Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling certificaten groen beroepsonderwijs

Geldend van 15-10-2016 t/m heden

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 13 december 2012, nr. WJZ/12374628, houdende het aanwijzen van onderdelen van een kwalificatie of kwalificaties waaraan een certificaat is verbonden (Regeling certificaten groen beroepsonderwijs)

De Minister van Economische Zaken,

Handelende na overleg met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

Gelet op artikel 3 van het Besluit certificaten groen beroepsonderwijs, artikel 7, eerste lid, van het Honden- en kattenbesluit 1999 en artikel 17, eerste lid, van het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden;

Besluit:

Artikel 1

  • 1 Uit het kwalificatiedossier Agro, productie, handel en technologie (Crebonummer 23212), bedoeld in bijlage 3 van de Regeling vaststelling kwalificatiedossiers en opleidingsdomeinen 2016, is een certificaat verbonden:

    • a. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakbekwaam medewerker agrarisch loonwerk niveau 3 (Crebonummer 25433):

      • 1°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 2°. MW (Mollen- en Woelrattenbestrijding) (C0013);

    • b. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakexpert agrarisch loonwerk niveau 4 (Crebonummer 25533):

      • 1°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 2°. Gewasbescherming B (bedrijfsvoeren) (C0004);

      • 3°. Gewasbescherming C (distributie en opslag) (C0005);

    • c. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakexpert teelt en groene technologie niveau 4 (Crebonummer 25534):

      • 1°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 2°. Gewasbescherming B (bedrijfsvoeren) (C0004);

      • 3°. Gewasbescherming C (distributie en opslag) (C0005);

      • 4°. MW (Mollen- en Woelrattenbestrijding) (C0013);

    • d. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakexpert veehouderij niveau 4 (Crebonummer 25535):

      • 1°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 2°. Gewasbescherming B (bedrijfsvoeren) (C0004);

      • 3°. Gewasbescherming C (distributie en opslag) (C0005);

      • 4°. Houder van vleeskuikens (C0010);

      • 5°. MW (Mollen- en Woelrattenbestrijding) (C0013);

    • e. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakbekwaam medewerker teelt niveau 3 (Crebonummer 25536):

      • 1°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 2°. MW (Mollen- en Woelrattenbestrijding) (C0013);

    • f. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Vakbekwaam medewerker veehouderij niveau 3 (Crebonummer 25537):

      • 1°. Houder van vleeskuikens (C0010);

      • 2°. Gewasbescherming A (uitvoeren) (C0003);

      • 3°. MW (Mollen- en Woelrattenbestrijding) (C0013);

    • g. aan het keuzedeel Houder van vleeskuikens (K0602).

  • 2 Uit het kwalificatiedossier Dierverzorging (Crebonummer 23214), bedoeld in bijlage 3 van de Regeling vaststelling kwalificatiedossiers en opleidingsdomeinen 2016 is een certificaat verbonden:

    • a. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Proefdierverzorger-3 (Crebonummer 25449):

      • 1°. Euthanaseren van kleine proefdieren (C0002);

      • 2°. Uitvoeren proefdierhandelingen (C0014);

    • b. aan de volgende onderdelen van de kwalificatie Bedrijfsleider dierverzorging niveau 4 (Crebonummer 25539):

      • 1°. Houder van herpeten (C0006);

      • 2°. Houder van honden en katten (C0007);

      • 3°. Houder van overige zoogdieren (C0008);

      • 4°. Houder van vissen (C0009);

      • 5°. Houder van vogels (C0011);

    • c. aan het onderdeel Wettelijke vereiste Dierenartsassistent-Paraveterinair (C0016) van de kwalificatie Dierenartsassistent paraveterinair niveau 4 (Crebonummer 25540);

    • d. aan de volgende keuzedelen:

      • 1°. Houder van herpeten (K0469);

      • 2°. Houder van honden en katten (K0470);

      • 3°. Houder van overige zoogdieren (K0471);

      • 4°. Houder van vissen (K0472);

      • 5°. Houder van vogels (K0473);

      • 6°. Houder van vleeskuikens (K0602).

Artikel 2

  • 1 Het model voor certificaten als bedoeld in artikel 7.2.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs die worden uitgereikt in het kader van een beroepsopleiding waarvan het eerste studiejaar is gestart voor 1 augustus 2016, wordt vastgesteld volgens bijlage 1 bij deze regeling.

  • 2 Het certificaat wordt opgemaakt op een beveiligde papiersoort met de volgende kenmerken:

    • a. een uniek watermerk;

    • b. UV-vezels;

    • c. een vloeiend kleurverloop;

    • d. een microtekst; en

    • e. een beschermlaag die verkleurt bij mechanische of chemische aantasting.

