Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling emancipatie[Regeling vervallen per 01-07-2011.]

Geldend van 11-12-2009 t/m 31-12-2010

Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 4 juli 2008, nr. DE/30569, houdende regels voor het verstrekken van subsidie in het kader van het emancipatiebeleid (Subsidieregeling emancipatie)

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Gelet op artikel 4 van de Wet overige OCW-subsidies;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 1.1. Begripsbepaling [Vervallen per 01-07-2011]

In deze regeling wordt verstaan onder:

Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 1.2. Subsidieaanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister verleent subsidie op aanvraag.

Artikel 1.3. Niet vervullen begrotingsvoorwaarde [Vervallen per 01-07-2011]

In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de op grond van deze regeling verleende subsidiebedragen, verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de begroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de verleende subsidiebedragen.

Artikel 1.4. Meldingsplicht veranderde omstandigheden [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de Minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.

Artikel 1.5. Informatieplicht [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de Minister ingestelde onderzoekingen die erop gericht zijn de Minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.

Artikel 1.6. Voorschot [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De Minister verleent geen voorschotten op subsidies tot € 25.000.

  • 2 Het ritme en de hoogte van de voorschotverlening van subsidies vanaf € 25.000 worden afgestemd op de liquiditeitsbehoefte van de subsidieontvanger en in de beschikking tot subsidieverlening vastgesteld.

  • 3 In uitzondering op het tweede lid verleent de Minister aan de instellingen genoemd in de artikelen 2.1 tot en met 2.7 voorschotten tot ten hoogste 100% van het verleende subsidiebedrag.

Artikel 1.7. Subsidieplafond en maximale subsidiebedragen [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Het subsidieplafond is gelijk aan het bedrag voor de operationele doelstelling ‘Het versterken van het emancipatieproces in de samenleving’ in de programma-uitgaven in de ten tijde van de aanvraag geldende Rijksbegroting OCW, artikel 25 Emancipatie, voor de betreffende jaren verdeeld naar de verschillende operationele doelstellingen betreffende emancipatie dan wel homo-emancipatie.

  • 2 Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid bedraagt het maximaal beschikbare subsidiebedrag voor de subsidieontvangers genoemd onder a tot en met e voor het boekjaar 2009 maximaal:

    • a. voor het COC: € 300.000,–;

    • b. voor Stichting Aletta: € 1.858.610,–;

    • c. voor Stichting Her World: € 150.000,–;

    • d. voor E-Quality: € 2.064.998,–;

    • e. voor IHLIA: € 134.000,–.

  • 3 Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid bedraagt het maximaal beschikbare subsidiebedrag voor de subsidieontvangers genoemd onder a tot en met g voor de boekjaren 2010 en 2011 maximaal:

    • a. voor het COC: € 800.000,– voor het boekjaar 2010 en € 800.000,– het boekjaar 2011;

    • b. voor Stichting Aletta: € 1.672.749,– voor het boekjaar 2010 en € 1.672.749,– voor het boekjaar 2011;

    • c. voor Stichting Her World: € 150.000,– voor het boekjaar 2010 en € 150.000,– voor het boekjaar 2011;

    • d. voor E-Quality: € 1.858.498,– voor het boekjaar 2010 en € 1.858.498,– voor het boekjaar 2011;

    • e. voor IHLIA: € 300.000,– voor het boekjaar 2010 en € 300.000,– voor het boekjaar 2011;

    • f. voor het TNN: € 100.000,– voor het boekjaar 2010 en € 100.000,– voor het boekjaar 2011;

    • g. voor de NVR: € 150.000,– voor het boekjaar 2010 en € 150.000,– voor het boekjaar 2011.

  • 4 De Minster kan voor de boekjaren 2010 en verder bovenop de maximale subsidiebedragen in het derde lid loon- en prijscompensatie toekennen aan de instellingen genoemd in de artikelen 2.1 tot en met 2.7.

