Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Belastingen, internationale administratieve samenwerking; aanwijzing bevoegde autoriteiten

Geldend van 01-01-2014 t/m heden

Belastingen, internationale administratieve samenwerking; aanwijzing bevoegde autoriteiten

De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Dit besluit bevat de aanwijzing van de Directeur-generaal Belastingdienst tot bevoegde autoriteit voor de uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen, de EU-verordeningen (EU) nr. 904/2010 (administratieve samenwerking BTW) en (EU) nr. 389/2012 (administratieve samenwerking accijnzen), alsmede de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012, alsmede voor de uitvoering van overige internationale bijstandsverplichtingen.

1. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen.

1a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen.

2. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij handhaving van de nationale wetten bij onderzoek naar of vervolging van strafrechtelijke belasting- en douaneaangelegenheden.

2a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij handhaving van de nationale wetten bij onderzoek naar of vervolging van strafrechtelijke belasting- en douaneaangelegenheden.

3. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 904/2010 (administratieve samenwerking BTW)

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 904/2010 van de Raad van 7 oktober 2010, betreffende de administratieve samenwerking en de bestrijding van fraude op het gebied van de belasting over de toegevoegde waarde (hierna: Verordening (EU) nr. 904/2010).

3a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 904/2010.

4. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 389/2012 (administratieve samenwerking accijnzen)

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Verordening (EU) nr. 389/2012 van de Raad van 2 mei 2012, betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de accijnzen (hierna: Verordening (EU) nr. 389/2012).

4a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 389/2012.

5. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012.

5a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van de Wet wederzijdse bijstand in de Europese Unie bij de invordering van belastingschulden en enkele andere schuldvorderingen 2012.

6. Aanwijzing tot bevoegde autoriteit ter uitvoering van internationale bijstandsverlening bij de invordering van belastingschulden en overige schuldvorderingen

De Directeur-generaal Belastingdienst is aangewezen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van overige internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij de invordering van belastingschulden en overige schuldvorderingen.

6a. Bevoegdheid tot het aanwijzen van andere bevoegde autoriteiten

De Directeur-generaal Belastingdienst is gemachtigd om andere functionarissen binnen de Belastingdienst aan te wijzen om namens ‘Onze Minister’ te handelen als ‘bevoegde autoriteit’ ter uitvoering van overige internationale verplichtingen ten aanzien van bijstandsverlening bij de invordering van belastingschulden en overige schuldvorderingen.

7. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.

8. Ingetrokken besluit

Het besluit van 28 februari 2006, nr. CPP2005/3241M, is per 1 januari 2014 ingetrokken.

Dit besluit wordt in de Staatscourant gepubliceerd.

Den Haag, 16 december 2014

De

Staatssecretaris

van Financiën,

E.D. Wiebes