Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Geraadpleegd op 03-05-2024.
Geldend van 23-01-2010 t/m 30-06-2011

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 28 februari 2008, nr. WJZ 8024263, tot vaststelling van algemene uitvoeringsregels voor de subsidieverstrekking op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie (Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie)

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. Minister: de Minister van Economische Zaken;

  • b. besluit: het Besluit stimulering duurzame energieproductie;

  • c. garantiebeheerinstantie: de garantiebeheerinstantie als bedoeld in artikel 75 van de Elektriciteitswet 1998;

  • d. cumulatietoets: de toets aan de steunruimte zoals die is gemaximeerd in de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van het milieu (PbEG 2001 C 37);

  • e. gasnetbeheerder: een netbeheerder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van de Gaswet;

  • f. productie-eenheid: een deel van een productie-installatie dat zelfstandig kan worden ingezet voor het opwekken van hernieuwbare elektriciteit, de productie van hernieuwbaar gas of het opwekken van elektriciteit opgewekt door middel van warmtekrachtkoppeling;

  • g. ean-code: uniek 18-cijferig nummer dat dient om een productie-installatie of een aansluiting van een productie-installatie of een productie-eenheid van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of elektriciteit opgewekt door middel van warmtekrachtkoppeling op het net te identificeren.

§ 3. Nadere verplichtingen van de subsidie-ontvanger

Artikel 3

  • 1 Het plan, bedoeld in artikel 56, tweede lid, onderdeel d, van het besluit bevat in ieder geval een uitgewerkt tijdschema betreffende de ingebruikname van de productie-installatie dat de volgende gedateerde ijkmomenten bevat:

    • a. het verstrekken van de opdrachten voor de ingebruikname van de productie-installatie;

    • b. de aanvang van de bouw van de productie-installatie;

    • c. de aanvang van de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of elektriciteit opgewekt door middel van warmtekrachtkoppeling.

    • d. het tijdstip waarop de periode waarover subsidie wordt verstrekt moet aanvangen.

  • 2 De subsidie-ontvanger rapporteert na de datum van de beschikking tot subsidieverlening tot het moment van ingebruikname halfjaarlijks over de voortgang van de realisatie van de in het plan als bedoeld in artikel 56, tweede lid, onderdeel d, van het besluit opgenomen ijkmomenten.

  • 3 De subsidie-ontvanger zendt de Minister binnen een jaar na de datum van ingebruikname van de productie-installatie een overzicht van de daadwerkelijke investeringskosten, van de reeds ontvangen subsidies en overige steun en van de nog te ontvangen subsidies en overige steun. Indien de verleende subsidie als bedoeld in de artikelen 16, 24, 33, 41, 49, derde lid, en 55, derde lid, van het besluit meer bedraagt dan € 125.000, gaat het overzicht vergezeld van een accountantsverklaring. De accountantsverklaring wordt opgesteld conform het model en het controleprotocol die zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.

Artikel 4

De subsidie-ontvanger meet de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of elektriciteit opgewekt door middel van warmtekrachtkoppeling per beschikking tot subsidieverlening.

Artikel 6

  • 1 De subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarin biomassa wordt omgezet in hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of elektriciteit opgewekt door middel van warmtekrachtkoppeling, zendt binnen drie maanden na afloop van ieder kalenderjaar waarover een voorschot wordt verstrekt aan de minister een verklaring over de duurzaamheid van de gebruikte biomassa met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2.

  • 2 De verklaring, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een goedkeurende accountantsverklaring.

  • 3 De Minister maakt de verklaringen over de duurzaamheid van de gebruikte biomassa die zijn toegezonden met gebruikmaking van tabel 1 van bijlage 2, met uitzondering van de kolom hoeveelheid ton, openbaar.

Artikel 7

  • 1 De subsidie-ontvanger die met zijn productie-installatie hernieuwbaar gas produceert, draagt er zorg voor dat:

    • a. de aansluiting van zijn productie-installatie voldoet aan de eisen van de Aansluit- en transportvoorwaarden Gas - RNB of de Aansluitvoorwaarden Gas - LNB;

    • b. de hoeveelheid Nm3 aardgasequivalent die hij op het net invoedt, gemeten wordt volgens de Meetvoorwaarden Gas - RNB of de Meetvoorwaarden Gas - LNB;

    • c. de erkende meetverantwoordelijke als bedoeld in de Meetvoorwaarden Gas - RNB of de Meetvoorwaarden Gas - LNB de voor zijn productie-installatie opgestelde en door de netbeheerder gecorrigeerde meetgegevens onder vermelding van de locatie-gegevens en de ean-code van de aansluiting uiterlijk twee maanden na afloop van de kalendermaand waarop de meetgegevens betrekking hebben aan de Minister stuurt.

  • 2 De subsidie-ontvanger die met zijn productie-installatie hernieuwbaar gas produceert overlegt iedere vijf jaar na de datum van subsidieverlening een actuele beschrijving van de installatie aan de Minister waaruit blijkt dat de installatie nog steeds voldoet aan de subsidievoorwaarden.

  • 3 Een productie-installatie voor het produceren van hernieuwbaar gas is voorzien van een nippel waarop gasanalyse apparatuur kan worden aangesloten.

  • 4 Indien de subsidie-ontvanger niet hoeft te rapporteren over de duurzaamheid van de gebruikte biomassa, verklaart de subsidie-ontvanger binnen drie maanden na afloop van ieder kalenderjaar waarover een voorschot wordt verstrekt, met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3, dat in het betreffende kalenderjaar uitsluitend biomassa is gebruikt die is toegestaan voor de categorie productie-installaties waartoe de installatie van de subsidie-ontvanger behoort. De verklaring gaat vergezeld van een goedkeurende accountantsverklaring.

  • 5 De subsidie-ontvanger kan de minister om toestemming verzoeken om in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, de gegevensverstrekking via een voldoende gekwalificeerde derde te laten lopen. Indien de toestemming wordt verleend zijn het tweede en vierde lid niet van toepassing.

§ 4. Voorschotten

Artikel 8

  • 1 Een aanvraag tot het verstrekken van een voorschot wordt ingediend met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

  • 3 De Minister verrekent een tekort aan verstrekte maandelijkse bedragen of een tekort op het jaarlijkse bedrag, als bedoeld in artikel 68, tweede lid, van het besluit, door het te weinig betaalde bedrag aan het voorschot binnen zes weken na de datum van bijstelling van het voorschot aan de subsidie-ontvanger te verstrekken.

  • 4 De minister verrekent een teveel aan verstrekte maandelijkse bedragen of een teveel op het verstrekte jaarlijkse bedrag als bedoeld in artikel 68, tweede lid, van het besluit, door het bedrag van het teveel betaalde voorschot aan de subsidie-ontvanger in mindering te brengen op het eerst volgende te verstrekken maandelijkse bedrag of op het eerst volgende te verstrekken jaarlijkse bedrag en vervolgens op zoveel maandelijkse of jaarlijkse bedragen als nodig is om het teveel betaalde voorschot volledig te verrekenen. Indien geen maandelijkse of jaarlijkse bedragen meer verschuldigd zijn, wordt een teveel betaald voorschot teruggevorderd.