Hoofdstuk 2. Subsidies (homo-)emancipatiestructuur [Vervallen per 01-07-2011]

§ 2.1. Inleidende bepalingen [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 2.1. COC [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan de Federatie van Nederlandse Verenigingen tot Integratie van Homoseksualiteit COC Nederland subsidie verstrekken per boekjaar voor de internationaal vertegenwoordigende taak van het COC en voor de landelijke agenderende, consulterende en ondersteunende rol van het COC op het terrein van het bevorderen van sociale acceptatie van homoseksuele mannen, lesbische vrouwen, biseksuelen en transgender personen in de samenleving.

Artikel 2.2. Stichting Aletta [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan de Stichting Aletta, Instituut voor Vrouwengeschiedenis subsidie verstrekken per boekjaar voor het beheren en toegankelijk maken van het erfgoed van de vrouwenbeweging.

Artikel 2.3. Stichting Her World [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan Stichting Her world subsidie verstrekken per boekjaar voor de nationale en regionale platformfunctie van WOMEN Inc. voor vrouwen ongeacht leeftijden, culturen en disciplines.

Artikel 2.4. E-Quality [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan het Kenniscentrum voor emancipatie, gezin en diversiteit E-Quality subsidie verstrekken per boekjaar voor het vervullen van de functie van kenniscentrum voor emancipatie, gezin en diversiteit.

Artikel 2.5. IHLIA [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan de Stichting Internationaal Homo/Lesbisch Informatiecentrum en Archief subsidie verstrekken per boekjaar voor het beheren en toegankelijk maken van het erfgoed van de homobeweging.

Artikel 2.6. TNN [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan de Stichting Transgender Netwerk Nederland subsidie verstrekken per boekjaar voor de landelijke agenderende, consulterende en ondersteunende rol van het TNN op het terrein van transgender personen in de samenleving.

Artikel 2.7. NVR [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan aan de Nederlandse Vrouwen Raad subsidie verstrekken per boekjaar voor de internationaal vertegenwoordigende rol van het NVR en de landelijke agenderende, consulterende en ondersteunende rol van de NVR op het terrein van het bevorderen van emancipatie van vrouwen en meisjes in de samenleving.

§ 2.2. Subsidieaanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 2.8. Vereisten aanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Naast een activiteitenplan en een begroting als bedoeld in artikel 4:61 van de Algemene wet bestuursrecht omvat de subsidieaanvraag:

    • a. de beoogde prestaties, die worden weergegeven door middel van prestatie-indicatoren; en

    • b. een liquiditeitsplanning.

Artikel 2.9. Termijn indiening [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Een subsidieaanvraag wordt uiterlijk dertien weken voor de aanvang van een boekjaar ingediend.

  • 2 In afwijking van het eerste lid wordt de subsidieaanvraag voor het jaar 2010, uiterlijk op 1 december 2009 ingediend.

§ 2.3. Subsidieverlening [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 2.10. Beslistermijn [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De Minister beslist binnen maximaal 22 weken na een aanvraag voor een subsidie tot € 25.000.

  • 2 De Minister beslist binnen maximaal 13 weken na een aanvraag voor een subsidie vanaf € 25.000.

Artikel 2.11. Tijdvak subsidieverlening [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De Minister verleent subsidie voor ten hoogste twee jaren.

§ 2.4. Verplichtingen subsidieontvanger [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 2.12. Bestedingsrichting [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidie aan de subsidieontvangers, bedoeld in de artikelen 2.1 tot en met 2.7, wordt aangewend voor de verwezenlijking van het goedgekeurde activiteitenplan en de daarbij aangegeven prestaties.

Artikel 2.13. Overleg over prestatie-indicatoren [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger is verplicht mee te werken aan overleg over de prestatie-indicatoren.

Artikel 2.14. Rechtshandelingen [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger behoeft de toestemming van de Minister voor rechtshandelingen als bedoeld in artikel 4:71, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 2.15. Tussentijdse rapportage [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De Minister kan in de beschikking tot subsidieverlening een subsidieontvanger aan wie meer dan € 125.000 subsidie is verleend en aan wie voor meerdere jaren subsidie is verleend, de verplichting opleggen tussentijdse rapportages over de voortgang van de gesubsidieerde prestaties en over de besteding van de subsidie in te dienen.

  • 2 De rapportages sluiten aan bij het activiteitenplan en de begroting.

