Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit vaststelling subsidieplafond en beleidsregels subsidiëring Subsidieregeling [...] van Buitenlandse Zaken 2006 (NFP, NFP-MENA en NICHE 2011)[Regeling vervallen per 01-01-2012.]

Geldend van 26-02-2011 t/m 31-12-2011

Besluit van de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken van 22 december 2010, nr. DSO/OO-503/10, tot vaststelling van een subsidieplafond en beleidsregels voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Netherlands Fellowships Programmes (NFP), Netherlands Fellowship Programma – Middle-East North Africa (NFP-MENA), Netherlands Initiative for Capacity Development in Higher Education (NICHE) 2011)

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2012]

Voor subsidieverlening op grond van de artikelen 4.1, eerste lid, en tweede lid, onder a, van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 in het kader van het Netherlands Fellowships Programmes (NFP), het Netherlands Fellowship Programma – Middle-East North Africa (NFP-MENA) en het Netherlands Initiative for Capacity Development in Higher Education (NICHE) gelden voor de periode van 1 januari 2011 tot en met 31 december 2011 de als bijlagen 1, 2 en 3 bij dit besluit gevoegde beleidsregels.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2012]

Voor de in artikel 1 genoemde periode geldt een plafond voor nieuwe verplichtingen voor het NICHE programma van € 54.000.000 en voor de NFP en NFP-MENA programma’s een gezamenlijk plafond van € 34.000.000.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2012]

Voor de afzonderlijke programma’s kunnen aanvraagtermijnen worden vastgesteld. Voorts kan worden bepaald dat subsidieverlening plaats vindt op basis van een onderlinge vergelijking van aanvragen. Daarvan wordt mededeling gedaan op http://www.nuffic.nl/nederlandse-organisaties/services/capacity-building.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2012]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2012.

Dit besluit zal met de daarbij behorende bijlagen in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

voor Buitenlandse Zaken,
namens deze:

de directeur-generaal Internationale Samenwerking van het Ministerie van Buitenlandse Zaken,

J.M.G. Brandt

Bijlage 1 [Vervallen per 01-01-2012]

Beleidsregels inzake de Netherlands Fellowship Programmes voor opleidingen met een academische graad van één tot enkele jaren en voor korte opleidingen van maximaal één jaar [Vervallen per 01-01-2012]

Doelstelling en doelgroep [Vervallen per 01-01-2012]

De Nederlandse regering acht het belangrijk dat er een beurzenprogramma bestaat dat mensen uit ontwikkelingslanden in staat stelt deel te nemen aan academische graadverlenende (Masters, PhD) opleidingen met een duur van een tot enkele jaren en aan diplomacursussen van maximaal 1 jaar, die geheel of gedeeltelijk door Nederlandse organisaties worden verzorgd. Dit programma voorziet hierin. Het programma komt tegemoet aan een behoefte aan bijscholing op de korte termijn, gericht op capaciteitsopbouw in een breed spectrum van overheids-, privé- en niet-gouvernementele organisaties (onderwijsinstellingen, planningsinstituten, ministeries, basisorganisaties, bedrijven etcetera). De doelgroep bestaat uit personen die reeds afgestudeerd en werkzaam zijn. Zij dienen door hun werkgever te worden voorgedragen voor deelname aan een van de opleidingen.

Landenlijst [Vervallen per 01-01-2012]

Het programma staat open voor deelnemers uit 60 landen (zie de annex).

Vraagidentificatie [Vervallen per 01-01-2012]

Ter vergroting van de impact van de beurzen op de beoogde capaciteitsopbouw wordt de beursverlening gekoppeld aan de institutionele ontwikkeling van organisaties in ontwikkelingslanden. Hoewel de beurzen op individuele basis zullen worden verstrekt, dient de opleidingsbehoefte van kandidaten te zijn ingebed binnen de institutionele ontwikkeling van de lokale organisaties waarvoor zij werkzaam zijn. Dat kunnen opleidingsinstituten zijn, maar ook overheidsdiensten, midden- en klein bedrijf, NGO’s, etcetera. Vraaggerichtheid staat centraal. Vooralsnog kunnen kandidaten uit alle 60 landen zich individueel aanmelden.

Opleidingenaanbod [Vervallen per 01-01-2012]

Om tegemoet te kunnen komen aan de vraag worden binnen dit programma beurzen verstrekt voor een, voor ontwikkelingssamenwerking, belangrijk deel van de door Nederlandse organisaties aangeboden opleidingen, zowel post-graduate Masters en PhD opleidingen als internationale cursussen waaraan geen graad is verbonden (bijvoorbeeld diplomacursussen of modules van Mastersopleidingen). Relevante cursussen dienen te voldoen aan bepaalde minimumeisen om opgenomen te worden in een voor het programma samen te stellen opleidingenlijst.

Selectie van beursaanvragen en vraag-aanbod koppeling [Vervallen per 01-01-2012]

Wat betreft de selectie van beursaanvragen voor de academische graadverlenende opleidingen en de korte diplomacursussen wordt de verdeling van beurzen over de verschillende landen gerelateerd aan het totaal van de gekwalificeerde aanvragen.