Artikel 9

  • 4 Indien de subsidieperiode start op een andere datum dan 1 januari of eindigt op een andere datum dan 31 december bedraagt voor het eerste jaar respectievelijk het laatste jaar van de periode waarover subsidie wordt verstrekt het maandelijkse of jaarlijkse bedrag een evenredig deel van het aantal maanden of van het jaar waarover het voorschot wordt verstrekt.

  • 5 De minister kan het maandelijkse of jaarlijkse bedrag herberekenen indien:

    • a. de subsidie-ontvanger een verzoek tot ontheffing als bedoeld in artikel 62, derde lid, indient;

    • b. de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of elektriciteit opgewekt door warmtekrachtkoppeling gedurende ten minste twee maanden ten minste 50 procent zal achterblijven dan wel achter is gebleven ten opzichte van de in de beschikking tot voorschotverlening opgenomen maximum productie in kWh of Nm3 aardgasequivalent.

  • 6 In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, ten eerste, kan de Minister van een lager basisbedrag uitgaan indien het rendement van de productie-installatie gedurende ten minste twee jaar structureel is achtergebleven ten opzichte van het in de beschikking tot voorschotverlening opgenomen rendement.

§ 5. Subsidievaststelling

Artikel 10

Een aanvraag om subsidievaststelling wordt ingediend met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.

§ 6. Overige bepalingen

Artikel 11

  • 1 Voor de toepassing van artikel 3, eerste tot en met derde lid, van het besluit geldt dat geen sprake is van dezelfde productie-installatie wanneer:

    • a. het een productie-installatie op een andere locatie betreft;

    • b. het een productie-installatie met een andere opwekkingstechnologie betreft; of

    • c. het een productie-installatie betreft waarvan het vermogen meer dan 20% afwijkt ten opzichte van het vermogen van een productie-installatie waarvoor eerder een beschikking tot subsidieverlening is verstrekt.

Artikel 12

  • 2 In afwijking van het eerste lid wordt bij een afvalverbrandingsinstallatie onder ingrijpende uitbreiding verstaan een uitbreiding met tenminste een nieuwe verbrandingsoven met bijbehorende ketel en een rookgasreiniginginstallatie.

Artikel 13

  • 1 De Minister deelt de garantiebeheerinstantie per productie-installatie voor hernieuwbare elektriciteit waarvoor subsidie op grond van het besluit is verleend de locatiegegevens, de ean-code en andere voor de subsidieverlening relevante informatie mee.

  • 2 De garantiebeheerinstantie deelt de Minister per productie-installatie voor hernieuwbare elektriciteit waarvoor subsidie op grond van het besluit is verleend het aantal kWh waarvoor garanties van oorsprong is verstrekt mee.

  • 3 De garantiebeheerinstantie verstrekt op verzoek van de Minister alle overige voor de subsidieverlening relevante informatie.

Artikel 14

  • 1 De Minister deelt de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet per productie-installatie voor warmtekrachtkoppeling waarvoor subsidie op grond van het besluit is verleend de locatiegegevens, de ean-code en andere voor de subsidieverlening relevante informatie mee.

  • 2 De netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet deelt de Minister per productie-installatie voor warmtekrachtkoppeling waarvoor subsidie op grond van het besluit is verleend het aantal kWh waarvoor certificaten is verstrekt mee.

  • 3 De netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet verstrekt op verzoek van de Minister alle overige voor de subsidieverlening relevante informatie.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.

Den Haag, 28 februari 2008

De

Minister

van Economische Zaken,

M.J.A. van der Hoeven

Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)

Accountantsverklaring

Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde.

Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij:

Agentschap NL

Postbus 10073

8000 GB Zwolle

Telefoon 038-455 34 50

Bezoekadres Agentschap NL

Dokter van Deenweg 108

8025 BK Zwolle

Toelichting

Met dit formulier kan de accountant een verklaring afgeven zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie. Dit betreft een overzicht van de investeringskosten en de overige subsidies en steunsituatie. Dit laatste is noodzakelijk in verband met de EU-steunregels ten behoeve van het milieu (EU-Milieu Steun Kader). Deze accountantsverklaring is nodig wanneer voor de SDE-subsidie een beschikking is afgegeven die groter is dan EUR 125.000.

De accountantsverklaring moet worden opgestuurd naar Agentschap NL binnen een jaar na ingebruikname van de productie-installatie voor hernieuwbare energie.

In dit document is ook het controleprotocol opgenomen.

Waar u schrijfruimte tekort komt, mag u een bijlage toevoegen.

MODEL ACCOUNTANTSVERKLARING TEN BEHOEVE VAN HET MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Opdracht

Wij hebben het bijgevoegde overzicht van investeringskosten en de steunsituatie van [...naam aanvrager...] te [...statutaire vestigingsplaats...] gewaarmerkt en gecontroleerd.

Voor de gesubsidieerde activiteiten is met aanvraagnummer [...nr...] bij brief van [...datum...] met kenmerk [...kenmerk...] door de Minister van Economische Zaken een subsidie verleend. Deze subsidie is verleend in het kader van de SDE.

Het overzicht van de investeringskosten en steunsituatie is opgesteld onder verantwoordelijkheid van de leiding van [...naam huishouding...]

Werkzaamheden

Onze controle is verricht in overeenstemming met de algemeen aanvaarde richtlijnen met betrekking tot controleopdrachten. Volgens deze richtlijnen dient onze controle zodanig te worden gepland en uitgevoerd dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de aanvraag geen onjuistheden van materieel belang bevat.

Een controle omvat onder meer een onderzoek (eventueel door middel van deelwaarnemingen) naar de gegevens in de aanvraag met betrekking tot de steunsituatie van het project en het bijgevoegde overzicht van investeringskosten. De controle is uitgevoerd met inachtneming van het bij deze verklaring behorende controleprotocol. Tevens omvat de controle de beoordeling dat de investeringskosten voldoen aan de eisen zoals opgenomen in artikel 36 van Communautaire kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van het milieu (PbEG 2001 C37).

Wij zijn van mening dat onze controle een deugdelijke grondslag vormt voor ons oordeel.

Oordeel

Wij zijn van oordeel dat de verstrekte informatie voldoet aan de daaraan te stellen eisen. [...c.q. andere oordelen...].

Ondergetekende, [naam, titel], verklaart dat de investeringskosten van de gesubsidieerde activiteiten gevestigd te [....], locatiegegevens van de installatie [...], in totaal EUR [.....]. hebben bedragen.

