Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling meerjarige subsidies Nederlands Letterenfonds 2017–2020

Geldend van 02-12-2015 t/m heden

Regeling meerjarige subsidies Nederlands Letterenfonds 2017–2020

Het bestuur van het Nederlands Letterenfonds,

Gelet op artikel 10 lid 4 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;

Besluit

§ 1. Algemeen

Artikel 1.1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • het fonds: de Stichting Nederlands Letterenfonds;

  • het bestuur: het bestuur van de Stichting Nederlands Letterenfonds;

  • manifestatie: reeks van onderling samenhangende voor algemeen publiek toegankelijke activiteiten op het gebied van de literatuur, die gedurende een in de tijd beperkte periode jaarlijks onder een gemeenschappelijke noemer worden georganiseerd met deelname van in de Nederlandse en/of Friese taal schrijvende literaire auteurs;

  • literatuur en literair: Nederlandse en/of Friestalige literatuur of literaire activiteiten;

  • Nederland: het land Nederland, inclusief de openbare lichamen Bonaire, Sint-Eustatius en Saba;

  • bestuursorgaan: een bestuursorgaan in de zin van de Algemene wet bestuursrecht;

  • eigen inkomsten de baten in de jaarrekening, te weten:

    • a. publieksinkomsten

    • b. overige inkomsten, te weten:

      • directe opbrengsten: sponsorinkomsten en overige inkomsten;

      • indirecte opbrengsten en

      • overige bijdragen.

      Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:

      • subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;

      • overige bijdragen uit publieke middelen;

      • rentebaten;

      • bijdragen in natura;

      • kapitalisatie van vrijwilligers;

      • waardering vrijkaarten en

      • overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.

Artikel 1.2. Doel

Het fonds beoogt door subsidieverlening op grond van deze regeling een bijdrage te leveren aan de kwaliteit en diversiteit van het literaire landschap, belangstelling te wekken voor en kennis te vergroten van literatuur bij een breed publiek.

Artikel 1.3. Subsidieperiode

  • 1 Subsidie wordt verstrekt voor een periode van vier jaar.

  • 2 Op basis van deze regeling kan subsidie worden verstrekt voor de periode 2017–2020.

Artikel 1.4. Weigeringsgronden

  • 2 Het bestuur kan subsidie weigeren:

    • a. als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten;

    • b. als de aanvrager geen rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;

    • c. als de aanvrager zich uitsluitend bezighoudt met wetenschap of een organisatie is met winstoogmerk;

    • d. als de aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan een of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;

    • e. als de aanvrager niet voldoet aan de voor de betreffende instelling gebruikelijke normen met betrekking tot good governanceop het terrein van goed bestuur, adequaat toezicht en transparante verantwoording;

    • f. als aan de aanvrager niet een substantiële financiële bijdrage is verleend door een gemeente of provincie voor de structurele kosten van de organisatie;

    • g. als de aanvrager niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet.

Artikel 1.5. Subsidieplafonds en categorieën

  • 1 Er zijn twee categorieën subsidies, te weten een manifestatie-subsidie als bedoeld in § 3 en een literaire educatie-subsidie als bedoeld in § 4.

  • 2 Per kalenderjaar is € 800.000 beschikbaar voor het verstrekken van manifestatie-subsidie en € 364.000 voor literaire educatie-subsidie.

  • 3 De in het tweede lid genoemde bedragen gelden als subsidieplafond. Het bestuur kan een eerder vastgesteld subsidieplafond verhogen of verlagen.

  • 4 Een besluit tot het vaststellen, verhogen of verlagen van een subsidieplafond wordt bekendgemaakt via de website van het fonds.

Artikel 1.6. Hoogte subsidie

  • 1 De omvang van het basisbedrag voor een manifestatie-subsidie als bedoeld in artikel 3.2. bedraagt maximaal € 110.000 per jaar. Een toeslag op een manifestatie-subsidie bedraagt maximaal € 100.000 per jaar, bestaande uit twee toeslagen van elk € 50.000.

  • 2 De omvang van het bedrag voor een literaire educatie-subsidie als bedoeld in 4.1.a. bedraagt maximaal € 77.000 per jaar.

