Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling vliegplan BES

Geldend van 10-10-2010 t/m heden

Regeling vliegplan BES

Artikel 1

  • 1. Voor het opgeven van de gegevens van een vliegplan wordt gebruik gemaakt van het vliegplanformulier, en de daarbij behorende aanwijzingen, als aangegeven in ICAO DOC 4444 ATM/501 (Procedures for Air Navigation Services Air Traffic Management) in appendix 2 ‘flightplan’, zoals opgenomen in de bijlage ‘ICAO documenten behorende bij diverse luchtvaartregelingen’.

  • 2. Van een wijziging in de bijlage wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

Artikel 2

  • 1. Behoudens het gestelde in het derde lid wordt een vliegplan ingediend vóór de aanvang van een vlucht bij een luchtverkeersmeldingspost op het luchtvaartterrein van vertrek op een vliegplanformulier als bedoeld in artikel 1.

  • 2. Indien op het luchtvaartterrein van vertrek geen luchtverkeersmeldingspost aanwezig is dan wel gesloten is wordt het vliegplan ingediend op een door de betrokken luchtverkeersdienst aan te duiden plaats dan wel met gebruikmaking van een door de luchtverkeersdienst aangegeven middel.

  • 3. In geval van een lokale vlucht kan het vliegplan telefonisch ingediend worden bij de betrokken luchtverkeersmeldingspost.

  • 4. Een vliegplan wordt ingediend tenminste 60 minuten vóór de aanvang van de vlucht of zoveel eerder als is vastgesteld door de ter plaatse bevoegde luchtverkeersleidingsdienst. Indien op de voorgenomen route maatregelen van kracht zijn met betrekking tot ATFM (air traffic flow management) wordt een vliegplan tenminste drie uur vóór de aanvang van de vlucht ingediend.

  • 5. De luchtverkeersleider kan in spoedeisende gevallen of in bijzondere omstandig-heden, nadat hij zorggedragen heeft voor de daarvoor benodigde coördinatie van het luchtverkeer, toestaan dat een vlucht aanvangt voordat het tijdslimieten aangegeven in het vierde lid is bereikt.

  • 6. Indien het vliegplan slechts betrekking heeft op een deel van de vlucht en tijdens de vlucht wordt ingediend, geschiedt dit op een zodanig tijdstip dat de ontvangst door de betrokken luchtverkeersdienst is verzekerd op tenminste tien minuten vóór het tijdstip waarop wordt verwacht dat het luchtvaartuig de grens van het betrokken .

  • 7. Voor het opgeven van de gegevens van een vliegplan als bedoeld in artikel 1, met het doel eventuele opsporing en redding te vergemakkelijken, volstaat een melding van de volgende gegevens:

    • a. roepnaam van het luchtvaartuig;

    • b. registratiekenmerk en type luchtvaartuig;

    • c. luchtvaartterrein van vertrek en verwachte tijd van vertrek;

    • d. luchtvaartterrein van bestemming en verwachte tijd van aankomst;

    • e. endurance;

    • f. het aantal personen aan boord;

    • g. de naam van de gezagvoerder.

  • 8. Een vliegplan kan tijdens de vlucht per radio worden gezonden, indien het vliegplan slechts betrekking heeft op een deel van de vlucht. Dit is niet van toepassing op lokale vluchten.

Artikel 3

  • 1. Indien het vertrek van een vlucht waarvoor een vliegplan is ingediend dertig minuten of langer wordt vertraagd, wordt het vliegplan gewijzigd, dan wel wordt een nieuw vliegplan ingediend bij de betrokken luchtverkeersmeldingspost of luchtverkeersdienst, voor zover er geen luchtverkeersmeldingspost aanwezig is nadat het oorspronkelijke vliegplan is geannuleerd.

  • 2. Indien een vlucht waarvoor een vliegplan is ingediend geen doorgang vindt wordt de betrokken luchtverkeersdienst daarover terstond ingelicht door annulering van het vliegplan.