Toelichtende paragraaf

[...indien van toepassing toelichting op de verklaring en eventuele specifieke bevindingen...]

Ondertekening door accountant

Plaats en datum: .....

Naam accountantskantoor: .....

Vestigingsplaats: .....

Telefoonnummer: .....

Naam accountant (RA/AA): .....

Inschrijfnummer NOVAA of NIVRA: .....

Ondertekening: .....

Controle-Protocol

1. Doelstelling

Dit controleprotocol heeft als doel het geven van aanwijzingen aan de accountant, die is belast met de controle van de door de subsidieontvanger aan het Ministerie van Economische Zaken (EZ) te verstrekken onderbouwing van de investeringskosten en de steunsituatie ingevolge de algemene uitvoeringsregels voor de subsidieverstrekking op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie (SDE).

De controle kan worden uitgevoerd door een registeraccountant (RA) of een accountant-administratieconsulent (AA). De gevraagde verklaring kan ook worden verstrekt door een niet als openbaar accountant optredende intern accountant.

2. Toleranties en gewenste zekerheid

Voor de strekking van de accountantsverklaring, goedkeurend, met beperking, afkeurend of oordeelonthouding, zijn de volgende toleranties bepalend:

 

Procentuele onjuistheden (in de verantwoording)

Procentuele onzekerheden (in de controle)

 

Goedkeuring

Beperking

Afkeuring

Goedkeuring

Beperking

Oordeelonthouding

uitkomst van de controle in een percentage van de projectkosten

< 1

≥ 1 en < 3

≥ 3

< 3

≥ 3 en < 10

≥ 10

Deze toleranties zijn gebaseerd op percentages die gelden voor de financiële verantwoording van departementen, op grond van de richtlijnen van het Interdepartementaal Overleg Departementale Accountantsdiensten.

Gewenste mate van zekerheid

De accountantscontrole verschafteen redelijke mate van zekerheid aan de gebruiker van de verklaring. Volgens de richtlijnen voor de accountantscontrole betekent dit dat de accountant een (relatief) hoge, maar geen absolute mate van zekerheid verschaft. Indien dit begrip ten behoeve van het gebruik van statistische technieken moet worden gekwantificeerd, dan dient een betrouwbaarheid van 95% te worden gehanteerd.

Omgaan met geconstateerde fouten

Inzake het omgaan met geconstateerde fouten geldt de gedragslijn, dat geconstateerde fouten, die invloed hebben op de omvang van de subsidie van EZ en die herstelbaar zijn, moeten worden gecorrigeerd. Dat geldt ook voor fouten waarbij de tolerantiegrens niet wordt overschreden. De niet herstelde fouten wegen mee in de oordeelsvorming over de aanvraag.

3. Reikwijdte en intensiteit van de accountantscontrole

Dit controleprotocol dient om de reikwijdte en het object van de accountantscontrole nader aan te geven. Niet beoogd wordt een aanpak van de accountantscontrole voor te schrijven. Veelal zal de accountant zich immers bij zijn controle baseren op een (risico)analyse van de administratieve organisatie en interne controle bij de te controleren subsidie-ontvanger en op basis daarvan komen tot een optimale afweging van de in te zetten controlemiddelen.

Bij de controle wordt vastgesteld, dat de vermelde investeringskosten juist zijn. Er wordt nagegaan of er ook andere subsidies (steunsituatie) zijn verkregen. Hieronder zijn nadere aanwijzingen voor de controle verstrekt.

De accountant controleert of de aanvraag voldoet aan de volgende eisen:

  • De investeringskosten zijn gemaakt en daadwerkelijk betaald en zijn rechtstreeks toe te rekenen aan het project ter zake waarvan subsidie is verleend;

  • De bij de aanvraag verstrekte informatie omtrent de door andere bestuursorganen of door de Commissie van de Europese Gemeenschappen verstrekte subsidies (en indien van toepassing bijdragen van andere derden) ter zake van de kosten van de gesubsidieerde activiteiten is juist en volledig weergegeven;

  • De verstrekte informatie over het al dan niet in aftrek kunnen brengen van de BTW is juist.

4. Review van de accountantscontrole

De auditdienst van het Ministerie van Economische Zaken kan een review uitvoeren op de uitgevoerde accountantscontrole inzake deze subsidie. De accountant, die de controle uitvoert, verstrekt de auditdienst desgevraagd alle inlichtingen en bescheiden op een wijze zoals deze dienst dat gewenst acht. De eventuele extra kosten van de externe accountant van de subsidieontvanger in verband met de review zijn voor rekening van de subsidieontvanger.

5. Verslaglegging

De accountant legt de uitkomsten van de controle vast in een accountantsverklaring. Voor deze verklaring dient de tekst te worden gehanteerd conform de model verklaring.

Naast zijn oordeel over de financiële verantwoording vermeldt de accountant in een toelichtende paragraaf eventuele specifieke bevindingen, die naar het oordeel van de accountant van belang (kunnen) zijn voor het ministerie van EZ.

Agentschap NL

Agentschap NL is een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hèt aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving.

De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst.

Per 1 januari 2010 bundelen EVD, Octrooicentrum Nederland en SenterNovem hun krachten in één organisatie: Agentschap NL. Bij Agentschap NL kunnen ondernemers, kennisinstellingen en overheden terecht voor informatie, advies, financiering en netwerken op het gebied van duurzaam, innovatief en internationaal ondernemen en samenwerken. SenterNovem vormt vanaf 1 januari de divisies NL Energie en Klimaat, NL Milieu en Leefomgeving en NL Innovatie.

Bij publicaties van Agentschap NL die informeren over subsidieregelingen geldt dat de beoordeling van subsidieaanvragen uitsluitend plaatsvindt aan de hand van de officiële publicatie van het besluit in de Staatscourant.

Bijlage 2. behorend bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)

Jaarlijkse rapportage duurzaamheid biomassa

Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde

Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij:

Agentschap NL

Postbus 10073

8000 GB Zwolle

Telefoon 038-455 34 50

Bezoekadres Agentschap NL

Dokter van Deenweg 108

8025 BK Zwolle

Toelichting

In dit formulier geeft u aan welke biomassastromen het afgelopen jaar gebruikt zijn in uw productie-installatie voor hernieuwbare energie. Deze verplichting staat in artikel 6, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie.

Het formulier moet worden ingediend binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarover gerapporteerd wordt. Dit formulier voor de duurzaamheid van de gebruikte biomassa moet alleen ingevuld worden indien die verplichting vermeld is in de SDE-beschikking.

De rapportage duurzaamheid biomassa moet per productie-installatie ingevuld worden en wordt per installatie van de organisatie openbaar gemaakt op de website www.agentschapnl.nl/sde. Persoonsgegevens (anders dan de naam en plaats van de onderneming en het type installatie) en de kolom met de hoeveelheden in ton worden niet op de website vermeld.

