Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
  • Vorige

  • Volgende

Verordening accountantsorganisaties

Geldend op 27-02-2012

[Regeling vervalt per 01-01-2016]


  • Verordening accountantsorganisaties
  • De ledenvergadering van het Nederlands Instituut van Registeraccountants,

    Gelet op artikel 19, vierde lid, van de Wet op de Registeraccountants,

    Stelt de volgende verordening vast.

  • Hoofdstuk 1. Definities

  • Artikel 1

    In deze verordening wordt verstaan onder:

    • a. accountantsorganisatie: onderneming of instelling die bedrijfsmatig wettelijke controles verricht, dan wel een organisatie waarin zodanige ondernemingen of instellingen met elkaar zijn verbonden, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van de wet, waaraan een vergunning als bedoeld in artikel 5 van de wet, is verleend, uitsluitend ter zake van de werkingssfeer van de wet;

    • b. besluit: Besluit toezicht accountantsorganisaties;

    • c. bestuur: bestuur van het Nederlands Instituut van Registeraccountants;

    • d. compliance officer: persoon als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van het besluit;

    • e. controlecliënt: onderneming of instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de wet;

    • f. externe accountant: persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de wet;

    • g. financieel belang: een financieel belang in een controlecliënt, gehouden door een persoon die zich in de positie bevindt van waaruit hij invloed kan uitoefenen op de uitkomsten van de wettelijke controle bij die controlecliënt;

    • h. gezinslid: een financieel afhankelijk persoon of een andere persoon met wie samen een huishouding wordt gevoerd;

    • i. indirect financieel belang: een financieel belang in een entiteit, ongeacht of deze wel of geen controlecliënt is van de accountantsorganisatie, welke entiteit een financieel belang in een controlecliënt heeft;

    • j. intern kwaliteitsonderzoek: procedures opgezet door de accountantsorganisatie gericht op het vaststellen dat afgeronde wettelijke controles voldoen aan de daaraan gestelde eisen;

    • k. medewerker: medewerker als bedoeld in artikel 1 van het besluit;

    • l. naaste verwant: een niet-financieel afhankelijke eerste- of tweedegraadsbloedverwant of aanverwant of stiefkind;

    • m. netwerk: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van de wet;

    • n. onafhankelijkheidsfunctionaris: persoon belast met de uitvoering van de onafhankelijkheidsregeling, bedoeld in artikel 20, eerste lid;

    • o. organisatie van openbaar belang: organisatie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van de wet;

    • p. persoon die deel uitmaakt van de hiërarchische structuur: een persoon die binnen de accountantsorganisatie een toezichthoudende of leidinggevende functie heeft ten aanzien van de uitvoering van een wettelijke controle of de persoon die de evaluatie van de prestatie van een bij de wettelijke controle betrokken medewerker voorbereidt, beoordeelt of hierop directe invloed uitoefent of anderszins de beloning van deze medewerker vaststelt;

    • q. verbonden derde: natuurlijk of rechtspersoon die feitelijk beleidsbepalend is in de controlecliënt, dan wel invloed van betekenis kan uitoefenen op het zakelijke en financiële beleid van die controlecliënt, alsmede de entiteit waarin de controlecliënt feitelijk beleidsbepalend is, dan wel invloed van betekenis kan uitoefenen op het zakelijke en financiële beleid;

    • r. vestiging: een onderdeel van een accountantsorganisatie of van haar netwerk dat wordt onderscheiden op basis van vastgelegde geografische criteria of op grond van vastgelegde criteria die betrekking hebben op de aard van de werkzaamheden en activiteiten en waarbinnen een externe accountant hoofdzakelijk werkzaam is;

    • s. wet: Wet toezicht accountantsorganisaties;

    • t. wettelijke controle: controle als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel p, van de wet.

  • Hoofdstuk 2. Stelsel van kwaliteitsbeheersing

  • § 2.1. De interne organisatie van de accountantsorganisatie

  • Artikel 2

    De accountantsorganisatie besteedt in haar kwaliteitsbeleid en het daarop gebaseerde stelsel van kwaliteitsbeheersing ten minste aandacht aan:

    • a. de verantwoordelijkheid van de personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen voor het kwaliteitsbeleid en het daarop gebaseerde stelsel van kwaliteitsbeheersing;

    • b. de gedragsregels;

    • c. het aanvaarden en voortzetten van de relatie met een controlecliënt en van een specifieke opdracht;

    • d. het personeelsbeleid;

    • e. de uitvoering van de wettelijke controle;

    • f. de naleving van het stelsel van kwaliteitsbeheersing;

    • g. de continuïteit van de beroepsuitoefening.

