Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Deelregeling beurzen en stipendia Fonds Podiumkunsten[Regeling vervallen per 01-01-2013.]

Geldend van 01-01-2011 t/m 31-12-2012

Deelregeling beurzen en stipendia Fonds Podiumkunsten

Paragraaf 1:. Algemeen [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 1.1. Definities [Vervallen per 01-01-2013]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • bestuur: de raad van bestuur van de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+;

  • Fonds Podiumkunsten: de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+;

  • Nederland: Het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit Nederland inclusief Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en Aruba, Curaçao en Sint Maarten;

  • podiumkunstenaar: iemand die artistiek-inhoudelijk actief is in de podiumkunsten en in die hoedanigheid aantoonbaar geïntegreerd is in de professionele podiumkunstpraktijk in Nederland;

  • verzamelinkomen: het bedrag zoals gedefinieerd in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001.

Artikel 1.2. Subsidievormen [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur kan subsidie verstrekken aan individuen in de vorm van ontwikkelingsbeurzen, werkbeurzen en stipendia.

Artikel 1.3. Beperking [Vervallen per 01-01-2013]

Een individu kan nooit over enige periode tegelijkertijd meerdere subsidies ontvangen op basis van deze regeling.

Artikel 1.4. De aanvraag [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een aanvraag wordt ingediend met behulp van een door het bestuur opgesteld aanvraagformulier voor de betreffende subsidievorm.

  • 2 Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen door het fonds en vergezeld gaat van de op het formulier vermelde bijlagen.

  • 3 Het bestuur kan een of meer aanvraagrondes per jaar per subsidievorm vaststellen. De bijbehorende indiendata worden bekendgemaakt via de website van het Fonds Podiumkunsten.

  • 4 Het bestuur kan digitale indiening mogelijk maken. Het bepaalde in lid een tot en met drie is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 1.5. Procedure [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Het bestuur kan advies vragen over ingediende aanvragen. Adviseurs beoordelen de aan hen voorgelegde aanvragen met inachtneming van het bepaalde in deze regeling.

  • 2 Het bestuur informeert de aanvrager binnen 13 weken na de uiterlijke indiendatum schriftelijk over zijn besluit. Als voor de motivering van het besluit wordt verwezen naar een over de aanvraag uitgebracht advies wordt de tekst van het advies aan de aanvrager toegezonden, tenzij deze heeft aangegeven daar geen prijs op te stellen.

Artikel 1.6. Subsidieplafond [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Het bestuur kan een of meer subsidieplafonds vaststellen voor de in deze regeling opgenomen subsidievormen.

  • 2 Het bestuur kan eerder vastgestelde subsidieplafonds verhogen of verlagen.

  • 3 Besluiten als bedoeld in het eerste en tweede lid worden bekendgemaakt via de website van het Fonds Podiumkunsten.

Artikel 1.7. Verdeling budget [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Aanvragen die aan de voorwaarden voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen worden onderverdeeld in drie categorieën:

    • A: honoreren;

    • B: honoreren voor zover het budget dat toelaat; en

    • C: niet honoreren.

  • 2 Als een subsidieplafond ontoereikend is om alle aanvragen in de categorieën a en b te honoreren, plaatst het bestuur de aanvragen in categorie b in een rangorde op basis van de criteria voor de betreffende aanvragen.

  • 3 Het bestuur honoreert eerst de aanvragen in categorie a voor het geadviseerde subsidiebedrag en vervolgens de aanvragen in categorie b voor het geadviseerde subsidiebedrag in volgorde van de rangorde totdat het subsidieplafond is bereikt. De resterende aanvragen worden afgewezen.

  • 4 Indien het bestuur een subsidieplafond verhoogt, wordt eerst het subsidiebedrag van een aanvraag die wegens ontoereikendheid van het budget gedeeltelijk was gehonoreerd alsnog verhoogd tot het geadviseerde subsidiebedrag.

Artikel 1.8. Algemene weigeringsgronden [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, subsidie weigeren:

  • a) als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot de uit te voeren activiteiten;

  • b) als reeds tweemaal eerder voor dezelfde activiteit subsidie is aangevraagd;

  • c) als de aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan een of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in elk geval ook vallen het juist en tijdig afronden van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante veranderingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;

  • d) als de aanvraag betrekking heeft op een reeds geheel of gedeeltelijk voltooide activiteit;

  • e) als de eerste openbare activiteit waarvoor het subsidie (mede) is bestemd plaatsvindt binnen 4 maanden na de uiterste indiendatum;

  • f) als aannemelijk is dat de activiteit ook tot stand zal komen als geen subsidie wordt verstrekt.