  • 3 De omvang van het bedrag voor een literaire educatie-subsidie als bedoeld in artikel 4.1.b bedraagt maximaal € 210.000 per jaar.

§ 2. Procedure

Artikel 2.1. Indieningsperiode en termijn

Aanvragen dienen uiterlijk 1 maart 2016 om 17.00 uur door het fonds te zijn ontvangen.

Artikel 2.2. Aanvraagformulier

  • 1 Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend met behulp van een door het bestuur opgesteld formulier voor de betreffende periode en categorie als bedoeld in artikel 1.5, eerste lid.

  • 2 Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen door het fonds en vergezeld gaat van de vereiste bijlagen.

  • 3 Een aanvrager zendt complete activiteitenoverzichten en jaarrekeningen over de jaren 2013, 2014 en 2015 mee bij zijn aanvraag, tenzij deze al in het bezit zijn van het Nederlands Letterenfonds. De jaarrekening 2015 mag worden nagezonden, mits dit uiterlijk voor 1 april 2016 is ontvangen.

  • 4 Als een aanvrager geen jaarrekening kan overleggen over enig jaar dient hij een vergelijkbare opgave in. Het bestuur kan nadere eisen aan deze opgave stellen.

  • 5 Een aanvraag die niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling wordt afgewezen.

Artikel 2.3. Categorieën

De aanvrager kan voor niet meer dan één categorie aanvragen en dient in zijn aanvraag te vermelden voor welke categorie hij een aanvraag indient, te weten voor:

  • a. een manifestatie-subsidie als bedoeld in § 3; of

  • b. een literaire educatie-subsidie als bedoeld in § 4.

Artikel 2.4. Adviescommissie

  • 1 Aanvragen die in aanmerking komen voor een inhoudelijke beoordeling worden voor advies voorgelegd aan de adviescommissie meerjarige subsidies.

  • 2 De adviescommissie beoordeelt de aanvragen aan de hand van de per categorie bepaalde beoordelingscriteria.

  • 3 De adviescommissie kan daarbij gebruik maken van eerdere adviezen en rapportages.

  • 4 De adviescommissie adviseert over de subsidiehoogte met inachtneming van het bepaalde in deze regeling.

Artikel 2.5. Verdeling budget

  • 1 De adviescommissie verdeelt de aanvragen onder in drie groepen:

    • A: honoreren;

    • B: honoreren voor zover het budget dat toelaat en

    • C: niet honoreren.

  • 2 Als de subsidieplafonds ontoereikend zijn om alle subsidiabele aanvragen in de groepen A en B te honoreren, worden de aanvragen in een rangorde geplaatst op basis van de van toepassing zijnde criteria.

  • 3 Het bestuur honoreert eerst de aanvragen in groep A voor het geadviseerde subsidiebedrag inclusief toeslagen. Vervolgens worden de aanvragen in groep B voor het geadviseerde subsidiebedrag gehonoreerd in volgorde van de rangorde. Het bestuur verdeelt de beschikbare manifestatie- en educatie-subsidie volgens de rangorde, waarbij aanvragen worden toegewezen of gedeeltelijk toegewezen totdat de respectievelijke subsidieplafonds zijn bereikt. De resterende aanvragen worden afgewezen.

  • 4 Indien het bestuur een subsidieplafond verhoogt, wordt eerst het subsidiebedrag van een aanvraag die wegens ontoereikendheid van het budget gedeeltelijk was toegewezen alsnog verhoogd tot het geadviseerde subsidiebedrag. Vervolgens wordt steeds de eerstvolgende aanvraag in groep B toegewezen voor het geadviseerde subsidiebedrag totdat het subsidieplafond is bereikt.

Artikel 2.6. Besluit

  • 1 Het bestuur informeert de aanvrager binnen 22 weken na de uiterlijke indieningsdatum schriftelijk over zijn besluit.

  • 2 Als het besluit samenhangt met een subsidiebeslissing van een ander bestuursorgaan, dan kan het bestuur een ontbindende voorwaarde in zijn besluit opnemen.