  • § 2.2. De verantwoordelijkheid van de personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen

  • Artikel 3

    De personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen zorgen ervoor dat het kwaliteitsbeleid van de accountantsorganisatie leidt tot een bedrijfscultuur waarin wettelijke controles worden uitgevoerd overeenkomstig vooraf vastgestelde kwaliteitseisen.

  • Artikel 4
    • 1. De personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen kunnen personen benoemen aan wie uitvoerende taken in het kader van het stelsel van kwaliteitsbeheersing worden opgedragen.

    • 2. Voor benoeming komen in aanmerking personen die:

      • a. beschikken over toereikende ervaring en deskundigheid;

      • b. beschikken over de noodzakelijke bevoegdheid;

      • c. voldoende gezag hebben.

  • § 2.3. Het personeelsbeleid

  • Artikel 5
    • 1. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat zij over voldoende medewerkers beschikt om de aan de accountantsorganisatie verleende opdrachten tot het verrichten van een wettelijke controle uit te voeren in overeenstemming met de daarvoor geldende wet- en regelgeving.

    • 2. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat de in het eerste lid bedoelde medewerkers beschikken over de vereiste capaciteiten en zich houden aan het bepaalde in de Verordening gedragscode.

  • Artikel 6

    De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat:

    • a. de naam van de voor de uitvoering van een wettelijke controle aangewezen externe accountant wordt bekendgemaakt aan het leidinggevende orgaan en het toezichthoudende orgaan van de controlecliënt;

    • b. de aangewezen externe accountant over de voor de uitvoering van de aan hem toegewezen wettelijke controle vereiste vakbekwaamheid beschikt;

    • c. de taken en bevoegdheden van de aangewezen externe accountant met hem worden besproken en vastgelegd.

  • § 2.4. De uitvoering van de wettelijke controle

  • Artikel 7
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van het behandelen en het oplossen van een bij de uitvoering van een wettelijke controle gerezen verschil van inzicht tussen bij de uitvoering van deze wettelijke controle betrokken medewerkers of tussen de bij de uitvoering van deze wettelijke controle betrokken externe accountant en de personen bij wie ter zake van deze controle advies is ingewonnen.

    • 2. De bereikte conclusies ter zake van de oplossing van een verschil van inzicht worden vastgelegd en overgenomen.

    • 3. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat de externe accountant zijn accountantsverklaring niet eerder afgeeft dan nadat het verschil van inzicht is opgelost.

  • § 2.5. De naleving van het stelsel van kwaliteitsbeheersing

  • Artikel 8
    • 1. De accountantsorganisatie die wettelijke controles verricht bij organisaties van openbaar belang stelt een complianceregeling vast.

  • Artikel 9

    De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van de uitvoering van periodiek intern kwaliteitsonderzoek van afgeronde opdrachten tot het verrichten van een wettelijke controle.

  • Artikel 10
    • 1. De accountantsorganisatie maakt ten minste eenmaal per jaar de uitkomsten van de in artikel 22, tweede lid, van het besluit bedoelde evaluatie bekend aan de bij haar werkzame of aan haar verbonden externe accountants en aan de overige medewerkers waarvoor deze informatie relevant is, teneinde deze personen in staat te stellen de geëigende acties te ondernemen.

    • 2. De bekendmaking omvat ten minste:

      • a. een beschrijving van het uitgevoerde periodiek intern kwaliteitsonderzoek, bedoeld in artikel 9;

      • b. een beschrijving van de uitgevoerde evaluatie;

      • c. het eindoordeel dat naar aanleiding van de evaluatie is gevormd;

      • d. een beschrijving van de uit de evaluatie gebleken relevante systematische, zich herhalende of andere belangrijke onvolkomenheden en de maatregelen die zijn getroffen om deze onvolkomenheden op te lossen.

    • 3. De accountantsorganisatie bewaart de in het tweede lid bedoelde informatie gedurende ten minste zeven jaren.

  • § 2.6. De continuïteit van de beroepsuitoefening

  • Artikel 11
    • 1. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat zij ter zake van het risico van beroepsaansprakelijkheid van haarzelf en van de bij haar werkzame of aan haar verbonden medewerkers en andere personen in redelijke mate is verzekerd.