Artikel 4

  • 1. Zo spoedig mogelijk na afloop van een vlucht, of deel van een vlucht, waarvoor een vliegplan is ingediend tot aan het luchtvaartterrein van bestemming, wordt in persoon of per radio een aankomstmelding gedaan aan de betrokken luchtverkeersleidingdienst op het luchtvaartterrein van aankomst.

  • 2. Een vliegplan dat slechts betrekking heeft op een deel van de vlucht, anders dan tot het luchtvaartterrein van bestemming, wordt afgesloten door een desbetreffende aankomstmelding aan de betrokken luchtverkeersdienst.

  • 3. Indien op het luchtvaartterrein van bestemming geen luchtverkeersdienst is gevestigd dan wel gesloten is, wordt de aankomstmelding zo spoedig mogelijk na aankomst en op de snelst mogelijke wijze gedaan aan de luchtverkeersdienst waarmee het luchtvaartuig tot kort voor de landing contact heeft gehad.

  • 4. Indien bekend is dat de verbindingsmiddelen op het luchtvaartterrein van aankomst ontoereikend zijn en er geen vervangende handelwijze is voorgeschreven, wordt de aankomstmelding voor zover mogelijk direct vóór de landing per radio gedaan aan de betrokken luchtverkeersdienst.

  • 5. Een aankomstmelding bevat de volgende gegevens:

    • a. de roepnaam van het luchtvaartuig;

    • b. het luchtvaartterrein van vertrek;

    • c. het luchtvaartterrein van bestemming;

    • d. het luchtvaartterrein van aankomst, indien is uitgeweken naar een ander luchtvaartterrein dan genoemd onder c;

    • e. de tijd van aankomst.

  • 6. Het eerste lid is niet van toepassing indien de vlucht volgens vliegplan wordt beëindigd op een gecontroleerd luchtvaartterrein tijdens de periode waarin plaatselijke luchtverkeersleiding wordt verleend.

Artikel 5

Indien de aankomst van een luchtvaartuig plaatsvindt op een luchtvaartterrein anders dan het luchtvaartterrein van bestemming volgens het geldend vliegplan, wordt bij aankomst de melding, zo spoedig mogelijk na afloop van de vlucht telefonisch gedaan aan de luchtverkeersmeldingspost van het luchtvaartterrein van bestemming dan wel de betrokken luchtverkeersdienst.

Artikel 6

  • 1. Voor een vlucht met als bestemming een ongecontroleerd luchtvaartterrein op Bonaire, Sint Eustatius en Saba is de luchthavenmeester van het luchtvaartterrein van bestemming belast met het initiëren van de alarmering.

  • 2. De luchthavenmeester van het luchtvaartterrein van bestemming, vraagt, als de vlucht bij hem bekend is en de aankomstmelding van het luchtvaartuig niet is verkregen binnen dertig minuten na de verwachte tijd van aankomst volgens het ingediende vliegplan, de actuele tijd van vertrek alsmede de van belang zijnde gegevens van het geldend vliegplan telefonisch op van aangrenzende luchtverkeersdiensten dan wel de luchtverkeersmeldingspost

  • 3. Indien de aankomstmelding niet is verkregen binnen dertig minuten na de verwachte tijd van aankomst van het geldend vliegplan, waarschuwt de luchthavenmeester de supervisor van de relevante luchtverkeersdienst.

De supervisor stelt zo spoedig mogelijk de Kustwacht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in kennis van de alarmering.

Artikel 7

  • 1. De artikelen 1, 2 en 3 zijn niet van toepassing als een ‘RPL’ ( repetitive flight plan) is ingediend. Een RPL kan worden gebruikt voor een IFR vlucht die regelmatig wordt uitgevoerd op dezelfde dagen van opeenvolgende weken voor tenminste 10 keer, dan wel op elke dag over een periode van ten minste 10 opeenvolgende dagen.

