Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Beleidsregel UWV normbedragen voorzieningen 2015[Regeling vervallen per 01-02-2017 met terugwerkende kracht tot en met 01-01-2017.]

Geldend van 02-07-2016 t/m 31-12-2016

Beleidsregel UWV normbedragen voorzieningen 2015

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemeen kader [Vervallen per 01-02-2017]

Artikel 2. Algemene begrippen: [Vervallen per 01-02-2017]

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • Dienstbetrekking: Een dienstbetrekking in de zin van artikel 3 van de ZW/WAO/WW of een op grond van artikel 4 of 5 van de ZW/WAO/WW daarmee gelijkgestelde arbeidsverhouding.

  • Klant: een natuurlijk persoon met structureel functionele beperkingen. Tot het begrip Klant behoort ook de Leerling.

  • Leerling: een natuurlijk persoon zoals omschreven in artikel 19a lid 1 van de Wet Overige OCW-subsidies.

  • Leefvervoer: vervoer in de privésfeer van een Klant.

  • Ministerie OCW: Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap

  • Ministerie SZW: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

  • Normbedrag: de maximale vergoeding die UWV voor de verstrekking van Voorziening betaalt.

  • Onderwijsvoorziening: een Voorziening die een Leerling ondersteunt bij het volgen van onderwijs.

  • Reisvergoeding: De vergoeding voor gereden kilometers die door de Tolk en de overige verleners van intermediaire activiteiten, als werktijd wordt beschouwd. Hierbij is ook de fiscaal toegestane norm onkostenvergoeding per kilometer begrepen.

  • Startende zelfstandige: de natuurlijk persoon die, anders dan in Dienstbetrekking, arbeid in zelfstandig beroep of bedrijf gaat verrichten of verricht, teneinde zich daarmee een inkomen te verwerven.

  • Structureel functionele beperkingen: beperkingen ten gevolge van ziekte of gebrek. Gaat het om beperkingen bij het verrichten van inkomensvormende arbeid, dan is de verwachting dat deze minimaal één jaar zullen duren. Beperkingen die er toe leiden dat een Leerling belemmeringen ondervindt bij het volgen van onderwijs duren naar verwachting tenminste 3 maanden.

  • Tolk: een vertaler van (gesproken) tekst in woord of gebaar die in het Register Tolken Gebarentaal (RTG www.stichtingrtg.nl) staat ingeschreven. Een communicatieassistent kan met ingang van 1 januari 2015 niet als Tolk optreden.

  • Tolk op afstand: een Tolk die zijn tolkdiensten verricht vanuit een eigen werklocatie, niet zijnde de locatie waar de Klant – die gebruik maakt van de Tolk – zich bevindt.

  • Voorziening: een middel of dienst die beoogt de beperkingen als gevolg van ziekte en/of gebrek voor het vinden en/of verrichten van inkomensvormende arbeid of het deelnemen aan regulier onderwijs zoveel als mogelijk weg te nemen.

  • UWV: Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.

  • Werkvoorziening: een Voorziening die een Klant ondersteunt bij het aan het werk gaan of bij de uitoefening van zijn werkzaamheden.

  • Werkgever: een werkgever in de zin van de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen.

Hoofdstuk 2. Vervoersvoorzieningen [Vervallen per 01-02-2017]

Artikel 3. Kilometervergoeding [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 De kilometervergoedingen volgens de normbedragen C221, C25-I en C25-V worden verstrekt op basis van de woon- werkafstand of woon-schoolafstand. Deze afstand wordt bepaald volgens de ANWB-routeplanner ‘snelste route’, op basis van volledige postcodes en wordt per enkele reis afgerond naar boven op hele kilometers.

  • 2 De aftrek van de eigen bijdrage, genoemd in de normbedragen C26-I en C26-II, wordt berekend over de afstand als bedoeld als in het eerste lid.

Artikel 4. Taxikostenvergoeding [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 Een taxikostenvergoeding volgens het normbedrag C31 wordt verstrekt als de Klant niet meer dan 100 meter kan lopen en voor elke verplaatsing buitenshuis is aangewezen op een taxi.

  • 2 De combinatievergoeding volgens het normbedrag C34 wordt verstrekt als de Klant voor het Leefvervoer niet uitsluitend is aangewezen op vervoer per taxi, maar ook gebruik kan maken van alternatief vervoer.

