Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Deelreglement Ontwikkeling van de Stichting Nederlands Fonds voor de film[Regeling vervallen per 01-01-2017.]

Geldend van 01-01-2015 t/m 31-12-2016

Deelreglement Ontwikkeling van de Stichting Nederlands Fonds voor de film

De Stichting Nederlands Fonds voor de Film,

Gelet op het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht,

Gelet op artikel 10, lid 4, van de Wet op het specifiek cultuurbeleid,

Gelet op artikel 2 van het Algemeen Reglement,

Besluit:

Algemeen [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 1. – definities – [Vervallen per 01-01-2017]

In dit reglement wordt verstaan onder:

  • animatic: opeenvolging van meestal getekende storyboard-beelden die het scenario weergeven, dezelfde lengte als de te produceren animatiefilm heeft en minimaal van dialogen, camerabewegingen en rudimentaire bewegingen van de karakters is voorzien;

  • animatie: een filmproductie die een kunstmatige filmtechniek hanteert waarbij door het na elkaar afspelen van verschillende stilstaande beelden de illusie van beweging ontstaat;

  • bestuur: de directeur/bestuurder van het Fonds;

  • bioscoopuitbreng: de landelijke distributie van een filmproductie, die na de première met een dagelijkse vertoning gedurende meerdere weken en in meerdere bioscopen en/of filmtheaters voor een betalend publiek in Nederland wordt uitgebracht;

  • categorie: een soort filmproductie;

  • debutant: een scenarist, regisseur of producent die nog geen filmproductie binnen de desbetreffende categorie in de professionele film- en televisiesector gerealiseerd en uitgebracht heeft;

  • documentaire: een non-fictie filmproductie geschikt voor bioscoopvertoning die een aspect van de werkelijkheid belicht waarbij de eigen visie van de regisseur wordt vormgegeven met creatieve gebruikmaking van filmische middelen in een persoonlijke stijl;

  • documentairescript: de inhoudelijke opzet voor een documentaire met daarin opgenomen de visie van de regisseur op het onderwerp, de stijl, de vorm en de ontwikkeling binnen de vertelling;

  • ervaren: een producent, regisseur of scenarist van wie twee of meer filmproducties binnen de desbetreffende categorie in de professionele film -en televisiesector gerealiseerd en uitgebracht zijn;

  • filmconsulent: een gespecialiseerde filmprofessional die voor een beperkte periode door het Fonds is aangesteld om te adviseren over aanvragen bij het fonds;

  • filmisch experiment: een filmproductie die naar het oordeel van het bestuur binnen de genres speelfilm, documentaire, animatie en korte film onderzoekend en/of grensverleggend is dan wel experimentele of kunstzinnige filmproducties of een filmproductie met een duidelijk aanwijsbaar filmische component waarin het visueel verhalende en de inzet van nieuwe mediatoepassingen (E-cultuur) samenkomen;

  • filmproductie: een cinematografisch werk;

  • het Fonds: Stichting Nederlands Fonds voor de Film;

  • internationale coproductie: een in de Nederlandse bioscoop en/of filmtheaters uit te brengen internationaal gecoproduceerde filmproductie. Bij een minoritaire coproductie is de Nederlandse producent in beperkte mate beslissingsbevoegd en verantwoordelijk en brengt deze tevens minder dan vijftig procent van de financiering van de filmproductie bijeen. Bij een majoritaire coproductie is de Nederlandse producent hoofdverantwoordelijk en beslissingsbevoegd en brengt deze tevens meer dan vijftig procent van de financiering van de filmproductie bijeen;

  • korte film: een filmproductie met een vertoningsduur tot 60 minuten

  • lange animatiefilm: een speelfilm die een kunstmatige filmtechniek hanteert waarbij door het na elkaar afspelen van verschillende stilstaande beelden de illusie van beweging ontstaat;

  • New Screen NL: het programma dat zich primair richt op talentontwikkeling, filmisch experiment en de korte (animatie) film;

  • ontwikkeling: alle werkzaamheden verbonden aan de ontwikkeling van een filmproductie tot aan de productie ervan;

  • producent: de natuurlijke persoon die de productiemaatschappij rechtsgeldig vertegenwoordigt en binnen de organisatie van de productiemaatschappij beleidsmatig, bedrijfsmatig en inhoudelijk eindverantwoordelijk is;