Paragraaf 2:. Ontwikkelingsbeurzen [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 2.1. Doel [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur verstrekt ontwikkelingsbeurzen aan individuen om bij te dragen aan de verdieping van hun vakmatige of artistiek-inhoudelijke kennis of vaardigheden en zo de kwaliteit en verscheidenheid in de podiumkunsten in Nederland te stimuleren.

Artikel 2.2. Aanvrager [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een ontwikkelingsbeurs kan worden aangevraagd door een podiumkunstenaar die aantoonbaar gedurende geruime tijd als zodanig actief is.

  • 2 Een aanvrager kan per ronde niet meer dan één aanvraag voor een ontwikkelingsbeurs indienen.

Artikel 2.3. Vereisten [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Subsidie kan worden verstrekt als de resultaten naar verwachting zullen bijdragen aan het functioneren van de aanvrager in zijn eigen werkpraktijk.

  • 2 Subsidie wordt niet verstrekt als de aanvraag betrekking heeft op:

    • a) een opleiding in Nederland waarvoor studiefinanciering kan worden verstrekt, ongeacht of de aanvrager daarvoor in aanmerking komt;

    • b) activiteiten waarin reeds wordt voorzien door instellingen in het culturele veld die daar subsidie voor ontvangen van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of het Fonds Podiumkunsten;

    • c) het doen van wetenschappelijk onderzoek.

Artikel 2.4. Beoordeling [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Aanvragen worden ten opzichte van elkaar afgewogen aan de hand van de volgende criteria:

    • a) artistieke kwaliteiten van de aanvrager;

    • b) mate waarin het plan bijdraagt aan de ontwikkeling van de aanvrager;

    • c) mate waarin het te verwachten resultaat bijdraagt aan diversiteit van de podiumkunstpraktijk in Nederland.

  • 2 Een auditie of motivatiegesprek kan onderdeel zijn van de beoordelingsprocedure.

Artikel 2.5. Hoogte ontwikkelingsbeurs [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur kan richtlijnen vaststellen aan de hand waarvan de hoogte van de ontwikkelingsbeurs wordt bepaald.

Paragraaf 3:. Werkbeurzen theatertekst [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 3.1. Doel [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur verstrekt werkbeurzen theatertekst om bij te dragen aan de artistieke ontplooiing van auteurs en zo de kwaliteit en verscheidenheid binnen de podiumkunsten te stimuleren.

Artikel 3.2. Aanvrager [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een werkbeurs kan worden aangevraagd door een podiumkunstenaar die minimaal vier literaire werken heeft voortgebracht, waarvan minimaal twee theaterteksten, die voldoen aan de door het fonds daaraan gestelde eisen.

  • 2 Een aanvrager kan per ronde niet meer dan één aanvraag voor een werkbeurs theatertekst indienen.

  • 3 Een aanvrager kan geen aanvraag indienen als hij eerder subsidie heeft ontvangen van het Letterenfonds voor het schrijven van een theatertekst en de activiteiten in dat kader nog niet zijn afgerond.

  • 4 Literaire werken als bedoeld in het eerste lid zijn theaterteksten met een verwachte minimale tijdsduur van circa 60 minuten die in productie zijn genomen door een professioneel gezelschap of producent en boeken die in een oplage van minimaal 500 exemplaren zijn uitgegeven door een professionele uitgever en in de reguliere boekhandel gedistribueerd.

Artikel 3.3. Vereisten [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een werkbeurs kan worden verstrekt als aannemelijk is dat een theatertekst tot stand komt die binnen 18 maanden na de indiendatum afgerond zal zijn.

  • 2 Als er een instelling is die zich specifiek richt op het uitvoeren van het werk van de auteur of die eerder een of meer teksten van de betreffende auteur heeft uitgevoerd kan subsidie alleen worden verstrekt als de aanvrager overtuigend aantoont dat de te schrijven theatertekst niet met het oog op deze partij wordt geschreven.