De rapportage wordt gebruikt voor controle of de gebruikte biomassastromen overeenkomen met de voorwaarden van de SDE en om overeenkomstig artikel 6 lid 3 van de Algemene uitvoeringsregeling openbaar te maken welke biomassastromen worden ingezet.

Waar u schrijfruimte tekort komt mag u een bijlage toevoegen.

1. Gegevens aanvrager

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Ondernemingsvorm1 : .....

  • c. Vertegenwoordigd door: ..... (m/v)

  • d. Functie: .....

  • e. Adres: .....

  • f. Postcode en plaats: .....

  • g. Postbusnummer: .....

  • h. Postcode en plaats: .....

  • i. Land: .....

  • j. Telefoonnummer: .....

  • k. E-mailadres: .....

2. Gegevens contactpersoon (indien afwijkend van onder 1 ingevulde gegevens)

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Naam contactpersoon: ..... (m/v)

  • c. Functie: .....

  • d. Adres: .....

  • e. Postcode en plaats: .....

  • f. Land: .....

  • g. Telefoonnummer(s): .....

  • h. E-mailadres: .....

3. Dossiergegevens

  • a. Naam van het project: .....

  • b. Kenmerk subsidietoezegging: .....

  • c. Kalenderjaar van rapportage: 2 □□□

  • d. Categorie duurzame energieproductie:

    • Productie van hernieuwbare elektriciteit;

    • Productie van hernieuwbaar gas;

    • Vergisting of co-vergisting van dierlijke mest (co-vergisting van mest: minimaal 50% mest);

    • GFT-vergisting (Groente, fruit en tuinafval);

    • Overige vergisting (o.a. VGI-vergisting);

    • Thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa inclusief plantaardige en dierlijke restvetten en restoliën ≤ 10 MWe;

    • Thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa exclusief plantaardige en dierlijke restvetten en restoliën ≤ 10 MWe;

    • Thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa 10 MWe < vermogen ≤ 50 MWe.

4. Dossiergegevens

De volgende tabel kunt u ook als een bijlage meesturen. Op de website www.agentschapnl.nl/sde is deze tabel ook digitaal beschikbaar. Afgezien van de kolom over de hoeveelheden in ton wordt deze tabel samen met de naam van de organisatie, de locatie/naam van het project, de categorie van de duurzame energieproductie en het rapportagejaar openbaar gemaakt op www.agentschapnl.nl/sde.

Tabel 1. Totaaloverzicht duurzaamheid gebruikte biomassa

Grondstof

Hoeveelheid (ton)

Aandeel (massa %)

Herkomstland

Hoofdproduct of bijproduct

Productiestandaard

Opmerkingen

             
             
             
             
             
             
             
             
             
             
             
             

Totaal:

 

100%

       

Toelichting op de tabel:

Grondstof De biomassa inputstroom. Tabel 2 op bladzijde 6 geeft een overzicht met mogelijke invulwaarden.

Hoeveelheid Hier vult u de hoeveelheid tonnen biomassa in, die gedurende het rapportagejaar gebruikt is voor de productie van elektriciteit of hernieuwbaar gas.

Deze kolom wordt niet openbaar gemaakt.

Aandeel Hier vult u het massapercentage van die grondstof in ten opzichte van de totale inzet van de biomassa, dus de hoeveelheid tonnen per jaar uit de vorige kolom gedeeld door het totaal van de vorige kolom. De som van de massapercentages (T2) moet 100% zijn.

Herkomstland Dit is het land van herkomst van de grondstof, dus waar de grondstof is geproduceerd of geteeld. Bij primaire en secundaire bijproducten zoals cocosnootschillen is het land van herkomst het land waar de cocosnoot is gegroeid.

Hoofd- of bijproduct Hierin geeft u aan of de grondstof een hoofdproduct is, een primair, secundair of tertiair bijproduct of onbekend. Op pagina 7 van dit formulier wordt een verdere uitleg gegeven.

Productiestandaard Indien de grondstof een hoofdproduct is, kunt u hier aangeven of deze voldoet aan een productiestandaard voor duurzaamheid. Tabel 3, op pagina 8 geeft een overzicht van mogelijke productiestandaarden en bijbehorende afkortingen.

Opmerkingen Ruimte voor overige relevante informatie, bijvoorbeeld verdere specificatie van de grondstof of andere duurzaamheidsinformatie.

Administratieve batches van grondstoffen (hoeveelheid product met identieke eigenschappen qua grondstof, land van oorsprong en productiestandaard) mogen in één regel worden samengevoegd. Er mogen meerdere fysieke ladingen van dezelfde grondstof uit hetzelfde land en met dezelfde productiestandaard bij elkaar opgeteld worden. Dus verschillende porties van een bepaalde grondstof met dezelfde productiestandaard en land van herkomst mogen in één regel worden samengevoegd.

Tabel 2. Grondstofsoorten en indeling in hoofd- of bijproduct

Grondstof

Hoofdproduct of bijproduct

Pluimveemest, Rundermest, Varkensmest, Overige mest

Secundair bijproduct

Maïs

Nagenoeg altijd hoofdproduct

Tarwe

Nagenoeg altijd hoofdproduct

Overig graan of overige gewassen

Nagenoeg altijd hoofdproduct

Reststoffen VGI: reststoffen uit de voedings- en genotsmiddelenindustrie niet zijnde plantaardige of dierlijke oliën of vetten

Secundair bijproduct

Plantaardige vetten of oliën: specificeer in rapportage

Afhankelijk van situatie

Dierlijke vetten of oliën

Afhankelijk van situatie

Veilingafval, tuinbouwafval, fruitteeltrestproduct, bloembollenpelsel

Primair bijproduct

Restproducten uit land- en tuinbouw, zoals doppen

Primair/secundair bijproduct

Slib

Tertiair bijproduct

Restproduct biotransportbrandstoffen zoals bostels, oliezadenmeel/schroot) niet zijnde glycerine of vetzuren

Secundair Bijproduct

Gras

Primair bijproduct

Zetmeel

Kan secundair/tertiair bijproduct zijn

Bieten

Hele biet: meestal hoofdproduct

Bietenpunten: primair bijproduct

Aardappelen

Hele aardappel: meestal hoofdproduct

GFT: Groente Fruit en Tuinafval/organisch afval van huishoudens en bedrijven

Secundair/tertiair bijproduct

Glycerine (niet van petrochemische origine)

Secundair bijproduct

Vetzuren, die vrijkomen bij de raffinage van oliën

Secundair bijproduct

Papier

Secundair/tertiair bijproduct

Slachtbijproducten, diermeel

Secundair bijproduct

Zaagsel

Secundair bijproduct

Vers (primair) hout, inclusief de boomstam zelf

Nagenoeg altijd hoofdproduct

Vers resthout/vers snoeihout/park- of plantsoenhout

Primair bijproduct

Schors

Primair bijproduct

Gebruikt onbehandeld hout, Gebruikt geverfd of verlijmd hout, Gebruikt geïmpregneerd hout, Hout uit verwerking ¹

Tertiair bijproduct

Overig hout

Afhankelijk van situatie

Stro

Primair bijproduct

Overige vaste biomassa; specificeer in rapportage

Afhankelijk van situatie

Overige biomassa; specificeer in rapportage

Afhankelijk van situatie

¹ Voor definities en omschrijvingen: zie ook NTA 8003:2008.

