Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Projectstimuleringsregeling Interreg V[Regeling vervalt per 01-05-2020.]

Geldend van 24-01-2017 t/m heden

Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 21 april 2015, nr. IENM/BSK-2015/69519, houdende regels met betrekking tot subsidie ter stimulering van het indienen van projectvoorstellen die vallen onder Interreg EUROPE, North West Europe of North Sea Region (Projectstimuleringsregeling Interreg V)

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Gelet op artikel 15.13 van de Wet milieubeheer;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • decentralisatieuitkering: uitkering aan een gemeente of provincie als bedoeld in artikel 13, vierde lid, van de Financiële-verhoudingswet;

  • geschikt: oordeel van het Programma Secretariaat van Interreg EUROPE, NWE of NSR dat Stap 1 of Stap 2 ontvankelijk is voor het betreffende programma;

  • Interreg V: Europees structuurfondsprogramma, bestaande uit verschillende deelprogramma’s waaronder Interreg EUROPE, North West Europe en North Sea Region;

  • Interreg North West Europe (NWE) en Interreg North Sea Region (NSR): transnationale Interreg V deelprogramma’s die de mogelijkheid geven om een bijdrage aan te vragen voor projecten die zien op samenwerking binnen de regio’s Noordwest Europa onderscheidenlijk Noordzee;

  • Interreg EUROPE: interregionaal Interreg V deelprogramma dat de mogelijkheid geeft om een bijdrage aan te vragen voor projecten die zien op samenwerking tussen lidstaten van de Europese Unie, Zwitserland en Noorwegen;

  • Lead Partner: trekker van een project zijnde een overheidsinstelling, een kennisinstelling als bedoeld in artikel 1.2 van de Wet op het hoger onderwijs, een stichting, een vereniging of een regionale ontwikkelingsmaatschappij;

  • Minister: Minister van Infrastructuur en Milieu;

  • overheidsinstelling: gemeente, provincie, waterschap of zelfstandig bestuursorgaan;

  • Programma Secretariaat: secretariaat van Interreg EUROPE, NWE of NSR dat door de deelnemende landen is aangewezen om het desbetreffende Interreg V programma te beheren en uit te voeren;

  • project: planmatige activiteit in het kader van een Interreg V programma;

  • Projectvoorstel Interreg EUROPE: voorstel met betrekking tot een project zoals vastgelegd in het aanvraagformulier om een bijdrage van Interreg EUROPE;

  • Projectvoorstel Interreg NWE of NSR: voorstel met betrekking tot een project zoals vastgelegd in het aanvraagformulier om een bijdrage van Interreg NWE of NSR;

  • Stap 1: verplichte beschrijving van een project op hoofdlijnen voor een aanvraag om een bijdrage bij Interreg NWE of NSR;

  • Stap 2: verplichte uitwerking van een projectvoorstel voor een aanvraag om een bijdrage bij Interreg NWE of NSR, die plaatsvindt nadat Stap 1 is goedgekeurd door het Programma Secretariaat;

  • subsidieontvanger: Lead Partner aan wie krachtens deze regeling subsidie is verleend;

Artikel 2. Doel en doelgroep

Een subsidie op grond van deze regeling is bedoeld als stimulans voor het voorbereiden, opstellen en indienen van projectvoorstellen door Lead Partners voor Interreg Europe, NWE of NSR die bijdragen aan de doelen van de desbetreffende programma’s en Rijksbeleid en geschikt worden verklaard.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

De Minister kan een subsidie aan een Lead Partner verstrekken voor de kosten van niet-economische activiteiten die zien op het voorbereiden, opstellen en indienen van:

  • a. een Projectvoorstel Interreg EUROPE, of

  • b. een Projectvoorstel Interreg NWE of NSR.

Artikel 4. Cumulatie

Indien door een ander bestuursorgaan of de Europese Commissie een bijdrage is of wordt verstrekt voor de kosten of een deel daarvan wordt het bedrag dat door deze organen is verstrekt in mindering gebracht op de subsidie waarvoor de aanvrager krachtens deze regeling in aanmerking komt.