§ 3. Manifestatie-subsidie

Artikel 3.1. Wie kan aanvragen

Een aanvraag voor manifestatie-subsidie kan worden ingediend door een instelling die in hoofdzaak is gericht op het organiseren van één of meer meerdaagse manifestaties met (inter)nationale betekenis en andere (neven)activiteiten door het jaar heen die een wezenlijke bijdrage leveren aan de kwaliteit en diversiteit van het literaire landschap, belangstelling wekken voor de literatuur en bijdragen aan de opbouw en het bereiken van een (inter)nationaal publiek voor die activiteiten.

Artikel 3.2. Drempelnormen

Een aanvrager die in aanmerking wil komen voor een manifestatie-subsidie:

  • a. organiseerde in 2013, 2014 en 2015 één of meer manifestaties die ten minste drie dagen in beslag namen met in totaal ten minste 3.500 bezoekers en een nationale uitstraling.

  • b. behaalde gemiddeld over de jaren 2013 en 2014 ten minste 20% eigen inkomsten. Het betreft 20% van het totaal aan subsidies van bestuursorganen ten behoeve van de exploitatie van aanvrager.

  • c. maakt aannemelijk dat hij in 2017 en 2018 ten minste 20% eigen inkomsten gaat behalen.

  • d. toont aan dat minimaal 50% van de activiteiten waarvoor manifestatie-subsidie wordt aangevraagd in Nederland plaatsvindt.

  • e. maakt bij activiteiten buiten Nederland aannemelijk dat er een partner uit het betreffende land in aanzienlijke mate betrokken is bij en financieel bijdraagt aan de organisatie en uitvoering van die activiteiten.

Artikel 3.3. Beoordelingscriteria

De adviescommissie beoordeelt de ingediende aanvragen voor manifestatie-subsidie op de volgende criteria:

  • a. artistieke kwaliteit;

  • b. de bijdrage aan de diversiteit van het (inter)nationale literaire aanbod in Nederland;

  • c. de maatschappelijke waarde;

  • d. talentontwikkeling.

Artikel 3.4. Toeslagen

Aanvragers kunnen in aanmerking komen voor de toekenning van maximaal twee van drie verschillende soorten toeslagen:

  • a. toeslag op grond van de artistieke kwaliteit en het belang van de internationale programma’s en activiteiten;

  • b. toeslag op grond van de kwaliteit en het belang van de multidisciplinaire programma’s en activiteiten;

  • c. toeslag op grond van de (inter)nationaal onderscheidende positie die de aanvrager inneemt binnen een specifiek literair genre.

Er zijn in totaal vijf toeslagen van elk € 50.000 te verdelen.

§ 4. Literaire educatie-subsidie

Artikel 4.1. Wie kan aanvragen

  • 1 Het fonds kan literaire educatie-subsidie verstrekken aan maximaal twee landelijke poëzie-educatie-instellingen, die vrijwel uitsluitend gericht zijn op het organiseren van literair educatieve activiteiten voor schoolgaande jongeren in Nederland.

  • 2 Het fonds kan literaire educatie-subsidie verstrekken aan maximaal één landelijke instelling waarvan de kernactiviteiten zijn het organiseren van literatuur-educatie voor de jeugd en het organiseren van literaire manifestaties die in hoofdzaak gericht zijn op jongeren.

Artikel 4.2. Waarvoor kan worden aangevraagd

Een literaire educatie-subsidie kan worden aangevraagd voor het organiseren van literair-educatieve activiteiten met een landelijk bereik waarmee bij de jeugd belangstelling wordt gewekt voor en de kennis verhoogd van literatuur in de breedste zin.

Artikel 4.3. Drempelnormen

  • 1 Een aanvrager die in aanmerking wil komen voor een literaire educatie-subsidie toont aan dat hij als landelijke literair-educatieve instelling minimaal drie jaar achter elkaar literaire educatieve activiteiten voor jeugd heeft georganiseerd.

