Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling benoeming voorzitter Kennisplatform Werk & Inkomen

Geldend van 12-04-2016 t/m heden

Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 30 maart 2016, nr. 2016-0000081792, tot benoeming van de voorzitter van het Kennisplatform Werk & Inkomen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek;

  • b. KWI: Kennisplatform Werk en Inkomen, waarin het UWV, de SVB, de gemeenten Amsterdam en Amersfoort, Divosa, het SCP, de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Inspectie SZW met elkaar samenwerken in de kennisontwikkeling op het gebied van werk en inkomen, met het CBS als adviserend lid;

  • c. Minister: Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • d. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;

  • e. voorzitter: voorzitter van het Kennisplatform Werk en Inkomen;

  • f. SCP: Sociaal en Cultureel Planbureau;

  • g. stuurgroep: de stuurgroep van het KWI, bestaande uit de Secretaris-Generaal van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Inspecteur-Generaal van de Inspectie SZW, de voorzitter van de raad van bestuur van het UWV, de directeur van het SCP, de voorzitter van de raad van bestuur van de SVB en de voorzitter van Divosa;

  • h. SVB: Sociale verzekeringsbank.

Artikel 2. Instelling voorzitter

  • a. Er is een voorzitter van het KWI.

  • b. De voorzitter wordt benoemd en kan worden ontslagen door de Minister.

  • c. De benoeming geschiedt voor tenminste twee jaren, na afloop van welke termijn direct herbenoeming mogelijk is.

Artikel 3. Taken voorzitter

  • 1 De voorzitter heeft tot taak:

    • a. De bijeenkomsten van het KWI te leiden aan de hand van een vooraf met het secretariaat opgestelde agenda;

    • b. de leiding te nemen in het agenderen van kennisvraagstukken, het delen en benutten van wetenschappelijke kennis met de leden van het KWI, het waar mogelijk gezamenlijk programmeren van kennisprojecten en het aansturen op maximale benutting van de door iedere partij ontwikkelde kennis;

    • c. het stimuleren dat gezamenlijk wordt opgetrokken bij het agenderen en uitvoeren van kennisvraagstukken, bij kennisdeling van lopende en afgeronde kennisprojecten;

    • d. te rapporteren aan de stuurgroep en voorstellen te doen voor de bespreking van de voortgang van de projecten van het KWI in de stuurgroep;

    • e. in samenwerking met de overige stuurgroepleden een inhoudelijke bijdrage leveren aan de kennisuitwisseling met en door de stuurgroep over actuele kennisrelevante onderwerpen.

  • 2 De voorzitter heeft eveneens tot taak de organisatie van een 2-jaarlijks congres door de leden van het KWI te coördineren. De voorzitter draagt daarbij in samenwerking met de overige organisaties, genoemd in artikel 1, onderdeel b, zorg voor het bepalen van de doelgroep, de vaststelling van het onderwerp en nodigt hiertoe sprekers uit. Het secretariaat, genoemd in artikel 4, draagt zorg voor de organisatie en het budgetbeheer van het congres. De voorzitter stemt de inhoud en budget vooraf af met de stuurgroep.

  • 3 De voorzitter neemt deel aan de adviesraad van het kennisprogramma ‘Vakkundig aan het werk’ voor de uitvoeringpraktijk van gemeenten.

Artikel 4. Secretariaat KWI

  • 1 In het secretariaat wordt voorzien door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Inspectie SZW en het UWV.

  • 2 De werkwijze van het secretariaat wordt door de voorzitter en het secretariaat KWI gezamenlijk bepaald.

  • 3 De werkzaamheden van het secretariaat kunnen in overleg met de Minister en het secretariaat nader worden bepaald.

Artikel 5. Benoeming

De heer P.T. de Beer wordt benoemd tot voorzitter van het KWI voor de periode van 1 september 2015 tot 1 september 2018.

Artikel 6. Vergoeding

Aan de voorzitter wordt een vaste vergoeding toegekend, waarbij de toepasselijke salarisschaal wordt bepaald op het maximum van salarisschaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 en de toepasselijke arbeidsduurfactor wordt bepaald op 0,08.

Artikel 7. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 2015.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 30 maart 2016

De

Minister

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

L.F. Asscher