Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Beleidsregels verstrekking bijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van wanbetalers van de nominale premie Zorgverzekeringswet[Regeling vervallen per 15-01-2017 met terugwerkende kracht tot 01-01-2017.]

Geldend van 01-09-2009 t/m 01-01-2017

Beleidsregels verstrekking bijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van wanbetalers van de nominale premie Zorgverzekeringswet

Het College voor Zorgverzekeringen,

Gelet op artikel 18a tot en met 18f en artikel 34a van de Zorgverzekeringswet, artikel 6.5.4. van de Regeling zorgverzekering, alsmede de Beleidsregels inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2009;

Heeft in zijn vergadering van 25 augustus 2009 besloten:

Artikel 1. Het betalen van voorschotten aan de zorgverzekeraar [Vervallen per 15-01-2017]

  • 1 Over de periode waarover de bestuursrechtelijke premie verschuldigd is verstrekt het college een voorschot op de nog toe te kennen bijdrage als bedoeld in artikel 6.5.4, eerste lid, Regeling zorgverzekering. Hij betaalt dit voorschotbedrag maandelijks uit met ingang van de derde maand na de melding.

  • 2 Het college vermenigvuldigt per zorgverzekeraar per maand de eindstand van het aantal in behandeling genomen meldingen met de tot de maand herleide standaardpremie zoals bedoeld in de Wet op de zorgtoeslag en stelt de uitkomst daarvan als voorschotbedrag vast.

  • 3 Het college zendt maandelijks per zorgverzekeraar een specificatie van het betaalde voorschotbedrag waarop staat vermeld:

    • de beginstand van de meldingen van de betreffende maand;

    • het aantal aanmeldingen van de betreffende maand;

    • het aantal afmeldingen van de betreffende maand;

    • de eindstand van de meldingen van de betreffende maand;

    • het voorschot voor de daarop volgende maand;

    • het aantal aanmeldingen op grond van artikel 6.5.4, derde lid, Regeling zorgverzekering.

  • 4 Het college zendt met de specificatie als bedoeld in het derde lid de verklaring op grond van artikel 18c, derde lid, Zorgverzekeringswet mee, welke de zorgverzekeraar binnen twee weken na dagtekening van de specificatie ondertekent en retourneert aan het college.

Artikel 2. De voorlopige jaarafrekening [Vervallen per 15-01-2017]

  • 1 In april van het eerste jaar volgend op het kalenderjaar waarover de voorschotten zijn betaald, zendt het college een voorlopige jaarafrekening aan de zorgverzekeraar, waarmee het college de bijdrage over dat kalenderjaar toekent.

  • 2 In de voorlopige jaarafrekening vermeldt het college het saldo van de voorschotten die het college had moeten betalen in het kalenderjaar en de daadwerkelijk betaalde voorschotten.

  • 3 Indien uit de afrekening blijkt dat het college nog een bedrag aan voorschotten dient te betalen, betaalt het college het saldo binnen 6 weken aan de zorgverzekeraar uit, bij gebreke waarvan het college wettelijke rente vergoedt.

  • 4 Indien uit de afrekening blijkt dat het college een te hoog bedrag aan voorschotten heeft betaald, verzoekt het college de zorgverzekeraar het saldo binnen 6 weken te betalen, bij gebreke waarvan het college wettelijke rente in rekening brengt.

Artikel 3. De vaststelling van de bijdrage aan de zorgverzekeraar [Vervallen per 15-01-2017]

  • 1 Uiterlijk in april van het tweede jaar volgend op het kalenderjaar waarover de bijdrage verschuldigd is, zendt het college een definitieve jaarafrekening aan de zorgverzekeraar, waarin hij per zorgverzekeraar het totaalbedrag van de over dat kalenderjaar te verstrekken bijdrage vaststelt.

  • 2 In de jaarafrekening vermeldt het college:

    • a. de door het college over dat kalenderjaar te betalen bijdrage op grond van artikel 6.5.4, tweede lid, Regeling zorgverzekering;

    • b. de door het college te betalen bijdrage op grond van artikel 6.5.4, derde lid, Regeling zorgverzekering;

    • c. de som van de bijdragen die het college heeft toegekend voor zorgverzekeringen terzake waarvan naar het oordeel van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) niet is voldaan aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 34a, tweede lid, Zorgverzekeringswet en de op grond van artikel 6.5.4, derde lid, Regeling zorgverzekering toegekende bijdragen voor zorgverzekeringen voor zover de oorzaak van de vertraging in de melding naar het oordeel van de NZa in overwegende mate aan de zorgverzekeraar te wijten is;

    • d. de som van de in het tweede lid onder a en b genoemde bedragen onder aftrek van de onder c genoemde som;

    • e. de mededeling van het college dat de zorgverzekeraar het saldo zoals genoemd onder d, onder verrekening van de reeds betaalde voorschotten, ontvangt dan wel aan het college dient terug te betalen.

  • 3 Indien blijkt dat de zorgverzekeraar nog een bedrag dient te ontvangen, betaalt het college dit bedrag binnen zes weken na vaststelling daarvan aan de zorgverzekeraar uit, bij gebreke waarvan het college wettelijke rente vergoedt over het te laat betaalde bedrag.

  • 4 Indien blijkt dat de zorgverzekeraar een te hoog voorschot op de bijdrage heeft ontvangen, verzoekt het college de zorgverzekeraar het saldo binnen zes weken te betalen, bij gebreke waarvan het college wettelijke rente over het te laat terugbetaalde bedrag in rekening zal brengen.

  • 5 In afwijking van het derde en vierde lid kan het college het verschil tussen het bedrag aan vastgestelde bijdragen en toegekende bijdragen verrekenen met over een later jaar te bevoorschotten bijdragen.

  • 6 In afwijking van het derde lid kan het college het te ontvangen bedrag verrekenen met een van de zorgverzekeraar terug te vorderen vereveningsbijdrage op grond van artikel 32 en 34 Zorgverzekeringswet.

Artikel 4. Citeertitel [Vervallen per 15-01-2017]

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels verstrekking bijdrage aan zorgverzekeraars voor het verzekerd houden van wanbetalers van de nominale premie Zorgverzekeringswet.

Artikel 5. Inwerkingtreding [Vervallen per 15-01-2017]

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 september 2009.

Deze beleidsregels worden met toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De

Voorzitter Raad van Bestuur

,

P.C. Hermans