    • 2. Het bestuur is bevoegd op een schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de accountantsorganisatie ontheffing te verlenen van het bepaalde in het eerste lid op grond van het feit dat de personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen erkende gemoedsbezwaren hebben tegen elke vorm van verzekering. Het bestuur kan aan deze ontheffing voorwaarden verbinden.

  • Artikel 12
    • 1. De op grond van het bepaalde in artikel 11, eerste lid, te sluiten verzekering voor de beroepsaansprakelijkheid van een accountantsorganisatie en van de bij haar werkzame of aan haar verbonden medewerkers en andere personen voldoet ten minste aan de volgende eisen:

      • a. de verzekering wordt aangegaan met een verzekeraar van wie het aannemelijk is dat deze voldoet aan redelijkerwijs te stellen eisen van solvabiliteit;

      • b. de verzekering biedt jaarlijks dekking voor ten minste tweemaal het verzekerd bedrag per aanspraak;

      • c. het verzekerd bedrag per aanspraak bedraagt:

        • - bij een jaaromzet tot € 500.000,- ten minste € 300.000,-;

        • - bij een jaaromzet van € 500.000,- tot € 1.000.000,- ten minste € 500.000,-;

        • - bij een jaaromzet van € 1.000.000,- tot € 2.500.000,- ten minste € 1.250.000,-;

        • - bij een jaaromzet van € 2.500.000,- of meer, ten minste € 3.000.000,-.

      • d. boven de in onderdeel c genoemde minimumbedragen bepaalt de accountantsorganisatie de wijze waarop financiële risico’s kunnen worden opgevangen en de hoogte van de dekking van de verzekering, met dien verstande dat sprake is van een redelijke dekking van de risico’s;

      • e. het eigen risico per aanspraak is zodanig vastgesteld dat de solvabiliteit van de accountantsorganisatie niet in gevaar komt. Daartoe bedraagt het eigen risico bij een jaaromzet tot € 2.500.000,- maximaal € 25.000,-. Bij een jaaromzet van meer dan € 2.500.000,- bepaalt de accountantsorganisatie zelf de hoogte van het eigen risico;

      • f. onder de dekking van de verzekering vallen alle werkzaamheden die door de accountantsorganisatie worden verricht, ongeacht door wie de claim wordt ingediend;

      • g. de verzekering heeft ten minste Europa als dekkingsgebied;

      • h. de accountantsorganisatie zorgt ervoor dat haar inloop- en uitlooprisico’s gedurende ten minste twee jaren zijn gedekt;

      • i. de verzekering dekt tevens de beroepsaansprakelijkheid van de accountantsorganisatie voor de personen die onder haar verantwoordelijkheid werkzaam zijn, voor de personen die haar werkzaamheden of de werkzaamheden van medewerkers van de accountantsorganisatie waarnemen en voor derden die betrokken zijn bij de werkzaamheden die door de accountantsorganisatie worden verricht;

      • j. de verzekering dekt de kosten van benodigde juridische bijstand in het kader van het in procedures te voeren verweer.

    • 2. De accountantsorganisatie beoordeelt te allen tijde of er specifieke omstandigheden zijn die het noodzakelijk maken naar boven toe af te wijken van de minimumeisen, bedoeld in het eerste lid.

  • Artikel 13
    • 1. De accountantsorganisatie regelt op adequate wijze de waarneming van de uitvoering van een wettelijke controle in geval van ontstentenis, belet of langdurige arbeidsongeschiktheid van een bij haar werkzame of aan haar verbonden externe accountant.

    • 2. Waarneming kan uitsluitend geschieden door een andere externe accountant die werkzaam is bij of verbonden is aan dezelfde accountantsorganisatie.

  • Artikel 14

    De accountantsorganisatie treft zodanige voorzieningen dat in geval van het overlijden van een bij haar werkzame of aan haar verbonden externe accountant een juiste afwikkeling van de beroepsuitoefening is gewaarborgd.

  • Hoofdstuk 3. Onafhankelijkheid

  • § 3.1. De interne organisatie van de accountantsorganisatie

  • Artikel 15

    De meerderheid van de stemrechten in een accountantsorganisatie is middellijk of onmiddellijk in het bezit van registeraccountants of Accountants-Administratieconsulenten ten aanzien van wie in het accountantsregister een aantekening is geplaatst als bedoeld in artikel 36, derde lid, van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten.