  • 3 De Minister bepaalt in de beschikking tot subsidieverlening tevens met welke frequentie en voor welke datum een tussenrapportage wordt ingediend.

§ 2.5. Subsidievaststelling [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 2.16. Subsidievaststelling [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Subsidieontvangers van een subsidie tot € 25.000 dienen geen aanvraag tot subsidievaststelling in.

  • 3 De aanvraag tot vaststelling van een subsidie vanaf € 125.000 gaat vergezeld van:

  • 6 De subsidieontvanger dient binnen zes maanden na afloop van het laatste boekjaar van de subsidieverlening een aanvraag tot vaststelling in.

  • 7 De Minister stelt binnen 22 weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling de subsidie vast.

Hoofdstuk 3. Subsidies voor projecten die bijdragen aan de verbetering van de (homo-) emancipatie [Vervallen per 01-07-2011]

§ 3.1. Inleidende bepalingen [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 3.1. Doelomschrijving [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister kan subsidie verstrekken voor de kosten van de uitvoering van een project dat in belangrijke mate bijdraagt aan de verbetering van de positie van meisjes en vrouwen, als beschreven in de ten tijde van de aanvraag geldende emancipatienota, dan wel voor de kosten van de uitvoering van een project dat in belangrijke mate bijdraagt aan de verbetering van de positie van homoseksuelen, als beschreven in de ten tijde van de aanvraag geldende homo-emancipatienota.

Artikel 3.2. Subsidieontvanger [Vervallen per 01-07-2011]

Subsidie wordt slechts verstrekt aan een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid.

§ 3.2. Subsidieaanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 3.3. Subsidieaanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

Subsidie wordt op aanvraag verstrekt.

Artikel 3.4. Vereisten aanvraag [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De subsidieaanvraag omvat:

    • a. een activiteitenplan op basis van prestatie-indicatoren;

    • b. een begroting; en

    • c. een overzicht van de liquiditeitsplanning van het project.

  • 3 De Minister beslist binnen maximaal 22 weken na een aanvraag voor dan wel omtrent een subsidie tot € 25.000.

  • 4 De Minister beslist binnen maximaal 13 weken na een aanvraag voor een subsidie vanaf € 25.000.

Artikel 3.5. Activiteitenplan [Vervallen per 01-07-2011]

Het activiteitenplan omvat:

  • a. een beschrijving en analyse van de aanleiding van het project;

  • b. een beschrijving van de te bereiken doelgroep;

  • c. een beschrijving van de uit te voeren activiteiten en prestatie-indicatoren; en

  • d. een beschrijving van de doelstellingen en beoogde prestaties van het project.

§ 3.3. Subsidieverlening [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 3.6. Criteria verdeling bij subsidieverstrekking [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Subsidie wordt slechts verstrekt indien een project uitvoering geeft aan en in belangrijke mate bijdraagt aan een in het huidige kabinetsbeleid neergelegde emancipatiedoelstelling of -activiteit en past binnen het beschikbare budget.

  • 2 In verband met het subsidieplafond , bedoeld in artikel 1.7, eerste lid, kan de Minister een termijn van indiening bepalen. In dat geval voorziet de Minister in een gelijktijdige beslissing op aanvragen met betrekking tot soortgelijke projecten op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de projectsubsidie.

  • 3 Indien de Minister geen indieningtermijn als bedoeld in het eerste lid vaststelt, wordt het beschikbare bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen voor projectsubsidies verdeeld.

Artikel 3.7. Tijdvak subsidieverlening [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister verstrekt subsidie voor een project van ten hoogste vier jaren.

Artikel 3.8. Weigeringgronden [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Een aanvraag voor een subsidie wordt geweigerd indien de Minister van oordeel is dat het verstrekken daarvan, mede gelet op de voor emancipatie van vrouwen en meisjes en homo-emancipatie beschikbare financiële middelen, niet of onvoldoende past binnen zijn beleid, zoals is neergelegd in de nota’s op het terrein van emancipatie van vrouwen en meisjes en homo-emancipatie.

