Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instellingsbesluit Toetsingscommissie Sociaal Plan Voormalige Bedrijfslichamen[Regeling vervalt per 01-01-2019.]

Geldend van 15-07-2015 t/m heden

Besluit van de Minister van Economische Zaken van 6 juli 2015, nr. WJZ/15091947, houdende instelling van de Toetsingscommissie Sociaal Plan Voormalige Bedrijfslichamen (Instellingsbesluit Toetsingscommissie Sociaal Plan Voormalige Bedrijfslichamen)

De Minister van Economische Zaken;

Gelet op artikel 2, eerste lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. de minister: de Minister van Economische Zaken;

  • b. commissie: de commissie bedoeld in artikel 2;

  • c. werkgever: het ministerie van Economische Zaken;

  • d. werknemer: medewerkers met een arbeidsovereenkomst bij de werkgever.

Artikel 2

  • 1 Er is een Toetsingscommissie Sociaal Plan Voormalige Bedrijfslichamen.

  • 2 De commissie heeft tot taak te adviseren aan de minister over geschillen welke zijn gerezen tussen werkgever en werknemer over de uitleg en toepassing van de bepalingen in het Sociaal Plan Bedrijfschappen, alsmede de uitleg en toepassing van de bepalingen van het Sociaal Plan Productschappen.

Artikel 3

  • 1 De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee andere leden.

  • 2 De voorzitter en andere leden worden door de minister benoemd voor een periode van maximaal vier jaar. De voorzitter en andere leden kunnen door de minister worden geschorst en ontslagen.

  • 3 De voorzitter wordt benoemd gehoord de vakorganisaties.

  • 4 Eén lid wordt voorgedragen door de minister.

  • 5 Eén lid wordt voorgedragen door de vakorganisaties De Unie, FNV Bondgenoten en CNV Dienstenbond.

Artikel 4

  • 1 De commissie stelt haar eigen werkwijze schriftelijk vast.

  • 2 De minister voorziet in het secretariaat van de commissie.

  • 3 Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie bewaard in het archief van dat ministerie.

  • 4 De commissie verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 5

Ter gelegenheid van de instelling van de commissie worden te rekenen vanaf 1 januari 2015 voor een periode van vier jaar tot leden van de commissie benoemd:

  • a. de heer mr. R. Kossen, te Den Haag, tevens voorzitter;

  • b. de heer mr. W.D. Elfferich, te Renkum;

  • c. mevrouw mr. M. van de Graaf, te Dordrecht.

Artikel 6

  • 1 De voorzitter van de commissie ontvangt een vergoeding per vergadering van € 333,11.

  • 2 De andere leden van de commissie ontvangen een vergoeding per vergadering van € 256,24.

Artikel 7

  • 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2015.

  • 2 Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2019.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Toetsingscommissie Sociaal Plan Voormalige Bedrijfslichamen.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.

's-Gravenhage, 6 juli 2015

De

Minister

van Economische Zaken,

H.G.J. Kamp