Artikel 3.4. Beoordeling [Vervallen per 01-01-2013]

Aanvragen worden ten opzichte van elkaar afgewogen aan de hand van de volgende criteria:

  • a) kwaliteit van eerdere literaire werken van de aanvrager;

  • b) oorspronkelijkheid en zeggingskracht van de te schrijven theatertekst;

  • c) mate waarin het voornemen bijdraagt aan concrete verdieping of verbreding in het werk van de aanvrager;

  • d) verwachtingen ten aanzien van de speelpotentie van de theatertekst waarvoor de werkbeurs wordt aangevraagd;

  • e) mate waarin het te verwachten resultaat bijdraagt aan de diversiteit in het repertoire voor theater.

Artikel 3.5. Hoogte werkbeurs [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur kan richtlijnen vaststellen aan de hand waarvan de hoogte van de werkbeurs wordt bepaald.

Paragraaf 4:. Werkbeurzen compositie [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 4.1. Doel [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur verstrekt werkbeurzen compositie om bij te dragen aan de artistieke ontplooiing van componisten en zo de kwaliteit en verscheidenheid binnen de podiumkunsten te stimuleren.

Artikel 4.2. Aanvrager [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een werkbeurs compositie kan worden aangevraagd door een podiumkunstenaar die minimaal vier composities heeft voortgebracht, waarvan minimaal twee composities in het openbaar zijn uitgevoerd.

  • 2 Een aanvrager mag op het moment van indiening van de aanvraag geen opleiding volgen op het terrein van compositie.

  • 3 Als meerdere individuen collectief verantwoordelijk zijn voor het totstandkomen van een compositie kan een van de leden van het collectief aanvragen voor de gezamenlijke compositieactiviteiten. De voorwaarde uit het eerste lid geldt voor elk van de leden van het collectief.

  • 4 Een individu kan per ronde bij niet meer dan twee aanvragen voor een werkbeurs compositie betrokken zijn.

Artikel 4.3. Beoordeling [Vervallen per 01-01-2013]

Aanvragen worden ten opzichte van elkaar afgewogen aan de hand van de volgende criteria:

  • a) kwaliteit van eerdere composities van de aanvrager;

  • b) mate waarin het plan bijdraagt aan concrete verdieping of verbreding in het werk van de aanvrager;

  • c) verwachtingen ten aanzien van de speelpotentie van de composities waarvoor de werkbeurs wordt aangevraagd;

  • d) mate waarin het te verwachten resultaat bijdraagt aan de diversiteit in het eigentijdse muziekrepertoire in Nederland.

Artikel 4.4. Hoogte werkbeurs [Vervallen per 01-01-2013]

Een werkbeurs wordt verstrekt voor een periode van 3 of 6 maanden en wordt berekend op basis van een door het bestuur vast te stellen subsidiebedrag per maand.

Paragraaf 5:. Stipendium compositie [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 5.1. Doel [Vervallen per 01-01-2013]

Het bestuur verstrekt stipendia compositie om componisten in staat te stellen gedurende een langere periode te werken aan een of meerdere werken en zo de kwaliteit en verscheidenheid binnen de podiumkunsten te stimuleren.

Artikel 5.2. Aanvrager [Vervallen per 01-01-2013]

Een stipendium compositie kan worden aangevraagd door een podiumkunstenaar die minimaal 8 jaar actief componeert en wiens werk regelmatig wordt uitgevoerd in de Nederlandse muziekpraktijk.

Artikel 5.3. Vereisten [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Het verstrekken van een stipendium is alleen mogelijk als het verzamelinkomen van een aanvrager in het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend niet hoger is dan een door het bestuur vast te stellen bedrag.

  • 2 Als het verzamelinkomen van een aanvrager niet voldoet aan de eis uit het eerste lid, kan een stipendium desalniettemin worden verstrekt als en voor zover de aanvrager kan aantonen dat dit in de jaren waarvoor het stipendium wordt aangevraagd wel het geval zal zijn.

  • 3 Uit het ingediende plan moet overtuigend blijken dat de aanvrager gedurende de periode waarvoor het stipendium wordt aangevraagd componeren als voornaamste activiteit heeft.

Artikel 5.4. Beoordeling [Vervallen per 01-01-2013]

Aanvragen worden ten opzichte van elkaar afgewogen aan de hand van de volgende criteria:

  • a) kwaliteit van eerdere composities van de aanvrager;

  • b) mate waarin het plan bijdraagt aan concrete verdieping of verbreding in het werk van de aanvrager;

  • c) verwachtingen ten aanzien van de speelpotentie van de composities waarvoor de werkbeurs wordt aangevraagd;

  • d) mate waarin het te verwachten resultaat bijdraagt aan de diversiteit in het eigentijdse muziekrepertoire in Nederland.

