Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Richtlijn voor strafvordering joyriding (polarisnummer 5.40)[Regeling vervallen per 01-03-2015.]

Geldend van 01-10-2012 t/m 28-02-2015

Richtlijn voor strafvordering joyriding (polarisnummer 5.40)

Beschrijving [Vervallen per 01-03-2015]

Met deze strafvorderingrichtlijn wordt beoogd te komen tot een uniform strafvorderingsbeleid in het geval van joyriding. Deze richtlijn is verwant met de richtlijn voor strafvordering jeugd. Dit delict wordt zowel door minderjarigen als door jong volwassenen begaan.

Joyriding is een in het wegverkeer voorkomend feit dat kan worden gezien als een ernstige vorm van vandalisme, met weinig respect voor de bezittingen van een ander. Naast deze schending van eigendommen speelt eveneens de potentiële ingevaarbrenging van het verkeer. De opname in de Wegenverkeerswet 1994 brengt mee dat dit laatste prevaleert.

Als uitgangspunt is v.w.b. de first offenders aangesloten bij de richtlijn voor strafvordering jeugd. In de praktijk is de scheidslijn tussen strafrechtelijk minderjarigen en jong volwassenen uiterst dun en wordt bij dit delict regelmatig ‘samengewerkt’door jong volwassenen met strafrechtelijk minderjarigen. Dientengevolge rechtvaardigt dit geen onderscheid in strafmaat.

Aard van de richtlijn

Verkeer

Basisdelicten

  • joyriding

Wettekst

11 WVW1994 jo. 176, lid 2 WVW 1994

Basisdelict joyriding 5.40.01 [Vervallen per 01-03-2015]

Beschrijving

Dit basisdelict ziet op overtreding van art. 11 van de Wegenverkeerswet 1994: het opzettelijk wederrechtelijk een aan een ander toebehorend motorrijtuig op de weg gebruiken (joyriding).

Hoewel onder gebruiken het als bestuurder gebruiken moet worden verstaan, aldus de Hoge Raad, is het niet uitgesloten dat een passagier zo nauw bij het besturen is betrokken, dat ook hij zich schuldig maakt aan joyriding. Omdat dit delict vaak in groepsverband wordt gepleegd is de factor medeplegen in het delict begrepen en niet in een beoordelingsfactor. Het aantal basispunten is voor plegen en medeplegen derhalve hetzelfde.

Toepasselijk kader

Aanwijzing kader voor strafvordering

Basispunten

24 punten

Strafbeschikking

Indien van toepassing: afhankelijk van beleid van het parket

Basisfactoren

Geen

Delictspecifieke factoren

Geen

Wettelijke factoren

Geen

Recidiveregeling

Mate van recidive (5 jaar)

  • Geen recidive +0 %

  • 1 maal +50 %

  • Meermalen +100 % (DV)

(DV) + dagvaarden

Draagkracht

Geen

Maatwerk

Geen

Speciale regelingen

Bijzonderheden

Geen