Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling bibliotheekinnovatie[Regeling vervallen per 01-01-2014.]

Geldend van 01-07-2010 t/m 31-12-2013

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 10 juli 2009, nr. WJZ/139906 (8262), houdende subsidiëring van innovatie van bibliotheken (Subsidieregeling bibliotheekinnovatie)

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op de artikelen 5, 5a, 7, zesde lid, 32, eerste lid en 43 van het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemeen [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 1. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-01-2014]

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 1a. Grondslag [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling berust op artikel 4 van het Besluit op het specifiek cultuurbeleid.

Artikel 2. Reikwijdte [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 De minister kan op aanvraag aan een instelling subsidie verlenen voor activiteiten die de innovatie en digitalisering van openbare bibliotheken bevorderen.

  • 2 Subsidie als bedoeld in het eerste lid kan worden verstrekt voor innovatieve projecten rond de volgende thema’s:

    • a. digitale infrastructuur;

    • b. digitale diensten en producten; en

    • c. collectiebeleid.

Artikel 3. Subsidieaanvrager [Vervallen per 01-01-2014]

Subsidie kan worden aangevraagd door een instelling die aantoonbare relevante kennis en kunde heeft op het gebied van bibliotheekwerk en bibliotheekinnovatie.

Artikel 4. Subsidiabele kosten [Vervallen per 01-01-2014]

De subsidiabele kosten omvatten uitsluitend de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van de activiteiten toe te rekenen kosten:

  • a. loonkosten;

  • b. overheadkosten;

  • c. kosten van ingehuurde derden; en

  • d. kosten van materialen.

Artikel 5. Looptijd [Vervallen per 01-01-2014]

Een project komt slechts in aanmerking voor subsidie als het project in 2009 aanvangt en uiterlijk is afgerond in 2010.

Artikel 6. Subsidieplafonds [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 Voor subsidieverlening is een bedrag van € 7.558.000 beschikbaar.

  • 2 Voor de thema’s, bedoeld in artikel 2, tweede lid, gelden de volgende subsidieplafonds:

    • a. digitale infrastructuur: € 410.000;

    • b. digitale diensten en producten: € 4.298.000; en

    • c. collectiebeleid: € 2.850.000.

  • 3 Indien het bedrag, bedoeld in het tweede lid, onder a, b of c, niet geheel wordt verleend, kan de minister het bedrag dat niet verleend is toevoegen aan een van de andere bedragen, bedoeld in het tweede lid.

Hoofdstuk 2. Aanvraag [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 7. Aanvraag [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 Een aanvraag voor subsidie gaat in ieder geval vergezeld van:

    • a. een activiteitenplan; en

    • b. een begroting.

  • 2 Een aanvraag wordt ingediend bij de minister, Directie Media, Letteren en Bibliotheken (MLB), Postbus 16375, 2500 BJ Den Haag.

Artikel 8. Aanvraagtermijn [Vervallen per 01-01-2014]

Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend voor 15 september 2009.

Artikel 9. Advies regiegroep [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 Indien een aanvraag voldoet aan de voorgaande artikelen, verzoekt de minister de regiegroep over de aanvraag te adviseren.

  • 2 De minister zendt een aanvraag als bedoeld in het eerste lid uiterlijk een week na de datum, bedoeld in artikel 8, aan de regiegroep.

  • 3 De regiegroep adviseert over alle van de minister ontvangen aanvragen tegelijk.

  • 4 De regiegroep adviseert binnen vijf weken na de datum, bedoeld in artikel 8.

  • 5 Indien een aanvraag niet wordt voorgelegd aan de regiegroep wijst de minister de aanvraag af.

Artikel 10. Advisering [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 De regiegroep adviseert welke aanvragen in aanmerking moeten komen voor de verschillende categorieën van subsidie.

  • 2 Bij de advisering toetst de projectgroep in ieder geval aan de volgende criteria:

    • a. innovatief karakter;

    • b. bijdrage aan de verdere ontwikkeling van de digitale bibliotheek;

    • c. realiseerbaarheid naar inhoud en tijd; en

    • d. de kosteneffectiviteit; de mate waarin de gevraagde subsidie redelijk is ten opzichte van het te verwachten effect van de activiteiten.

Hoofdstuk 3. Verlening [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 11. Verlening [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen waarover de regiegroep heeft geadviseerd, op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie.

  • 2 De minister beslist op de aanvragen mede op basis van de adviezen van de regiegroep.

  • 3 De minister beslist voor 1 december 2009 op de aanvragen.

Artikel 12. Bevoorschotting [Vervallen per 01-01-2014]

De minister kan voorschotten verlenen van ten hoogste 80 procent van het verleende subsidiebedrag.

Hoofdstuk 4. Subsidieverplichtingen [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 13. Intellectuele eigendomsrechten [Vervallen per 01-01-2014]

Indien de subsidieontvanger bij het verrichten van de gesubsidieerde activiteiten intellectuele eigendomsrechten vestigt, draagt de subsidieontvanger deze intellectuele eigendomsrechten, voor zover deze rechten wettelijk overdraagbaar zijn, na afronding van de activiteiten over aan de Staat der Nederlanden. De subsidieontvanger werkt mee aan overdracht van de rechten bij akte.

Artikel 13a. Overige verplichtingen [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 5.7 en 5.8 van de Regeling zijn van overeenkomstige toepassing op de ontvanger van een subsidie op grond van deze regeling met dien verstande dat de artikelen ook van toepassing zijn op subsidies die minder bedragen dan € 25.000.

Hoofdstuk 5. Vaststelling [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 14. Vaststelling van de subsidie [Vervallen per 01-01-2014]

  • 1 Binnen vier maanden na afloop van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dient de subsidieontvanger de volgende bescheiden in:

    • a. een activiteitenverslag; en

    • b. een jaarrekening of financieel verslag.

  • 3 Indien het verleende subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt is artikel 2.27 van de Regeling van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening en het financieel verslag.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen [Vervallen per 01-01-2014]

Artikel 15. Inwerkingtreding [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 16. Citeertitel [Vervallen per 01-01-2014]

Deze regeling wordt aangehaald als Subsidieregeling bibliotheekinnovatie.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

R.H.A. Plasterk