Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling certificering opleidingsinstellingen en goedkeuring opleidingenplannen luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking

Geldend van 01-01-2017 t/m heden

Regeling houdende voorschriften inzake de certificering van aanbieders van opleidingen voor luchtverkeersdienstverlening en de goedkeuring van opleidingenplannen voor luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking en de erkenning van bewijzen van bevoegdheid (Regeling certificering opleidingen en goedkeuring opleidingenplannen luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking)

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van luchtverkeersleiders (PbEU L 114), de artikelen 2.3, vijfde lid, onderdeel e, en 2.8 van de Wet luchtvaart, de artikelen 24a, tweede lid, en 24c, eerste en tweede lid, van het Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart;

Besluit:

§ 1. Algemeen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

besluit: Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart;

gecertificeerde opleidingsinstelling: een organisatie die door de Minister is gecertificeerd voor het aanbieden van een of meer opleidingen tot vluchtinformatieverstrekker;

initiële training: basisopleiding ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid voor vluchtinformatieverstrekker of luchthaveninformatieverstrekker alsmede opleiding voor een bevoegdverklaring voor een dergelijke functie;

minister: Minister van Infrastructuur en Milieu;

opleiding: het geheel van theoretische cursussen, praktijkoefeningen, inclusief simulatie, of opleidingen op de werkplek, dat vereist is voor het verkrijgen en in stand houden van de vereiste bekwaamheden voor het verlenen van veilige luchtverkeersdiensten van hoge kwaliteit, en de opleiding van instructeurs, examinatoren of beoordelaars;

unit training: vervolgopleiding ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid voor vluchtinformatieverstrekker of luchthaveninformatieverstrekker met inbegrip van een overgangsopleiding voorafgaand aan een opleiding op de werkplek;

verordening (EU) nr. 2015/340: verordening (EU) nr. 2015/340 van de Commissie van 20 februari 2015 tot vaststelling van technische eisen en administratieve procedures met betrekking tot vergunningen en certificaten van luchtverkeersleiders overeenkomstig Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees Parlement en de Raad, tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 923/2012 van de Commissie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 805/2011 van de Commissie (PB L 63);

voortgezette training: training gericht op het handhaven van de geldigheid van de bevoegdverklaringen en aantekeningen, inclusief bijscholing en herscholing.

Artikel 1a

Deze regeling berust tevens op artikel 1.5 van de Wet luchtvaart.

Artikel 2

Deze regeling is van toepassing op onderstaande opleidingen voor luchtverkeersdienstverlener of luchthaveninformatieverstrekker:

  • a. initiële training;

  • b. unit training;

  • c. voortgezette training;

  • d. training tot het geven van praktijkinstructie op één of meer operationele posities;

  • e. training examinator;

  • f. training assessor;

  • g. training taalvaardigheid.

§ 2. Certificering

Artikel 3

  • 1 De minister certificeert op aanvraag een opleidingsinstelling voor de opleiding tot vluchtinformatieverstrekker die een opleiding als bedoeld in artikel 2, onderdelen a tot en met f, aanbiedt indien de aanvrager:

    • a. haar hoofdzetel of maatschappelijke zetel in Nederland heeft, en

    • b. met betrekking tot de trainingen voldoet aan overeenkomstige eisen zoals gesteld in bijlage I, subdeel D, van verordening (EU) nr. 2015/340.

  • 2 Op aanvraag certificeert de minister een opleidingsinstelling die de beoordeling van de opleiding, bedoeld in artikel 2, onderdeel g, aanbiedt met betrekking tot de beoordelingprocedure van de taalvaardigheid indien de aanvrager:

    • a. haar hoofdzetel of maatschappelijk zetel in Nederland heeft, en

    • b. beschikt over een transparante en objectieve beoordelingsprocedure waarmee de taalvaardigheid bedoeld in artikel ATCO.B.040 van bijlage I, subdeel B, van verordening (EU) nr. 2015/340 kan worden aangetoond.

