Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Beleidsregel vervreemding onroerende zaken

Geldend van 01-02-2013 t/m heden

Beleidsregel vervreemding onroerende zaken

Het College sanering zorginstellingen,

Gelet op artikel 18 van de Wet toelating zorginstellingen,

Besluit:

Hoofdstuk 1

Algemeen

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • a. de wet: Wet toelating zorginstellingen;

  • b. college sanering: College sanering zorginstellingen, genoemd in artikel 32 van de wet;

  • c. instelling: een organisatorisch verband als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder f, van de Wet, dat een toelating heeft als bedoeld in artikel 5, eerste, tweede of derde lid van de wet;

  • d. vervreemden: het blijvend niet meer voor de instelling gebruiken van gebouwen, terreinen of delen daarvan door middel van verhuren verkopen of aan enig beperkt recht onderwerpen;

  • e. gemachtigde: de gemachtigde als bedoeld in artikel 8.3 van het Uitvoeringsbesluit Wet toelating zorginstellingen;

  • f. WWS: het woningwaarderingsstelsel als bedoeld in het Besluit huurprijzen woonruimte, Stb. 1979, 216;

  • g. extramuraliseren: de situatie waarin een instelling voor intramurale zorg ruimte die voor bewoning geschikt is niet langer gebruikt voor intramurale zorg, maar voor verhuur of verkoop aan derden met het oog op woonruimte of ander gebruik;

  • h. marktconform: in overeenstemming met de heersende economische principes en regels van de vrije markt (systeem van vraag en aanbod).

Artikel 2

  • 1 Een instelling die voornemens is gebouwen of terreinen of delen daarvan te vervreemden, dient zich te melden bij het College sanering door middel van het verstrekken van de volgende gegevens:

    • a. eigenaar van de onroerende zaken (volledige naam en adresgegevens);

    • b. omvang en adresgegevens van wat de instelling voornemens is te vervreemden, evenals de kadastrale gegevens;

  • 2 Als het College sanering van mening is dat de gegevens onvoldoende of niet voldoende duidelijk zijn, zal het College sanering de instelling verzoeken deze gegevens binnen veertien dagen aan te vullen.

Artikel 3

Als het College sanering besloten heeft dat voor het voornemen van de instelling goedkeuring is vereist, deelt het College sanering dit de instelling mee door middel van een beschikking.

Artikel 4

De artikelen 5 tot en met 13 zijn van toepassing in het geval een instelling voornemens is over te gaan tot vervreemding door middel van verkoop, het onderwerpen aan enig beperkt recht of verhuur, anders dan in het geval van extramuraliseren.

Werkwijze

Artikel 5

Er dient bij het vervreemden een marktconforme opbrengst te worden behaald.

Artikel 6

  • 1 Vervreemden dient plaats te vinden door middel van een open en transparant proces. De vormgeving van het proces om tot vervreemding te komen dient vooraf met het College sanering te worden besproken. De meest geëigende methoden om tot vervreemding te komen zijn:

    • a. tenderprocedure;

    • b. verkoop via een makelaar;

    • c. verkoop via een inschrijving bij een notaris;

    • d. het benaderen van ten minste drie partijen.

  • 2 Aan de wijze van vervreemden, als genoemd in het eerste lid, dient tenminste één taxatie, opgemaakt door een onafhankelijke taxateur, ten grondslag te liggen.

  • 3 De opdracht voor de taxatie aan de onafhankelijke taxateur dient door de instelling te worden gegeven. De opdrachtbrief dient vooraf te worden getoetst door (de gemachtigde van) het College sanering.

Artikel 7

De instelling mag geen onomkeerbare besluiten nemen (bijvoorbeeld het gaan onderhandelen met een bieder of het afsluiten van een overeenkomst) ten aanzien van de onroerende zaken die een open en transparant proces met meerdere biedingen in de weg staan, zonder voorafgaande instemming van het College sanering.

Artikel 8

Mocht de instelling van mening zijn dat een afwijking van het open en transparante proces,

zoals genoemd in artikel 6, eerste lid, van deze beleidsregel aan de orde is, dan zal de instelling dit, voordat er onomkeerbare besluiten ten aanzien van de onroerende zaken worden genomen, gemotiveerd aan het College sanering voorleggen.

Artikel 9

  • 1 Als het College sanering instemt met de afwijking van het in artikel 6, eerste lid van deze beleidsregels gestelde, dan zullen er – in afwijking van het gestelde in artikel 6, tweede lid, ten minste twee onafhankelijk opgemaakte taxaties door de instelling geleverd moeten worden.

  • 2 Bij transacties met een getaxeerde waarde van € 100.000,- of lager kan in principe, ter beoordeling van het College sanering, met één taxatie worden volstaan.

Artikel 10

Bij verschillende uitkomsten in taxaties wordt altijd de hoogste taxatieprijs gevolgd als uitgangspunt voor de prijsbepaling van de vervreemding.

Artikel 11

De instelling dient bij het College sanering een verzoek tot goedkeuring van de vervreemding

in, voorzien van een (concept)overeenkomst en de taxatie(s).

Artikel 12

Het College sanering kan in een beschikking waarbij goedkeuring wordt verleend voor een

transactie bepalen wat de geldigheidsduur van de beschikking is.

Artikel 13

Een positief boekresultaat, behaald door vervreemding, waarvoor op grond van artikel 18 van de wet toestemming van het College sanering is vereist en verkregen, behoeft door het bestuur van de instelling niet gestort te worden in het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten, tenzij anders bepaald door het College sanering.

Hoofdstuk 2

Extramuraliseren

Artikel 14

  • 1 In het geval van extramuraliseren waarbij de instelling voornemens is huurovereenkomsten aan te gaan verleent het College sanering goedkeuring als de overeen te komen huurprijs gelijk is aan:

    • a. De marktconforme prijs of;

    • b. Minimaal 70% van de op basis van het WWS vastgestelde huurprijs, WWS, tenzij op grond van bijzondere omstandigheden van het individuele geval tot een lager bedrag wordt besloten.

  • 2 In geval een huurovereenkomst wordt aangegaan met het oog op ander gebruik dan woonruimte, gaat het College sanering uit van de marktconforme prijs.

Hoofdstuk 3

Inwerkingtreding

Artikel 15

Deze beleidsregel treedt in de plaats van de beleidsregel inzake vervreemding van onroerende zaken op basis van artikel 18 WTZi, d.d.7 december 2010.

Artikel 16

Deze beleidsregel treedt in werking op 1 februari 2013.