Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Besluit uitgifte van paspoorten voor paardachtigen (PVV) 2009[Regeling vervallen per 01-01-2015.]

Geldend van 01-07-2009 t/m 31-12-2014

Besluit van het bestuur van het Productschap Vee en Vlees van 13 mei 2009 houdende de instructies voor de uit hoofde van de Verordening identificatie en registratie van paardachtigen (PVV) 2009 tot het uitgeven van paspoorten voor paardachtigen gemandateerde erkende instellingen en hippische sportorganisaties (Besluit uitgifte van paspoorten voor paardachtigen (PVV) 2009)

Het bestuur van het Productschap Vee en Vlees;

Gelet op artikel 6, vierde lid, van de Verordening identificatie en registratie van paardachtigen (PVV) 2009;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2015]

In dit besluit worden de begripsbepalingen van de Verordening identificatie en registratie van paardachtigen (PVV) 2009 overgenomen, en wordt onder verordening verstaan: de Verordening identificatie en registratie van paardachtigen (PVV) 2009.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2015]

Het protocol als bedoeld in artikel 6, vierde lid, van de verordening, is opgenomen in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2015]

  • 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2009.

  • 2 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit uitgifte van paspoorten voor paardachtigen (PVV) 2009.

Zoetermeer, 13 mei 2009

A.L. ten Have-Mellema

plv. voorzitter

S.B.M. Jongerius

secretaris

Bijlage bij het Besluit uitgifte van paspoorten voor paardachtigen (PVV) 2009 [Vervallen per 01-01-2015]

I. Paspoort

A. Aanvraag

  • 1. De aanvraag en uitgifte van een paspoort wordt niet afhankelijk gesteld van het lidmaatschap van de erkende instelling of hippische sportorganisatie waar de aanvraag wordt ingediend.

  • 2. Uitsluitend aanvragen die worden ingediend door middel van het in artikel 7, eerste lid, van de verordening bedoelde aanvraagformulier, worden in behandeling genomen.

  • 3. Aanvraagformulieren waarvan uit de ondertekening blijkt dat de transponder langer dan 7 dagen voor de ontvangst van het formulier is ge├»mplanteerd, worden niet in behandeling genomen.

  • 4. Aanvraagformulieren zijn gedurende het gehele leven van de paardachtige gearchiveerd bij de erkende instelling of hippische sportorganisatie die het paspoort voor de paardachtige heeft uitgegeven.

B. Uitgifte

  • 1. Uiterlijk 4 weken na ontvangst van het aanvraagformulier, wordt door de erkende instelling of hippische sportorganisatie schriftelijk beslist op de aanvraag of wel door middel van het toezenden van het paspoort met een begeleidend schrijven met mededeling daarvan of wel door middel van schriftelijke berichtgeving aan de aanvrager omtrent de afwijzing van de aanvraag.

  • 2. De schriftelijke beslissing bevat een bezwaarclausule die luidt:

    "Indien u het niet eens bent met deze beslissing dan kunt u binnen zes weken na dagtekening van deze brief een bezwaarschrift indienen bij de Afdeling Juridische Zaken van het Productschap Vee en Vlees, Postbus 460, 2700 AL Zoetermeer."

  • 3. De transpondercode wordt bij uitgifte van het paspoort op de pagina's 1 tot en met 4 van het paspoort geprint en, indien beschikbaar, worden de barcodestickers van de transpondercode op ten minste de pagina's 1, 5 en 15 geplakt.

  • 4. Het paspoort voor geregistreerde paardachtigen wordt bij uitgifte voorzien van het stamboeklogo van de organisatie die het paspoort uitgeeft.

  • 5. Het paspoort voor niet-geregistreerde paarden wordt bij uitgifte voorzien van het logo van de Productschappen Vee, Vlees en Eieren dan wel, indien het een door de Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie (KNHS) uitgegeven paspoort betreft, van het logo van de KNHS.

  • 6. Indien blijkt dat een paardachtige is voorzien van twee of meer transponders, wordt in de databank opgenomen:

    • a. de verschillende transpondernummers met het bijbehorende unieke levensnummer, of

    • b. het eerste transpondernummer met het bijbehorende unieke levensnummer en vervolgens elk volgend transpondernummer met een voor dat transpondernummer fictief levensnummer waarin het unieke levensnummer is verwerkt.

  • Van een tweede of volgende transponder wordt aantekening gemaakt in de database van de erkende instelling of hippische sportorganisatie en in het bijbehorende paspoort van de paardachtige.

C. Gegevens databank erkende instelling of hippische sportorganisatie

De gegevens die de erkende instelling of hippische sportorganisatie op grond van artikel 21 van Verordening (EG) Nr. 504/2008 moet registreren zijn eigendom van het productschap en worden desgevraagd aan het productschap verstrekt.

II. Duplicaatpaspoort / vervangend paspoort

A. Aanvraag

  • 1. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 16, eerste lid, en artikel 17, eerste lid, van Verordening (EG) Nr. 504/2008, wordt vastgesteld of het een aanvraag voor een duplicaatpaspoort dan wel een vervangend paspoort betreft. In dat verband controleert de instelling of de identiteit van de paardachtige kan worden vastgesteld aan de hand van de transpondercode, de alternatieve identificatiemethode of een eerder bepaalde DNA-code.

