Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling standaarden examens beroepsonderwijs 2007–2008[Regeling vervallen per 28-02-2009 met terugwerkende kracht tot en met 01-08-2008.]

Geldend van 01-05-2008 t/m 31-07-2008

Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van 14 maart 2008, nr. BVE/Stelsel/2008/2293, houdende regels voor het vaststellen van de landelijke standaarden voor de kwaliteit van de examens beroepsonderwijs voor het studiejaar 2007–2008 (Regeling standaarden examens beroepsonderwijs 2007–2008)

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Gelet op artikel 7.4.4 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 28-02-2009]

De landelijke standaarden, bedoeld in artikel 7.4.4 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, waarvan de normering deel uitmaakt, worden vastgesteld overeenkomstig de bijlage behorende bij deze regeling.

Artikel 2 [Vervallen per 28-02-2009]

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 augustus 2007.

Artikel 3 [Vervallen per 28-02-2009]

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling standaarden examens beroepsonderwijs 2007–2008.

De

Staatssecretaris

van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart

Bijlage [Vervallen per 28-02-2009]

Toelichting Standaarden [Vervallen per 28-02-2009]

Algemeen [Vervallen per 28-02-2009]

De portretten zijn in principe als volgt opgebouwd:

goed:

er wordt ruimschoots aan de standaard voldaan, er zijn nauwelijks verbeteringsmogelijkheden en de kwaliteit is geborgd.

voldoende:

er wordt toereikend aan de standaard voldaan, er zijn nog wel verbetermogelijkheden, maar er zitten geen grote gaten meer in.

onvoldoende:

twee mogelijkheden:

 

i.

er wordt onvoldoende aan de standaard voldaan, er ontbreken belangrijke elementen;

 

ii.

het is onbekend of er aan de standaard wordt voldaan, het kan niet aangetoond worden.

Standaard 1. Het beroepenveld heeft vertrouwen in de kwaliteit van de examinering [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: beroepenveld, feitelijk vertrouwen

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Groot vertrouwen en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

Het representatieve beroepenveld heeft veel vertrouwen in de examinering van de opleiding en in potentiële werknemers die door de opleiding gediplomeerd zijn. Dit vertrouwen kan gebaseerd zijn op een goede werkrelatie met het beroepenveld, waardoor het beroepenveld op de hoogte is van de inhoud van de examens en van de manier waarop de kwaliteit van examinering en examens geborgd wordt. Het vertrouwen kan ook gebaseerd zijn op grote betrokkenheid van het landelijk georganiseerde bedrijfsleven bij de constructie (bijvoorbeeld via leveranciers) of van het landelijk of regionale bedrijfsleven bij de afname van de examens.

Ook betrekt de instelling die de opleiding verzorgt het beroepenveld periodiek bij de beoordeling, verbetering en innovatie van examens. Het vertrouwen wordt regelmatig bij het representatieve beroepenveld gepeild en indien nodig worden maatregelen genomen om het vertrouwen te herstellen of te vergroten. De instelling die de opleiding verzorgt verantwoordt zich tegenover de omgeving over de mate van vertrouwen.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende vertrouwen [Vervallen per 28-02-2009]

Het representatieve beroepenveld heeft voldoende vertrouwen in de examinering van de opleiding en in potentiële werknemers die door de opleiding gediplomeerd zijn. Dit vertrouwen kan gebaseerd zijn op een goede werkrelatie met het beroepenveld, bijvoorbeeld door een zeer intensieve samenwerking voor de BPV (beroepspraktijkvorming), waardoor het beroepenveld daadwerkelijk op de hoogte is van de inhoud van de examens en van de manier waarop de kwaliteit van examinering en examens geborgd wordt. Het vertrouwen kan ook gebaseerd zijn op betrokkenheid van het bedrijfsleven bij de constructie of de afname van de examens, bijvoorbeeld via een examenleverancier of als examinator. Op onderdelen kan het bedrijfsleven aanmerkingen hebben bij de examinering, maar deze doen geen afbreuk aan het overall vertrouwen.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekend vertrouwen [Vervallen per 28-02-2009]

Uit signalen of peilingen blijkt dat het representatieve beroepenveld onvoldoende vertrouwen heeft in de examinering van de opleiding. Het beroepenveld stelt kritische vragen over het niveau van de examens of twijfelt aan de kwaliteit van de gediplomeerden. Indien dit bekend is bij de opleiding, kunnen er wel verbetermaatregelen genomen zijn, maar het effect daarvan is nog niet zichtbaar.