Artikel 5.5. Hoogte stipendium [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een stipendium compositie wordt verstrekt voor een aaneengesloten periode van twee kalenderjaren. De hoogte van het stipendium wordt bepaald op basis van een door het bestuur vast te stellen subsidiebedrag per maand.

  • 2 Als in enig jaar ten behoeve van een ontvanger van een stipendium compositie een subsidie compositieopdracht wordt verstrekt, wordt het stipendium verlaagd met de helft van het bedrag van het subsidie compositieopdracht.

  • 3 Een stipendium compositie kan lager worden vastgesteld of ingetrokken als blijkt dat het verzamelinkomen van de aanvrager in enig jaar waarvoor een stipendium is verstrekt hoger is dan de door het bestuur vastgestelde inkomensgrens als bedoeld in artikel 5.3. De verlaging is gelijk aan het verschil tussen het verzamelinkomen en de inkomensgrens en is maximaal gelijk aan het bedrag van het over het betreffende kalenderjaar verstrekte stipendium.

Artikel 5.6. Uitbetaling stipendium [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Een stipendium compositie wordt bevoorschot in termijnen van drie maanden.

  • 2 Een ontvanger van een stipendium kan het bestuur verzoeken de uitbetaling van voorschotten op een andere wijze te verdelen over de periode waarvoor het stipendium is toegekend.

Artikel 5.7. Verplichtingen [Vervallen per 01-01-2013]

De ontvanger van een stipendium compositie dient opgaaf te doen van zijn verzamelinkomen zoals dat wordt vastgesteld op basis van de Wet op de loonbelasting over de jaren waarop het stipendium betrekking heeft. Deze opgaaf dient zo spoedig mogelijk na afloop van dat jaar, maar uiterlijk vóór 15 juli van het daar opvolgende jaar te geschieden door indiening van een kopie van de aangifte alsmede een kopie van de definitieve aanslag, zodra deze door de aanvrager ontvangen is.

Paragraaf 6:. Overige bepalingen [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 6.1. Aan het subsidie verbonden verplichtingen [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 De ontvanger van het subsidie meldt onverwijld aan het bestuur als:

    • a) de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;

    • b) niet of niet geheel aan de aan het subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of

    • c) er aanzienlijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.

  • 2 Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in het eerste lid opgenomen verplichtingen aan het subsidie verbinden.

Artikel 6.2. Verantwoording van het subsidie [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 Het bestuur kan na het verstrijken van de in de aanvraag opgenomen einddatum de ontvanger van het subsidie verzoeken bewijsstukken te overleggen waarmee kan worden aangetoond dat de gesubsidieerde activiteiten volgens plan hebben plaatsgevonden.

  • 2 Als de ontvanger van het subsidie niet kan aantonen dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt volgens plan hebben plaatsgevonden, kan het bestuur het subsidie lager vaststellen of intrekken.

  • 3 Als op enig moment blijkt dat niet is voldaan aan een enige verplichting, kan het bestuur het subsidie lager vaststellen of intrekken.

  • 4 Binnen 22 weken na het verstrijken van de in de aanvraag opgenomen afrondingsdatum stelt het bestuur het subsidie ambtshalve vast, tenzij dit niet mogelijk is omdat het bestuur de ontvanger van het subsidie heeft verzocht bewijsstukken als bedoeld in het eerste lid in te sturen.

Artikel 6.3. Begrotingsvoorbehoud [Vervallen per 01-01-2013]

Subsidie wordt verleend onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 6.4. Inwerkingtreding en overgangsrecht [Vervallen per 01-01-2013]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 6.5. Intrekking [Vervallen per 01-01-2013]

  • 1 De Deelregeling werkbeurzen theaterauteurs van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ en de Deelregeling individuele subsidies van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ 2009–2010 worden ingetrokken.

  • 2 Op subsidies die zijn verleend op basis van de in het eerste lid genoemde regelingen, blijft het bepaalde in die regelingen van toepassing.

Artikel 6.6. Citeertitel [Vervallen per 01-01-2013]

Deze regeling wordt aangehaald als: Deelregeling beurzen en stipendia Fonds Podiumkunsten.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Het bestuur van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+,

namens deze:

G. Lawson,

directeur/voorzitter Raad van Bestuur.

Vastgesteld in de vergadering van het bestuur van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+, d.d. 17 november 2010.