  • productiemaatschappij: een rechtspersoon die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de productie en exploitatie van filmproducties en andere audiovisuele mediaproducties. De rechtspersoon is ten tijde van de subsidieaanvraag gedurende minimaal twee jaar daarvoor gevestigd en actief geweest in Nederland, een Lidstaat van de Europese Unie, of in een Staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland;

  • programma: een samengesteld subsidieprogramma van het Fonds met een specifieke doelstelling;

  • projectontwikkeling: de uitwerking van de zakelijke en productionele opzet van een filmproductie ter voorbereiding op de eventuele realisering;

  • regisseur: een natuurlijk persoon die de artistieke regie voert over de uitvoering van een filmproductie;

  • scenario: een beschrijving van opeenvolging van scènes en geschreven tekst met dialoog geschikt om te verfilmen tot een filmproductie;

  • scenarist: de schrijver van een synopsis, treatment, scenario of documentairescript;

  • Screen NL: het programma voor speelfilms, lange animatiefilms en lange documentaires, waaronder ook internationale coproducties, dat zich primair richt op regisseurs die hun tweede of volgende film willen maken;

  • scriptcoach: een in zijn vakgebied gespecialiseerde dramaturg, scripteditor of ervaren scenarioschrijver gespecialiseerd in het begeleiden van scenaristen in het schrijven van een scenario;

  • slate funding: de financiering van een pakket van filmproducties;

  • speelfilm: een filmproductie in het genre fictie met een vertoningsduur van tenminste 60 minuten, die primair bestemd is voor bioscoopuitbreng;

  • storyboard: een opeenvolging van op papier uitgewerkte shots van scènes uit een scenario bestaande uit tekeningen aangevuld met uitgeschreven informatie zoals de personages, het perspectief en een korte beschrijving en de duur van elk shot;

  • synopsis: een korte omschrijving van het verhaal en de belangrijkste personages van het te schrijven scenario;

  • treatment: een per scène of cluster van scènes, geconcentreerd geschreven weergave van het te schrijven scenario, zonder dialogen.

Artikel 2. – toepasselijkheid reglementen – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Dit deelreglement is van toepassing op financiële bijdragen die het bestuur verstrekt voor ontwikkeling in de categorieën speelfilm, documentaire, animatie en filmisch experiment en, met inachtneming van artikel 9, de samenwerkingsprojecten met andere instellingen die tot ontwikkeling van deze filmproducties strekken.

  • 2 Het Algemeen Reglement is van toepassing naast en in aanvulling op dit deelreglement.

Artikel 3. – subsidiesoorten – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Het bestuur hanteert de volgende subsidiesoorten:

    • a. projectsubsidies

    • b. slate funding

  • 2 Ten behoeve van alle in artikel 2 genoemde categorieën verstrekt het bestuur projectsubsidies.

  • 3 Onverminderd het bepaalde in het vorige lid kan het bestuur in de categorie speelfilm slate funding verstrekken ten behoeve van scenario-ontwikkeling.

Artikel 4. – slate funding – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Het bestuur kan een subsidieronde uitschrijven met betrekking tot slatefunding ten behoeve van scenario-ontwikkeling. Het bestuur maakt deze subsidieronde en de daaraan verbonden voorwaarden, de periode waarop deze van toepassing is, alsmede de termijnen waarbinnen hierop kan worden ingeschreven, bekend op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl.

  • 2 Het bestuur verbindt aan een slate in ieder geval de volgende voorwaarden:

    • a) een slate bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf filmplannen die tot een (eerste versie van) scenario ontwikkeld worden;

    • b) de filmplannen worden door verschillende regisseurs en scenaristen uitgevoerd;

    • c) de regisseurs en scenaristen hebben zich met eerdere speelfilms qua publieksbereik en/of artistiek succes bewezen;

    • d) de filmplannen zijn qua filmgenre en doelgroep gevarieerd.

  • 3 Het bestuur stelt per subsidieronde het subsidieplafond voor slate funding ten behoeve van scenario-ontwikkeling vast.

  • 4 Een productiemaatschappij die slatefunding toegewezen heeft gekregen komt gedurende een in de desbetreffende aanvraagronde aangegeven periode, niet meer in aanmerking voor een ontwikkelingsbijdrage zoals bedoeld in artikel 3 lid 2.

Artikel 5. – aanvrager – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Een aanvraag in de zin van dit reglement wordt gedaan door een productiemaatschappij, die door een producent wordt vertegenwoordigd.

