Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Publiek en Communicatie 2009[Regeling vervallen per 30-07-2011 met terugwerkende kracht tot en met 01-04-2011.]

Geldend van 27-02-2010 t/m 31-03-2011

Besluit van de directeur Publiek en Communicatie van 9 februari 2010, nr. 3517063, houdende mandaat, volmacht en machtiging aan functionarissen binnen de Dienst Publiek en Communicatie van het Ministerie van Algemene Zaken

De directeur Dienst Publiek en Communicatie,

Gelet op artikel 7 en 10 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zaken 2009;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 30-07-2011]

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. secretaris-generaal: secretaris-generaal van het Ministerie van Algemene Zaken;

  • b. directeur-generaal: directeur-generaal Rijksvoorlichtingsdienst;

  • c. directeur: directeur Dienst Publiek en Communicatie;

  • d. DPC: Dienst Publiek en Communicatie;

  • e. manager taakgebied: degene die belast is met de leiding van een van de navolgende taakgebieden binnen de DPC: Kennis & advies, Mediainkoop, Campagnes, Vraag & antwoord en Bedrijfsvoering;

  • f. mandaat: de bevoegdheid om in naam van de minister besluiten te nemen;

  • g. volmacht: de bevoegdheid om in naam van de minister privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

  • h. machtiging: de bevoegdheid om in naam van de minister handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2 [Vervallen per 30-07-2011]

Het wijzigen, na advies van de directeur-generaal en goedkeuring van de secretaris-generaal, van de algemene voorwaarden voor het uitvoeren van opdrachten blijft in elk geval voorbehouden aan de directeur Dienst Publiek en Communicatie.

Artikel 3 [Vervallen per 30-07-2011]

  • 2 De plaatsvervangend directeur Dienst Publiek en Communicatie maakt van de aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik:

    • a. bij afwezigheid van de directeur;

    • b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die aan hem door de directeur zijn toevertrouwd.

  • 3 De manager Bedrijfsvoering maakt van de aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik bij gelijktijdige afwezigheid van de directeur en van de plaatsvervangend directeur Dienst Publiek en Communicatie.

Artikel 4 [Vervallen per 30-07-2011]

  • 1 De manager taakgebied wordt volmacht en machtiging verstrekt tot het verrichten van handelingen die betrekking hebben op de projectuitgaven of de materiële begroting binnen de DPC voor zover dit per geval de vijftigduizend euro niet te boven gaat.

  • 2 De aan de manager taakgebied verleende bevoegdheden in lid 1 wordt verleend aan de plaatsvervangend manager van het betreffende taakgebied. De plaatsvervangend manager maakt van de in lid 1 genoemde bevoegdheden uitsluitend gebruik bij afwezigheid van de manager taakgebied.

  • 3 Een functionaris zoals bedoeld in het eerste en tweede lid maakt van de aan hem verleende volmacht en machtiging uitsluitend gebruik voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot zijn werkterrein en naar aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat deze behoren te worden afgedaan door de (plaatsvervangend) directeur.

  • 5 De bevoegdheden worden nader bepaald door en uitgeoefend met inachtneming van:

    • a. departementale procedures, richtlijnen en aanwijzingen;

    • b. nadere procedures en instructies van de directeur.

Artikel 5 [Vervallen per 30-07-2011]

  • 1 Ondertekening door in voorgaande artikelen genoemde functionarissen van een document krachtens mandaat of volmacht luidt als volgt:

    De Minister-President, Minister van Algemene Zaken,

    namens deze:

    (handtekening)

    (naam)

    (functie)

  • 2 Het eerste lid is niet van toepassing op digitale besluiten die worden genomen via het P-Direktportaal.

  • 3 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de ondertekening van een document krachtens machtiging, tenzij uit de aard en de inhoud van het document reeds voldoende blijkt dat het namens de minister-president, minister van Algemene Zaken, is opgesteld. In dat geval luidt de ondertekening als volgt:

    (handtekening)

    (naam)

    (functie)

  • 4 Een document als bedoeld in het eerste of derde lid wordt opgesteld conform de vastgestelde rijksbrede huisstijl.

Artikel 6 [Vervallen per 30-07-2011]

Het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Publiek en Communicatie 2004 van 11 mei 2004 wordt ingetrokken.

Artikel 7 [Vervallen per 30-07-2011]

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 29 april 2009.

Artikel 8 [Vervallen per 30-07-2011]

Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging Dienst Publiek en Communicatie 2009.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer, de secretaris-generaal, de directeur-generaal, en de in dit besluit genoemd functionarissen.

De

Minister-President

,

Minister

van Algemene Zaken,
namens deze:
de

directeur Publiek en Communicatie

,

J.C.M. Veenman