KruimelpadGeldend op 07-04-2012
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 november 2009, 2009-0000683603, CZW/WSG;
Gelet op de artikelen 13, 14 en 38 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, artikel 7 van de Paspoortwet, artikel 14 van de wet van 29 september 1815, houdende instelling van de Orde van de Nederlandse Leeuw (Stb. 1994, 352), artikel 13 van de wet van 4 april 1892, houdende instelling van de Orde van Oranje-Nassau (Stb. 1994, 351), de artikelen 4, 8, 13, 21 en 23 van de Rijkswet op het Nederlanderschap, de artikelen 1 en 5 van de Cassatieregeling voor de Nederlandse Antillen en Aruba, artikel 8 van de Wet overlevering inzake oorlogsmisdrijven, de artikelen 21, 36b, 44a, 59, 71 en 135 van het Wetboek van Militair Strafrecht, de artikelen 46, 65, 80p, 92, 98, 103 en 105 van de Wet militair tuchtrecht, de artikelen 6, 9, 11, 17, 18, 23, 33, en 61 van de Wet militaire strafrechtspraak, de artikelen 3, 3a, 4, 9, 10, 22, 23 en 43 van de Schepenwet, artikel 15 van het Reglement voor de Gouverneur van Aruba, artikel 15 van het Reglement voor de Gouverneur van Curaçao, artikel 15 van het Reglement voor de Gouverneur van Sint Maarten, de artikelen 1 en 10 van de Rijkswet Kustwacht voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten alsmede voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, artikel 3 van de Rijkswet geweldgebruik bewakers militaire objecten, artikel 1 van de Rijkswet uitbreiding van de territoriale zee van het Koninkrijk in de Nederlandse Antillen, artikel 2 van de Rijkswet op de consulaire tarieven, artikel 1 van de Machtigingswet instelling visserijzone en de artikelen 19 en 92 van de Rijksoctrooiwet 1995;
De Raad van State van het Koninkrijk gehoord (advies van 8 februari 2010, nr. W04.09.0505/I/K);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 12 augustus 2010, 2010-0000473489, CZW/WSG;
De bepalingen van het Statuut voor het Koninkrijk in acht genomen zijnde;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Dit besluit kan worden gewijzigd bij regeling van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die in werking treedt met ingang van dezelfde dag waarop dit besluit in werking treedt:
a. vanwege de invoering van een nieuwe munteenheid in Curaçao of Sint Maarten;
b. voor zover de totstandkoming van nieuwe landsregelgeving of wijzigingen van landsregelgeving het wijzigen van de verwijzingen naar landsregelgeving in rijkswetten noodzakelijk maakt.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad, in het Publicatieblad van de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst.
Beatrix
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ,
A. Th. B. Bijleveld-Schouten
De Minister van Justitie ,
E. M. H. Hirsch Ballin