Hoofdproduct en bijproducten

In de rapportageverplichting wordt onderscheid gemaakt tussen hoofdproducten en bijproducten.

Hoofdproduct: Alle biomassastromen die geen bijproduct zijn. Over het algemeen is de hoofdteelt de (belangrijkste) reden waarvoor het gewas of de biomassastroom is geteeld of geproduceerd. Het hoofdproduct heeft meestal meer dan 50% van de economische waarde op de plaats waar zij ontstaat.

Primair: Bij bijproducten wordt een onderscheid gemaakt tussen primaire, secundaire en tertiaire bijproducten:

producten die als natuurlijke bodemverbeteraar kunnen dienen en een economische waarde hebben van minder dan 10% van de waarde van de oogst in zijn geheel op het moment dat deze de boerderij verlaat.

Secundair: Producten die een economische waarde hebben van minder dan 10% van de totale waarde van het product dat de fabriek verlaat. Hierbij moet het bijproduct fundamenteel verschillen van het hoofdproduct . Raffinagefracties worden niet als een bijproduct beschouwd.

Tertiair: Gebruikte producten die een economische waarde hebben van minder dan 25% van de waarde van hetzelfde product in ongebruikte vorm. Afvalstromen, zoals calamiteitenoogst, vallen tevens onder deze categorie.

In tabel 2 is aangegeven wat voorbeelden van bijproducten zijn. Indien dit afhankelijk is van de situatie moet u zelf aangeven op basis van bovenstaande omschrijving wat van toepassing is.

Indien het een hoofdproduct is vult u in hoofdproduct.

Heeft u problemen met het invullen van deze tabel of de definities?

Neem dan contact op met de helpdesk: Telefoon 038-455 34 50 (8.30–12.00 uur).

Productiestandaarden

In tabel 3 zijn een aantal productiestandaarden aangegeven voor biomassa. Indien de door u gebruikte biomassa voorzien is van een dergelijke productiestandaard kunt u dat aangeven in tabel 1. Ook eventuele andere productiestandaarden voor de duurzaamheid van de biomassa kunt u in tabel 1 aangeven.

Tabel 3. Voorbeelden van productiestandaarden

Standaard

Afkorting

Algemene Landbouw standaarden

 

GlobalGAP

Linking Environment and Farming Marque

Sustainable Agriculture Network/Rainforest Alliance

Assured Combinable Crops Scheme

International Federation of Organic Agriculture Movements

GlobalGAP

LEAF

SAN/RA

ACCS

IFOAM

Sociale standaarden

 

Social Accountability 8000

SA 8000

Houtstandaarden

 

American Tree Farm System

Forest Stewardship Council

ATFS

FSC

In de rapportageverplichting wordt gevraagd of een hoofdproduct voldoet aan een productiestandaard. Hierbij kunt u denken aan een van bovenstaande standaarden. Indien een biomassastroom voldoet aan een andere productiestandaard met een relatie tot duurzaamheid, kunt u deze invullen. Het duurzaamheidsniveau dat wordt gewaarborgd varieert per standaard. Over dit duurzaamheidsniveau wordt hier geen uitspraak gedaan.

Bij tabel 1 kunt u de afkortingen invullen.

5. Ondertekening

Dit formulier moet worden ondertekend door de aanvrager. Indien dit formulier wordt ondertekend door een ander dan de aanvrager moet een machtiging van de aanvrager worden bijgevoegd.

Aldus naar waarheid ingevuld,

Naam ondertekenaar: .....

○ Dhr

○ Mw

Plaats: .....

   

Datum: .....

   

Handtekening: .....

   

Controleer voordat u de rapportage verstuurt of:

  • Het formulier volledig is ingevuld;

  • Het formulier is ondertekend met een originele handtekening;

  • Het formulier vergezeld gaat van een accountantsverklaring waarin wordt verklaard dat de gegevens, zoals deze zijn vermeld in het onderhavige formulier, correct zijn;

  • Eventueel een machtiging bij een VOF, CV of Maatschap is toegevoegd.

Agentschap NL

Agentschap NL is een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hèt aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving.

De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst.

Per 1 januari 2010 bundelen EVD, Octrooicentrum Nederland en SenterNovem hun krachten in één organisatie: Agentschap NL. Bij Agentschap NL kunnen ondernemers, kennisinstellingen en overheden terecht voor informatie, advies, financiering en netwerken op het gebied van duurzaam, innovatief en internationaal ondernemen en samenwerken. SenterNovem vormt vanaf 1 januari de divisies NL Energie en Klimaat, NL Milieu en Leefomgeving en NL Innovatie.

Bij publicaties van Agentschap NL die informeren over subsidieregelingen geldt dat de beoordeling van subsidieaanvragen uitsluitend plaatsvindt aan de hand van de officiële publicatie van het besluit in de Staatscourant.

Bijlage 3. behorende bij artikel 7, vierde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)

Jaarlijkse biomassaverklaring bij de productie van hernieuwbaar gas

Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde

Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij:

Agentschap NL

Postbus 10073

8000 GB Zwolle

Telefoon 038 455 34 50

Bezoekadres Agentschap NL

Dokter van Deenweg 108

8025 BK Zwolle

Toelichting

In dit formulier verklaart de producent van hernieuwbaar gas dat uitsluitend biomassastromen zijn gebruikt die zijn toegestaan voor de categorie productie-installaties waar SDE-subsidie is ontvangen. Deze verplichting is omschreven in artikel 7, vierde lid, van de Algemene Uitvoeringsregeling Stimulering Duurzame Energieproductie. Dit formulier wordt alleen gebruikt indien de subsidieontvanger niet nader hoeft te rapporteren over de duurzaamheid van de gebruikte biomassa als aangegeven in artikel 6 eerste lid. In dat geval moet worden gerapporteerd met het formulier ‘jaarlijkse rapportage duurzaamheid biomassa’. Ook dat formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde.

Deze verklaring moet worden ingediend binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar waarover voorschotten zijn uitbetaald.

Deze biomassaverklaring bij de productie van hernieuwbaar gas moet per productie-installatie worden ingevuld.

Waar u schrijfruimte tekort komt mag u een bijlage toevoegen.

1. Gegevens aanvrager

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Ondernemingsvorm2 : .....

  • c. Vertegenwoordigd door: ..... (m/v)

  • d. Functie: .....