Ook kan het zijn dat de instelling die de opleiding verzorgt niet weet of het beroepenveld voldoende vertrouwen heeft, doordat de werkrelaties beperkt zijn, dan wel er geen systematische peiling plaatsvindt. De stand van het vertrouwen van het beroepenveld is niet systematisch geïntegreerd in de interne kwaliteitszorg.

Standaard 2. De deelnemer is tevreden over de kwaliteit van de examinering [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: feitelijke tevredenheid deelnemer over voorlichting, inhoud, afname, beoordeling en bekendmaking.

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Grote tevredenheid en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

De representatieve deelnemers zijn zeer tevreden over de kernpunten van de examinering van de opleiding, dat wil zeggen over de voorlichting, de inhoud, de afname, de beoordeling, de bekendmaking daarvan en de inzage in gemaakt werk.

De opleiding peilt de tevredenheid van een representatieve groep deelnemers regelmatig en gebruikt de uitkomsten daarvan om verbeteringen aan te brengen. De uitkomsten worden teruggekoppeld naar de deelnemers.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende tevredenheid [Vervallen per 28-02-2009]

De deelnemers zijn voldoende tevreden over de kernpunten van de examinering van de opleiding, dat wil zeggen over de voorlichting, de inhoud, de afname, de beoordeling, bekendmaking daarvan en inzage in gemaakt werk. Er zijn wel onderdelen die verbeterd kunnen worden, maar bij geen van de kernpunten heerst ernstige ontevredenheid.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekende tevredenheid [Vervallen per 28-02-2009]

De deelnemers zijn niet tevreden over één of meer van de kernpunten van de examinering, dat wil zeggen over de voorlichting, de afname, de beoordeling en de bekendmaking daarvan. Dit kan blijken uit ernstige of veelvoorkomende klachten of uit onderzoek.

Ook kan het zijn dat de instelling die de opleiding verzorgt niet weet of deelnemers tevreden zijn doordat ze geen onderzoek doet naar de tevredenheid van de deelnemers over examinering.

Standaard 3. De betrokkenen bij examinering zijn deskundig [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: betrokkenen, deskundig

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Grote deskundigheid en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

De betrokkenen bij de examinering, dat wil zeggen de constructeurs, vaststellers en beoordelaars, zowel in de instelling als in de leerbedrijven, bezitten een hoge mate van vakinhoudelijke en toetstechnische competentie in de door hen te verrichten taken. Hun deskundigheid is gebaseerd op scholing, regelmatige bijscholing en ervaring. Bij inkoop gaat het hier om de bij de leveranciers vastgestelde deskundigheid van de constructeurs en vaststellers en/of beoordelaars en om deskundigheid van degenen die ingekochte producten en diensten moeten beoordelen.

De deskundigheid van alle drie soorten betrokkenen wordt regelmatig geëvalueerd en indien nodig verbeterd.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende deskundigheid [Vervallen per 28-02-2009]

De betrokkenen bij de examinering, dat wil zeggen de constructeurs, vaststellers en beoordelaars, zowel in de instelling als in de leerbedrijven, bezitten een toereikende mate van vakinhoudelijke en toetstechnische competentie in de door hen te verrichten taken. Hun deskundigheid is gebaseerd op scholing of ruime ervaring. Bij inkoop gaat het hier om de bij de leveranciers vastgestelde deskundigheid van de constructeurs en vaststellers en/of beoordelaars en om deskundigheid van degenen die ingekochte producten en diensten moeten beoordelen. Er zijn wel elementen in de deskundigheid die verbeterd kunnen worden, maar er vallen als gevolg hiervan geen grote gaten in de examinering.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekende deskundigheid [Vervallen per 28-02-2009]

Eén of meer van de drie soorten betrokkenen bij examinering, dat wil zeggen de constructeurs, vaststellers of beoordelaars, in de instelling of in de leerbedrijven, beschikken niet over de benodigde vakinhoudelijke of toetstechnische competenties. Indien dit uit een evaluatie gebleken is en er maatregelen genomen zijn, hebben deze nog niet tot voldoende verbetering geleid.

