Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instellingsbesluit Commissie Onderwijs en Besturing Middelbaar Beroepsonderwijs[Regeling vervallen per 01-12-2010.]

Geldend van 29-06-2010 t/m 30-11-2010

Besluit van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 23 april 2010, nr. BVE/BMO/206252, houdende instelling van de Commissie Onderwijs en Besturing BVE (Instellingsbesluit Commissie Onderwijs en Besturing BVE)

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-12-2010]

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

  • b. commissie: commissie als bedoeld in artikel 2.

Artikel 2. Instelling en taak [Vervallen per 01-12-2010]

  • 1 Er is een Commissie Onderwijs en Besturing BVE.

  • 2 De commissie is onafhankelijk en kan zonder last en ruggespraak onderzoek en analyses uitvoeren, conclusies trekken en aanbevelingen doen.

  • 3 De commissie heeft tot taak:

    • a) Het analyseren van de wijze waarop de brede opdracht aan de BVE-sector (initieel onderwijs, een leven lang leren en educatie) wordt uitgevoerd, welke problemen zich daarbij voordoen of hebben voorgedaan en of de afzonderlijke (beleids)maatregelen die de laatste jaren getroffen zijn in samenhang voldoende zijn om de brede opdracht te ondersteunen;

    • b) het onderzoeken van de feitelijke en ervaren belemmerende en bevorderende factoren voor de organisatie van het onderwijs en de besturing in de BVE-sector;

    • c) het op basis van de onderdelen a en b doen van aanbevelingen voor maatregelen op de korte en op de langere termijn op het niveau van de overheid, op het niveau van werknemers en werkgevers en op lokaal en instellingsniveau;

    • d) bij deze aanbevelingen expliciet aandacht te besteden aan de verdeling van verantwoordelijkheden in en rondom de sector (governance) en aan de macrodoelmatigheid van het aanbod aan opleidingen en kwalificaties;

    • e) het inzetten op breed draagvlak voor de in onderdeel c en d genoemde aanbevelingen.

  • 4 Voor de aanbevelingen als bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdelen c en d, gelden de volgende uitgangspunten:

    • a) de kwaliteit van het onderwijsprogramma moet goed zijn;

    • b) de financiële ruimte is bepaald door het thans beschikbare budget;

    • c) het mbo kwalificeert drievoudig, te weten voor samenleving, arbeidsmarkt en doorstroom naar hogere opleidingen.

Artikel 3. Instellingsduur [Vervallen per 01-12-2010]

De commissie wordt ingesteld met ingang van 1 mei 2010 en wordt opgeheven per 1 december 2010.

Artikel 4. Informatieplicht [Vervallen per 01-12-2010]

De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen.

Artikel 5. Leden [Vervallen per 01-12-2010]

  • 1 Tot leden van de commissie worden benoemd:

    • De heer S. Dekker

    • De heer H.H.J. den Dekker

    • De heer H.W. Geursen

    • De heer B. Kamphuis

    • Mevrouw M.J. Oudeman (tevens voorzitter)

    • Mevrouw W. Wind

    • De heer M.J.G Wintels

  • 2 De commissie wordt bijgestaan door een secretariaat. Het secretariaat maakt geen deel uit van de commissie.

  • 3 De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.

  • 4 Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister een ander lid benoemen.

Artikel 6. Werkwijze [Vervallen per 01-12-2010]

  • 1 De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

  • 2 De commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is, onder wie, op persoonlijke titel, ambtelijke deskundigen.

Artikel 7. Eindrapport [Vervallen per 01-12-2010]

De commissie brengt vóór 30 september 2010 haar eindrapport uit aan de minister.

Artikel 8. Vergoeding [Vervallen per 01-12-2010]

  • 3 De vergoeding per vergadering van de voorzitter van de commissie bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding per vergadering die aan de andere leden van de commissie is toegekend.

  • 4 Twee of meer vergaderingen op dezelfde dag worden als één vergadering aangemerkt.

Artikel 9. Kosten van de commissie [Vervallen per 01-12-2010]

  • 1 De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de Minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:

    • a) de kosten voor vergaderingen en voor secretariële ondersteuning,

    • b) de kosten voor het inschakelen van externe deskundigen en het laten verrichten van onderzoek, en

    • c) de kosten voor publicatie van rapportages.

  • 2 De commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een begroting en een planning aan de minister aan.

Artikel 10. Verantwoording [Vervallen per 01-12-2010]

De commissie biedt na oplevering van het eindrapport de Minister een verslag aan waarin verantwoording wordt gedaan over haar activiteiten.

Artikel 11. Geheimhouding [Vervallen per 01-12-2010]

Een ieder die betrokken is geweest bij de werkzaamheden van de commissie en daarbij de beschikking krijgt over de gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak op grond van dit besluit, de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

Artikel 12. Openbaarmaking [Vervallen per 01-12-2010]

Rapporten, notities, verslagen en andere producten welke door of namens de commissie worden vervaardigd, worden niet dan na akkoord van de Minister door de commissie openbaar gemaakt.

Artikel 13. Archiefbescheiden [Vervallen per 01-12-2010]

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie BVE van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 14. Inwerkingtreding [Vervallen per 01-12-2010]

  • 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 2010.

  • 2 Dit besluit vervalt met ingang van 1 december 2010.

Artikel 15. Citeertitel [Vervallen per 01-12-2010]

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie Onderwijs en Besturing Middelbaar Beroepsonderwijs.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Staatssecretaris

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart