Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015[Regeling vervallen per 12-04-2016.]

Geldend van 17-12-2015 t/m 11-04-2016

Besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 15 december 2016, nr. 15130803, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt (Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015)

De Staatssecretaris van Economische Zaken,

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;

Gelet op artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van de Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europese Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen nr. 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309);

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 12-04-2016]

Tijdelijke vrijstelling als bedoeld in artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 53 van Verordening (EG) nr. 1107/2009 wordt verleend voor het gebruik van Apollo (8794N) ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt (Rhizoglyphus robini).

Artikel 2 [Vervallen per 12-04-2016]

De vrijstelling is slechts van toepassing indien de gebruiksvoorschriften in de bijlage bij dit besluit worden nageleefd.

Artikel 3 [Vervallen per 12-04-2016]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt na 120 dagen, doch uiterlijk op 12 april 2016.

Artikel 4 [Vervallen per 12-04-2016]

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

van Economische Zaken,

M.H.P. van Dam

Bijlage : Wettelijk gebruiksvoorschrift Apollo 8794N [Vervallen per 12-04-2016]

Wettelijk Gebruiksvoorschrift

Het middel is uitsluitend toegelaten als mijtenbestrijdingsmiddel voor het professionele gebruik in het volgende toepassingsgebied (volgens Definitielijst toepassingsgebieden versie 2.0 Ctgb juni 2011) onder de hierna vermelde toepassingsvoorwaarden.

Toepassingsvoorwaarden

Toepassings-

gebied

Type

Toepassing

Werkzaamheid getoetst op

Dosering1 middel per toepassing

Maximale dosering middel per toepassing

Maximaal aantal toepassingen per teeltcyclus of per 12 maanden

Veiligheids-termijn in dagen

Lelie, onbedekte teelt

Dompel-behandeling

Mijten 2

0,078%

(78 ml middel per 100 liter water)

0,55 l/ha

1

-

1 Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is bij lagere dosering niet beoordeeld.

2 Bollenmijt (Rhizoglyphus robini)

Overige toepassingsvoorwaarden

  • Draag beschermende handschoenen.

  • In verband met mogelijke residuen in granen, mogen in het eerstvolgende teeltseizoen geen graangewassen als volggewas geteeld worden.

Gevoeligheid gewassen

Gezien het grote aantal variëteiten en verschillende teeltomstandigheden van in het Wettelijk gebruiksvoorschrift genoemde gewassen is het onmogelijk de gewasveiligheid voor alle gewassen onder alle omstandigheden te onderzoeken. De toepasser van dit product zal, indien met een cultivar/variëteit in een groeistadium of onder bepaalde teeltomstandigheden of teeltwijze nog geen eigen ervaring is opgedaan, zelf een proefbespuiting/toepassing op kleine schaal dienen uit te voeren onder de eigen teeltomstandigheden om verantwoordelijkheid voor de gewasveiligheid te kunnen nemen.

Voor lelie kan Apollo zowel in een koude ontsmetting als in een warmwaterbehandeling worden toegepast.

Resistentiemanagement

Dit middel bevat de werkzame stof clofentezin. Clofentezin behoort tot de groep van groeiregulatoren voor mijten. De Irac code is 10, subgroep A. Bij dit product bestaat er kans op resistentieontwikkeling. In het kader van resistentiemanagement dient u de adviezen die gegeven worden in de voorlichtingsboodschappen, op te volgen.