  • e. Adres: .....

  • f. Postcode en plaats: .....

  • g. Postbusnummer: .....

  • h. Postcode en plaats: .....

  • i. Land: .....

  • j. Telefoonnummer: .....

  • k. E-mailadres: .....

2. Gegevens contactpersoon (indien afwijkend van onder 1 ingevulde gegevens)

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Naam contactpersoon: ..... (m/v)

  • c. Functie: .....

  • d. Adres: .....

  • e. Postcode en plaats: .....

  • f. Land: .....

  • g. Telefoonnummer(s): .....

  • h. E-mailadres: .....

3. Dossiergegevens

  • a. Naam van het project: .....

  • b. Kenmerk subsidietoezegging/beschikking: .....

  • c. EAN-code van het aansluitpunt:3 □□□□□□□□□□□□□□□□□□

  • d. Kalenderjaar van de verklaring: 2□□□

  • e. Categorie duurzame energieproductie/type installatie: .....

4.. Verklaring

Gelet op artikel 7, vierde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie verklaar ik dat ik in bovengenoemde productie-installatie uitsluitend biomassa heb gebruikt die is toegestaan voor de categorie productie-installaties waarvoor ik subsidie heb ontvangen.

5. Ondertekening

Dit formulier moet worden ondertekend door de aanvrager. Indien dit formulier wordt ondertekend door een ander dan de aanvrager moet een machtiging van de aanvrager worden bijgevoegd.

Aldus naar waarheid ingevuld,

Naam ondertekenaar: .....

○ Dhr

○ Mw

Plaats: .....

   

Datum: .....

   

Handtekening: .....

   

Controleer voordat u de rapportage verstuurt of:

  • Het formulier volledig is ingevuld;

  • Het formulier is ondertekend met een originele handtekening;

  • Het formulier vergezeld gaat van een accountantsverklaring waarin wordt verklaard dat de gegevens, zoals deze zijn vermeld in het onderhavige formulier, correct zijn en dat uitsluitend biomassastromen zijn gebruikt die zijn toegestaan voor de categorie productie-installaties waar subsidie voor is ontvangen;

  • Eventueel een machtiging bij een VOF, CV of Maatschap is toegevoegd, als u die niet eerder heeft aangeleverd.

Agentschap NL

Agentschap NL is een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hèt aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving.

De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst.

Per 1 januari 2010 bundelen EVD, Octrooicentrum Nederland en SenterNovem hun krachten in één organisatie: Agentschap NL. Bij Agentschap NL kunnen ondernemers, kennisinstellingen en overheden terecht voor informatie, advies, financiering en netwerken op het gebied van duurzaam, innovatief en internationaal ondernemen en samenwerken. SenterNovem vormt vanaf 1 januari de divisies NL Energie en Klimaat, NL Milieu en Leefomgeving en NL Innovatie.

Bij publicaties van Agentschap NL die informeren over subsidieregelingen geldt dat de beoordeling van subsidieaanvragen uitsluitend plaatsvindt aan de hand van de officiële publicatie van het besluit in de Staatscourant.

Bijlage 4. behorend bij artikel 8, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)

Jaarlijks voorschotformulier

Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde

Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij:

Agentschap NL

Postbus 10073

8000 GB Zwolle

Telefoon 038-455 34 50

Bezoekadres Agentschap NL

Dokter van Deenweg 108

8025 BK Zwolle

Toelichting

Dit formulier is bedoeld om een voorschot aan te vragen voor de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE). U moet dit formulier jaarlijks voorafgaande aan het kalenderjaar waarin u voorschotten wilt ontvangen indienen.

Hernieuwbare elektriciteit

Het voorschotbedrag wordt bepaald aan de hand van:

  • 1. De jaarraming die u in dit formulier opgeeft (of het maximum zoals staat vermeld in de beschikking tot subsidieverlening wanneer dat lager is),

  • 2. Het basisbedrag dan wel tenderbedrag zoals deze in de beschikking tot subsidieverlening staan vermeld, en

  • 3. De geprognosticeerde energieprijs en de geprognosticeerde correctiebedragen.

Tachtig procent van het voorschotbedrag wordt in 12 gelijke maandelijkse bedragen uitgekeerd. Na afloop van het jaar zal een verrekening plaatsvinden tot 100 procent van het voorschotbedrag op basis van de werkelijke productie en de vastgestelde energieprijs en correctiebedragen.

Agentschap NL ontvangt van CertiQ de productiegegevens die worden gebruikt bij het bepalen van het juiste voorschotbedrag. U hoeft deze gegevens niet zelf te verstrekken.

Voorschotten voor de SDE bij hernieuwbare elektriciteit en wkk kunnen alleen verstrekt worden op basis van te produceren elektriciteit waarvoor garanties van oorsprong of certificaten worden afgegeven. U moet zich hiervoor aanmelden bij CertiQ (www.certiq.nl).

Om u aan te kunnen melden bij CertiQ en voor het voorschotverzoek bij Agentschap NL moet u de EAN-code van het aansluitpunt aangeven waarop u stroom levert. De EAN-code voor producenten kan verkregen worden bij de regionale netbeheerder.

De producent moet tevens een productieverklaring aanvragen bij de regionale netbeheerder. De regionale netbeheerder beoordeelt of de installatie voldoet aan de wettelijke eisen en of er op een eenduidige manier gemeten kan worden. Na goedkeuring (en ondertekening) stuurt de netbeheerder de aanmelding door naar CertiQ. De meetgegevens van een geregistreerde productielocatie worden door een erkende meetverantwoordelijke of door de netbeheerder zelf opgenomen. De netbeheerder stuurt de meetgegevens naar CertiQ. Op basis van deze meetgegevens kunnen de garanties van oorsprong of certificaten worden aangemaakt door CertiQ. Agentschap NL ontvangt van CertiQ de productiegegevens die worden gebruikt voor het bepalen van het juiste voorschotbedrag. U hoeft deze gegevens niet zelf te verstrekken.

Hernieuwbaar gas

Het voorschotbedrag wordt bepaald aan de hand van:

  • 1. De jaarraming die u in dit formulier opgeeft (of het maximum zoals staat vermeld in de beschikking tot subsidieverlening wanneer dat lager is);

  • 2. Het basisbedrag dan wel tenderbedrag zoals deze in de beschikking tot subsidieverlening staan vermeld, en;

  • 3. De geprognosticeerde energieprijs en de geprognosticeerde correctiebedragen.

Tachtig procent van het voorschotbedrag wordt in 12 gelijke maandelijkse bedragen uitgekeerd. Na afloop van het jaar zal een verrekening plaatsvinden tot 100 procent van het voorschotbedrag op basis van de werkelijke productie en de vastgestelde energieprijs en correctiebedragen.

