 2,32 per € miljoen TV+VEV vermenigvuldigd met de als volgt te berekenen bonus/malus factor:

    ((TV+VEV)/(TV+EV))

           
     

    Instellingen zonder vereist eigen vermogen (en premie-pensioeninstellingen):

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 100 miljard TV+VEV

    € 0,58 per € miljoen TV+VEV vermenigvuldigd met de als volgt te berekenen bonus/malus factor:

    ((TV+VEV)/(TV+EV))

     

    Technische voorziening pensioenverplichting (TV)

       
       

    € 2.000 vermeerderd met:

           
       

    >€ 0 tot en met € 10 miljard TV

    € 58,07 per € miljoen TV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 10 miljard tot en met € 50 miljard TV

    € 8,71 per € miljoen TV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 50 miljard tot en met € 100 miljard TV

    € 2,32 per € miljoen TV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 100 miljard TV

    € 0,58 per € miljoen TV

    Trustkantoren

    Omzet

    Personen met een omzet in het bereik van:  
           
       

    € 0 tot en met € 0,1 miljoen

    € 5.500

           
       

    >€ 0,1 miljoen tot en met € 0,2 miljoen

    € 12.500

           
       

    >€ 0,2 miljoen tot en met € 0,5 miljoen

    € 21.000

           
       

    >€ 0,5 miljoen tot en met € 1 miljoen

    € 31.000

           
       

    >€ 1 miljoen tot en met € 2 miljoen

    € 45.000

           
       

    >€ 2 miljoen tot en met € 5 miljoen

    € 62.000

           
       

    >€ 5 miljoen

    € 88.000

    Verzekeraars niet zijnde zorgverzekeraars

    Premie-inkomen:

    Bruto premie-inkomen (BPI)

    >€ 0

    € 2.000 vermeerderd met:

    € 957 per € miljoen BPI

    Zorgverzekeraars

    Aantal verzekerden

    >0 verzekerden

    € 2.000 vermeerderd met:

    € 0,33 per verzekerde

  • 2 Voor het kalenderjaar 2016 worden de bandbreedtes en tarieven, bedoeld in artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht, voor bijlage III, onderdeel ‘Toezichthouder: de Nederlandsche Bank’, van die wet als volgt vastgelegd:

    Tabel 3

    Toezichtcategorie

    Maatstaf

    Bandbreedtes

    Tarieven

    Banken en kredietunies

    Voor banken (personen a,b,d,e,f):

    Personen waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in de artikelen 2:4, 2:11, 2:20, 3:4, eerste lid, of 3:110, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht

    € 35.000 vermeerderd met:

         
      Minimum omvang toetsingsvermogen (MTV):  
           
       

    >€ 0 tot en met € 80 miljoen MTV

    € 5.461 per € miljoen MTV

           
     

    Minimum omvang toetsingsvermogen berekend conform de regels die op grond van artikel 3:57 van de Wet op het financieel toezicht worden bepaald

     

    in voorkomend geval vermeerderd met:

     

    >€ 80 miljoen tot en met € 400 miljoen MTV

    € 2.352 per € miljoen MTV

         
       

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 400 miljoen tot en met € 4 miljard MTV

    € 1.237 per € miljoen MTV

           
         

    in voorkomend geval vermeerderd met:

       

    >€ 4 miljard MTV

    € 361 per € miljoen MTV

  • 3 Voor het kalenderjaar 2016 worden de bandbreedtes en tarieven, bedoeld in artikel 13, negende lid, van de Wet bekostiging financieel toezicht, voor bijlage IV, onderdeel ‘Toezichthouder: de Nederlandsche Bank’, van die wet als volgt vastgelegd:

    Tabel 4

    Toezichtcategorie

    Maatstaf

    Bandbreedtes

    Tarieven

    Banken en beleggingsondernemingen

    Total assets:  

    € 500 vermeerderd met:

         
     

    Het totaal van activa op de balans zoals door banken en beleggingsondernemingen gerapporteerd aan de Nederlandsche Bank1

     

    € 1,51 per € miljoen Total assets

    1 Het betreft de rapportages op grond van de Regeling staten financiële ondernemingen Wft 2011 of de Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (CRR).

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bekostiging financieel toezicht 2016.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Financiën,

J.R.V.A. Dijsselbloem

De

Staatssecretaris

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

J. Klijnsma