Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Verordening PA aardappelmoeheid 2008[Regeling vervallen per 01-01-2015.]

Geldend van 26-12-2009 t/m 31-12-2014

Verordening van het Productschap Akkerbouw van 27 maart 2008 houdende regels over de bestrijding van aardappelmoeheid (Verordening PA aardappelmoeheid 2008)

Het bestuur van het Productschap Akkerbouw;

Gelet op de artikelen 93, 95, 104, eerste en derde lid, en 126, tweede lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie en op de artikelen 8, 17 en 18 van het Instellingsbesluit akkerbouwproductschappen;

Gehoord de Commissie Teeltaangelegenheden;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2015]

Deze verordening verstaat onder:

a.

productschap

:

Productschap Akkerbouw;

b.

bestuur

:

bestuur van het productschap;

c.

dagelijks bestuur

:

dagelijks bestuur van het productschap;

d.

voorzitter

:

voorzitter van het productschap;

e.

secretaris

:

secretaris van het productschap;

f.

commissie

:

Commissie Teeltaangelegenheden;

g.

ondernemer

:

de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld;

h.

aardappelen

:

planten van de soort Solanum Tuberosum;

i.

perceel

:

een oppervlakte grond, in eigendom of in gebruik bij een onderneming, waarop één soort gewas geteeld wordt;

j.

NAK

:

Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen, gevestigd te Emmeloord;

k.

NAK-teler

:

de ondernemer die aardappelplanten ter veldkeuring heeft aangegeven bij de NAK;

l.

NAK-pootaardappelen

:

aardappelen die kennelijk bestemd zijn voor wederuitplant en die door de NAK-teler ter veldkeuring zijn aangegeven bij de NAK;

m

topografische kaart

 

topografische kaart, verstrekt door de Dienst Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (DR), welke kaart onderdeel is van de gecombineerde opgave die bij DR wordt ingediend.

§ 2. Verbodsbepalingen [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2015]

  • 1 Het is de ondernemer verboden aardappelen te telen in de volle grond op een perceel, gelegen in een daartoe in bijlage 1 aangewezen gebied.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2015]

  • 1 Het is een ondernemer verboden aardappelen te telen op een perceel, waarop zich binnen de twee aan dat tijdstip voorafgaande kalenderjaren zulke planten hebben bevonden.

  • 2 Het verbod gesteld in het eerste lid is niet van toepassing op de teelt van aardappelen op een perceel gelegen in daartoe in bijlage 2 aangewezen gebieden, mits voldaan wordt aan de in die bijlage gestelde regelen.

  • 3 In afwijking van het bepaalde in het tweede lid, is het de NAK-teler verboden in de in bijlage 2 genoemde gebieden pootaardappelen te telen, indien in die gebieden binnen de twee aan dat tijdstip voorafgaande kalenderjaren aardappelen zijn geteeld.

§ 3. Overige bepalingen [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2015]

De NAK-teler is verplicht, indien de NAK daarom verzoekt, aan de NAK voor een door de NAK te bepalen datum een kopie van de topografische kaart te verstrekken waarop of waarbij de percelen voor de aardappelteelt zijn aangegeven.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2015]

  • 1 De voorzitter is namens het bestuur bevoegd bij besluit, gehoord de commissie, andere dan de in de bijlage 1 en 2 genoemde gebieden aan te wijzen, totdat bij verordening tot wijziging van de betreffende bijlage daarin is voorzien. Alsdan wordt het betreffende besluit geacht te zijn ingetrokken.

  • 2 Het bestuur kan bij besluit, gehoord de commissie, vrijstelling verlenen van een of meer bepalingen uit deze verordening en daarbij nadere voorschriften vaststellen.

  • 4 De voorzitter stelt namens het bestuur bij besluit de voorschriften vast waaronder ontheffing van het bepaalde in artikel 3, eerste lid verleend kan worden.

  • 5 Een besluit als bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid wordt bekend gemaakt in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking, tenzij het betreffende besluit anders bepaalt.