Voor hernieuwbaar gas bestaat geen wettelijk verankerd systeem van garanties van oorsprong, zoals bij hernieuwbare elektriciteit of van certificaten, zoals bij elektriciteit opgewekt door warmtekrachtkoppeling. De subsidieontvanger die hernieuwbaar gas op het net invoedt, moet voldoen aan de voorwaarden die in artikel 12b van de gaswet worden gesteld. Op grond van deze meetvoorwaarden worden metingen verricht door een erkende meetverantwoordelijke. De bepalingen voor groen gas zijn nader uitgewerkt in artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling SDE. In dit artikel is opgenomen, dat u indien gewenst de informatiestromen via een door de Minister goedgekeurde instantie, zoals Vertogas, kunt laten lopen als u daartoe een verzoek indient. Vertogas voert een voorlopig certificatiesysteem uit voor hernieuwbaar gas.

Voor het voorschotverzoek bij Agentschap NL moet u de EAN-code van het aansluitpunt aangeven waarop u hernieuwbaar gas levert. De EAN-code voor producenten kan verkregen worden bij de regionale netbeheerder.

De subsidieontvanger moet met zijn meetverantwoordelijke overeenkomen dat de meetgegevens maandelijks overlegd worden aan Agentschap NL. Deze meetgegevens worden door Agentschap NL gebruikt bij het bepalen van het juiste voorschotbedrag.

Waar u schrijfruimte tekort komt, mag u een bijlage toevoegen.

1. Gegevens aanvrager

  • a. Naam organisatie4 : .....

  • b. Vertegenwoordigd door: ..... (m/v)

  • c. Adres: .....

  • d. Postcode en plaats: .....

  • e. Postbusnummer: .....

  • f. Postcode en plaats: .....

2. Gegevens contactpersoon (indien afwijkend van onder 1 ingevulde gegevens)

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Naam contactpersoon: ..... (m/v)

  • c. Adres: .....

  • d. Postcode en plaats: .....

3. Dossiergegevens

  • a. Naam van het project: .....

  • b. Kenmerk subsidietoezegging: .....

  • c. EAN-code van het aansluitpunt:5 □□□□□□□□□□□□□□□□□□

  • d. Adres locatie: .....

  • e. Postcode locatie: .....

  • f. Plaats locatie: .....

4. Rekeninggegevens

  • a. Naam rekeninghouder: .....

  • b. Plaats rekeninghouder: .....

  • c. IBAN6 : NL □□ □□□□ □□□□□□□□□□

  • d. BIC7: □□□□ NL □□

5. Productieraming per kalenderjaar

  • a. Op welk kalenderjaar heeft de raming betrekking: 2 □□□

  • b. Raming totale jaarproductie van de installatie8 : ..... MWhe of Nm3

  • c. Bij biomassa9 : Raming jaarlijkse hoeveelheid nuttig aangewende warmte: .....MWhth

  • d. Is er voor het betreffende kalenderjaar een periode aan te wijzen waarin geen of sterk gereduceerde (minder dan 50 procent) productie zal plaatsvinden, bijvoorbeeld als gevolg van onderhoudswerkzaamheden?

    ○ nee ○ ja, namelijk vanaf : ..... tot .....

    Zo ja, dan dient u in de raming genoemd onder 5b rekening te houden met de geplande verminderde productie.

  • e. Het is mogelijk dat voor het project verschillende basisbedragen van toepassing zijn afhankelijk van het rendement van de productie-installatie. Indien dit het geval is dan staat dit vermeld in de beschikking tot subsidieverlening. In dat geval moet u ook een raming opgeven van het rendement van de productie-installatie10 .

    .....

    .....

    .....

6. Wijzigingen

Zijn er ten opzichte van de bij Agentschap NL opgegeven gegevens wijzigingen opgetreden op de volgende punten?:

Nominaal vermogen van de installatie:

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Eigendom van de installatie:

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Brandstoffenmix:

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Locatie van de installatie

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Overige essentiële wijzigingen

○ nee

○ ja, namelijk: .....

7. Algemene informatie

Is voor de aanvrager surseance van betaling aangevraagd?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Is voor de aanvrager faillissement aangevraagd?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Is voor de aanvrager een verzoek ingediend voor de schuldsaneringregeling natuurlijke personen?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Zijn er andere subsidies of fiscale faciliteiten voor het project verstrekt/toegezegd die u nog niet heeft opgegeven in het aanvraagformulier of eerdere voorschotaanvraag?

○ nee

○ ja, namelijk

 

Naam regeling: .....

 

Voor een bedrag van: .....

 

Verstrekt op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

 

Toegezegd op: .....-....-...........(dd-mm-jj)

Met het ondertekenen van dit formulier verklaart u dat u Agentschap NL onverwijld schriftelijk melding zult doen van essentiële wijzigingen zoals:

  • Een gewijzigde datum van ingebruikname;

  • Een gewijzigde aanvangsdatum van de subsidieperiode;

  • Uitbedrijfname, renovatie en uitbreiding, langdurige stilstand;

  • Indien van toepassing ingrijpende wijzigingen van de brandstofmix;

  • Wijzigingen van de technische specificatie van de installatie;

  • Wijzigingen in de gegevens van de aanvrager en de steunsituatie.

  • Een indiening bij de rechtbank van een verzoek tot verlening van surséance van betaling of tot verzoek faillietverklaring of wanneer een verzoek is ingediend voor de schuldsaneringregeling natuurlijke personen of andere zaken die van invloed zijn op de subsidieverstrekking;

  • Locatiewijziging.

8. Opmerkingen

Zijn er nog andere gegevens, die voor het verlenen van voorschotten van belang kunnen zijn?

○ nee

○ ja, namelijk:

.....

.....

.....

.....

.....

9. Ondertekening

Dit formulier moet worden ondertekend door de aanvrager. Indien dit formulier wordt ondertekend door een ander dan de aanvrager moet een machtiging van de aanvrager worden bijgevoegd.

Aldus naar waarheid ingevuld,

     

Naam ondertekenaar: .....

○ Dhr

○ Mw

Plaats: .....

   

Datum: .....

   

Handtekening: .....

   

Bij dit voorschotformulier moet u de volgende bijlagen meesturen:

  • Een onderbouwing van de bij vraag 5 ingevulde productieraming indien die afwijkt van de eerder ingediende ramingen;

  • Een machtiging van de aanvrager als dit formulier is ondertekend door een ander dan de aanvrager (alleen als u deze nog niet eerder hebt aangeleverd);

  • Eventueel een machtiging bij een VOF, CV of Maatschap, alleen als u deze nog niet eerder hebt aangeleverd.

Controleer voordat u de aanvraag verstuurt of:

  • Het formulier volledig is ingevuld;

  • Het formulier is ondertekend met een originele handtekening;

  • Alle bijlagen zijn bijgevoegd

Agentschap NL is een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hèt aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving.

De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst.

