Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente

Geldend van 01-01-2014 t/m heden

Wet van 18 december 2013 tot wijziging van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en van de Invorderingswet 1990 in verband met de wijziging van de percentages belasting- en invorderingsrente (Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de belastingrente voor de vennootschapsbelasting te koppelen aan de wettelijke rente voor handelstransacties, met een minimum van 8%, en voor de belastingrente voor de overige belastingmiddelen en de invorderingsrente een minimum van 4% in te voeren;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel I

[Red: Wijzigt de Algemene wet inzake rijksbelastingen.]

Artikel II

[Red: Wijzigt de Invorderingswet 1990.]

Artikel III

Artikel 30hb van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 29 van de Invorderingswet 1990, zoals die artikelen luidden op 31 december 2013, blijven van toepassing bij de renteberekening over renteperiodes gelegen voor 1 april 2014.

Artikel IV

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.

Artikel V

Deze wet wordt aangehaald als: Wet wijziging percentages belasting- en invorderingsrente.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

Wassenaar, 18 december 2013

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Financiën,

F.H.H. Weekers

Uitgegeven de drieëntwintigste december 2013

De Minister van Veiligheid en Justitie,

I.W. Opstelten