  • Artikel 16
    • 1. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat haar medewerkers en anderen die moeten voldoen aan de voor hen geldende regels inzake onafhankelijkheid:

      • a. zich periodiek scholen en trainen in de toepassing van de regelgeving inzake onafhankelijkheid en de daarop betrekking hebbende interne regels van de accountantsorganisatie;

      • b. tijdig aan de accountantsorganisatie de bij of krachtens de wet of de verordening vereiste informatie verstrekken met betrekking tot de voorgenomen aanvaarding en continuering van een opdracht tot het verrichten van een wettelijke controle en met betrekking tot de voorgenomen aanvaarding van een opdracht tot het verrichten van overige diensten aan een controlecliënt;

      • c. de accountantsorganisatie onmiddellijk inlichten over omstandigheden en betrekkingen ter zake van een bij een controlecliënt uitgevoerde wettelijke controle die leiden tot een bedreiging voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie.

    • 2. De accountantsorganisatie maakt de haar ter beschikking gestelde informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, tijdig aan haar medewerkers bekend, voor zover de informatie voor de naleving van de bij of krachtens de wet of de verordening gestelde regels van belang is.

  • Artikel 17
    • 1. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat haar medewerkers haar tijdig inlichten over overtredingen van de regelgeving inzake onafhankelijkheid.

    • 2. In het geval van overtredingen als bedoeld in het eerste lid neemt de accountantsorganisatie zodanige maatregelen dat deze overtredingen worden beëindigd, de gevolgen daarvan zoveel als redelijkerwijs mogelijk ongedaan worden gemaakt en herhaling wordt voorkomen.

    • 3. Indien sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een wettelijke controle, ziet de accountantsorganisatie erop toe dat de voor die wettelijke controle aangewezen externe accountant één of meer van de volgende personen of organen raadpleegt:

      • a. de onafhankelijkheidsfunctionaris en, indien de accountantsorganisatie wettelijke controles verricht bij organisaties van openbaar belang, de compliance officer;

      • b. een externe accountant die niet is betrokken bij de desbetreffende controlecliënt;

      • c. een daartoe geëigende commissie of afdeling binnen de accountantsorganisatie;

      • d. een in artikel 1 van de Verordening kwaliteitstoetsing accountants bedoelde koepelorganisatie; of

      • e. het Nederlands Instituut van Registeraccountants.

    • 4. De accountantsorganisatie beschrijft in welke omstandigheden, op welk tijdstip en op welke wijze het leidinggevende orgaan van de controlecliënt en, indien aanwezig, het toezichthoudende orgaan van de controlecliënt worden geraadpleegd.

    • 5. De accountantsorganisatie maakt de haar bekend geworden overtredingen van de regelgeving inzake onafhankelijkheid bekend aan alle personen die betrokken zijn bij de behandeling van deze overtredingen.

    • 6. De accountantsorganisatie zorgt ervoor dat de personen, bedoeld in het vijfde lid, haar tijdig inlichten over de door hen naar aanleiding van de hun gemelde overtredingen van de regelgeving inzake onafhankelijkheid ondernomen acties.

  • Artikel 18
    • 1. De accountantsorganisatie zorgt voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de externe accountant bedreigen of hebben bedreigd, op welke wijze met potentiële bedreigingen wordt en is omgegaan en, voor zover bedreigingen van niet te verwaarlozen betekenis zijn, welke waarborgen zijn getroffen om die bedreigingen weg te nemen of tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen.

    • 2. De accountantsorganisatie die onderdeel uitmaakt van een netwerk legt van iedere controlecliënt die een organisatie van openbaar belang is tevens vast:

      • a. de per boekjaar bij deze controlecliënt in rekening gebrachte vergoedingen voor diensten die zijn verleend door in Nederland gevestigde onderdelen van haar netwerk;

      • b. de per boekjaar bij deze controlecliënt in rekening gebrachte vergoedingen voor diensten die zijn verleend door buiten Nederland gevestigde onderdelen van haar netwerk, voor zover deze diensten bij de accountantsorganisatie bekend zijn.

    • 3. De accountantsorganisatie ziet erop toe dat de gegevens, bedoeld in het eerste en tweede lid, met inbegrip van een gemotiveerde conclusie, in het controledossier worden opgenomen.

  • Artikel 19

    De accountantsorganisatie maakt de bij of krachtens de wet en de Wet op de Registeraccountants vigerende regels inzake onafhankelijkheid bekend aan haar medewerkers en aan anderen die aan deze regels zijn onderworpen.