  • 3 Met het papier dat voldoet aan de veiligheidseisen in het tweede lid, als bedoeld in deze regeling wordt gelijkgesteld papier dat ten minste een gelijkwaardig beschermingsniveau biedt.

  • 4 Artikel 2 en bijlage 1 van de regeling vervallen met ingang van 1 augustus 2022.

Artikel 3

Aan een onderdeel van een kwalificatie, zoals benoemd in artikel 1 van deze regeling op 31 augustus 2016, is een certificaat verbonden.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2013. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 2013, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 januari 2013.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling certificaten groen beroepsonderwijs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 13 december 2012

De

Minister

van Economische Zaken,

H.G.J. Kamp

Bijlage 1. behorende bij artikel 2 van de Regeling certificaten groen beroepsonderwijs

Bijlage 253889.png

Toelichting bij bijlage 1

Certificeerbare Eenheid

De te hanteren benaming voor een certificeerbare eenheid is de benaming zoals vermeld in artikel 1 van de Regeling certificaten groen beroepsonderwijs.

Kwalificatie

De te hanteren benaming voor een kwalificatie is de benaming zoals vermeld in het Centraal register beroepsonderwijs. Als Crebocode dient te worden vermeld de in Crebo opgenomen code van de betreffende kwalificatie.

Voor iedere certificeerbare eenheid van een kwalificatie die een examenkandidaat behaalt, wordt een apart certificaat uitgegeven, tenzij de certificeerbare eenheid onderdeel is van een afgeronde opleiding. In dat laatste geval worden de behaalde certificeerbare eenheden op het diploma en/of resultatenlijst vermeld conform de Regeling modeldiploma mbo.

Kwalificatiedossier

De te hanteren benaming voor een kwalificatiedossier is de benaming zoals vermeld in het Crebo. Als Crebocode dient te worden vermeld de in Crebo opgenomen code van het betreffende kwalificatiedossier.

Niveau

Het niveau dat moet worden ingevuld, is het niveau van de kwalificatie, bijvoorbeeld mbo-3.

Naam examenkandidaat

Op het certificaat wordt achter de zinsnede ‘De ondergetekenden verklaren dat’ de officiële voornaam en de officiële achternaam van de examenkandidaat opgenomen, zoals deze staan vermeld in de gemeentelijke basisadministratie. De officiële namen worden volledig uitgeschreven.

Geboortedatum en -plaats

Achter ‘geboren’ wordt de geboortedatum vermeld en achter ‘te’ de geboorteplaats, zoals deze staan vermeld in de gemeentelijke basisadministratie. Indien de geboorteplaats buiten Nederland ligt, wordt achter de geboorteplaats het geboorteland vermeld. Indien de geboorteplaats niet bekend is, wordt alleen het geboorteland vermeld.

Naamsvermelding instelling

Achter het woord ‘aan’ wordt steeds de naam van de instelling vermeld. De naam van de instelling is de naam zoals geregistreerd in de Basisregistratie Instellingen (BRIN). Ook wanneer het examen is uitbesteed aan een andere instelling of exameninstelling dient de naam van de onderwijsinstelling waaraan de examenkandidaat is ingeschreven te worden vermeld.

Wettelijke beroepsvereisten

Indien op grond van een andere (wettelijke) regeling dan de WEB een tekstpassage over wettelijke beroepsvereisten vermeld dient te worden op het certificaat, dan is de instelling verplicht om de desbetreffende informatie op het certificaat te vermelden.

Ondertekening

Het waardedocument wordt ondertekend door één of meer leden van de examencommissie en door de examenkandidaat. De handtekeningen moeten feitelijk (met pen) geschreven worden. Een gescande of gekopieerde handtekening is niet toegestaan. In het geval van de examencommissie dienen de functie en de naam van de ondertekenaar(s) te worden vermeld. De termen ‘(handtekening)’, ‘(naam)’ en ‘(functie)’ mogen worden weggelaten.

Boven de ondertekening dienen de plaats en datum waarop de ondertekening van het certificaat door de examencommissie plaatsvindt te worden ingevuld.

Indien de onderwijsinstelling aan een andere instelling de examinering heeft uitbesteed, dan dient de examencommissie van de instelling waaraan is uitbesteed het certificaat te ondertekenen.

Extra informatie

Instellingen hebben de mogelijkheid om extra informatie op het certificaat te plaatsen. Hierbij kan worden gedacht aan de vermelding van bijvoorbeeld de leerweg en de naam van het leerbedrijf. Omwille van de herkenbaarheid van certificaten is het van belang terughoudend te zijn bij het opnemen van extra informatie.