Artikel 4

  • 1 Een aanvraag voor certificering wordt schriftelijk ingediend bij de minister.

  • 2 Bij een aanvraag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, worden ten minste de volgende bescheiden bijgesloten:

    • a. een gedetailleerd overzicht van de managementstructuur;

    • b. een formatieplan van dan wel overzicht van het bij de opleiding betrokken personeel waaruit tenminste de competentieprofielen van het bij de opleiding betrokken personeel blijken;

    • c. een lijst van luchtvaartterreinen die voor trainingsdoeleinden worden gebruikt en de daarop aanwezige voorzieningen;

    • d. een overzicht van de aanwezige STD’s voor luchtverkeersdienstverlening;

    • e. een overzicht van de accommodatie en de theorie-instructievoorzieningen;

    • f. een certificaat of beschrijving van het kwaliteitsbeheerssysteem;

    • g. een accountantsverklaring inzake de financiële situatie.

  • 3 De minister kan om nadere gegevens verzoeken.

Artikel 5

  • 1 De minister beslist binnen 3 maanden op een aanvraag tot certificering.

  • 2 Een certificering wordt voor onbepaalde tijd verstrekt.

  • 3 Een certificaat voor trainingen met betrekking tot vluchtinformatieverstrekker voldoet aan de eisen, bedoeld in aanhangsel 2 van bijlage II van verordening (EU) nr. 2015/340.

Artikel 6

  • 1 Wanneer de opleidingsinstelling gedurende de geldigheidstermijn van de certificering niet meer aan de eisen, bedoeld in artikel 3, kan voldoen, stelt zij de minister hier onmiddellijk van in kennis.

  • 2 Wijzigingen in de door een gecertificeerde opleidingsinstelling aangeboden opleidingen kunnen op aanvraag tussentijds onder de al afgegeven certificering worden gebracht indien de minister hiermee instemt.

§ 3. Opleidingenplan

Artikel 7

  • 2 De initiële training voldoet in elk geval aan de volgende eisen:

    • a. de opleiding is er op gericht te garanderen dat de personen die een opleiding tot vluchtinformatieverstrekker of luchtvaartterreinformatieverstrekker volgen in staat zijn hun taken veilig, snel en efficiënt uit te voeren;

    • b. de opleiding heeft betrekking op de volgende thema’s: luchtvaartwetgeving, luchtverkeersbeheer, inclusief procedures voor samenwerking tussen militaire en burgerluchtvaart, meteorologie, navigatie, luchtvaartuigen en beginselen van de luchtvaart, inclusief heldere communicatie tussen luchtverkeersleider vluchtinformatieverstrekker of luchthaveninformatieverstrekker en piloten, menselijke factoren, uitrusting en systemen, beroepsomgeving, veiligheid en veiligheidscultuur, veiligheidsbeheerssystemen, ongewone en noodsituaties, systeemdefecten, en talenkennis, inclusief radiotelefoniejargon;

    • c. de opleiding bestaat uit theorie en, indien noodzakelijk, praktijk.

  • 3 De unit training voldoet in elk geval aan de volgende eisen:

    • a. tijdens de opleiding worden de processen en het tijdschema om procedures voor luchtverkeersdienstverlening op het lokale gebied te kunnen toepassen in detail behandeld;

    • b. de opleiding kan bepaalde onderdelen van de initiële opleiding omvatten die specifiek zijn voor de Nederlandse omstandigheden.

  • 4 De training tot het geven van praktijkinstructie op één of meer operationele posities voldoet in elk geval aan de volgende eisen:

    • a. de opleiding bestaat uit een theorie- en praktijkgedeelte;

    • b. het theoriegedeelte heeft betrekking op: competentiegericht opleiden, coaching technieken, communiceren, stress, leren en coaching;

    • c. het praktijkgedeelte heeft betrekking op: coach oefeningen, observeren en rapporteren, stress, gecoached worden, competentiegericht beoordelen.