  • 2 Voorts wordt de subsidie, onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, geweigerd indien de Minister van oordeel is dat:

    • a. onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de financiële middelen, met inbegrip van de subsidie, voldoende zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren;

    • b. te verwachten is dat de met de subsidie beoogde doeleinden niet zullen worden bereikt;

    • c. de aanvrager de behoefte aan subsidie niet heeft aangetoond;

    • d. subsidie voor dit soort activiteiten reeds is verstrekt; of

    • e. het project reeds is afgerond.

§ 3.4. Verplichtingen subsidieontvanger [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 3.9. Verplichtingen [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger zorgt ervoor dat:

  • a. de gesubsidieerde activiteiten conform het activiteitenplan worden uitgevoerd;

  • b. de subsidie op doelmatige wijze wordt gebruikt voor de doeleinden waarvoor de subsidie wordt verleend; en

  • c. de aan de subsidie verbonden verplichtingen worden nageleefd.

Artikel 3.10. Tussentijdse rapportage [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De Minister kan aan een subsidieontvanger aan wie voor meer dan € 125.000 subsidie is verleend en aan wie voor meerdere jaren projectsubsidie is verleend, de verplichting opleggen tussentijdse rapportages over de voortgang van de gesubsidieerde prestaties en over de besteding van de subsidie in te dienen.

  • 2 De rapportages sluiten aan bij het activiteitenplan en de begroting.

  • 3 De Minister bepaalt in de beschikking tot subsidieverlening of het eerste lid van toepassing is en met welke frequentie en voor welke datum een tussenrapportage wordt ingediend.

§ 3.5. Subsidievaststelling [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 3.11. Subsidievaststelling [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 Subsidieontvangers van een subsidie tot € 25.000 dienen geen aanvraag tot subsidievaststelling in.

  • 2 Subsidieontvangers van een subsidie vanaf € 25.000 dienen binnen tweeëntwintig weken na afloop van het project waarvoor de subsidie is verleend een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.

  • 4 De aanvraag tot vaststelling van de subsidie vanaf € 125.000 gaat vergezeld van:

  • 5 Indien de subsidieontvanger, bedoeld in het vierde lid, verplicht is tot het opstellen van een jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, kan de subsidieontvanger in plaats van het financieel verslag de jaarrekening overleggen. De kosten van het project dienen herkenbaar in de jaarrekening te worden opgenomen.

Artikel 3.12. Financieel verslag [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De inrichting van het financieel verslag sluit aan op de inrichting van de begroting.

  • 2 Het financieel verslag geeft inzicht in de aanwending en besteding van de subsidie.

  • 3 In het financieel verslag worden verschillen tussen de begroting en het financieel verslag toegelicht, tenzij deze van geringe betekenis zijn.

Artikel 3.13. Accountantsverklaring [Vervallen per 01-07-2011]

  • 2 De accountantsverklaring bevat tevens een oordeel over de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen door de subsidieontvanger.

Artikel 3.14. Controleprotocol accountant [Vervallen per 01-07-2011]

De subsidieontvanger bedingt bij de accountant, bedoeld in artikel 3.13, eerste lid, dat deze zijn onderzoek inricht overeenkomstig een door de Minister vast te stellen controleprotocol.

Artikel 3.15. Subsidievaststelling [Vervallen per 01-07-2011]

De Minister stelt de subsidie uiterlijk 22 weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie vast.

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen [Vervallen per 01-07-2011]

Artikel 4.1. Inwerkingtreding [Vervallen per 01-07-2011]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 4.2. Citeertitel [Vervallen per 01-07-2011]

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling emancipatie.

Artikel 4.3. Overgangsrecht [Vervallen per 01-07-2011]

  • 1 De hoofdstukken 2 en 3 zoals deze luidden voor de datum van inwerkingtreding van deze regeling zijn van toepassing op beslissingen en geschillen die betrekking hebben op de periode voorafgaand aan die datum.

  • 2 De hoofdstukken 2 en 3, zoals deze luidden voor inwerkingtreding van deze regeling, worden genoemd:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant en op www.emancipatieweb.nl worden geplaatst.

De

Minister

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

R.H.A. Plasterk