Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

’Regeling Declaratiebepalingen DBBC’s FZ’, NR/FZ-001[Regeling vervallen per 01-01-2014.]

Geldend van 01-01-2013 t/m 31-12-2013

'Regeling Declaratiebepalingen DBBC’s FZ', NR/FZ-001

Ingevolge de artikelen 36, 37 en 38, tweede lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de navolgende regeling vastgesteld.

1. Reikwijdte [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van het Interimbesluit forensische zorg1, die forensische zorg in strafrechtelijk kader, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Interimbesluit forensische zorg, verlenen.

2. Doel van de regeling [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling beoogt het stellen van regels die in acht moeten worden genomen bij het declareren van DBBC-tarieven.

3. Afbakening DBBC’s [Vervallen per 01-01-2014]

Per 1 januari 2011 heeft het ministerie van Veiligheid en Justitie (VenJ) naast de DBBC-systematiek ook ZZP’s en extramurale parameters voor de forensische zorg (FZ) ingevoerd. Voor de afbakening tussen de DBBC’s en de ZZP’s/extramurale parameters geldt het volgende:

  • Voor zorg in het kader van de behandeling van de cliënt (zowel met als zonder verblijf) geldt de DBBC-systematiek. Hieronder valt ook de behandeling aan sterk gedragsgestoorde licht verstandelijke gehandicapten (SGLVG). Voorwaarde hiervoor is dat deze zorg met behandeling geïndiceerd is.

  • De ZZP’s/extramurale parameters gelden voor alle doelgroepen bij de volgende zorgvormen:

    • Ambulante begeleiding (extramurale parameters);

    • Verblijf met begeleiding zonder behandeling (ZZP’s);

    • Verstandelijk beperkten, met uitzondering van de zorg die is gericht op de behandeling van een gedragsstoornis, verslaving of psychiatrische problematiek (ZZP’s).

4. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-01-2014]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • 4.1 Zorgaanbieder

    De rechtspersoon die een zorginstelling FZ in stand houdt of een natuurlijke persoon die FZ verleent, dan wel de natuurlijke personen of rechtspersonen, die gezamenlijk een zorginstelling FZ vormen, en die krachtens een overeenkomst FZ verlenen.2

    Waar in deze regeling wordt gesproken van zorgaanbieder wordt ingevolge artikel 62, eerste lid, Wmg, tevens gedoeld op degene die een administratie voert als bedoeld in artikel 44, van de Wmg.

    Waar in deze regeling wordt gesproken van zorgaanbieder wordt ingevolge artikel 62, tweede lid, Wmg, tevens gedoeld op degene die ten behoeve van de zorgaanbieder gegevens verzamelt, bewaart en bewerkt, alsmede op de groep in de zin van artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, indien zorgaanbieders daartoe behoren.

  • 4.2 Zorgverzekeraar

    Waar in deze nadere regel gesproken wordt over de zorgverzekeraar wordt de Directie FZ (DForZo), onderdeel van het Ministerie van VenJ, bedoeld. In de FZ is DForZo verantwoordelijk voor het inkopen van FZ. Derhalve wordt op grond van artikel 4 van het Interimbesluit FZ DForZo gelijkgesteld aan een zorgverzekeraar.

  • 4.3 DBBC

    Diagnose behandeling beveiliging combinatie (DBBC) typeert het geheel van prestaties van zorgaanbieders voortvloeiend uit de strafrechtelijke titel welke een cliënt opgelegd krijgt.

  • 4.4 DBBC-traject

    Een DBBC duurt maximaal 365 dagen. Duurt het zorgtraject langer dan 365 dagen, dan wordt dit vervolgtraject getypeerd met een vervolg-DBBC. Derhalve is een DBBC altijd gerelateerd aan een bepaalde periode binnen een zorgtraject, het zogenoemde DBBC-traject.

  • 4.5 DBBC-dataset

    De dataset bevat de gegevens waarmee een DBBC getypeerd kan worden. De onderdelen van de DBBC-dataset zijn: startdatum, medisch inhoudelijke informatie (zorgtype, diagnoseclassificatie en productgroep-codes voor behandeling), de verblijfssoorten en einddatum.

  • 4.6 DBBC-prestatiecode

    De twaalfcijferige code, die het afgesloten en gevalideerde DBBC-traject beschrijft.