  • 2 Indien aan de aanvraag een debuterend regisseur is verbonden kan een aanvraag alleen worden ingediend door een productiemaatschappij, die vertegenwoordigd wordt door een producent met naar het oordeel van het bestuur aantoonbare ervaring in de professionele film en televisie praktijk in de voor de aanvraag relevante categorie.

  • 3 In afwijking van het eerste lid kan in de categorie filmisch experiment en documentaire een regisseur onder nadere voorwaarden een aanvraag voor een ontwikkelingssubsidie indienen.

  • 4 Met inachtneming van artikel 19, kan het bestuur daarnaast ten behoeve van scenario-ontwikkeling in de categorie speelfilm een aanvraagronde uitschrijven waarbij een scenarist, onder nader door het bestuur te bepalen voorwaarden een aanvraag kan doen.

  • 5 Een aanvraag voor slate fundingwordt gedaan door een productiemaatschappij, die gedurende de voorliggende vijf kalenderjaren of langer op continue basis speelfilms produceert. De productiemaatschappij wordt vertegenwoordigd door een producent die voorafgaand aan de aanvraag hoofdverantwoordelijk is geweest voor de realisering en exploitatie van minimaal vijf majoritaire speelfilms waarmee qua bezoekersaantallen (bioscoop en verdere exploitatie) en/of internationaal (festival)succes goede resultaten bereikt zijn.

Artikel 6. – aanvraag – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Per programma en categorie wordt een aanvraag digitaal ingediend, waarbij een schriftelijke, door de aanvrager ondertekende, kopie van deze digitale aanvraag aan het Fonds wordt overgelegd.

  • 2 Met uitzondering van de aanvragen voor slatefunding zoals bedoeld in artikel 4 of aanvragen waarvoor een specifieke subsidieronde wordt uitgeschreven zoals bedoeld in artikel 5 lid 4, kunnen aanvragen voor ontwikkeling in beginsel het gehele jaar worden ingediend. Informatie over indienrondes en eventuele indienstops wordt gepubliceerd op de website van het Fonds (www.filmfonds.nl).

  • 3 Aanvragen voor een specifieke ontwikkelingsfase van eenzelfde filmproductie kunnen, na een afwijzend besluit daarover, eenmaal opnieuw worden ingediend. Een aanvraag voor een specifieke ontwikkelingsfase van eenzelfde filmproductie, die tweemaal door het bestuur is afgewezen, wordt niet meer in behandeling genomen.

Artikel 7. – beoordeling ontwikkelingssubsidie – [Vervallen per 01-01-2017]

Voor toekenning van de aanvraag dient het oordeel over de kwaliteit van de filmproductie positief te zijn. De kwaliteit van de filmproductie wordt beoordeeld aan de hand van de beoordelingscriteria in artikel 5 van het Algemeen Reglement.

Artikel 8. – onderlinge verhouding subsidies – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Het verstrekken van een subsidie voor ontwikkeling bindt het bestuur in geen geval tot het verlenen van enige andere bijdrage voor dezelfde filmproductie.

  • 2 Indien de filmproductie voor de ontwikkeling waarvan subsidie is verleend wordt gerealiseerd, dan maken de met de ontwikkeling gemoeide kosten onderdeel uit van de productiekosten.

Artikel 9. – samenwerkingsprojecten – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Het bestuur kan in samenwerking met andere (subsidieverlenende) instellingen subsidies verstrekken ten behoeve van de ontwikkeling van filmproducties en daartoe samenwerkingsovereenkomsten met deze instellingen en/of uitvoeringsovereenkomsten met de aanvragers aangaan.

  • 2 Het bestuur kent een ontwikkelingssubsidie in het kader van een samenwerking zoals bedoeld in het eerste lid voor zover mogelijk en relevant overeenkomstig dit reglement toe. Het bestuur kan daarbij afwijken van het bepaalde in dit deelreglement.

  • 3 Het bestuur publiceert op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl de nadere voorwaarden, procedures en werkwijze met betrekking tot samenwerkingsprojecten zoals bedoeld in dit artikel.

Artikel 10. – verfilmings- en exploitatierechten – [Vervallen per 01-01-2017]

Onverminderd het bepaalde in artikel 19 dient de aanvrager van een subsidie voor verlening van subsidie voor de ontwikkeling aan te tonen, al dan niet door middel van overdracht of een exclusieve licentie of een – verlengbare – exclusieve optie daarop, enig rechthebbende te zijn van de exclusieve verfilmings- en exploitatierechten op het te vervaardigen scenario of storyboard of – voor zover van toepassing – op het bestaande werk.