De administratieve en logistieke ondersteuning van de beursverlening wordt in principe door de Nederlandse instelling verleend.

Uitvoering en beheer [Vervallen per 01-01-2012]

De uitvoering van het programma is door de minister voor de periode 9 oktober 2008 tot en met 31 december 2009, met de mogelijkheid van verlenging met maximaal drie maal een jaar, uitbesteed aan de stichting Nuffic. De Nuffic beheert ook het programma in 2011. Tevens zal de Nuffic in nauwe samenwerking met de ambassades, een belangrijke rol spelen bij de bekendstelling van het aanbod, bij de vraag-aanbod koppeling en bij de externe monitoring en evaluatie. Verder zal de Nuffic namens de Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken subsidies(in de vorm van beurzen) verlenen aan Nederlandse organisaties voor deelname van geselecteerde beursaanvragers aan de desbetreffende opleidingen.

Verdeling van middelen [Vervallen per 01-01-2012]

Minimaal 50% van de programmamiddelen zal besteed worden aan bursalen afkomstig uit sub-Sahara Afrika en minimaal 50% van de beurzen zal aan vrouwen worden verleend.

Voor de NFP en NFP-MENA (zie bijlage 2) programma’s geldt in 2011 een gezamenlijk plafond voor nieuwe verplichtingen van € 22.100.000.

Annex: Landenlijst

Annex [Vervallen per 01-01-2012]

Landenlijst NFP beurzenprogramma voor opleidingen met een academische graad, van één tot enkele jaren en voor korte opleidingen van maximaal één jaar [Vervallen per 01-01-2012]

1. Afghanistan

32. Jemen

2. Albanië

33. Jordanië

3. Armenië

34. Kaapverdië

4. Bangladesh

35. Kenia

5. Benin

36. Kosovo

6. Bhutan

37. Macedonië

7. Bolivia

38. Mali

8. Bosnië-Herzegovina

39. Moldavië

9. Brazilië

40. Mongolië

10. Burkina Faso

41. Mozambique

11. Burundi

42. Namibië

12. Cambodja

43. Nepal

13. Colombia

44. Nicaragua

14. Costa Rica

45. Nigeria

15. Cuba

46. Oeganda

16. Democratische Republiek Kongo

47. Pakistan

17. Ecuador

48. Palestijnse autoriteit

18. Egypte

49. Peru

19. El Salvador

50. Rwanda

20. Eritrea

51. Senegal

21. Ethiopië

52. Soedan

22. Filippijnen

53. Sri Lanka

23. Georgië

54. Suriname

24. Ghana

55. Tanzania

25. Guatemala

56. Thailand

26. Guinee Bissau

57. Vietnam

27. Honduras

58. Zambia

28. India

59. Zimbabwe

29. Indonesië

60. Zuid-Afrika

30. Iran

 

31. Ivoorkust

 

Bijlage 2 [Vervallen per 01-01-2012]

Beleidsregels inzake het Netherlands Fellowship Programma – Middle-East North Africa (NFP-MENA) [Vervallen per 01-01-2012]

Doelstelling [Vervallen per 01-01-2012]

Het MENA-Programma heeft als doel bij te dragen aan capaciteitsontwikkeling in zes landen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika (zie Annex). Naast duurzame capaciteitsopbouw en ontwikkeling van het land in vier specifieke vakgebieden waarbinnen kennisbehoefte bestaat, fungeert het MENA-programma als instrument voor Nederlandse posten om publiekdiplomatie te beoefenen in hun ambtsgebied. De relaties met de betreffende landen worden op deze wijze versterkt.

Landenlijst [Vervallen per 01-01-2012]

Het programma beperkt zich tot de groep van 6 geselecteerde landen in de regio Noord-Afrika en Midden-Oosten, te weten Marokko, Oman, Libanon, Algerije, Syrië, Irak.

Vraagidentificatie en doelgroep [Vervallen per 01-01-2012]

Kandidaten voor het NFP-MENA zijn mid-career professionals uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten (30 jaar–45 jaar), wiens dagelijkse werkzaamheden zich concentreren op één van de hiernavolgende vakgebieden, waarin Nederland qua kennis en onderzoek een belangrijke voorsprong heeft opgebouwd:

Watermanagement

Landbouw

Business administration,

Geologie en Milieu management

Vraag-aanbod koppeling [Vervallen per 01-01-2012]

De te ondersteunen individuen/organisaties zijn in Noord Afrika en het Midden-Oosten werkzaam in de hierboven genoemde vakgebieden.

Uitvoering en beheer [Vervallen per 01-01-2012]

De uitvoering van het programma is uitbesteed aan de Stichting Nuffic.