  • 4.7 Productstructuur en productgroepen voor behandeling en verblijfssoorten

    De productstructuur bestaat uit productgroepen voor behandeling en daarnaast worden er verblijfssoorten onderscheiden. Aan de productgroepen voor behandeling en de verblijfssoorten zijn codes en tarieven gekoppeld.

  • 4.8 DBBC-tarief

    Het DBBC-tarief bestaat uit de combinatie van het bedrag dat is gekoppeld aan de productgroep voor behandeling en de bedragen die gekoppeld zijn aan de verblijfssoorten (en het aantal dagen per verblijfssoort) volgens de productstructuur DBBC FZ. Indien geen sprake is van verblijf, bestaat het DBBC-tarief uitsluitend uit het bedrag dat is gekoppeld aan de productgroep voor behandeling. Indien geen behandeling is geleverd, maar alleen verblijf dan bestaat het DBBC-tarief uit het bedrag(en) dat is gekoppeld aan de verblijfssoorten. Het tarief is gebaseerd op de volledige kostprijs van de verleende zorg, inclusief de normatieve huisvestingscomponent (NHC).

  • 4.9 Declaratiecode

    De zescijferige code waaraan het bedrag van het DBBC-tarief is gekoppeld.

  • 4.10 AGB-code

    Algemeen GegevensBeheer-Zorverleners is een database waarin gegevens van zorgverleners in Nederland zijn geregistreerd. Het bestand bevat ook gegevens die van belang zijn voor het communicatie- en declaratieproces tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar.

  • 4.11 Overige producten

    Overige producten betreffen vormen van zorg die onder de reikwijdte van de Wmg vallen, maar die zich (nog) niet lenen voor onderbrenging in de reguliere DBBC-productstructuur.

  • 4.12 Verblijfssoorten

    De verblijfssoorten zijn opgebouwd uit een combinatie van de intensiteit van het verblijf en het niveau van beveiliging.

  • 4.13 Onderlinge dienstverlening

    Zorg als bedoeld in artikel 1 Wmg, die door een zorgaanbieder wordt verleend als onderdeel van de beschrijving van een door een andere zorgaanbieder uit te voeren prestatie op het gebied van FZ in strafrechtelijk kader. De eerstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als ‘uitvoerende zorgaanbieder’. De laatstgenoemde zorgaanbieder wordt in dit kader aangeduid als de ‘opdrachtgevende zorgaanbieder’.

  • 4.14 Forensisch Psychiatrisch Toezicht

    Forensisch Psychiatrisch Toezicht (fpt) is een instrument om TBS-cliënten (terbeschikkingstelling) op een verantwoorde manier terug te laten keren in de samenleving. Wanneer de cliënt tijdelijk wordt teruggeplaatst in een forensisch psychiatrisch centrum tijdens een fase van fpt, wordt er gesproken over een time-out.

5. Declaratiebepalingen [Vervallen per 01-01-2014]

Voor de DBBC-tarieven gelden prestatiebeschrijvingen met landelijke tarieven voorzien van een declaratiecode zoals vastgelegd in de Beleidsregel ‘DBBC-tarifering behandeling en verblijf in de forensische zorg’. De zorgaanbieder declareert het met het ministerie van VenJ overeengekomen DBBC-tarief. Voor een algemene toelichting op de DBBC-registratie wordt verwezen naar de ‘Regeling Instructie DBBC-registratie FZ’, die van toepassing was op het moment van openen van de DBBC. Alleen afgesloten DBBC´s die volgens deze regeling zijn getypeerd en zijn gevalideerd kunnen worden gedeclareerd.

  • 5.1 Moment van declaratie

    Declaratie van een DBBC-tarief vindt plaats wanneer de DBBC is afgesloten en gevalideerd. In de ‘Spelregels DBBC-registratie FZ’ worden de voorwaarden genoemd om een DBBC af te sluiten.

  • 5.2 Te declareren DBBC-tarief

    Het DBBC-tarief kan in rekening worden gebracht voor alle DBBC’s die zijn afgesloten en zijn gevalideerd door de zorgaanbieder door middel van een validatiemodule. Het DBBC-tarief dat wordt gedeclareerd is het tarief dat van toepassing was op het moment van openen van de DBBC.