  • Artikel 20
    • 1. De accountantsorganisatie heeft een onafhankelijkheidsfunctionaris.

    • 2. De accountantsorganisatie stelt een onafhankelijkheidsregeling vast.

    • 3. De onafhankelijkheidsregeling beschrijft op welke wijze de onafhankelijkheidsfunctionaris toeziet op de naleving van de in artikel 19 bedoelde regels inzake onafhankelijkheid.

    • 4. De functie van onafhankelijkheidsfunctionaris kan tevens worden uitgeoefend door de compliance officer.

  • § 3.2. Een grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen

  • Artikel 21

    De accountantsorganisatie stelt regels vast die voorzien in het treffen van waarborgen die de bedreiging voor haar onafhankelijkheid als gevolg van een grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen in het geval dat één en dezelfde leidinggevende medewerker gedurende een lange periode wordt ingezet bij een wettelijke controle wegnemen, dan wel tot een aanvaardbaar niveau terugbrengen.

  • § 3.3. Financiële, zakelijke en andere relaties

  • Artikel 22
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van de toelaatbaarheid van het hebben van financiële, zakelijke en andere relaties met een controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde. Deze regels zijn erop gericht te voorkomen dat deze financiële, zakelijke en andere relaties een onaanvaardbare bedreiging kunnen vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie en haar medewerkers.

    • 2. De in het eerste lid bedoelde regels houden ten minste in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk niet is toegestaan:

      • a. een direct financieel belang in een controlecliënt te hebben;

      • b. een indirect financieel belang in een controlecliënt te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is;

      • c. een direct of indirect financieel belang in een met de controlecliënt verbonden derde te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is.

    • 3. De in het eerste lid bedoelde regels houden tevens in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk uitsluitend is toegestaan de in dat lid bedoelde relaties aan te gaan met een controlecliënt, een met deze controlecliënt verbonden derde, de leiding van de controlecliënt of een daarmee verbonden derde, indien deze relaties en de met die relaties overeen te komen verbintenissen:

      • a. passen in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening van de accountantsorganisatie en haar netwerk; en

      • b. geen onaanvaardbare bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie.

  • Artikel 23

    De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat zijzelf of een ander onderdeel van haar netwerk geen wettelijke controles uitvoert ten behoeve van:

    • a. een eigenaar van de accountantsorganisatie;

    • b. een met een eigenaar van de accountantsorganisatie verbonden derde, indien deze eigenaar in een zodanige positie verkeert dat hij de besluitvorming van de accountantsorganisatie met betrekking tot het uitvoeren van de wettelijke controle bij die derde kan beïnvloeden;

    • c. een onderneming of instelling waarbij een persoon met een bestuurlijke of toezichthoudende functie werkzaam is of daaraan is verbonden in een zodanige positie verkeert dat hij de besluitvorming binnen de accountantsorganisatie met betrekking tot het uitvoeren van de wettelijke controle bij die onderneming of instelling kan beïnvloeden.

  • Artikel 24
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat personen werkzaam bij of verbonden aan de accountantsorganisatie die in een positie verkeren waarin zij de uitkomsten van een wettelijke controle kunnen beïnvloeden, geen dienstbetrekking vervullen bij de controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde.

    • 2. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat personen werkzaam bij of verbonden aan de accountantsorganisatie:

      • a. geen zitting hebben in het leidinggevende of toezichthoudende orgaan van de controlecliënt;

      • b. geen zitting hebben in het leidinggevende of toezichthoudende orgaan van een onderneming of instelling die middellijk of onmiddellijk meer dan 20 procent van de stemrechten in de controlecliënt bezit;

      • c. geen zitting hebben in het leidinggevende of toezichthoudende orgaan van een onderneming of instelling waarin de controlecliënt middellijk of onmiddellijk meer dan 20 procent van de stemrechten bezit.

    • 3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op personen werkzaam bij of verbonden aan een onderdeel van het netwerk waartoe de accountantsorganisatie behoort.

  • Artikel 25
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van de indiensttreding van een medewerker bij een controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde.