Annex: Landenlijst MENA [Vervallen per 01-01-2012]

Algerije Irak Libanon Marokko Oman

Syrië

Bijlage 3 [Vervallen per 01-01-2012]

Beleidsvoornemen inzake het ‘Netherlands Initiative for Capacity Development in Higher Education (NICHE)’ [Vervallen per 01-01-2012]

Doelstelling [Vervallen per 01-01-2012]

De Nederlandse regering hecht belang aan een programma voor samenwerkingsprojecten ten behoeve van de duurzame versterking van post-secundaire opleidingscapaciteit in ontwikkelingslanden. Hierdoor zullen deze landen op termijn in staat zijn zelf in de benodigde opleidingen en menskracht te voorzien.

Het programma is gericht op ontwikkeling van de postsecondaire onderwijssector voor de bilaterale samenwerkingssectoren, en voor sectordoorsnijdende dan wel – overstijgende thema’s. Daarnaast is steun aan de postsecundaire onderwijs sector in meer algemene zin mogelijk. Het programma bestaat uit verschillende modaliteiten; naast meerjarige samenwerkingsprojecten, kent het ook eenmalige tailor-made groepstrainingen en meerjarige trainingsafspraken met organisaties uit ontwikkelingslanden.

Landenlijst [Vervallen per 01-01-2012]

Het programma zal zich in aansluiting op het Nederlandse bilaterale beleid beperken tot de groep van partnerlanden waarmee Nederland meerjarig samenwerkt; de 23 landen waarin NICHE en de voorloper hiervan (NPT) (zullen) worden uitgevoerd zijn opgenomen in de annex.

Vraagidentificatie en doelgroep [Vervallen per 01-01-2012]

Vraaggerichtheid, ownership en aansluiting bij het sectorbeleid staan centraal. De ontwikkelingslanden geven zelf aan waar hun prioritaire behoeften voor ondersteuning van post-secundair onderwijs- en trainingscapaciteit liggen. Teneinde de duurzaamheid van de interventies te waarborgen wordt een analyse gemaakt van de behoefte aan capaciteitsversterking en wordt de institutionele inbedding van de projecten beoordeeld. Zowel bij de identificatie als de uitvoering zal bovendien aandacht worden gegeven aan beroepsonderwijs en gelijke rechten en kansen voor vrouwen (gender). Tijdens de voorbereiding en uitvoering van de projecten wordt naast de Nederlandse uitvoerders, bij voorkeur ook gebruik gemaakt van geschikte lokale of regionale capaciteit. Naast instellingen voor hoger (beroeps-)onderwijs komen ook andere typen organisaties welke een essentiële rol spelen in de ontwikkeling van post-secundair onderwijs en training (ministeries, nationale commissies, NGO’s) in aanmerking.

Vraag-aanbod koppeling [Vervallen per 01-01-2012]

De te ondersteunen organisaties zullen in de projecten, meerjarige trainingsprogramma’s en éénmalige tailor-made trainingen samenwerken met Nederlandse organisaties. De laatst genoemde zullen technische expertise leveren. Van het gehele in Nederland aanwezige aanbod kan gebruik gemaakt worden. Tevens dient, voor zover mogelijk, van geschikte lokale of regionale capaciteit gebruik gemaakt te worden. Teneinde op een zo transparant en objectief mogelijke wijze het meest geschikte aanbod bij de vraag te kunnen vinden, worden subsidies die meer dan € 50.000 bedragen verleend op grondslag van een onderlinge vergelijking van aanvragen.

Uitvoering en beheer [Vervallen per 01-01-2012]

De uitvoering van het programma is door de Minister voor de periode 9 oktober 2008 tot en met 31 december 2009, met de mogelijkheid van verlenging met maximaal drie maal één jaar, uitbesteed aan de stichting Nuffic. De Nuffic beheert ook het programma in 2011. Tevens vervult de Nuffic, in nauwe samenwerking met de ambassades, een belangrijke faciliterende rol bij de vraagidentificatie en vraag-aanbod koppeling. Verder zal de Nuffic namens de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking subsidiesverlenen voor de uitvoering van de projecten.

Verdeling van middelen [Vervallen per 01-01-2012]

De Nuffic zal per deelnemend land een globale budgetindicatie geven. De budgetindicaties worden afhankelijk van de vraag nader ingevuld.

Voor het NICHE programma geldt in 2011 plafond voor nieuwe verplichtingen van € 50.000.000.

Annex: Landenlijst

Annex: Landenlijst NICHE [Vervallen per 01-01-2012]

  • 1. Afghanistan

  • 2. Bangladesh

  • 3. Benin

  • 4. Bhutan

  • 5. Colombia

  • 6. Egypte

  • 7. Ethiopië

  • 8. Ghana

  • 9. Guatemala

  • 10. Indonesië

  • 11. Jemen

  • 12. Kenya

  • 13. Kosovo

  • 14. Mozambique

  • 15. Nicaragua

  • 16. Rwanda

  • 17. Soedan

  • 18. Suriname

  • 19. Tanzania

  • 20. Uganda

  • 21. Vietnam

  • 22. Zambia

  • 23. Zuid Afrika