Ook kan het zijn dat er geen informatie is over de feitelijke deskundigheid van één of meer van de drie soorten betrokkenen in de instelling of in het leerbedrijf: de verantwoordelijken voor de opleiding weten het gewoon niet.

Standaard 4. Het exameninstrumentarium voldoet inhoudelijk aan de uitstroomeisen [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: match tussen gerealiseerd niveau en beoogd niveau. Inhoud en dekking van eindtermen/competenties

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Goede dekking inhoud en niveau met borging [Vervallen per 28-02-2009]

De examenonderzoeken, zoals toetsen, proeven van bekwaamheid of andere soorten onderzoeken, passen inhoudelijk en qua niveau heel goed op de uitstroomeisen, zoals opgenomen in het eindtermendocument, respectievelijk in het kwalificatiedossier.

Inhoudelijk goed passend wil zeggen dat vrijwel alle eindtermen of competenties gedekt worden en dat de gekozen onderzoeksvormen goed passen bij de aard van de eindtermen of competenties.

Goed passend qua niveau wil zeggen dat de examenvormen de eindtermen of competenties toetsen op het beoogde kwalificatieniveau.

Er wordt goed tegemoetgekomen aan de inhoudelijke eisen en niveau-eisen wat betreft de kwalificering voor beroep, doorstroom en maatschappelijk functioneren. Er wordt goed tegemoetgekomen aan (inter)nationale beroepsvereisten die in het eindtermendocument dan wel kwalificatiedossier zijn opgenomen.

De dekking en het niveau van de examenonderzoeken wordt zorgvuldig geborgd in procedures tijdens de constructie en vaststellingsfasen en er wordt regelmatig geëvalueerd.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende dekking inhoud en niveau [Vervallen per 28-02-2009]

De examenonderzoeken, zoals toetsen, proeven van bekwaamheid of andere soorten onderzoeken, matchen inhoudelijk en qua niveau toereikend met de uitstroomeisen, zoals opgenomen in het eindtermendocument, respectievelijk in het kwalificatiedossier.

Inhoudelijk toereikend zijn wil zeggen dat eindtermen of competenties in voldoende mate gedekt worden (75 procent dekking) en dat de gekozen onderzoeksvormen voldoende passen bij de aard van de eindtermen of competenties.

Toereikend passend qua niveau wil zeggen dat de examenvormen de eindtermen of competenties over het geheel genomen toetsen op het beoogde kwalificatieniveau.

Er wordt voldoende tegemoetgekomen aan de inhoudelijke eisen en niveau-eisen wat betreft de kwalificering voor beroep, doorstroom en maatschappelijk functioneren. Er wordt voldoende tegemoetgekomen aan (inter)nationale beroepsvereisten die in het eindtermendocument dan wel kwalificatiedossier zijn opgenomen.

Er zijn op deze onderdelen nog wel verbetermogelijkheden, maar er doen zich geen grote tekortkomingen voor.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekende dekking inhoud en niveau [Vervallen per 28-02-2009]

De examenonderzoeken, zoals toetsen, proeven van bekwaamheid of andere soorten onderzoeken, passen inhoudelijk en qua niveau onvoldoende op de uitstroomeisen, zoals opgenomen in het eindtermendocument, respectievelijk in het kwalificatiedossier. Eindtermen of competenties worden in onvoldoende mate gedekt of de gekozen onderzoeksvormen passen onvoldoende bij de aard van de eindtermen of competenties. Ook kan het zijn dat examenvormen de eindtermen of competenties over het geheel genomen niet op het beoogde kwalificatieniveau toetsen. Er wordt onvoldoende tegemoetgekomen aan de inhoudelijke en niveau-eisen wat betreft de kwalificering voor beroep, doorstroom en maatschappelijk functioneren. Er wordt onvoldoende tegemoet gekomen aan (inter)nationale beroepsvereisten die in het eindtermendocument dan wel in het kwalificatiedossier zijn opgenomen.