  • 2. Met inachtneming van het bepaalde in artikel 10, tweede lid, van de verordening, wordt ter zake van de aanvraag voor een duplicaatpaspoort vastgesteld of de aanvraag bij de juiste erkende instelling of hippische sportorganisatie is ingediend. Indien dat niet het geval is, wordt de aanvraag doorgestuurd naar de juiste erkende instelling of hippische sportorganisatie.

  • 3. De aanvraag en uitgifte van een duplicaatpaspoort of een vervangend paspoort wordt niet afhankelijk gesteld van het lidmaatschap van de erkende instelling of hippische sportorganisatie waar de aanvraag wordt ingediend.

  • 4. Uitsluitend aanvragen die zijn ingediend door middel van het in artikel 7, eerste lid, van de verordening bedoelde aanvraagformulier, worden in behandeling genomen.

  • 5. Uitsluitend aanvragen die vergezeld gaan van het volledig en naar waarheid ingevulde en ondertekende vragenformulier zoals dat is opgenomen in bijlage I bij het Besluit voorschriften aanvraag tot uitgifte van duplicaatpaspoorten en vervangende paspoorten en afgifte van tijdelijke documenten voor paardachtigen (PVV) 2009, worden in behandeling genomen.

  • 6. Indien het vragenformulier onvoldoende informatie biedt om te kunnen beoordelen of een duplicaatpaspoort of vervangend paspoort kan worden uitgegeven, wordt de aanvrager binnen 14 dagen na ontvangst van de aanvraag schriftelijk verzocht binnen 4 weken aanvullende informatie toe te zenden. Wordt de gevraagde informatie niet binnen die termijn ontvangen, dan wordt de aanvraag afgewezen.

  • 7. Aanvraagformulieren zijn gedurende het gehele leven van de paardachtige gearchiveerd bij de erkende instelling of hippische sportorganisatie.

B. Uitgifte

  • 1. Voorafgaand aan de uitgifte worden de maatregelen getroffen zoals genoemd in de artikelen 9 en 10 van Verordening (EG) Nr. 504/2008.

  • 2. Indien van toepassing op de situatie wordt mede aan de hand van het ingevulde vragenformulier beoordeeld of de aanvrager voldoende inspanningen heeft verricht om een nog aanwezig paspoort te verkrijgen. Indien dat niet het geval is, wordt de aanvraag afgewezen.

  • 3. Indien de identiteit van de paardachtige is geverifieerd, wordt dit op het aanvraagformulier vermeld.

  • 4. Uiterlijk 8 weken na het in behandeling nemen van de aanvraag, dan wel indien aanvullende informatie is gevraagd, na het ontvangen van die informatie, wordt beslist op de aanvraag.

  • 5. In hoofdstuk IX, deel II, van het duplicaatpaspoort dan wel het vervangend paspoort wordt de verklaring ingevuld dat de paardachtige niet bestemd is voor de slacht voor menselijke consumptie. Dit wordt bekrachtigd met de handtekening en stempel van de erkende instelling of hippische sportorganisatie.

  • 6. Indien een vervangend paspoort wordt uitgegeven wordt hoofdstuk II van het paspoort niet ingevuld.

  • 7. Bij uitgifte wordt als datum van uitgifte in het duplicaatpaspoort dan wel het vervangend paspoort vermeld de datum van uitgifte van het betreffende duplicaatpaspoort dan wel het vervangend paspoort.

  • 8. Bij uitgifte wordt het paspoort op naam gesteld van de aanvrager van het paspoort.

  • 9. Het duplicaatpaspoort respectievelijk het vervangend paspoort wordt op de eerste pagina, zichtbaar in het doorkijkvenster, voorzien van het stempel 'DUPLICAATPASPOORT' respectievelijk 'VERVANGEND PASPOORT', in blauwe drukletters.

C. Gegevens databank erkende instelling of hippische sportorganisatie

  • 1. De uitgifte van een duplicaatpaspoort dan wel vervangend paspoort wordt geregistreerd in de databank van de erkende instelling of hippische sportorganisatie.

  • 2. Bij de uitgifte van een vervangend paspoort worden voorts de gegevens die de erkende instelling of hippische sportorganisatie op grond van artikel 21 van Verordening (EG) Nr. 504/2008 moet registreren in de databank opgenomen.

  • 3. De onder punt 2. bedoelde gegevens zijn eigendom van het productschap en worden desgevraagd aan het productschap verstrekt.

III. Retour ontvangen paspoorten

Indien een paspoort bij de instantie die het heeft uitgegeven is retour ontvangen vanwege dood van de paardachtige, neemt de erkende instelling of hippische sportorganisatie de volgende maatregelen:

  • 1. Het paspoort wordt vernietigd.

  • 2. In afwijking van punt 1. kan een paspoort op diens verzoek aan de laatste houder worden verstrekt, mits het is voorzien van:

    • a. het stempel 'ONGELDIG', in rode drukletters, op de eerste pagina, zichtbaar in het doorkijkvenster, en

    • b. het op twee plaatsen van het paspoort duidelijk zichtbaar is voorzien van een gat met een doorsnede van tenminste 0,5 cm door alle lagen van het paspoort heen.

  • 3. Van alle retour ontvangen paspoorten wordt een aantekening gemaakt in de databank van de erkende instelling of hippische sportorganisatie.

IV. Tijdelijk document