  • 5.3 DBBC Validatie

    Zorgaanbieders zijn ten behoeve van de registratie en declaratie van DBBC’s gehouden in hun registratie en declaratiesoftware een validatie-module op te nemen. Deze dient als instrument om de betrouwbaarheid van DBBC’s te toetsen en de juistheid van de registratie te verifiëren.

  • 5.4 Declaratie DBBC tarief

    Het DBBC-tarief wordt gedeclareerd bij de zorgverzekeraar. Om voor bekostiging in aanmerking te komen dient sprake te zijn van een strafrechtelijke zorgtitel en een plaatsingsbesluit welke ten grondslag ligt aan de toekenning van zorg. In geval van misdrijven tegen de veiligheid van de Staat, conform artikel 96 van het Wetboek van Strafrecht, is geen sprake van een indicatiestelling FZ. Dan volstaat een Bevel Observatie getekend door de Rechter-commissaris als bekostigingsgrondslag.

  • 5.5 Onderlinge dienstverlening

    Indien sprake is van onderlinge dienstverlening mag de uitvoerende zorgaanbieder geen DBBC en ook geen overig of ondersteunend product, (behorend bij het DBBC-traject) bij de zorgverzekeraar in rekening brengen. Voor meer informatie over onderlinge dienstverlening wordt verwezen naar de beleidsregel ‘Tarifering onderlinge dienstverlening forensische zorg in strafrechtelijk kader’.

  • 5.6 Parallelle DBBC’s

    Binnen de FZ kunnen meerdere DBBC’s voor dezelfde cliënt voorkomen (maximaal 3). Voor de wijze waarop dient te worden omgegaan met parallelle DBBC’s, wordt verwezen naar de ‘Spelregels DBBC-registratie FZ’.

  • 5.7 Forensisch psychiatrisch toezicht

    De deelprestatie forensisch psychiatrisch toezicht (fpt) kan worden gedeclareerd wanneer de cliënt tijdens de fpt-fases niet verblijft bij de zorgaanbieder. Bij een time-out tijdens fpt, in elk van de fpt-fases transmuraal verlof, proefverlof en voorwaardelijke beëindiging, kan de zorgaanbieder DBBC’s openen voor de verblijfsdagen en de ambulante behandeling. Voor de wijze waarop dient te worden omgegaan met dit type DBBC’s, wordt verwezen naar de ‘Spelregels DBBC-registratie FZ’. Tijdens een time-out wordt geen deelprestatie fpt gefactureerd.

6. Overige producten [Vervallen per 01-01-2014]

De overige producten hebben geen relatie met het DBBC-traject van een cliënt. De integrale tarieven voor de overige producten kunnen daarom afzonderlijk gedeclareerd worden bij de zorgverzekeraar. Voor meer informatie over overige producten wordt verwezen naar de beleidsregel ‘Overige producten forensische zorg in strafrechtelijk kader’.

7. Gegevens op de factuur [Vervallen per 01-01-2014]

Elke factuur dient naast de gebruikelijke informatie de volgende gegevens te bevatten:

  • DBBC-traject startdatum;

  • DBBC-traject einddatum;

  • Strafrechtelijke zorgtitel;

  • Startdatum strafrechtelijke zorgtitel;

  • Einddatum strafrechtelijke zorgtitel;

  • DBBC-Declaratiecode;

  • Gedeclareerde tarief;

  • AGB-code;

  • DBBC-prestatiecode;

  • Strafrechtketennummer (SKN);

  • Plaatsingsbesluitnummer;

  • Verblijfssoorten.

8. Inwerkingtreding en citeerregel [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2013.

Ingevolge artikel 20, tweede lid, onderdeel a, van de Wmg zal deze regeling in de Staatscourant worden geplaatst.

Deze regeling kan worden aangehaald als: ’Regeling Declaratiebepalingen DBBC’s FZ’, NR/FZ-001.

De Raad van Bestuur van de Nederlandse Zorgautoriteit,

T.W. Langejan,

voorzitter Raad van Bestuur.

  • ^ [1]

    Interimbesluit forensische zorg(Stb. 2010, nr. 875), laatstelijk gewijzigd met Besluit van 27 maart 2012 tot wijziging van het Interimbesluit forensische zorg (Stb. 2012, nr. 134).

  • ^ [2]

    Zie artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van het Interimbesluit forensische zorg.