Er doen zich op één of meer van deze punten grote tekortkomingen voor.

Standaard 5. Het exameninstrumentarium voldoet aan toetstechnische kwaliteitseisen [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: valide en betrouwbaar

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Goede toetstechnische kwaliteit en afname en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

De toetsen die de instelling die de opleiding verzorgt gebruikt om het eindniveau te bepalen zijn aantoonbaar betrouwbaar. Er zijn maatregelen getroffen om de beoordeling zo objectief mogelijk te maken, onder andere door dubbele beoordeling. Er zijn ook maatregelen genomen om de afname van de toetsen onder de best mogelijke voorwaarden te laten verlopen. De feitelijke afname verloopt zoals beoogd en wordt systematisch geborgd door regelmatige evaluatie en indien nodig verbetering.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende toetstechnische kwaliteit en afname [Vervallen per 28-02-2009]

De toetsen die de instelling die de opleiding verzorgt gebruikt om het eindniveau te bepalen zijn grotendeels betrouwbaar. De opleiding kan dat aantonen. Er zijn wel verbetermogelijkheden, maar geen grote gebreken. De afname van de toetsen vindt plaats onder gestandaardiseerde condities.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekende toetstechnische kwaliteit en borging [Vervallen per 28-02-2009]

De toetsen die de opleiding gebruikt om het eindniveau te bepalen zijn voor een groot deel niet betrouwbaar. Ook kan het zijn dat de beoordeling nog teveel subjectieve elementen bevat. Of dat de instructie voor beoordelaars en kandidaten tekortkomingen vertoont. De afnamecondities zijn niet gestandaardiseerd. De feitelijke afname van de toetsen verloopt niet zoals in het instrumentarium beschreven staat: er zijn tekortkomingen in de feitelijke afname en de beoordeling die afbreuk doen aan een valide en betrouwbare beoordeling.

Standaard 6. De examineringsprocessen zijn transparant [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden:heldere processen en procedures, duidelijke taakverdeling en verantwoordelijkheden, helderheid over wat ingekocht wordt.

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Zeer transparant en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

De examinering verloopt voor alle betrokkenen op inzichtelijke wijze. Er zijn heldere procedures en beschrijvingen van taken en verantwoordelijkheden van betrokkenen. Het is de deelnemers duidelijk wanneer en wat er op welke wijze geëxamineerd zal worden. Als het bedrijfsleven betrokken is, is heel duidelijk wat er op welk moment van hen verwacht wordt. Bij inkoop is heel duidelijk verantwoord wat er ingekocht is en hoe en wanneer het ingekochte toegepast wordt.

Deze inzichtelijkheid is goed geborgd door regelmatige evaluatie en indien nodig verbetering. Er vindt een heldere verantwoording plaats over de stand van de examinering.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende transparant [Vervallen per 28-02-2009]

De examinering verloopt toereikend inzichtelijk en men weet waar men aan toe is. De procedures, taken en verantwoordelijkheden van betrokkenen zijn beschreven. Deze zijn bekend bij deelnemers, werkveld en beoordelaars. Er zijn wel verbeterpunten, maar er zijn geen grote tekorten.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekend transparant [Vervallen per 28-02-2009]

De examinering is onvoldoende inzichtelijk voor betrokkenen. Deelnemers en docenten weten niet altijd wat er van hen verwacht wordt. Procedures, taken en verantwoordelijkheden zijn niet duidelijk beschreven; er zitten teveel gaten in de beschrijvingen.