Artikel 11. – betrokkenheid van regisseurs en scenaristen – [Vervallen per 01-01-2017]

Het bestuur kan gelet op de doelmatige besteding van middelen voorwaarden dan wel beperkingen stellen aan de betrokkenheid van regisseurs en scenaristen.

Artikel 12. – verplichtingen subsidieontvanger – [Vervallen per 01-01-2017]

Aan de verlening van een financiële bijdrage voor ontwikkeling worden de volgende verplichtingen verbonden:

  • a. De ontvanger van de subsidie doet onverwijld een melding aan het bestuur zodra aannemelijk is dat de ontwikkeling waarvoor subsidie is verleend niet, of niet tijdig of niet geheel zal worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan;

  • b. de ontvanger van de subsidie toont op de in het besluit tot subsidieverlening aangegeven wijze – uiterlijk binnen twaalf maanden of binnen de in het besluit tot subsidieverlening aangegeven termijn aan – dat de ontwikkeling waarvoor de subsidie is verleend is verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;

  • c. de ontvanger van de subsidie dient aan te tonen dat deze tegen betaling van een billijke vergoeding beschikt over de exclusieve verfilmings- en exploitatierechten.

Bijzondere bepalingen ten aanzien van de categorieën [Vervallen per 01-01-2017]

Speelfilm [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 13. – subsidiabele activiteit – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Aanvragen kunnen worden gedaan voor de ontwikkeling van een speelfilm.

  • 2 Een aanvraag kan voor deze categorie gedaan worden voor:

    • scenario-ontwikkeling;

    • projectontwikkeling.

Artikel 14. – subsidiabele activiteit scenario-ontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Een subsidie voor scenario-ontwikkeling wordt verleend voor het schrijven van één of meerdere versies van het scenario of een onderdeel daarvan.

  • 2 Indien een bijdrage als in voorgaand lid wordt aangevraagd kan daarnaast een bijdrage worden aangevraagd voor scriptcoaching.

  • 3 Indien een bijdrage wordt aangevraagd voor een of meerdere versies van het scenario waarbij meerdere schrijvers betrokken zijn kan daarnaast een bijdrage worden aangevraagd voor een coauteur.

  • 4 Indien de arena of de uitvoering van de filmproductie zodanig complex is dat voor het verder uitwerken van het scenario de betrokkenheid van een team van creatieve en technische specialisten noodzakelijk is om concreet te onderzoeken hoe verfilming mogelijk is, kan het bestuur besluiten hiervoor een extra ontwikkelingsbijdrage beschikbaar te stellen. Indien, zoals bij de lange animatiefilm, de ontwikkeling van concept art en/of een storyboard noodzakelijk is dan kan het bestuur besluiten ook hiervoor een extra bijdrage beschikbaar te stellen.

Artikel 15. – besteding scenario-ontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

De subsidie is primair bestemd voor (de) scenarist(en), eventueel betrokken scriptcoaches en coauteurs, die het scenario, dan wel een of meerdere versies daarvan, ten behoeve waarvan deze bijdrage is verstrekt, vervaardigen, uitgezonderd indien een bijdrage op grond van Artikel 14 lid 4 wordt toegekend.

Artikel 16. – subsidiabele activiteit projectontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Subsidie voor projectontwikkeling wordt verleend voor de uitwerking van de zakelijke en productionele opzet van een filmproductie ter voorbereiding op de eventuele realisering.

  • 2 Indien voorzien van gedegen onderbouwing kunnen in ieder geval de kosten van de volgende onderdelen voor projectontwikkelingsubsidie in aanmerking komen:

    • de uitwerking van coproductie- en cofinancieringsmogelijkheden via buitenlandse fondsen, economische en fiscale financieringsvormen, coproducenten, sponsoring en andere vormen van (private) financiering;

    • de casting en de selectie van gespecialiseerde crewleden;

    • de basis voor het production design (w/o moodboards) en locatieonderzoek

    • camera tests en/of het storyboard en/of proefopnamen;

    • de eerste uitwerking van special en/of visual effects

    • de uitwerking van een breakdown en productieplanning;

    • de uitwerking van een gedetailleerde begroting;

    • het opstellen van een onderbouwd crossmediaal marketing- en distributieplan.