  • 5 De training voor examinator en assessor voldoet in elk geval aan de volgende eisen:

    • a. de opleiding bestaat uit een theorie- en praktijkgedeelte;

    • b. de opleiding heeft betrekking op de volgende thema’s: intermenselijke verhoudingen, air traffic control competentieprofiel, competentiegericht opleiden, coachtechnieken, communiceren, omgaan met stress, evalueren en beoordelen.

  • 6 De voortgezette training voldoet in elk geval aan de volgende eisen:

    • a. de voortgezette training heeft tot doel de bekwaamheden van de houder van een bewijs van bevoegdheid te handhaven onder meer door middel van herscholing en bijscholing;

    • b. de voortgezette training bestaat uit herhalingscursussen die zowel theorie, praktijk als simulaties kunnen bevatten;

    • c. de voortgezette training omvat een training hoe met noodsituaties om te gaan.

  • 7 Tijdens de trainingen, bedoeld in dit artikel, wordt voldoende aandacht besteed aan training met betrekking tot veiligheid, beveiliging en crisisbeheersing.

Artikel 8

  • 2 De wijze waarop de training bedoeld in artikel 7, zesde lid, tot stand komt en verzorgd wordt, wordt beschreven in een unit competence scheme. De inhoud van deze training wordt beschreven in een onderhoudsplan.

  • 3 Het unit competence scheme voldoet aan overeenkomstige eisen zoals gesteld in bijlage I, subdeel D, afdeling 3, van verordening (EU) nr. 2015/340.

Artikel 9

In het opleidingenplan, bedoeld in artikel 24a, eerste lid, van het besluit worden de volgende gegevens opgenomen:

  • a. een beschrijving van de inrichting en organisatie van de opleiding;

  • b. een beschrijving van de inhoud en de duur van de opleiding en van de door de aanbieder van de opleiding toe te passen opleidingenmethoden;

  • c. een beschrijving van het toe te passen systeem voor bekwaamheidsbeoordeling van de kandidaten van de opleiding.

Artikel 10

  • 1 De aanbieder van de opleiding legt het opleidingenplan 3 maanden voordat dat plan in werking moet treden ter goedkeuring voor aan de minister.

  • 2 De goedkeuring van het opleidingenplan geldt voor een periode van 3 jaar.

  • 3 Indien binnen een termijn van 3 jaar essentiële wijzigingen worden aangebracht in het opleidingenplan wordt het opleidingenplan opnieuw ter goedkeuring aangeboden.

§ 4. Erkenning bewijzen van bevoegdheid [Vervallen per 10-07-2008]

Artikel 11 [Vervallen per 10-07-2008]

§ 5. Slotbepalingen

Artikel 12

Een goedkeuring van opleidingenplannen die voor de inwerkingtreding van deze regeling is verleend op basis van de Regeling examens en opleidingsplannen luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking behoudt haar geldigheid voor de termijn waarvoor zij is verleend.

Artikel 13

[Red: Wijzigt de Regeling examens en opleidingenplannen luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking.]

Artikel 14

De Regeling bevoegdverklaringen luchtverkeersleiders wordt ingetrokken.

Artikel 15

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit tot wijziging van het besluit bewijzen van bevoegdheid en het Besluit alcoholonderzoeken in verband met de implementatie van richtlijn nr. 2006/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 5 april 2006 inzake een communautaire vergunning van luchtverkeersleiders (PbEU L 114) in werking treedt.

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling certificering opleidingsinstellingen en goedkeuring opleidingenplannen luchtverkeersdienstverlening en luchtvaartterreininformatieverstrekking.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Verkeer en Waterstaat,

C.M.P.S. Eurlings

Bijlage 1. behorende bij artikel 8, derde lid [Vervallen per 15-03-2014]