  • 6 Het verzoek om ontheffing wordt niet eerder in behandeling genomen dan nadat door de ondernemer de navolgende retributie is voldaan:

    • a. met betrekking tot het verzoek om ontheffing ten aanzien van het bepaalde in artikel 2, eerste lid een bedrag van € 50,–;

    • b. met betrekking tot het verzoek om ontheffing ten aanzien van het bepaalde in artikel 3, eerste lid een bedrag van € 150,–;

    • c. met betrekking tot het verzoek om ontheffing ten aanzien van het bepaalde in artikel 3, tweede lid een bedrag van € 150,–.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2015]

Het bepaalde bij of krachtens deze verordening, waarbij aan ondernemers verplichtingen worden opgelegd, is mede bindend voor andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig in ondernemingen, waarvoor het productschap is ingesteld, plegen te worden verricht.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2015]

Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld.

§ 4. Slotbepaling [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2015]

Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en treedt in werking de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2015]

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening PA aardappelmoeheid 2008.

Den Haag, 27 maart 2008

Th.A.M. Meijer

voorzitter

M. Elema

secretaris

Bijlage 1 [Vervallen per 01-01-2015]

Als gebieden, bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden aangewezen:

  • 1. het gebied gelegen in de gemeenten Waddinxveen, Boskoop, Rijnwoude en Reeuwijk, dat als volgt is begrensd: vanaf hefbrug Waddinxveen en achtereenvolgens Nesse, Noordkade, gemeentegrens Waddinxveen-Boskoop tot de Hogeveenseweg, de Hogeveenseweg, Roemer, de dijk aan de zuidwestzijde aan de Ambachtspolder tot aan de Voorweg, de Voorweg in westelijke richting tot aan het gemaal, vandaar langs de sloot in noordelijke richting tot molen Rietveldsevaart, de Rietveldsevaart in westelijke richting tot de Oostvaart, de Oostvaart in noordelijke richting tot de Spookverlaat, Spookverlaat tot de Compierekade, Compierekade in zuidelijke richting tot de Spijkerboorsche wetering, Spijkerboorsche wetering tot de Nesse, Nesse in oostelijke richting, Toegangseweg, de gemeentegrens Alphen a/d Rijn-Boskoop in oostelijke richting tot de Dammekade, Dammekade gemeentegrens Boskoop-Bodegraven tot de Ringdijk, daarna de Ringdijk volgend eerst in oostelijke-daarna in zuidelijke- en tot slot in zuidwestelijke richting tot de Schinkeldijk, Schinkeldijk in noordwestelijke richting, Tempeldijk, Middelweg, Middelburgseweg in zuidelijke richting, Zwarteweg, Bloemendaalseweg tot de A12, A12 in zuidwestelijke richting tot de Henegouwerweg, Henegouwerweg in noordelijke richting tot de hefbrug in Waddinxveen;

  • 2. het gebied dat de volgende gemeenten en delen van gemeenten omvat:

    • -

      het deel van Wassenaar, voor zover gelegen ten noorden van de lijn Wassenaarse slag, Katwijkseweg, de Van Zuylen van Nijeveltstraat, de Deijlerweg, de Rozenweg en ten westen van de autosnelweg A4;

    • -

      Katwijk;

    • -

      het deel van Oegstgeest, voor zover gelegen ten westen van de autosnelweg A44 en het gedeelte ten noorden van het Oegstgeesterkanaal;

    • -

      het deel van Teylingen ten westen van de Warmonderleede en de Kagerplassen;

    • -

      Noordwijk;

    • -

      Noordwijkerhout;

    • -

      Lisse;

    • -

      Hillegom;

    • -

      het deel van Heemstede, voor zover gelegen ten zuidwesten van de lijn Cruquiusweg, de Heemsteedse Dreef, de Camplaan, de van Merlenlaan, de Herenweg, de Rijnlaan, de Amstellaan en het verlengde Amstellaan (door de Amsterdamse Waterleiding);

    • -

      het deel van Bloemendaal, voor zover gelegen ten zuiden van de verlengde Amstellaan (door de Amsterdamse Waterleiding);

  • 3. het gebied dat de volgende gemeenten en delen van gemeenten omvat:

    • -

      het deel van Beverwijk, voor zover gelegen ten oosten van de Meeuweweg en ten noordwesten van de lijn Boothuisplein, Zeestraat, Warande, Wijk aan Duinerweg, Westerlaan, PIesmanweg en Alkmaarseweg;

    • -

      het deel van Heemskerk, voor zover gelegen ten noordwesten van de lijn Jan van Kuikweg, Jan Ligthartstraat, Jonkheer Geverslaan, Mozartstraat en ten noordoosten van Prof. ten Doesschatestraat, Broersven tot aan de Dije;

