Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling extra vergunningen publieke mediadienst

Geldend van 01-04-2015 t/m heden

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 21 januari 2015, nr. WJZ / 15004833, houdende regels voor de verlening van vergunningen voor de publieke mediadienst boven het wettelijk minimum (Regeling extra vergunningen publieke mediadienst)

De Minister van Economische Zaken, handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Gelet op artikel 3.8 van de Telecommunicatiewet;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

  • 1 Voor de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de wet aan de Stichting Nederlandse Publieke Omroep is de frequentieruimte binnen het frequentiebereik 226.592 MHz–228.128 MHz beschikbaar, in elk geval voor het gelijktijdig digitaal uitzenden van de radioprogramma’s die met gebruikmaking van de vergunningen, bedoeld in 3.7, onderdeel a, van de wet, analoog worden uitgezonden, op zodanige wijze dat, voor zover dat technisch mogelijk is, een landelijk bereik mogelijk is.

  • 2 Voor de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de wet aan de Stichting Nederlandse Publieke Omroep is de resterende capaciteit DVB-T-vergunning beschikbaar voor in elk geval het digitaal uitzenden van radioprogramma’s op zodanige wijze dat, voor zover dat technisch mogelijk is, een landelijk bereik mogelijk is.

Artikel 3

  • 1 Voor de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de wet aan een regionale publieke media-instelling is, voor zover dat technisch mogelijk is en doelmatig frequentiegebruik zich daartegen niet verzet, capaciteit beschikbaar in een allotment waarvan het dekkingsgebied geheel of gedeeltelijk overlapt met de provincie waar de instelling media-aanbod verzorgt.

  • 2 De in het eerste lid bedoelde capaciteit vormt een achttiende deel van de capaciteit van het desbetreffende allotment en is in elk geval bestemd voor het gelijktijdig digitaal uitzenden van de radioprogramma’s die worden uitgezonden in de FM-band met gebruikmaking van de vergunningen, bedoeld in 3.7, eerste lid, onderdelen b en c, van de wet.

Artikel 4

Voor de verlening van een vergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de wet aan elk van de lokale publieke media-instellingen van de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht is, voor zover dat technisch mogelijk is en doelmatig frequentiegebruik zich daartegen niet verzet, een frequentie of samenstel van frequenties in de FM-band beschikbaar voor één programmakanaal voor de lokale verspreiding van multiculturele radioprogramma’s die overwegend zijn bestemd voor jongeren en jong volwassenen.

Artikel 5

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2015.

Artikel 6

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling extra vergunningen publieke mediadienst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage, 21 januari 2015

De

Minister

van Economische Zaken,

H.G.J. Kamp