Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond Subsidieregeling Ministerie [...] 2006 (Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid 2013)[Regeling vervallen per 01-01-2014.]

Geldend van 29-03-2013 t/m 31-12-2013

Besluit van de minister van Buitenlandse Zaken van 21 maart 2013, nr. DJZ/BR-0253/2013, tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond met het oog op subsidieverlening op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid 2013)

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2014]

Voor subsidieverlening in 2013 op grond van artikel 2.4 van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 in het kader van het Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid gelden de als bijlage bij dit besluit gevoegde beleidsregels.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2014]

Voor de in artikel 1 genoemde periode geldt een subsidieplafond van € 500.000,– voor POBB Algemeen.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2014]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2014.

De

minister

van Buitenlandse Zaken,
namens deze:

de Directeur-Generaal Politieke Zaken,

K.J.G. van Oosterom

Bijlage [Vervallen per 01-01-2014]

Het programma Ondersteuning Buitenlands Beleid (POBB) richt zich op de financiering van activiteiten die de doelstellingen van het Nederlands buitenlands beleid ondersteunen. Hierbij kan het zowel gaan om lange termijn beleidsdoelstellingen als om activiteiten gerelateerd aan actuele ontwikkelingen, die invloed hebben op het Nederlands buitenlands beleid. De projecten dienen, direct of indirect, een bijdrage te leveren aan het behalen van de doelstellingen van dit beleid.

Welke projecten komen in aanmerking voor subsidie?

Vanuit het POBB kunnen activiteiten worden gefinancierd die het buitenlands beleid op één van de volgende terreinen ondersteunen:

  • Verbetering van bilaterale betrekkingen;

  • Bevordering van multilaterale samenwerking;

  • Mensenrechten, democratisering en goed bestuur;

  • Internationale juridische en justitiële samenwerking;

  • Milieu.

Bij de beoordeling van een aanvraag voor subsidie worden de volgende criteria gehanteerd:

  • a) Het aangevraagde subsidiebedrag dient ten minste € 20.000 per projectvoorstel te bedragen. Een uitzondering hierop vormen aanvragen ten behoeve van een Nederlandse bijdrage aan internationale verkiezingswaarnemingsmissies.

  • b) De activiteit dient ‘katalyserend’ en éénmalig te zijn en heeft een maximale duur van drie jaar. De Minister kan in uitzonderlijke gevallen afwijken van de eis van het éénmalige karakter en de maximale looptijd van de activiteit.

  • c) De bijdrage van het voorstel aan het buitenlands beleid moet duidelijk zichtbaar zijn. Activiteiten moeten bij voorkeur een duidelijk Nederlands profiel hebben of dienen te worden ingezet om duidelijk uiting te geven aan een Nederlandse beleidsprioriteit zoals onder meer neergelegd in de Memorie van Toelichting bij de begroting van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

  • d) Activiteiten die staand OS-beleid doorkruisen komen niet voor een subsidie in het kader van het POBB in aanmerking.

  • e) Activiteiten bestaande uit op zichzelf staande seminars, workshops en conferenties hebben geen prioriteit, hoewel een subsidie voor dergelijke activiteiten niet is uitgesloten.