Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Aanvullende beleidsregels voor de vergoeding van reiskosten van bewindvoerders Wsnp[Regeling vervallen per 01-01-2016.]

Geldend van 16-11-2011 t/m 31-12-2015

Aanvullende beleidsregels voor de vergoeding van reiskosten van bewindvoeders Wsnp

De Raad voor Rechtsbijstand,

Gelet op:

stelt aanvullende regels vast voor de vergoeding van reiskosten van bewindvoerders Wsnp:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2016]

Indien bij beëindiging van een Wsnp-zaak de boedel geen ruimte biedt voor uitbetaling van noodzakelijke reiskosten die in het kader van die zaak zijn gemaakt, kan de betreffende bewindvoerder het niet-betaalde deel van deze reiskosten declareren bij het Bureau Wsnp van de Raad voor Rechtsbijstand (hierna: de Raad).

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2016]

Daartoe stuurt de bewindvoerder de beschikking van de rechtbank waarin het salaris, verschotten en de (betaalde en niet-betaalde) noodzakelijke reiskosten zijn vastgesteld. Indien hieruit onvoldoende blijkt welke noodzakelijke reiskosten niet uit de boedel kunnen worden vergoed, vult de bewindvoerder het hiervoor bestemde ‘Declaratieformulier reiskosten Wsnp’ in en stuurt dit naar de Raad. Het formulier bevat gegevens over de zaak, data van gemaakte reizen, vertrekpunt en bestemming en reden voor de reis.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2016]

Onder noodzakelijke reiskosten vallen alleen de volgende zaaksgebonden kosten:

  • kosten voor eenmalig huisbezoek

  • kosten voor zittingen

  • kosten voor nader overleg met schuldenaar indien deze absoluut niet naar de bewindvoerder kan toekomen

Niet vergoed worden:

  • reistijd (deze is opgenomen in de reguliere vergoeding)

  • kosten voor nader overleg met de schuldenaar als deze geen eigen vervoer heeft

  • kosten voor nader overleg omdat de bewindvoerder ervoor kiest dit te voeren op het huisadres van de schuldenaar

  • kosten voor liquidatieactiviteiten (opslaan goederen e.d.). In dit geval mag ervan worden uitgegaan dat de boedel ruimte biedt voor vergoeding van de reiskosten.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2016]

Voor de noodzakelijke reiskosten wordt een vergoeding toegekend overeenkomstig de vergoeding die krachtens artikel 8 van het Reisbesluit binnenland wordt verleend.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2016]

De Raad kan toetsen:

  • of de bewindvoerder staat ingeschreven in het daartoe bestemde register,

  • of de bewindvoerder inderdaad is benoemd in de opgevoerde zaken,

  • of de declaratie voldoet aan het gestelde in artikel 2,

  • of de reiskosten noodzakelijk waren (artikel 3),

  • of de gedeclareerde afstanden en tarieven juist zijn

  • of de boedel geen ruimte laat voor vergoeding.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2016]

Indien het door de Raad vastgestelde bedrag overeenkomt met de gedeclareerde reiskosten en betaalt de Raad de declaratie binnen acht weken na ontvangst van de declaratie uit. Wijkt het oordeel van de Raad af van de declaratie, dan informeert de Raad de bewindvoerder schriftelijk over zijn bevindingen binnen acht weken na ontvangst van de declaratie.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2016]

De bewindvoerder kan binnen vier weken na ontvangst van dit schrijven aanvullende informatie naar de Raad sturen.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2016]

De Raad beslist na afloop van deze termijn over de hoogte van de reiskosten en betaalt deze uit op de bank- of girorekening die in de Centrale Database Schuldsanering staat geregistreerd. Via het rekening-courantoverzicht informeert de Raad de bewindvoerder over zijn besluit.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2016]

De toelichting bij dit besluit bevat nadere bijzonderheden omtrent de uitvoering van de regels.

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2016]

Deze regels treden in werking op de tweede dag na publicatie in de Staatscourant.

Den Haag, 4 november 2011

De

Minister

van Veiligheid en Justitie,
voor deze:

P.J.M. van den Biggelaar,

Directeur stelsel.

J. Wijkstra,

Directeur bedrijfsvoering.