Hoofdstuk 3. Tolken [Vervallen per 01-02-2017]

Artikel 5. Uurvergoeding Tolken en intermediaire dienstverleners [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 De uurvergoeding volgens de normbedragen E17-I en E 17-III verstrekt UWV uitsluitend voor feitelijk uitgevoerde dienstverlening en bij een minimale inzet van:

    • a. één lesuur in onderwijssituaties tussen 08:00 en 18:00 uur op basis van de werkelijke lengte in minuten, of

    • b. één kwartier in alle overige voorkomende situaties.

    Afronding vindt plaats op hele kwartieren naar boven en geldt per getolkte tijd, per opdracht en per locatie in een etmaal.

  • 2 Voor opdrachten binnen Nederland wordt in geval van de hieronder vermelde buitengewone werktijden, de uurvergoeding vastgesteld op het daarbij aangegeven percentage van de in het eerste lid bedoelde uurvergoedingen. De in het eerste lid bedoelde uurvergoedingen worden als volgt verhoogd in geval van buitengewone werktijden:

    Maandag t/m vrijdag:

    0.00 uur tot 6.00 uur:

    140%

     

    6.00 uur tot 8.00 uur:

    120%

     

    18.00 uur tot 22.00 uur:

    120%

     

    22.00 uur tot 24.00 uur:

    140%

         

    Zaterdag:

    0.00 uur tot 6.00 uur:

    140%

     

    6.00 uur tot 22.00 uur:

    130%

     

    22.00 uur tot 24.00 uur:

    140%

         

    Zondag/feestdag:

    0.00 uur tot 24.00 uur:

    145%

    Voor opdrachten op werkdagen van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 uur tot 18.00 uur vergoedt UWV 100% van de in het eerste lid bedoelde uurvergoeding.

    Voor opdrachten in het buitenland wordt, ongeacht de werktijden, 100% van de in het eerste lid bedoelde uurvergoeding vergoed.

Artikel 6. Specifieke regels voor opdrachten in het onderwijs [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 Voor opdrachten in het onderwijs wordt de uurvergoeding als volgt gedifferentieerd in percentages van de normbedragen E17-I en E17-III.

    • a. in wetenschappelijk en hoger beroepsonderwijs: 105%

    • b. in het middelbaar (beroeps) onderwijs: 100%

    • c. in het lager onderwijs: 95%

Artikel 7. Reisvergoeding van Tolken en intermediaire dienstverleners [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 UWV verstrekt de Reisvergoeding volgens de normbedragen E17-A1 en E17-A3 op basis van het aantal werkelijk gereisde kilometers. Dit aantal wordt bepaald aan de hand van de ANWB-routeplanner ‘snelste route’, op basis van volledige postcodes en per enkele reis. Afronding vindt plaats naar boven op hele kilometers. Voor de Reisvergoeding geldt een maximum van 80 kilometer per enkele reis.

  • 2 De Reisvergoeding wordt verstrekt bij een reisafstand op basis van minimaal één cijfer of letter verschil in de postcode.

  • 3 Kan de Klant aantonen dat de gewenste type Tolk c.q. overige intermediaire dienstverleners niet binnen redelijke afstand van de opdrachtlocatie beschikbaar is, dan kan UWV in afwijking van het bepaalde in het eerste lid een Reisvergoeding verstrekken tot maximaal 110 kilometer per enkele reis.

  • 4 Uitsluitend voor Klanten die doof en blind of doof en zeer slechtziend zijn, hanteert UWV geen maximum voor het aantal te reizen kilometers. De Tolk en de overige intermediaire dienstverlener kan binnen redelijke grenzen – dit ter beoordeling aan UWV – extra kilometers rijden voor het ophalen en/of thuisbrengen van de Klant.

Artikel 8. Afwijkende vergoeding tolkopdrachten [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 Voor groepsgewijze toepassingen van de inzet van Tolken wijkt UWV af van de vergoedingen als bedoeld in artikel 5 eerste en tweede lid, en artikel 7 lid 1. UWV verstrekt in deze situatie op basis van maatwerk een passende vergoeding.

  • 2 Indien er sprake is van teamtolken, waarbij twee Tolken tegelijkertijd voor één Klant optreden, vergoedt UWV 150% van het geldende Normbedrag per team. Elke Tolk ontvangt 75% van de vergoeding.

