KruimelpadGeldend op 23-10-2009
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelet op richtlijn nr. 2000/56/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 14 september 2000 tot wijziging van richtlijn nr. 91/439/EEG van de Raad betreffende het rijbewijs (PbEG L 237) en de artikelen 111, vierde lid, 131, eerste en zesde lid, en 134 van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 136, tweede lid, van het Reglement rijbewijzen;
Besluit:
Bij het onderzoek naar de rijvaardigheid als bedoeld in artikel 134a van het Reglement rijbewijzen dient betrokkene blijk te geven kennis en inzicht te bezitten van de volgende voorschriften:
a. voor de rijbewijscategorie A: de eisen genoemd in de artikelen 3 en 4 van de Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorie A;
b. voor de rijbewijscategorie B, respectievelijk de rijbewijscategorie E bij B: de eisen genoemd in de artikelen 3 en 4 van de Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorieën B en E bij B;
c. voor de rijbewijscategorie C, respectievelijk de rijbewijscategorie E bij C: de eisen genoemd in onderdelen 3.1, 3.2, 3.3, 4.1 en 4.2 van de bijlage bij de Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorieën C en E bij C;
d. voor de rijbewijscategorie D, respectievelijk de rijbewijscategorie E bij D: de eisen genoemd in onderdelen 3.1, 3.2, 3.3, 4.1 en 4.2 van de Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorieën D en E bij D.