Standaard 7. De examineringsprocessen zijn geborgd [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: examinering voldoet aan vastgelegde kwaliteitscriteria

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Goede kwaliteitsborging van de examinering [Vervallen per 28-02-2009]

De instelling die de opleiding verzorgt evalueert de examinering regelmatig volgens van te voren vastgelegde criteria. Bij deze beoordeling zijn onafhankelijke deskundigen en belanghebbenden betrokken. Wanneer de resultaten daartoe aanleiding geven, worden maatregelen genomen om procedures of instrumenten te verbeteren. Er wordt regelmatig verantwoording afgelegd aan de belanghebbenden. Landelijke veranderingen en innovaties worden tijdig vertaald naar nieuwe of andere criteria en procedures.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Voldoende kwaliteitsborging van de examinering [Vervallen per 28-02-2009]

De instelling die de opleiding verzorgt evalueert de examinering regelmatig. Deze beoordeling, en eventuele maatregelen naar aanleiding daarvan, vindt plaats met betrokkenheid van onafhankelijk deskundigen en belanghebbenden en is toereikend. Ook wordt er verantwoording afgelegd aan betrokkenen.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Onvoldoende of onbekende kwaliteitsborging van de examinering [Vervallen per 28-02-2009]

De examinering voldoet niet aan vastgelegde kwaliteitscriteria en procedures. Criteria en procedures zijn niet geborgd. Er zitten gaten in de cyclus van de evaluatie aan de hand van criteria en bijstellingen: er zijn geen criteria opgesteld voor de evaluatie, er wordt geen verbinding gelegd tussen de uitkomsten van de evaluaties en verbetermaatregelen.

Standaard 8. De instelling voldoet aan de wettelijke vereisten rondom examinering [Vervallen per 28-02-2009]

Sleutelwoorden: commissie van beroep, examencommissie, onderwijs- en examenregeling, beoordeling BPV, jaarverslag.

Score ‘goed’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘goed’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Nakoming wettelijke vereisten en borging daarvan [Vervallen per 28-02-2009]

De instelling voldoet aan alle wettelijke vereisten. Deze betreffen:

  • examencommissie;

  • commissie van beroep voor de examens;

  • verantwoording in jaarverslag;

  • onderwijs- en examenregeling.

Zij controleert op gezette tijden of dat nog steeds het geval is, en bij gebleken tekorten worden deze direct hersteld. Zij verantwoordt zich hier helder over. Zij anticipeert tijdig op voorgenomen wetswijzigingen.

Score ‘voldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘voldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Nakoming wettelijke vereisten [Vervallen per 28-02-2009]

De instelling voldoet aan alle wettelijke vereisten. Deze betreffen:

  • examencommissie;

  • commissie van beroep voor de examens;

  • verantwoording in jaarverslag;

  • onderwijs- en examenregeling.

Score ‘onvoldoende’ [Vervallen per 28-02-2009]

Een opleiding scoort ‘onvoldoende’ op deze standaard wanneer de examinering wat betreft deze standaard in grote lijnen overeenkomt met het volgende portret.

Tekortkomingen in de wettelijke vereisten [Vervallen per 28-02-2009]

De instelling voldoet niet aan één of meer van de wettelijke vereisten.

Normering [Vervallen per 28-02-2009]

Normering per standaard [Vervallen per 28-02-2009]

De kwaliteit van examinering van een opleiding wordt gewaardeerd aan de hand van standaarden. Deze standaarden kunnen worden beoordeeld met goed, voldoende of onvoldoende.

Onvoldoende

Voldoende

Goed

De examinering voldoet niet aan de standaard.

De examinering voldoet aan de standaard, de kwaliteit is toereikend waarbij er nog wel verbeterpunten zijn.

De examinering voldoet ruimschoots aan de standaard. Bovendien is de kwaliteit goed geborgd.

Normering eindoordeel [Vervallen per 28-02-2009]

De kwaliteit van de examinering is voldoende, wanneer zes van de acht standaarden voldoende zijn, waaronder in elk geval standaard 4, 5 en 8.