Artikel 5. Aanvraag tot verlening van subsidie

  • 1 Een aanvraag bij de Minister om subsidie als bedoeld in artikel 3 wordt ingediend door een Lead Partner met een vestiging of filiaal in Nederland op het tijdstip waarop de aanvraag wordt ingediend, met gebruikmaking van een daartoe door de Minister beschikbaar gesteld middel.

  • 2 Een aanvraag om subsidie kan enkel gedaan worden indien niet reeds eerder op grond van deze regeling subsidie is verleend voor het voorbereiden, opstellen en indienen van eenzelfde Projectvoorstel Interreg EUROPE, NWE of NSR.

  • 3 De aanvraag bevat:

    • a. een verklaring dat het initiatief voor een project is besproken met een medewerker van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland bij wie aanvragers van subsidie terecht kunnen voor informatie over Interreg V en de daarbij behorende deelprogramma’s;

    • b. een verklaring dat de aanvraag is ingediend voorafgaand aan de indiening van het projectvoorstel bij het Programma Secretariaat van Interreg EUROPE, NWE of NSR;

    • c. een verklaring dat het Projectvoorstel Interreg EUROPE, NWE of NSR meer dan € 400.000 zal bedragen, en

    • d. een korte beschrijving van het project.

  • 4 Op verzoek van de Minister verstrekt de Lead Partner een nadere toelichting op de beschrijving van het project, bedoeld in het derde lid, onderdeel d.

  • 5 Op verzoek van de Minister overlegt de Lead Partner een de-minimisverklaring als bedoeld in artikel 6 van Verordening (EU) nr. 407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 VWEU van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU L352/1).

Artikel 6. Beslissing op de aanvraag voor verlening van subsidie

  • 1 De Minister beslist over een aanvraag als bedoeld in artikel 5 binnen dertien weken na ontvangst daarvan.

  • 2 Indien de beslissing op een aanvraag niet binnen dertien weken kan worden gegeven, stelt de Minister de aanvrager daarvan in kennis en noemt daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beslissing wel tegemoet kan worden gezien.

  • 3 Het verlenen van subsidie op grond van een aanvraag houdt geen recht in op een bijdrage ingevolge Interreg EUROPE, NWE of NSR.

Artikel 7. Wijze van verdelen

De Minister verdeelt de subsidie naar volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat:

  • a. indien een aanvrager niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag en met toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag geldt waarop de aanvraag voldoet aan de wettelijke voorschriften met betrekking tot de verdeling als datum van ontvangst;

  • b. indien de Minister op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt meer dan één aanvraag ontvangt, hij de rangschikking van die aanvragen vaststelt door middel van loting.

Artikel 8. Afwijzingsgronden

De Minister beslist afwijzend op een aanvraag indien:

  • a. de aanvraag niet voldoet aan deze regeling, of

  • b. het project strijdig is met het Rijksbeleid zoals de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en de Aanpak Modernisering Milieubeleid.

Artikel 9. Verplichtingen

  • 1 De subsidieontvanger dient een Projectvoorstel Interreg EUROPE binnen 18 maanden na de subsidieverlening in bij het Programma Secretariaat van Interreg EUROPE.

  • 2 De subsidieontvanger dient bij een Projectvoorstel Interreg NWE of NSR:

    • a. Stap 1 binnen 19 maanden na de subsidieverlening in bij het Programma Secretariaat van Interreg NWE respectievelijk NSR, en

    • b. Stap 2 binnen 25 maanden na de subsidieverlening in bij het Programma Secretariaat van Interreg NWE respectievelijk NSR.

  • 3 Indien het Programma Secretariaat van Interreg NWE of NSR geen gebruik maakt van Stap 1 en Stap 2 dient de subsidieontvanger het projectvoorstel Interreg NWE of NSR binnen 18 maanden na de subsidieverlening in bij het Programma Secretariaat van Interreg NWE respectievelijk NSR.

