Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

IJkregeling BES

Geldend van 01-01-2017 t/m heden

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 12 mei 2016, nr. WJZ/14115350, tot vaststelling van eisen voor meetinstrumenten op Bonaire, Sint Eustatius en Saba (IJkregeling BES)

De Minister van Economische Zaken,

Gelet op de artikelen 3, 5, derde lid, 7, tweede lid, en 8, tweede lid, van de IJkwet BES 2014;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • aangewezen meetinstrument: meetinstrument als bedoeld in artikel 2;

  • automatisch weeginstrument: instrument dat de massa van een product bepaalt zonder tussenkomst van een bedienaar en een vooraf bepaald programma van automatische processen volgt die kenmerkend zijn voor het instrument;

  • kilowattuurmeter: instrument dat de binnen een stroomkring verbruikte actieve elektrische energie meet;

  • niet-automatisch weegwerktuig: meetwerktuig voor het bepalen van de massa van een lichaam met gebruikmaking van de werking van de zwaartekracht op dat lichaam, waarbij voor het wegen tussenkomst van een operateur noodzakelijk is, alsmede zodanige werktuigen die bovendien worden gebruikt voor het bepalen van andere met de massa verband houdende grootheden, hoeveelheden, parameters of kenmerken;

  • richtlijn meetinstrumenten: richtlijn nr. 2014/32/EU van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2014, betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van meetinstrumenten (PbEU 2014, L 96);

  • richtlijn niet-automatische weegwerktuigen: richtlijn nr. 2014/31/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van niet-automatische weegwerktuigen (PbEU 2014, L 96);

  • vloeistofmeter: instrument ontworpen voor het continu meten, in een geheugen opslaan en weergeven van de hoeveelheid vloeistof, anders dan water, onder meetomstandigheden waarbij de vloeistof door een meetwaardeomvormer stroomt in een gesloten volledig gevulde leiding;

  • watermeter: instrument dat is ontworpen voor het meten, opslaan en weergeven van het volume bij meting van water dat door een meetwaardeopnemer stroomt;

  • wet: IJkwet BES 2014.

§ 2. Algemene bepalingen

Artikel 2

Aan ijk en herijk onderworpen meetinstrumenten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet zijn:

  • a. automatische weeginstrumenten;

  • b. kilowattuurmeters;

  • c. niet-automatische weegwerktuigen;

  • d. vloeistofmeters;

  • e. watermeters.

Artikel 3

  • 1 Een aangewezen meetinstrument, behoudens een niet-automatisch weegwerktuig, voldoet bij ingebruikname aan de in bijlage I van de richtlijn meetinstrumenten opgenomen essentiële eisen en aan de toepasselijke essentiële eisen in de hierna bij het meetinstrument vermelde instrumentspecifieke bijlage:

    • a. automatische weeginstrumenten: bijlage VIII;

    • b. kilowattuurmeters: bijlage V;

    • c. vloeistofmeters: bijlage VII;

    • d. watermeters: bijlage III.

  • 2 Een niet-automatisch weegwerktuig voldoet bij ingebruikname aan de essentiële eisen van bijlage I en de artikelen 1.1, 1.3, 1.4 en 1.5 van bijlage III van de richtlijn niet-automatische weegwerktuigen, waarbij onderdeel i van artikel 1.1 van die bijlage wordt gelezen als:

    • ‘i) voor zover van toepassing, het nummer van het certificaat van goedkeuring;’ .

Artikel 4

Een aangewezen meetinstrument wordt vermoed overeen te stemmen met de hieraan krachtens artikel 3 gestelde eisen indien:

  • a. de houder van het meetinstrument kan aantonen dat het overeenstemt met regelgeving die voor dat instrument is vastgesteld door een staat die partij is bij het Verdrag tot oprichting van een Internationale Organisatie voor wettelijke metrologie en

  • b. het meetinstrument is voorzien van de door dat land voorgeschreven metrologische markeringen.

Artikel 5

Indien ten aanzien van het gebruik een specifieke nauwkeurigheidsklasse voor een aangewezen meetinstrument is voorgeschreven, mag ook een meetinstrument worden gebruikt dat in een hogere nauwkeurigheidsklasse valt.

§ 3. Eisen na ingebruikname van aangewezen meetinstrumenten

Artikel 6

  • 1 Aangewezen meetinstrumenten voldoen na ingebruikname aan de volgende voorschriften:

    • a. zij verkeren in een goede staat van onderhoud;

    • b. zij zijn overeenkomstig de instructies van de fabrikant geïnstalleerd en worden dienovereenkomstig gebruikt;

    • c. zij worden uitsluitend gebruikt voor metingen overeenkomstig hun bestemming;

    • d. zij worden zodanig gejusteerd en gecorrigeerd dat de aanwijzingsfouten zo dicht mogelijk bij nul liggen.