    • -

      het deel van Uitgeest, voor zover gelegen ten noorden van het Uitgeestermeer tussen de autosnelweg A9 en het Alkmaardermeer;

    • -

      het deel van Castricum, voor zover gelegen ten westen van het Alkmaardermeer en het Noordhollandsche Kanaal, en ten zuiden van de Kanaalweg;

    • -

      het deel van Heiloo, voor zover gelegen ten zuiden van de lijn Kanaalweg, Kennemerstraatweg, Zevenhuizenlaan, Westerweg, Vennewatersweg, het Malevoort tot aan fietspad, fietspad tot aan Zeeweg, Zeeweg;

    • -

      het deel van Bergen (NH), voor zover gelegen ten zuiden en ten westen van de lijn Hoevervaart, Weg van de Oude Vaart, Hoeverweg en Wimmenummervaart, Roossloot, Herenweg en Zeeweg;

  • 4. het gebied, gelegen in de gemeenten Neder-Betuwe en Overbetuwe en omsloten door: Rijnbandijk, Randwijkse Rijndijk, Lingekanaal, Linge, Peijenkampseveldweg, A15, Verlengde Lage Campseweg en Markstraat;

  • 5. het gebied in de gemeente Zundert, omsloten door: de sloot gelegen haaks op de Rijksgrens bij grenspaal 221 (in het verlengde van de Luxemburgstraat in de Belgische gemeente Meer, nabij Hazeldonk), het kavelpad tussen deze sloot en de bocht in de Laarse Heistraat, een denkbeeldige lijn tussen de bocht in de Laarse Heistraat en de hoek van de Bakkebrugstraat - Breedschotsestraat, Bakkebrugstraat, Bredaseweg, Stuivezandseweg, Klein Zundertseweg, Heischoorstraat, Sprundelsebaan, Bijloop, Rucphenseweg, Hulsdonkstraat, Roosendaalse Baan, Achtmaalseweg, Moststraat, Grote Heistraat, Oude Heistraat, Kalmthoutse Baan, de Rijksgrens tot aan grenspaal 221.

Bijlage 2 [Vervallen per 01-01-2015]

Als gebieden, bedoeld in artikel 3, tweede lid, worden aangewezen:

  • 1. De gehele provincie Drenthe en de volgende gemeenten of delen van gemeenten: In de provincie Groningen: Bellingwedde, Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde, Pekela, Reiderland voor zover gelegen ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg en ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn te Finsterwolde, Scheemda voor zover gelegen ten zuiden van de Goldhoorn te Oostwold en ten westen van de Noorderstraat, ten noorden van de Polderweg, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdweg-West te Nieuwolda, ten zuiden van de Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg, Slochteren, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde en Winschoten. In de provincie Friesland: Ooststellingwerf voor zover gelegen ten noorden van de Verwersweg (vanaf provinciegrens) tot de Zuid, ten oosten van de wegen Zuid en Hoofdweg tot Kloosterweg, ten zuiden van de wegen Kloosterweg, Terwisscha, Westeres en Bruggelaan tot de Compagnonsvaart, ten oosten van de wegen Zuideinde (door Fochteloo), Noordeinde, de Knolle tot kruising met de Weper, en ten zuiden van de wegen Weper en Weperpolder (tot provinciegrens).

    In de provincie Overijssel: Hardenberg, Twenterand, Hellendoorn, Om men en Steenwijkerland voor zover gelegen ten noorden en ten oosten van de Punterweg (vanaf Kuinderweg), Hammerdijk, Kerkbuurt, Blokzijlerdijk en Kuinderdijk, en ten zuiden en ten oosten van de Kanaalweg;

  • 2. het gebied begrensd door de provincie Overijssel ten zuiden van de Overijsselse Vecht en het Zwarte Water, Gelderland, Utrecht, Noord-Holland ten zuiden van het Noordzeekanaal en het IJ, Zuid-Holland, Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.