  • 4 De subsidieontvanger meldt onverwijld dat het projectvoorstel bij het Interreg NWE, NSR of EUROPE is ingediend en toont dit terstond aan door middel van een ontvangstbevestiging van het Programma Secretariaat van het desbetreffende programma.

  • 5 Indien een Lead Partner ook economische activiteiten verricht, voert de Lead Partner een gescheiden administratie van kosten en baten voor de niet-economische activiteiten die zien op het voorbereiden, opstellen en indienen van een Projectvoorstel Interreg Europe, NWE of NSR enerzijds en economische activiteiten anderzijds.

Artikel 10. Hoogte van de subsidie en subsidieplafond

  • 1 De subsidie voor het voorbereiden van een Projectvoorstel Interreg EUROPE, NWE of NSR bedraagt maximaal € 25.000,–.

  • 2 Het subsidieplafond voor 2015 bedraagt € 1.500.000,–.

  • 3 De Minister stelt het subsidieplafond voor de daaropvolgende jaren vast en maakt dit bekend in de Staatscourant voor de aanvang van het tijdvak waarvoor het is vastgesteld.

  • 4 De Minister kan per kalenderjaar een of meer aanvraagperioden vaststellen en maakt dit bekend in de Staatscourant voor de aanvang van het tijdvak waarvoor het is vastgesteld.

Artikel 11. Voorschot

  • 1 De Minister verstrekt ambtshalve een voorschot van 100 procent bij de verlening van de subsidie.

  • 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien de Lead Partner een gemeente of provincie is.

Artikel 12. Vaststelling subsidie Interreg EUROPE

  • 1 In een geval als bedoeld in artikel 3, onder a wordt de subsidie uiterlijk binnen 13 weken ambtshalve vastgesteld nadat:

    • a. voldaan is aan artikel 9, eerste lid, en

    • b. het Projectvoorstel Interreg EUROPE geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg EUROPE.

  • 2 In afwijking van het eerste lid, onderdeel a en b wordt de subsidie ambtshalve op € 0 vastgesteld indien:

    • a. niet voldaan is aan artikel 9, eerste lid, of

    • b. het Projectvoorstel Interreg EUROPE niet geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg EUROPE.

  • 3 Dit artikel is niet van toepassing indien de Lead Partner een gemeente of provincie is.

Artikel 13. Vaststelling subsidie Interreg NWE of NSR

  • 1 In een geval als bedoeld in artikel 3, onder b wordt de subsidie uiterlijk binnen 13 weken ambtshalve vastgesteld nadat:

    • a. voldaan is aan artikel 9, tweede lid, en

    • b. Stap 2 van het Projectvoorstel Interreg NWE of NSR geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg NWE of NSR.

  • 2 In afwijking van het eerste lid, onderdeel a en b wordt de subsidie uiterlijk binnen 13 weken ambtshalve op 50 procent van de verleende subsidie vastgesteld nadat:

    • a. Stap 1 geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg NWE of NSR, en

    • b. voor stap 2 niet voldaan is aan artikel 9, tweede lid, of Stap 2 niet geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg NWE of NSR.

  • 3 In afwijking van het eerste, onderdeel a en b en tweede lid wordt de subsidie uiterlijk binnen 13 weken ambtshalve op € 0 vastgesteld, indien:

    • a. niet voldaan is aan artikel 9, tweede lid, of

    • b. Stap 1 niet geschikt is verklaard door het Programma Secretariaat van Interreg NWE of NSR.

  • 4 Dit artikel is niet van toepassing indien de Lead Partner een gemeente of provincie is.

Artikel 14. Verslag

Binnen zes maanden na het vervallen van deze regeling wordt een verslag gepubliceerd over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk.

Artikel 15. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 mei 2015 en vervalt met ingang van 1 mei 2020 met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op de op grond van deze regeling verstrekte subsidies.

Artikel 16. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Projectstimuleringsregeling Interreg V.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

van Infrastructuur en Milieu,

W.J. Mansveld