  • 2 Een aangewezen meetinstrument voldoet, behoudens een niet-automatische weegwerktuig, na ingebruikname aan de in bijlage I van de richtlijn meetinstrumenten opgenomen essentiële eisen.

Artikel 7

Kilowattuurmeters voldoen na ingebruikname aan de toepasselijke essentiële eisen van bijlage V van de richtlijn meetinstrumenten, met dien verstande dat:

  • a. de maximaal toelaatbare fout in onderdeel 3, tabel 2, telkens met een factor 1,5 wordt vermenigvuldigd;

  • b. voor metingen bij huishoudelijk gebruik van elektriciteit de meter voldoet aan de eisen van klasse A;

  • c. voor metingen bij handelsgebruik of lichtindustrieel gebruik van elektriciteit de meter voldoet aan de eisen van klasse B.

Artikel 8

Een vloeistofmeter voldoet na ingebruikname aan de toepasselijke essentiële eisen van de bijlage VII (MI-005) van de richtlijn meetinstrumenten.

Artikel 9

Watermeters voldoen na ingebruikname aan de toepasselijke essentiële eisen van bijlage III van de richtlijn meetinstrumenten, met dien verstande dat de maximaal toelaatbare fouten in onderdeel 5 telkens met een factor 2 worden vermenigvuldigd.

Artikel 10

Een automatisch weeginstrument voldoet na ingebruikname aan de toepasselijke essentiële eisen van bijlage VIII MI-006 van de richtlijn meetinstrumenten, met dien verstande dat:

  • a. voor automatische vangwegers:

    • de in hoofdstuk II, onderdeel 4.1, de opgenomen gemiddelde fout voor categorie X telkens met een factor 2 wordt vermenigvuldigd;

    • in plaats van de in onderdeel 4.1 opgenomen maximaal toelaatbare fout van ± 1 e, ± 1,5 e en ± 2 e voor categorie Y een maximaal toelaatbare fout geldt van respectievelijk ± 1,5 e, ± 2,5 e en ± 3,5 e;

    • in plaats van de in onderdeel 4.2 opgenomen tabel inzake standaarddeviatie, de volgende tabel van toepassing is:

      Nettolast m

      Maximaal toelaatbare standaarddeviatie voor klasse X

      m ≤ 50g

      0,6%

      50 g < m ≤ 100 g

      0,3 g

      100 g < m ≤ 200 g

      0,3%

      200 g < m ≤ 300 g

      0,6 g

      300 g < m ≤ 500 g

      0,2%

      500 g < m ≤ 1.000 g

      1,0 g

      1.000 g < m ≤ 10.000 g

      0,1%

      10.000 g < m ≤ 15.000 g

      10 g

      15.000 g < m

      0,067%

  • b. voor automatische weegmachines voor afwegen:

    • in hoofdstuk III, onderdeel 2.2, tabel 5, de opgenomen maximaal toelaatbare afwijking van elke vulling van het gemiddelde voor klasse X (1) telkens met een factor 1,25 wordt vermenigvuldigd;

    • bij de berekening van de instelfout, bedoeld in hoofdstuk III, onderdeel 2.3, uitgegaan wordt van het in hoofdstuk III, onderdeel 2.2, tabel 5, vermelde percentage, zonder toepassing van de hiervoor in onderdeel b, eerste gedachtenstreepje, vermelde vermenigvuldigingsfactor;

  • c. voor discontinue totalisators van hoofdstuk IV, onderdeel 2, tabel 6, de opgenomen maximaal toelaatbare fout van de getotaliseerde last telkens met een factor 2 wordt vermenigvuldigd;

  • d. voor continue totalisators van hoofdstuk V, onderdeel 3, tabel 8, opgenomen maximaal toelaatbare fout voor de totale last telkens met een factor 2 wordt vermenigvuldigd.

Artikel 11

Een automatisch weegwerktuig als genoemd in bijlage VIIII (MI-006) van de richtlijn meetinstrumenten, dat niet in een hogere nauwkeurigheidsklasse valt dan, wat betreft:

  • automatische vangwegers: nauwkeurigheidsklasse XIIII of Y (b), bedoeld in hoofdstuk II, onderdeel 1.2 van bijlage V van de richtlijn meetinstrumenten,

  • automatische weegmachines voor afwegen: nauwkeurigheidsklasse X(2), bepaald overeenkomstig hoofdstuk III, onderdeel 1.2, van bijlage V van de richtlijn meetinstrumenten,