    De teelt van aardappelplanten op een perceel, waarop zich in het voorafgaande kalenderjaar géén en in het tweede voorafgaande kalenderjaar aardappelplanten bevonden en welk perceel is gelegen in het in de vorige alinea genoemde gebied is toegestaan, mits de aardappelplanten worden gerooid vóór 1 juli van het jaar waarin zij zijn geteeld en de ondernemer tijdig vóór deze datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de commissie;

  • 3. het gebied begrensd door de provincies Friesland, Groningen, Drenthe, Overijssel ten noorden van de Overijsselse Vecht en het Zwarte Water, Flevoland en Noord-Holland ten noorden van het Noordzeekanaal en het IJ, uitgezonderd het in sub 1 genoemde gebied.

    De teelt van aardappelplanten op een perceel, waarop zich in het voorgaande kalenderjaar géén en in het tweede voorafgaande kalenderjaar aardappelplanten bevonden en welk perceel is gelegen in het in de vorige alinea genoemde gebied is toegestaan, mits de aardappelplanten worden gerooid vóór 10 juli van het jaar waarin zij zijn geteeld en de ondernemer tijdig vóór deze datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de commissie;

  • 4. In afwijking van het gestelde sub 3 is de teelt van aardappelplanten toegestaan op een perceel, waarop zich in het voorgaande kalenderjaar aardappelplanten bevonden, mits:

    • a. het perceel is gelegen in het gebied "Opperdoes", begrensd door Noorderkogger zeedijk vanaf de Overleker Sluis van Medemblik, Noorderweg, Dorpsweg Twisk, Twiskerdijksloot, de Braak, de Muiter, Zandwegsloot naar de Overleker Sluis;

    • b. de aardappelplanten zijn gerooid vóór 10 juli van het jaar waarin zij worden geteeld;

    • c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de commissie en

    • d. uit een door de ondernemer uitgevoerde bemonstering van het perceel, verricht op een wijze waarbij een haard van 100 aardappelcysteaaltjes per kilogram grond met een betrouwbaarheid van tenminste 90% kan worden vastgesteld, geen aanwezigheid van cysteaaltjes blijkt.

  • 5. In afwijking van het gestelde sub 3 is de teelt van aardappelplanten toegestaan op een perceel waarop zich in het voorgaande kalenderjaar aardappelplanten bevonden, mits:

    • a. het perceel is gelegen in het gebied "Langedijk", begrensd door Koog, Langebalkweg, Kanaal Omval-Kolhorn, Uitvalsweg, Dorpsstraat Broek op Langedijk en Zuid- Scharwoude tot Koog;

    • b. de aardappelplanten zijn gerooid vóór 10 juli van het jaar waarin zij worden geteeld;

    • c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de commissie en

    • d. uit een door de ondernemer uitgevoerde bemonstering van het perceel, verricht op een wijze waarbij een haard van 100 aardappelcysteaaltjes per kilogram grond met een betrouwbaarheid van tenminste 90% kan worden vastgesteld, geen aanwezigheid van cysteaaltjes blijkt.

  • 6. In afwijking van het gestelde sub 3 is de teelt van aardappelplanten toegestaan op een perceel, waarop zich in het voorgaande kalenderjaar géén en in het daaraan voorafgaande kalenderjaar wel aardappelplanten bevonden, mits:

    • a. het perceel is gelegen in het gebied "Heerhugowaard/Geestmerambacht", begrensd door Kanaal Omval-Kolhorn, Westerlangereis, Langereis, Veenhuizerkade, Plempdijk, Ringvaart Heerhugowaard, Hoornse Vaart, Ringsloot polder, De Vronermeer, spoorlijn Alkmaar-Hoorn tot palen bovenleiding 39/23 en 39/24, Nollenweg, Provinciale weg S3 (Alkmaar-Schagen), Daalmeerpad, Vronermeerweg, Wijde Vaart (gedeeltelijk gedempt), Spanjaardsdam, Nauertogt, Westelijke Randweg, Maijersloot, Voorburggracht, Westelijke Randweg naar Broek op Langedijk, Stationsweg, Dorpsstraat, Uitvalsweg, Kanaal Omval-Kolhorn, Langebalkweg, Oostelijke randweg Noord-Scharwoude, Waarddijk West, Provinciale weg S4, Kanaal Omval-Kol hoorn;

    • b. de aardappelplanten zijn gerooid vóór 20 juli van het jaar waarin zij worden geteeld en

    • c. de ondernemer tijdig vóór de onder b bedoelde datum het voornemen tot rooien schriftelijk kenbaar gemaakt heeft bij de commissie.