    De voorwaarden hiervoor zijn:

    • a. de opdrachtduur is langer dan twee klokuren;

    • b. van tevoren staat vast dat gedurende de opdracht geen (tolk)pauzes mogelijk zijn;

    • c. van tevoren staat vast dat het achtereenvolgens inzetten van verschillende Tolken niet mogelijk is;

    • d. de opdrachtduur wordt niet onderbroken door lunchpauzes of koffiepauzes (de laatste van een kwartier of langer);

    • e. informatie over de aard van de opdracht dient bij de aanvraag te worden gevoegd om verificatie door UWV mogelijk te maken.

  • 3 Voor opdrachten, die in het buitenland plaatsvinden, wordt geen teamtolkvergoeding verstrekt.

  • 4 Een aanvraag voor vergoeding van tolkopdrachten als bedoeld in het eerste en tweede lid dient uiterlijk drie weken voorafgaand aan de datum van uitvoering van de opdracht bij UWV te zijn ingediend.

  • 5 De leden 1 t/m 4 zijn niet van toepassing op de tolkdiensten, die worden verleend aan Klanten die doof en blind of doof en zeer slechtziend zijn als bedoeld in artikel 7, vierde lid.

  • 6 Voor de Tolk op afstand wordt de uurvergoeding E 17-I gehanteerd. UWV verstrekt naast deze uurvergoeding ofwel een extra vergoeding van 30% van de uurvergoeding E 17-I voor voorbereiding en afronding van de opdracht ofwel de Reisvergoeding E17-AI op basis van het bepaalde in artikel 7. UWV verstrekt niet beide aanvullende vergoedingen naast de uurvergoeding E 17-I.

Artikel 9. Annulering van tolkopdrachten [Vervallen per 01-02-2017]

  • 1 Een opdracht, die aantoonbaar binnen 24 uur voor het afgesproken tijdstip van uitvoering wordt geannuleerd, wordt voor 50% van de geldende norm vergoed. Opdrachten die langer dan 24 uur voor het afgesproken tijdstip van uitvoering worden geannuleerd, worden in het geheel niet vergoed.

  • 2 Indien de oorzaak van de annulering aan de Tolk moet worden toegeschreven, verstrekt UWV geen vergoeding.

  • 3 Is de feitelijke tijdsduur van de opdracht korter dan de oorspronkelijke tijdsduur die tussen de Tolk en de Klant is afgesproken, dan merkt UWV dit verschil als geannuleerde tijd aan. Dit verschil bedraagt tenminste vijftien minuten, omdat verrekening plaatsvindt in hele kwartieren. Het totaal van getolkte tijd en geannuleerde tijd mag de oorspronkelijk overeengekomen duur van de opdracht niet overtreffen.

  • 4 UWV verstrekt geen Reisvergoeding voor volledig geannuleerde opdrachten. Deze bepaling geldt, ook in de situatie dat het bericht van de annulering de Tolk te laat of in het geheel niet heeft bereikt.

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen [Vervallen per 01-02-2017]

Artikel 10. Citeertitel [Vervallen per 01-02-2017]

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregel UWV normbedragen voorzieningen 2015

Artikel 11. Inwerkingtreding [Vervallen per 01-02-2017]

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.

Dit besluit wordt met de toelichting en de bijlage in de Staatscourant geplaatst.

Amsterdam, 2 december 2014

B.J. Bruins,

Voorzitter Raad van Bestuur UWV

Bijlage [Vervallen per 01-02-2017]

Code Beschrijving Toelichting Vanaf Vanaf Werk Onderwijs
1-7-2015 1-1-2016    
ALGEMENE NORMBEDRAGEN        
Drempelbedrag voorzieningen    

B11

Drempelbedrag waar beneden geen vergoeding wordt verleend.

Voorzieningen die minder dan dit bedrag kosten, worden niet vergoed. Meerdere aangevraagde voorzieningen die ieder minder kosten dan het drempelbedrag kunnen worden opgeteld en vergoed.

€ 129,00

€ 132,00

X

X

(kostenbedrag inclusief BTW)          
Referentieauto        

C18-II

Normbedrag referentieauto

Een referentieauto is een gemiddeld type auto standaard voorzien van faciliteiten.