  • 2 De aanvrager die in aanmerking wil komen voor literaire educatie-subsidie van € 210.000,– behaalde gemiddeld over de jaren 2013 en 2014 ten minste 20% eigen inkomsten. Hij maakt ook aannemelijk dat hij in 2017 en 2018 tenminste 20% eigen inkomsten gaat behalen.

Artikel 4.4. Beoordeling

  • 1 De aanvraag wordt op de volgende criteria beoordeeld:

    • a. de literaire kwaliteit van de activiteiten;

    • b. de educatieve en leesbevorderende kwaliteit van de activiteiten;

    • c. de maatschappelijke waarde;

    • d. de samenwerking met (onderwijs-)instellingen.

§ 5. Overige bepalingen

Artikel 5.1. Aan subsidie verbonden verplichtingen

  • 1 De ontvanger van subsidie meldt onverwijld aan het bestuur als:

    • a. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;

    • b. niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; en

    • c. er aanzienlijke artistieke of zakelijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.

  • 2 Op alle publiciteitsuitingen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten plaatst de ontvanger van subsidie het logo van het fonds.

  • 3 De ontvanger van subsidie zendt het fonds tijdig uitnodigingen voor de gesubsidieerde activiteiten.

  • 4 Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in het eerste en tweede lid opgenomen verplichtingen aan subsidie verbinden.

Artikel 5.2. Beperking

De ontvanger van subsidie op basis van deze regeling kan in de periode waarop die subsidie betrekking heeft, geen aanspraak maken op subsidie voor dezelfde activiteiten op basis van andere deelregelingen van het Letterenfonds.

Artikel 5.3. Verantwoording

  • 1 De aanvrager stuurt jaarlijks voor 1 april een verantwoording in van de uitgevoerde activiteiten in het vorige kalenderjaar.

  • 2 De verantwoording omvat een inhoudelijk en een financieel deel. De inhoudelijke verantwoording bestaat uit een verslag over de verrichte activiteiten waarmee kan worden aangetoond dat de gesubsidieerde activiteiten volgens plan hebben plaatsgevonden.

  • 3 De financiële verantwoording sluit aan op de ingediende begroting en gaat bij subsidies die voor twee jaar tezamen een bedrag van € 125.000 overstijgen vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid en de rechtmatigheid afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring dient te zijn opgesteld overeenkomstig een door het bestuur vast te stellen protocol.

  • 5 Het bestuur kan nadere voorwaarden aan de inrichting van de verantwoording stellen.

  • 6 De subsidieontvanger werkt mee aan dan wel draagt er zorg voor dat de accountant meewerkt aan onderzoeken naar de door de accountant verrichte (controle)werkzaamheden door een door het bestuur van het fonds aan te wijzen partij. De daaraan verbonden kosten worden geacht te zijn begrepen in de subsidie.

Artikel 5.4. Vaststelling subsidie

  • 1 Het bestuur stelt de subsidie vast na ontvangst van de complete verantwoording over de vier jaren waarover subsidie is verstrekt.

  • 2 Als de activiteiten volgens plan zijn uitgevoerd en is voldaan aan alle aan de subsidie verbonden verplichtingen stelt het bestuur de subsidie binnen 22 weken overeenkomstig de verlening vast.

  • 3 Als het bestuur overweegt de subsidie lager vast te stellen wordt de aanvrager hierover uiterlijk binnen 4 maanden na de datum waarop de jaarverantwoording moest worden ingediend geïnformeerd.

Artikel 5.5. Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 5.6. Hardheidsclausule

Het bestuur kan, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, artikelen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover strikte toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 5.7. Inwerkingtreding en vervaldatum

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 5.8. Intrekking

  • 1 De Regeling meerjarige subsidies Nederlandse literaire manifestaties wordt ingetrokken.

  • 2 Op subsidies die zijn verstrekt op basis van de in het eerste lid genoemde regeling, blijft het bepaalde in die regeling van toepassing.

Artikel 5.9. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling meerjarige subsidies Nederlands Letterenfonds 2017–2020.

Deze regeling zal na goedkeuring door de minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap in de Staatscourant worden geplaatst.

Het Nederlands Letterenfonds,

T.R.F.M. Perez,

directeur-bestuurder