  • 2. Een RPL wordt slechts gebruikt voor vluchten die vanaf het luchtvaartterrein van vertrek tot het luchtvaartterrein van bestemming worden uitgevoerd.

Artikel 8

  • 1. Een RPL wordt ingediend in de vorm van een lijst die de vereiste vliegplangegevens bevat, gebruik makend van het ‘ICAO model repetitive flight plan (RPL) listing form’, overeenkomstig de aanwijzingen gegeven in ICAO DOC 4444 ATM/501 (Procedures for Air Navigation Services Air Traffic Management) in appendix 2 ‘flightplan’ of in een andere overeengekomen vorm.

  • 2. De lijst die de vereiste vliegplangegevens bevat wordt ingediend bij de betrokken luchtverkeersmeldingspost, welke instantie zorg draagt voor het doorgeven van de toepasselijke vliegplangegevens aan andere betrokken luchtverkeersdiensten die moeten zorgdragen voor de luchtverkeersdienstverlening aan desbetreffende vluchten.

  • 3. Een RPL wordt tijdig ingediend doch uiterlijk op een zodanig tijdstip dat de geadresseerde tenminste 21 dagen voorafgaand aan de datum van de eerste vlucht van de betrokken reeks van vluchten wordt bereikt.

  • 4. Vliegplangegevens die niet van een repeterende aard zijn worden door of namens de gezagvoerder ten tijde van het vertrek verzonden naar de luchtverkeersmeldingspost.

Artikel 9

RPL wijzigingen van duurzame aard betreffende het invoegen van nieuwe vluchten en het annuleren of wijzigen van bestaande vluchten, worden ingediend in de vorm van gewijzigde lijsten, die de luchtverkeersmeldingspost tenminste twee weken voordat zij van kracht worden dienen te bereiken.

Artikel 10

  • 1. RPL wijzigingen van incidentele aard met betrekking tot het type luchtvaartuig en de zogturbulentie-categorie, snelheid of kruishoogte, worden voor elke individuele vlucht zo snel mogelijk en niet later dan 60 minuten vóór vertrek ingediend bij de betrokken luchtverkeersmeldingspost. Slechts een wijziging van een kruishoogte kan bij het eerste radiocontact met de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst worden doorgegeven.

  • 2. Voor een incidentele wijziging van de identificatie van het luchtvaartuig, het luchtvaartterrein van vertrek, de route of het luchtvaartterrein van bestemming, wordt het repeterend vliegplan voor die dag geannuleerd, waarna een gewoon vliegplan wordt ingediend.

  • 3. Wanneer een vertraging wordt verwacht voor een bepaalde vlucht waarvoor een repeterend vliegplan is ingediend die waarschijnlijk dertig minuten of meer zal bedragen ten opzichte van de in dat vliegplan opgegeven vertrektijd, wordt de luchtverkeersdienstmeldingspost van de luchthaven van vertrek in kennis gesteld; bij niet

  • 4. Nakoming hiervan kan het repeterend vliegplan voor die dag door een of meer van de betrokken luchtverkeersdiensten automatisch worden geannuleerd.

  • 5. Zodra bekend is dat een vlucht waarvoor een repeterend vliegplan is ingediend geannuleerd is, wordt dit gemeld aan de plaatselijke luchtverkeersleidingdienst en de betrokken luchtverkeersmeldingspost.

Artikel 11

De laatste vliegplangegevens met betrekking tot een bepaalde vlucht, met inbegrip van permanente en incidentele wijzigingen die tijdig aan de betrokken instantie zijn verstrekt, worden tevens aan de gezagvoerder bekendgemaakt teneinde de gezagvoerder in staat te stellen eventuele voor die vlucht vereiste wijzigingen te onderkennen en te melden aan de betrokken luchtverkeersdienst.

Artikel 12

Het bepaalde in de voorgaande artikelen geldt niet indien door de betrokken luchtverkeersleidingdienst ontheffing wordt verleend.

Artikel 13

Deze regeling wordt aangeduid als: Regeling vliegplan BES