    • 2. De in het eerste lid bedoelde regels houden ten minste in dat:

      • a. een medewerker die het voornemen heeft in dienst te treden bij een controlecliënt, terwijl hij betrokken is bij de uitvoering van een wettelijke controle bij deze controlecliënt, daarvan de accountantsorganisatie onmiddellijk in kennis stelt;

      • b. indien de medewerker, bedoeld in onderdeel a, de externe accountant is, de accountantsorganisatie een andere externe accountant aanwijst voor de wettelijke controle;

      • c. indien de medewerker, bedoeld in onderdeel a, een andere dan de in onderdeel b bedoelde externe accountant is, deze medewerker met onmiddellijke ingang niet meer betrokken is bij de wettelijke controle;

      • d. de werkzaamheden van de medewerker, bedoeld in onderdeel a, die hij ten behoeve van de lopende of meest recente wettelijke controle van de desbetreffende controlecliënt heeft verricht, onmiddellijk worden beoordeeld door een bij diezelfde wettelijke controle betrokken medewerker met een hogere functie; en

      • e. indien de medewerker, bedoeld in onderdeel a, de externe accountant is, de beoordeling, bedoeld in onderdeel d, wordt uitgevoerd door een externe accountant die niet bij die wettelijke controle betrokken is. In de situatie dat als gevolg van de omvang van de accountantsorganisatie er geen externe accountant is die niet bij de desbetreffende wettelijke controle is betrokken, wordt een andere externe accountant gevraagd om de in onderdeel d bedoelde beoordeling uit te voeren.

  • Artikel 26
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat, indien één van haar voormalige medewerkers bij een controlecliënt van de accountantsorganisatie in dienst is getreden, terwijl hij betrokken was bij de uitvoering van de wettelijke controle bij deze controlecliënt, de banden van betekenis tussen de accountantsorganisatie en de betrokken medewerker volledig worden verbroken.

    • 2. Van banden van betekenis als bedoeld in het eerste lid is sprake indien:

      • a. de vorderingen op en schulden aan de voormalig medewerker en soortgelijke financiële betrekkingen niet zijn vereffend, met uitzondering van de financiële betrekkingen die zijn vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst en die niet worden beïnvloed door de relatie tussen de voormalig medewerker en de accountantsorganisatie; of

      • b. de voormalig medewerker deelneemt aan de beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten van de accountantsorganisatie.

    • 3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een persoon die deel heeft uitgemaakt van de hiërarchische structuur.

  • Artikel 27

    De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat een bedreiging voor haar onafhankelijkheid wordt beoordeeld en dat adequate waarborgen worden getroffen in geval een bij een controlecliënt betrokken medewerker een naaste verwant heeft die:

    • a. een hoge bestuursfunctie bekleedt bij die controlecliënt, indien hij vanuit die positie directe invloed op het object van onderzoek van de wettelijke controle kan uitoefenen;

    • b. bij die controlecliënt in een zodanige positie verkeert dat hij directe invloed kan uitoefenen op het object van onderzoek van die wettelijke controle;

    • c. een financieel belang heeft in die controlecliënt, tenzij het belang van te verwaarlozen betekenis is;

    • d. met die controlecliënt een zakelijke relatie onderhoudt, tenzij deze relatie past in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening en slechts een te verwaarlozen bedreiging inhoudt voor de onafhankelijkheid van deze persoon.

  • Artikel 28
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat geen persoon bij een wettelijke controle wordt ingeschakeld die een gezinslid heeft dat:

      • a. een hoge bestuursfunctie bekleedt bij die controlecliënt;

      • b. bij die controlecliënt in een zodanige positie verkeert dat hij directe invloed kan uitoefenen op het object van onderzoek van die wettelijke controle;

      • c. weliswaar ten tijde van de uitvoering van die wettelijke controle geen functie bekleedt als genoemd in onderdeel a of b, maar een dergelijke functie wel bekleedde in de periode waarop die wettelijke controle betrekking heeft;

      • d. een financieel belang heeft in die controlecliënt, tenzij het belang van te verwaarlozen betekenis is;

      • e. met die controlecliënt een zakelijke relatie onderhoudt, tenzij deze relatie past in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening en slechts een te verwaarlozen bedreiging vormt voor de onafhankelijkheid van die persoon.

    • 2. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat geen wettelijke controle wordt uitgevoerd vanuit een vestiging waarbij of waaraan een externe accountant werkzaam of verbonden is die niet bij de desbetreffende wettelijke controle is betrokken of een persoon werkzaam is die deel uitmaakt van de hiërarchische structuur, indien één van hen dan wel beiden een gezinslid heeft dan wel hebben dat voldoet aan één of meer van de in het eerste lid genoemde criteria.