Artikel 17. – voorwaarden projectontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

Subsidie voor projectontwikkeling wordt uitsluitend verleend indien:

  • a. het scenario naar het oordeel van het bestuur van dusdanig niveau is dat realisering van de filmproductie een reële mogelijkheid is, en,

  • b. realisering van de filmproductie zakelijk en productioneel onderzocht dient te worden, en,

  • c. ten tijde van indiening van de aanvraag een regisseur aan het project is verbonden.

Artikel 18. – verplichtingen projectontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

In aanvulling op de verplichtingen genoemd in artikel 12 wordt een verslag door de aanvrager overgelegd van de vorderingen van de zakelijke ontwikkeling van de filmproductie binnen de in de beschikking genoemde termijn.

Artikel 19. – verplichtingen scenarist als aanvrager scenario-ontwikkeling – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 De scenarist zoals bedoeld in artikel 5, vierde lid, van dit reglement is verplicht tijdens de ontwikkeling van het scenario een productiemaatschappij hierbij te betrekken die de mogelijkheden van realisering van de filmproductie zal onderzoeken. De scenarist zal de productiemaatschappij in de gelegenheid stellen daartoe (een exclusieve optie op) de exclusieve verfilmings- en exploitatierechten te verwerven.

  • 2 Naast de verplichtingen genoemd in artikel 12 wordt tevens een verslag van het werkproces in de Nederlandse taal opgeleverd binnen de in de beschikking genoemde termijn.

Documentaire [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 20. – subsidiabele activiteit – [Vervallen per 01-01-2017]

Aanvragen kunnen gedaan worden voor de ontwikkeling en researchkosten van een documentairescript alsmede voor het maken van eerste (proef)opnamen indien dat naar mening van het bestuur, voor de desbetreffende filmproductie noodzakelijk is.

Animatie [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 21. – subsidiabele activiteit – [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 Aanvragen kunnen gedaan worden voor de ontwikkeling van een scenario c.q. (moving) storyboard voor een animatiefilm met een vertoningsduur tot 60 minuten.

  • 2 Op animatiefilms met een beoogde vertoningsduur van tenminste 60 minuten zijn de bepalingen 13 t/m 18 van de categorie speelfilm van toepassing.

  • 3 Voor animatiefilms van tenminste 60 minuten kan subsidie voor het maken van een animatic worden aangevraagd.

Filmisch experiment [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 22. – subsidiabele activiteit – [Vervallen per 01-01-2017]

Aanvragen kunnen worden gedaan voor de ontwikkeling van een scenario c.q. storyboard van een

filmisch experiment alsmede voor het maken van eerste (proef)opnamen indien dat naar mening van het bestuur, voor de desbetreffende filmproductie noodzakelijk is.

Artikel 23. – beoordelingscriterium – [Vervallen per 01-01-2017]

Bij de beoordeling van een subsidieaanvraag beoordeelt het bestuur, in aanvulling op de criteria van Artikel 5 van het Algemeen Reglement of de filmproductie in de categorie filmisch experiment naar het oordeel van het bestuur bijdraagt aan de creatieve en technische innovatie van de cinematografie. Voor een toekenning dient ook de beoordeling van dit criterium positief te zijn.

Overgangs- en slotbepalingen [Vervallen per 01-01-2017]

Artikel 24 [Vervallen per 01-01-2017]

  • 1 In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.

  • 2 Het bestuur kan om zwaarwegende redenen afwijken van dit reglement, voor zover dergelijke afwijkingen verenigbaar zijn met het beoordelingskader voor staatssteun aan de filmsector, zoals dat wordt gehanteerd door de Europese Commissie.

  • 3 Dit reglement is vastgesteld door het bestuur met goedkeuring van de Raad van Toezicht op 18 november 2013

  • 4 Dit Deelreglement treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.

  • 6 Per 1 januari 2015 zijn wijzigingen in het Reglement doorgevoerd met goedkeuring van de Raad van Toezicht op 12 november 2014. Op alle aanvragen die door het Fonds voor 1 januari 2015 zijn ontvangen blijft het Algemeen Reglement zoals dit gold tot 1 januari 2015 van toepassing.

  • 7 Dit reglement wordt aangehaald als Deelreglement Ontwikkeling van de Stichting Nederlands Fonds voor de film.

  • 8 Dit reglement wordt bekendgemaakt middels kennisgeving in de Staatscourant en op de website van het Nederlands Fonds voor de Film (www.filmfonds.nl).