Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Verordening bestemmingsheffing ambulante handel 2010[Regeling materieel uitgewerkt per 03-06-2011.]

Geldend van 03-06-2011 t/m heden

Verordening van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel van 28 oktober 2009, houdende de vaststelling van de bestemmingsheffing ambulante handel voor het jaar 2010 (Verordening bestemmingsheffing ambulante handel 2010)

Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel;

Gelet op de artikelen 95, tweede lid, en 126 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie;

Gezien het advies van de Adviescommissie Markt-, Straat- en Rivierhandel;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen en toepassingsgebied

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

Artikel 2

  • 1 Deze verordening is van toepassing op de ondernemers die een onderneming drijven waarin de ambulante handel wordt uitgeoefend.

  • 2 Deze verordening is niet van toepassing op ondernemers die een onderneming drijven waarin de ambulante handel uitsluitend in de vorm van handel te water wordt uitgeoefend.

§ 2. De bestemmingsheffing

Artikel 3

  • 1 Aan de ondernemers die een onderneming drijven als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van deze verordening, wordt voor het jaar 2010 een bestemmingsheffing opgelegd ten behoeve van de bevordering van een gezonde sociaal-economische ontwikkeling van de ambulante handel door middel van collectieve promotie en professionalisering van de werkenden en ondernemingen in de sector.

  • 2 De bestemmingsheffing bestaat uit een basisheffing van € 67,- per onderneming.

Artikel 4

  • 1 Aan de ondernemer die lid is van de Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel en over het jaar 2009 aan een van deze organisaties de volledige contributie heeft betaald, wordt een aftrek toegestaan van 40%. De aftrek bedraagt nooit meer dan 40% van de bestemmingsheffing met een maximum van 50% van de betaalde contributie (exclusief BTW).

  • 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de ondernemers die, al dan niet rechtstreeks, lid zijn van een organisatie van ondernemers die een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid is en die:

    • a. krachtens haar statutaire doelstelling haar werkzaamheid kan uitstrekken tot ten minste een belangrijk gedeelte van het terrein waarop het bedrijfslichaam een taak heeft te vervullen,

    • b. voldoet aan de kwalitatieve representativiteitscriteria, genoemd in de artikelen 3 tot en met 7 van de Verordening representativiteit organisaties,

    • c. tot de werkingssfeer van het bedrijfslichaam behorende leden heeft, waarvan het gewogen aantal niet onbetekenend is,

    • d. met betrekking tot de behartiging van sociaal-economische belangen van ondernemers een positie van enige betekenis inneemt binnen de groep van ondernemers die zij beoogt te organiseren, hetgeen onder meer kan blijken uit de mate van representativiteit binnen die groep, de deelname aan het arbeidsvoorwaardenoverleg, het verrichten van studies of diensten die ook buiten die groep van belang worden geacht en de deelname aan regelmatig oveleg met de overheid, en

    • e. haar activiteiten, al dan niet door middel van een federatie van gelijksoortige organisaties, landelijk ontplooit.

  • 3 De in het tweede lid bedoelde aftrek wordt slechts toegestaan indien daartoe door het bestuur van de desbetreffende organisatie een verzoek is gedaan en daarop door het dagelijks bestuur van het Hoofdbedrijfschap Detailhandel positief is beslist.

Artikel 5

  • 1 De heffing wordt op nihil bepaald indien de ondernemer de uitoefening van zijn bedrijf vóór 1 april 2010 heeft gestaakt.

  • 2 De heffing bedraagt 50% van de volgens deze verordening berekende heffing indien een ondernemer op of ná 1 april 2010 met de uitoefening van het bedrijf is gestart.

  • 3 Het eerste lid worden slechts toegepast indien de ondernemer uiterlijk twee maanden na staking van de uitoefening van het bedrijf het hoofdbedrijfschap daarvan in kennis stelt.

§ 3. Overige bepalingen

Artikel 6

  • 2 In afwijking van het bepaalde in het eerste lid is artikel 6, eerste lid, van de Heffingsverordening HBD 2010 niet van overeenkomstige toepassing indien de ondernemer, die met de uitoefening van zijn bedrijf op of ná 1 oktober 2010 is gestart, een bewijs van registratie wenst te ontvangen. De heffing bedraagt in dat geval 50% van de volgens deze verordening berekende heffing. Het bewijs van registratie wordt zo spoedig mogelijk na betaling van deze heffing ter beschikking gesteld.

Artikel 7

Het besluit tot het opleggen van de bestemmingsheffing als bedoeld in artikel 3, het toepassen van georganiseerdenaftrek als bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, alsmede besluiten voortvloeiend uit artikel 5 van deze verordening worden genomen door de voorzitter.

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking na afkondiging in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 9

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffing ambulante handel 2010.

Den Haag, 28 oktober 2009

G.J.L.M. Vermeer

voorzitter

R.C.B. de Jong

secretaris