    • 3. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat een persoon die deel uitmaakt van haar hiërarchische structuur niet betrokken is bij een beslissing die rechtstreeks met de wettelijke controle verband houdt indien een gezinslid van die persoon voldoet aan één of meer van de in het eerste lid genoemde criteria.

  • Artikel 29
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast die erin voorzien dat bedreigingen voor haar onafhankelijkheid als gevolg van een dreigend geschil tussen de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk en de controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde worden beoordeeld en dat wordt bepaald of daartegen waarborgen moeten worden getroffen.

    • 2. De accountantsorganisatie staakt haar werkzaamheden ter zake van de uitvoering van de in het eerste lid bedoelde wettelijke controle indien:

      • a. het dreigende geschil van wezenlijk belang is voor ten minste één van de betrokken partijen;

      • b. het dreigende geschil betrekking heeft op een eerder uitgevoerde wettelijke controle; of

      • c. er niet langer sprake is van een dreigend geschil maar van een aangekondigd geschil.

  • § 3.4. De samenloop met overige diensten

  • Artikel 30
    • 1. De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van de toelaatbaarheid van de samenloop van het uitvoeren van een wettelijke controle met het door haarzelf of haar netwerk aan de controlecliënt leveren van overige diensten. Indien de controlecliënt een organisatie van openbaar belang is, dan wordt in de bedoelde regels tevens de met de controlecliënt verbonden derde betrokken. Deze regels zijn erop gericht te voorkomen dat deze overige diensten een onaanvaardbare bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie en haar medewerkers.

    • 2. De in het eerste lid bedoelde regels bevatten ten minste het voorschrift dat de accountantsorganisatie, haar medewerkers of een ander onderdeel van haar netwerk geen beslissingen mogen nemen en niet mogen participeren in een besluitvormingsproces namens een controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde of het management van laatstgenoemden.

  • Hoofdstuk 4. Integere bedrijfsvoering

  • Artikel 31

    De accountantsorganisatie maakt de bij of krachtens de Wet op de Registeraccountants gestelde regels ter zake van de integere bedrijfsvoering bekend aan haar medewerkers.

  • Artikel 32

    • 1. De accountantsorganisatie heeft een regeling die waarborgt dat personen van buiten de accountantsorganisatie en bij haar werkzame of aan haar verbonden personen zonder gevaar voor hun rechtspositie vermeende onregelmatigheden binnen of (mede) buiten de accountantsorganisatie aan de orde kunnen stellen. Deze regeling leidt ertoe dat klachten worden vastgelegd, vertrouwelijk en tijdig worden behandeld en dat de onregelmatigheden waarover wordt geklaagd, indien gegrond, tijdig worden afgehandeld door het nemen van passende maatregelen door de accountantsorganisatie.

    • 2. De in het eerste lid bedoelde regeling wordt in elk geval op de website van de accountantsorganisatie geplaatst. In geval een accountantsorganisatie niet over een website beschikt, verspreidt zij deze regeling op een andere wijze binnen de accountantsorganisatie en stuurt zij deze regeling desgevraagd toe aan personen buiten de accountantsorganisatie.

  • Artikel 33

    De personen die het dagelijks beleid van de accountantsorganisatie bepalen zorgen ervoor dat vanaf het moment dat de accountantsorganisatie ophoudt te bestaan:

    • a. de gegevens die de accountantsorganisatie op grond van het bepaalde bij of krachtens de wet, het besluit of deze verordening moet bewaren, bewaard blijven gedurende de in die regelingen voorgeschreven periode;

    • b. de vertrouwelijkheid van de in artikelen 20 en 26, eerste lid, van de wet bedoelde gegevens gewaarborgd blijft.

  • Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

  • Artikel 34

    • 1. Het bestuur kan nadere voorschriften geven aangaande de onafhankelijkheid, het stelsel van kwaliteitsbeheersing en de integere bedrijfsvoering van de accountantsorganisatie.

    • 2. De nadere voorschriften, bedoeld in het eerste lid, worden door het bestuur slechts gegeven - de leden gehoord - na overleg met het bestuur van de Nederlandse Orde van Accountants-Administratieconsulenten.

    • 3. Het bestuur maakt de nadere voorschriften via elektronische weg bekend op http://www.nivra.nl.

  • Artikel 35

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2007.

  • Artikel 36

    Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening accountantsorganisaties.