Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Tijdelijke subsidieregeling spoorgoederenvervoer voor bijzondere omleidingskosten[Regeling vervalt per 01-01-2021.]

Geldend van 20-05-2016 t/m heden

Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 17 mei 2016, nr. IENM/BSK-2016/77865, houdende vaststelling van de Tijdelijke subsidieregeling spoorgoederenvervoer voor bijzondere omleidingskosten

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel

Deze regeling heeft tot doel de marktpositie van het spoorgoederenvervoer ten opzichte van het meer vervuilende goederenvervoer over de weg te behouden gedurende de periode dat de Betuweroute door de aanleg van een derde spoor in Duitsland tussen Emmerich en Oberhausen verminderd beschikbaar is en spoorwegondernemingen daardoor geconfronteerd worden met extra kosten door omleiding.

Artikel 3. Subsidie

  • 1 De Minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan spoorwegondernemingen voor de extra kilometers die spoorwegondernemingen in Nederland rijden ten gevolge van de verminderde beschikbaarheid van de Betuweroute door de aanleg van een derde spoor in Duitsland tussen Emmerich en Oberhausen.

  • 2 De Minister verstrekt de subsidie in de vorm van een bedrag per extra gereden kilometer die een spoorwegonderneming rijdt ten gevolge van de verminderde beschikbaarheid van de Betuweroute door de aanleg van een derde spoor in Duitsland tussen Emmerich en Oberhausen.

Artikel 4. Subsidieplafond

Voor de jaren 2016 tot en met 2020 bedraagt het subsidieplafond inclusief uitvoeringskosten:

Jaar

Subsidieplafond

2016

€ 2.500.000,–

2017

€ 2.400.000,–

2018

€ 2.200.000,–

2019

€ 2.900.000,–

2020

€ 3.000.000,–

Artikel 5. Aanvraag

  • 1 Aanvragen voor subsidieverlening worden gericht aan de Minister en gedaan aan het adres van de beheerder, die belast is met de uitvoering van deze regeling, te weten:

    ProRail B.V.

    T.a.v. Kenniscentrum gebruiksvergoeding

    Postbus 2038

    3500 GA Utrecht.

  • 2 De subsidie wordt per kalenderjaar aangevraagd.

  • 3 De aanvraag voor subsidieverlening voor een bepaald kalenderjaar wordt uiterlijk op de dag van het sluiten van de toegangsovereenkomst, bedoeld in artikel 59 van de Spoorwegwet, voor dat betreffende jaar ingediend.

  • 4 In afwijking van het derde lid kunnen aanvragen voor subsidieverlening voor het kalenderjaar 2016 ook uiterlijk acht weken na publicatie van deze regeling in de Staatscourant worden ingediend.

  • 5 De aanvraag voor subsidieverlening bevat in ieder geval:

    • a. naam en adres van de aanvrager;

    • b. het kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

    • c. een verklaring van de spoorwegonderneming dat de subsidie niet wordt gecombineerd met andere vormen van staatssteun die hetzelfde doel hebben;

    • d. dagtekening.

Artikel 6. Verlening

De Minister beslist over subsidieverlening binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag voor subsidieverlening.

Artikel 7. Vaststelling

  • 1 De Minister stelt binnen dertien weken na afloop van het kalenderjaar waarvoor subsidie is aangevraagd, de subsidie ambtshalve vast.

  • 2 Bij de vaststelling van de subsidie wordt getoetst aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 8.

  • 3 Voor de vaststelling van de subsidie wordt gebruik gemaakt van de gegevens van de beheerder.

Artikel 8. Voorwaarden

  • 1 Een spoorwegonderneming komt alleen in aanmerking voor subsidie indien de spoorwegonderneming:

    • a. uiterlijk drie werkdagen voor het geplande gebruik, capaciteit op de Betuweroute heeft aangevraagd;

    • b. de aangevraagde capaciteit vanwege de werkzaamheden aan het derde spoor tussen Emmerich en Oberhausen niet heeft kunnen gebruiken;

    • c. ten gevolge van de werkzaamheden aan het derde spoor tussen Emmerich en Oberhausen een alternatieve route heeft gereden die extra kilometers met zich meebrengt ten opzichte van de route over de Betuweroute.

  • 2 Een spoorwegonderneming komt niet in aanmerking voor subsidie indien de extra kilometers worden gereden in verband met door de beheerder gegeven opdrachten in verband met het beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur.

  • 3 De subsidie wordt opgeschort als de spoorwegonderneming onrechtmatige steun ontvangt die door een besluit van de Europese Commissie onverenigbaar is verklaard, totdat de spoorwegonderneming de onrechtmatige en onverenigbare steun, vermeerderd met de bij terugvordering verschuldigde rente, heeft terugbetaald of op een geblokkeerde rekening heeft gestort.

Artikel 9. Subsidiehoogte

  • 1 De subsidie bedraagt ten hoogste voor iedere extra gereden kilometer de optelsom van € 3,29 en het door de spoorwegonderneming voor de extra kilometers betaalde of te betalen tarief per kilometer voor het gebruik van het treinpad.

  • 2 Indien het eerste lid tot gevolg heeft dat het subsidieplafond voor een kalenderjaar, bedoeld in artikel 4, wordt overschreden, worden alle subsidies met een gelijk percentage verminderd zodat het totaal van de subsidies gelijk is aan het subsidieplafond.

Artikel 10. Voorschot

De Minister kan per maand aan de spoorwegonderneming een voorschot verstrekken, ter hoogte van ten hoogste 90% van het aantal in de laatste maand daarvoor extra gereden kilometers maal het bedrag per kilometer met toepassing van artikel 9.

Artikel 11. Bijkomende verplichtingen

De subsidie-ontvanger is verplicht:

  • a. de kosten voor zover hij die ingevolge deze regeling gecompenseerd krijgt niet in rekening te brengen bij anderen;

  • b. alle gevraagde medewerking te verlenen aan door of namens de Minister ingestelde onderzoeken, controles en evaluaties inzake de uitvoering en effecten van deze regeling.

Artikel 12. Verslag

Vóór 1 januari 2020 stelt de Minister een verslag op over de doeltreffendheid en de effecten van de verstrekte subsidie.

Artikel 13. Inwerkingtreding en vervaldatum

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst.

  • 2 Deze regeling werkt terug tot en met 1 januari 2016 en wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2021, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op de subsidies die voor de datum van intrekking zijn aangevraagd of verleend.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling spoorgoederenvervoer voor bijzondere omleidingskosten.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

van Infrastructuur en Milieu,

S.A.M. Dijksma