€ 21.500,00

€ 21.500,00

X

X

(aanschafbedrag inclusief BTW)          

C18-III

Eigen bijdrage verzekeringskosten bij noodzakelijke aanschaf van een auto boven de kosten van de referentieauto

Dit maandelijkse bedrag wordt op de feitelijke maandelijkse kosten in mindering gebracht (eigen bijdrage).

€ 95,15

€ 96,29

X

X

C18-IV

Eigen bijdrage motorrijtuigenbelasting bij noodzakelijke aanschaf van een auto boven de kosten van een referentieauto

Dit maandelijkse bedrag wordt op de feitelijke maandelijkse kosten in mindering gebracht (eigen bijdrage).

€ 33,54

€ 33,94

X

X

Inkomensgrenzen voor vervoersvoorzieningen voor het woon- werk en het privé vervoer        

C20-I

Inkomensgrens woon- werk en privé vervoer

Deze inkomensgrens geldt niet voor het woon- schoolvervoer. Boven deze inkomensgrens is geen vergoeding mogelijk behalve voor (rolstoel)taxi. Hiervoor is soms vergoeding mogelijk.

€ 36.727,00

€ 37.167,72

X

X

C20-III

Inkomensgrens woon- werk en privé vervoer als in één gezin meer vervoersvoorzieningen nodig zijn

Deze inkomensgrens geldt niet voor het woon- schoolvervoer.

€ 55.091,00

€ 55.752,09

X

X

Kilometervergoeding bruikleenauto van Welzorg        

C22

Kilometervergoeding bruikleenauto

Deze vergoeding is bedoeld voor de brandstofkosten van een auto. De eigen bijdrage gaat hier nog wel vanaf.

€ 0,13

€ 0,13

X

X

Kilometervergoeding voor auto’s in eigen bezit

C25-I

Personenauto

Dit is een vergoeding voor het bezit en gebruik van een eigen auto. De eigen bijdrage gaat hier nog wel vanaf.

€ 0,48

€ 0,49

X

X

C25-V

Bestelauto/busje

Dit is een vergoeding voor het bezit en gebruik van een eigen bestelauto of busje. De eigen bijdrage gaat hier nog wel vanaf.

€ 0,61

€ 0,61

X

X

Algemeen gebruikelijke kosten woon-werkvervoer per kilometer

C26-I

Algemeen gebruikelijke kosten woon- werkvervoer per kilometer

Gemiddelde kosten van één kilometer openbaar vervoer in Nederland die op het woon- werkvergoeding in mindering wordt gebracht. Dit bedrag is de eigen bijdrage.

€ 0,14

€ 0,14

X

 

C26-II

Algemeen gebruikelijke kosten woon- werkvervoer per kilometer boven de inkomensgrens C20-I en C20-III

De kosten zijn gelijk aan de kosten van het bezit en gebruik van een eigen auto. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de (rolstoel) taxikosten of de kosten van speciale auto's

€ 0,48

€ 0,49

X

 
Vervoerskostenvergoeding voor privé-kilometers        

C31

Taxikostenvergoeding

Indien ook een vergoeding is gegeven voor het woon- werkvervoer. De vergoeding kan niet separaat worden aangevraagd. Het betreft een vast jaarlijks bedrag.

€ 3.935,00

€ 3.982,22

X

X

C32

Vergoeding voor visueel gehandicapten

Indien ook een vergoeding is gegeven voor het woon- werkvervoer. De vergoeding kan niet separaat worden aangevraagd. Het betreft een vast jaarlijks bedrag.

€ 1.966,00

€ 1.989,59

X

X

C33

Rolstoeltaxikostenvergoeding

Indien ook een vergoeding is gegeven voor het woon- werkvervoer. De vergoeding kan niet separaat worden aangevraagd. Het betreft een vast jaarlijks bedrag.

€ 4.807,89

€ 4.865,58

X

X

C34

Combinatievergoeding (taxi + overig vervoer)

Indien ook een vergoeding is gegeven voor het woon- werkvervoer. De vergoeding kan niet separaat worden aangevraagd. Het betreft een vast jaarlijks bedrag.

€ 1.752,63

€ 1.773,66

X

X

Begeleidingskosten        

C71

Vergoeding reiskosten begeleider per jaar

Jaarlijkse vergoeding als de arbeidsgehandicapte klant niet zelf kan reizen en de begeleider een deel niet samen kan reizen (bijv. de terugweg).

