Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit instelling Kruis van Verdienste

Geldend van 01-07-2015 t/m heden

Besluit van 1 Juni 1944, houdende vervanging van het Koninklijk besluit van 20 Februari 1941, No. 1 (Nederlandsche Staatscourant 1941, No. 3), zooals dit besluit sedert is gewijzigd, tot instelling van het Kruis van Verdienste

Wij Wilhelmina, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van Onze Ministers van Algemeene Zaken a.i., van Oorlog, van Marine, van Handel, Nijverheid en Scheepvaart en van Koloniën, d.d. 6 April 1944, Kans. A.Z. No. 78;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Ons besluit van 20 Februari 1941, No. 1 (Nederlandsche Staatscourant, 1941, No. 3), zooals dit sedertdien is gewijzigd, te lezen als volgt:

Artikel 1

Er wordt ingesteld een Kruis van Verdienste.

Artikel 2

Het Kruis van Verdienste wordt door Ons toegekend aan Nederlanders, Nederlandsche onderdanen of vreemdelingen, die zich in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden hebben onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk hebben gediend.

Artikel 3

Het Kruis van Verdienste, waarvan het model door Ons zal worden vastgesteld, bestaat uit een vierarmig bronzen kruis. Het kruis is bevestigd aan een zijden lint van Nassausch blauw ter breedte van 37 millimeter, in het midden voorzien van een 6 millimeter breede verticale oranje streep.

Artikel 4

Zij, aan wie het Kruis van Verdienste reeds eenmaal is toegekend, en die daarna wederom door gelijkwaardige daden deze onderscheiding deelachtig worden, dragen het Arabische cijfer "2" in goud op het lint van het Kruis van Verdienste. Bij een volgende gelijkwaardige daad wordt het cijfer "2" verhoogd tot "3" en verder.

Artikel 4a

Het Kruis van Verdienste kan, indien dit in bijzondere gevallen door het Hoofd van het betrokken Departement van Algemeen Bestuur wenschelijk wordt geacht, ook posthuum worden toegekend.

Artikel 4a*

Ingaande 1 januari 2017 moet een verzoek om toekenning van het Kruis van Verdienste zijn ingediend binnen tien jaar na het in artikel 2 genoemde optreden.

Artikel 5

In bijzondere gevallen, te Onzer beoordeeling, kan het Kruis van Verdienste tijdelijk of blijvend worden ontnomen aan hen, die zich dit eereteeken niet langer waardig toonen.

Artikel 6

Voorstellen tot het ontnemen van een verleend Kruis van Verdienste kunnen aan Ons worden gedaan door Onzen Minister, van wien de voordracht tot het toekennen der onderscheiding is uitgegaan.

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking op den dag volgende op dien zijner afkondiging in het Staatsblad.

Artikel 8

In bijzondere gevallen is de Bevelhebber der Nederlandsche Strijdkrachten bevoegd het Kruis van Verdienste onmiddellijk toe te kennen aan een militair onder zijn bevel, indien deze militair zich op het slagveld in verband met vijandelijke actie door moedig en beleidvol optreden heeft onderscheiden en daarmede het belang van het Koninkrijk heeft gediend.

Artikel 9

De Bevelhebber der Nederlandsche Strijdkrachten zal van het toekennen van het Kruis van Verdienste, met omschrijving van de daad, die tot de toekenning aanleiding heeft gegeven, onverwijld aan Ons kennis geven. Deze kennisgeving zal geschieden langs het betrokken Hoofd van het Departement van Algemeen Bestuur.

Artikel 10

Voorstellen tot het ontnemen van het Kruis van Verdienste, verleend door den Bevelhebber der Nederlandsche Strijdkrachten, kunnen aan Ons worden gedaan door Onzen Minister, onder wiens departement de gedecoreerde persoon ten tijde van de toekenning der onderscheiding ressorteerde.

Artikel 11

Wij behouden Ons het recht voor de in artikel 8 aan den Bevelhebber der Nederlandsche Strijdkrachten gegeven bevoegdheid te allen tijde in te trekken.

Onze Ministers van Algemeene Zaken, van Oorlog, van Marine, van Handel, Nijverheid en Scheepvaart en van Koloniën zijn, ieder voor zooveel hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit, hetwelk in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Londen, den 1sten Juni 1944

Wilhelmina

De Minister van Algemeene Zaken a.i.,

Van Boeijen

De Minister van Oorlog,

Van Lidt de Jeude

De Minister van Marine,

J.Th. Furstner

De Minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart,

P. Kerstens

De Minister van Koloniën,

H.J. van Mook

Uitgegeven den veertienden Juli 1944

De Minister van Justitie,

G.J. Van Heuven Goedhart