  • discontinue totalisators: nauwkeurigheidsklasse 1 of 2, bedoeld in hoofdstuk IV, onderdeel 1, van bijlage V van de richtlijn meetinstrumenten,

  • continue totalisators: nauwkeurigheidsklasse 1 of 2, bedoeld in hoofdstuk V, onderdeel 1, van bijlage V van de richtlijn meetinstrumenten,

mag slechts worden gebruikt voor:

  • a. het bepalen van de vervoerskosten van postpakketten;

  • b. het bepalen, op terreinen van ondernemingen tot exploitatie van middelen van openbaar vervoer, van de vervoerskosten van goederen;

  • c. voor het wegen in mortelfabrieken van asfaltbeton, betonmortel, metselspecie en soortgelijke producten, alsmede voor het in die fabrieken bij de vervaardiging van die producten wegen van materialen, waaruit die producten worden samengesteld;

  • d. het wegen van afvalstoffen en van zand, grind en aarde;

  • e. het wegen van onverwerkte land-, tuin-, bosbouwproducten, houtskool, levende dieren, huiden, vis en onverwerkte delfstoffen.

Artikel 12

  • 1 Een niet-automatische weegwerktuig voldoet na ingebruikname aan de essentiële eisen van bijlage I en de artikelen 1.1, 1.3, 1.4 en 1.5 van bijlage III van de richtlijn niet-automatische weegwerktuigen, waarbij onderdeel i van artikel 1.1 van die bijlage wordt gelezen als:

    • ‘i) voor zover van toepassing, het nummer van het certificaat van goedkeuring.’

  • 2 Een niet-automatisch weegwerktuig dat wordt gebruikt voor weging van edele metalen, parels, edelgesteenten of munten voldoet aan de eisen voor weegwerktuigen met een nauwkeurigheidsklasse I of II als bedoeld in onderdeel 2.1 van bijlage I van de richtlijn niet-automatische weegwerktuigen.

Artikel 13

Een niet-automatisch weegwerktuig met een nauwkeurigheidsklasse IIII, bedoeld in onderdeel 2.1 van bijlage I van de richtlijn niet-automatische weegwerktuigen, mag slechts worden gebruikt voor:

  • a. het bepalen van de vervoerskosten van postpakketten;

  • b. het bepalen, op terreinen van ondernemingen tot exploitatie van middelen van openbaar vervoer, van de vervoerskosten van goederen;

  • c. voor het wegen in mortelfabrieken van asfaltbeton, betonmortel, metselspecie en soortgelijke producten, alsmede voor het in die fabrieken bij de vervaardiging van die producten wegen van materialen, waaruit die producten worden samengesteld;

  • d. het wegen van afvalstoffen en van zand, grind en aarde;

  • e. het wegen van onverwerkte land-, tuin-, bosbouwproducten, houtskool, levende dieren, huiden, vis en onverwerkte delfstoffen.

Artikel 14

Artikel 15

Het verbod, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet geldt niet indien:

  • a. in een geschrift enig ander geschrift letterlijk wordt aangehaald;

  • b. het gebruik betreft van andere dan in het Meeteenhedenbesluit 2006 genoemde meeteenheden op het gebied van de scheepvaart en de luchtvaart indien dit is vastgesteld bij bindende internationale overeenkomsten of verdragen;

  • c. in het internationale goederen- of dienstenverkeer, voor zover het gebruik van de betrokken meeteenheid of benaming is toegelaten in het land waarmee dat verkeer plaatsvindt;

  • d. voor zover het betreft andere meeteenheden dan in het Meeteenhedenbesluit 2006 genoemde meeteenheden, indien:

    • 1°. die andere meeteenheden naast de in het Meeteenhedenbesluit 2006 genoemde meeteenheden met betrekking tot dezelfde grootheden worden gebruikt,

    • 2°. de aanduidingen in die andere meeteenheden bestaan uit tekens die ten hoogste even groot zijn als die waaruit de aanduidingen van de in het Meeteenhedenbesluit 2006 genoemde meeteenheden bestaan en

    • 3°. de aanduidingen in die andere meeteenheden ten gevolge van hun plaats, uitvoering of wijze van weergave worden overheerst door de aanduidingen van de in het Meeteenhedenbesluit 2006 genoemde meeteenheden.

§ 4. Slotbepalingen

Artikel 16

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2017.

Artikel 17

Deze regeling wordt aangehaald als: IJkregeling BES.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 12 mei 2016

De

Minister

van Economische Zaken,

H.G.J. Kamp

Bijlage 1. , behorende bij artikel 14, eerste lid, van de IJkregeling BES

Bijlage 257169.png

Bijlage 2. , behorende bij artikel 14, tweede lid, van de IJkregeling BES

Bijlage 257170.png