€ 850,00

€ 860,20

X

X

VOORZIENINGEN VOOR INTERMEDIAIRE DIENSTVERLENING    

E17-I

Uurvergoeding geregistreerde tolk gebarentaal of schrijftolk (bedrag exclusief BTW)

Registratie van tolk op www.stichtingrtg.nl

€ 52,52

€ 53,15

X

X

E17-III

Uurvergoeding voor intermediare dienstverleners visueel gehandicapten en motorisch gehandicapten. NB communicatieassistent is komen te vervallen per 01-01-2015 (bedrag exclusief BTW)

 

€ 19,44

€ 19,83

X

X

E17-A1

Reisvergoeding geregistreerde doventolk per kilometer (bedrag exclusief BTW)

 

€ 0,69

€ 0,69

X

X

E17-A3

Reisvergoeding voor intermediare dienstverleners visueel gehandicapten en motorisch gehandicapten. NB communicatieassistent is komen te vervallen per 01-01-2015 (bedrag exclusief BTW)

Inclusief vergoeding voor gereisde werktijd; reisvergoeding voor student-tolk is vervallen.

€ 0,30

€ 0,31

X

X

MEENEEMBARE VOORZIENINGEN    

G22-I

Computer/laptop/tablet (één maal per 4 jaar) (bedrag inclusief BTW)

De vergoeding is gericht op een middel zonder aanpassingen.

€ 790,00

€ 799,48

X

X

BRUIKLEENVERSTREKKING    

I12

Een voorziening wordt in bruikleen verstrekt als deze meer kost dan het vastgestelde bedrag.

In geval van bruikleen kunnen additionele kosten als onderhoud en reparatie door UWV worden vergoed.

€ 3.546,00 Contractuele uitzonderingen mogelijk

€ 3.588,55 Contractuele uitzonderingen mogelijk

X

X

(beneden dit bedrag verstrekking in eigendom)

         
JOBCOACHING/PERSOONLIJKE ONDERSTEUNING (alleen werkvoorziening)    

Q1

Uurvergoeding voor jobcoaching/ persoonlijke ondersteuning

 

€ 74,78

€ 75,68

X

 
  (Bedrag exclusief BTW)          
NORMBEDRAGEN VOOR STARTENDE ZELFSTANDIGEN    

Z1

Inkomensgrens startende zelfstandigen 3 jaar na de start.

Op basis van het gemiddelde jaarinkomen van de voorgaande drie arbeidsjaren wordt vastgesteld of de zelfstandige nog in aanmerking komt voor vergoeding van voorzieningen. Het gemiddelde jaarinkomen mag dan niet hoger zijn dan het normbedrag Z1.

€ 81.730,42

€ 82.090,03

X

 

Z2

Vergoeding kosten begeleiding startende zelfstandigen vóór en ná de start.

 

€ 3.677,38

€ 3.693,56

X

 
(bedrag vergoeding incl.BTW)          

Z3

Voorbereidingskrediet startende zelfstandige

Dit bedrag is bestemd voor oriënterende activiteiten van de starter zoals netwerkcontacten en vakbeurzen. De indexering van het bedrag Z3 volgt de jaarlijkse indexering van het starterskrediet door SZW.

€ 2.876,41

€ 2.889,07

X

 
  (bedrag vergoeding incl.BTW)          
INTERNE JOBCOACHING (alleen werkvoorziening)    
Q2

Subsidiebedrag voor interne jobcoaching voor een dienstbetreking

      x  
Begeleidingsregimes Jaar 1 Jaar 3 (en verder) Jaar 2

licht

€ 2.700,00

€ 1.400,00

€ 1.400,00

midden

€ 4.500,00

€ 1.400,00

€ 2.700,00

intensief

€ 6.800,00

€ 2.700,00

€ 4.500,00

Subsidiebedrag voor interne jobcoaching voor een proefplaatsing

         
Begeleidingsregimes duur proefplaatsing    

licht

€ 500,00

   

midden

€ 600,00

   

intensief

€ 750,00

   
  • ^ [1]

    De codes verwijzen naar de codelijst zoals opgenomen in de Bijlage bij deze Beleidsregel