Per 1 januari 2010 bundelen EVD, Octrooicentrum Nederland en SenterNovem hun krachten in één organisatie: Agentschap NL. Bij Agentschap NL kunnen ondernemers, kennisinstellingen en overheden terecht voor informatie, advies, financiering en netwerken op het gebied van duurzaam, innovatief en internationaal ondernemen en samenwerken. SenterNovem vormt vanaf 1 januari de divisies NL Energie en Klimaat, NL Milieu en Leefomgeving en NL Innovatie.

Bij publicaties van Agentschap NL die informeren over subsidieregelingen geldt dat de beoordeling van subsidieaanvragen uitsluitend plaatsvindt aan de hand van de officiële publicatie van het besluit in de Staatscourant.

Bijlage 5. behorende bij artikel 10 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie

Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)

Vaststellingsformulier

Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde

Dit formulier is verstrekt door en moet worden ingediend bij:

Agentschap NL

Postbus 10073

8000 GB Zwolle

Telefoon 038-455 34 50

Bezoekadres Agentschap NL

Dokter van Deenweg 108

8025 BK Zwolle

Toelichting

Dit formulier is bedoeld om vaststelling aan te vragen voor de Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE) aan het eind van de SDE-subsidieperiode.

Waar u schrijfruimte tekort komt, mag u een bijlage toevoegen.

1. Gegevens aanvrager

  • a. Naam organisatie11 : .....

  • b. Ondernemingsvorm12 : .....

  • c. Vertegenwoordigd door: ..... (m/v)

  • d. Functie: .....

  • e. Adres: .....

  • f. Postcode en plaats: .....

  • g. Postbusnummer: .....

  • h. Postcode en plaats: .....

  • i. Land: .....

  • j. Telefoonnummer: .....

  • k. E-mailadres: .....

2. Gegevens contactpersoon (indien afwijkend van onder 1 ingevulde gegevens)

  • a. Naam organisatie: .....

  • b. Naam contactpersoon: ..... (m/v)

  • c. Functie: .....

  • d. Adres: .....

  • e. Postcode en plaats: .....

  • f. Land: .....

  • g. Telefoonnummer(s): .....

  • h. E-mailadres: .....

3. Dossiergegevens

  • a. Naam van het project: .....

  • b. Kenmerk subsidietoezegging: .....

  • c. EAN-code van het aansluitpunt13 : □□□□□□□□□□□□□□□□□□

4. Rekeninggegevens

  • a. Naam rekeninghouder: .....

  • b. Postcode en plaats: .....

  • c. IBAN14 : NL □□ □□□□ □□□□□□□□□□

  • d. BIC-code15: □□□□ NL □□

5. Wijzigingen

Zijn er ten opzichte van de bij Agentschap NL opgegeven gegevens wijzigingen opgetreden op de volgende punten?:

Opgesteld vermogen van de installatie:

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Ten aanzien van het eigendom van de installatie

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Ten aanzien van de brandstoffenmix

○ nee

○ ja, namelijk: .....

Overige essentiële wijzigingen

○ nee

○ ja, namelijk: .....

.....

 

.....

 

.....

 

.....

 

U dient er hier echter rekening mee te houden dat u in uw aanvraagformulier hebt verklaard, door deze te ondertekenen, dat u Agentschap NL onverwijld schriftelijk melding zal doen van essentiële wijzigingen: gewijzigde datum van ingebruikname, gewijzigde aanvangsdatum van subsidieperiode, uitbedrijfname, renovatie en uitbreiding, langdurige stilstand, indien van toepassing ingrijpende wijzigingen van de brandstofmix, wijzigingen van de technische specificatie van de installatie, et cetera en daarnaast van wijzigingen in de gegevens van de aanvrager en de steunsituatie.

6.. Algemene informatie

Is voor de aanvrager surseance van betaling aangevraagd?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Is voor de aanvrager faillissement aangevraagd?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Is voor de aanvrager een verzoek ingediend voor de schuldsaneringregeling natuurlijke personen?

○ nee

○ ja, namelijk op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

Zijn er andere subsidies of fiscale faciliteiten voor het project verstrekt die u nog niet heeft opgegeven in het aanvraagformulier of eerdere voorschotaanvraag?

○ nee

○ ja, namelijk

 

Naam regeling: .....

 

Voor een bedrag van: .....

 

Verstrekt op: .....-.....-.......... (dd-mm-jj)

U dient er hier echter rekening mee te houden dat u in uw aanvraagformulier hebt verklaard, door deze te ondertekenen, dat u Agentschap NL onverwijld schriftelijk melding zal doen van de indiening bij de rechtbank van een verzoek tot verlening van surséance van betaling of tot verzoek faillietverklaring of wanneer een verzoek is ingediend voor de schuldsaneringregeling natuurlijke personen of andere zaken die van invloed zijn op de subsidieverstrekking.

7. Opmerkingen

Zijn er nog andere gegevens, die voor de aanvraag om vaststelling van belang kunnen zijn?

○ nee

○ ja, namelijk:

.....

.....

.....

.....

.....

8.. Ondertekening

Dit formulier moet worden ondertekend door de aanvrager. Indien dit formulier wordt ondertekend door een ander dan de aanvrager moet een machtiging van de aanvrager worden bijgevoegd.

Aldus naar waarheid ingevuld,

     

Naam ondertekenaar: .....

○ Dhr

○ Mw

Plaats: .....

   

Datum: .....

   

Handtekening: .....

   

Bij dit formulier voor aanvraag om vaststelling moet u de volgende bijlagen meesturen:

  • Een machtiging indien dit formulier is ondertekend door een ander dan de aanvrager;

  • Eventueel een machtiging bij een VOF, CV of Maatschap.

Controleer voordat u de aanvraag verstuurt of:

  • Het formulier volledig is ingevuld;

  • Het formulier is ondertekend met een originele handtekening;

  • Alle bijlagen zijn bijgevoegd.

Agentschap NL

Agentschap NL is een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hèt aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving.

De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst.

Per 1 januari 2010 bundelen EVD, Octrooicentrum Nederland en SenterNovem hun krachten in één organisatie: Agentschap NL. Bij Agentschap NL kunnen ondernemers, kennisinstellingen en overheden terecht voor informatie, advies, financiering en netwerken op het gebied van duurzaam, innovatief en internationaal ondernemen en samenwerken. SenterNovem vormt vanaf 1 januari de divisies NL Energie en Klimaat, NL Milieu en Leefomgeving en NL Innovatie.

Bij publicaties van Agentschap NL die informeren over subsidieregelingen geldt dat de beoordeling van subsidieaanvragen uitsluitend plaatsvindt aan de hand van de officiële publicatie van het besluit in de Staatscourant.

  1. Naamloze vennootschap, maatschap, besloten vennootschap, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap, coöperatieve vereniging, onderlinge waarborgmaatschappij, vereniging, stichting, Europees economisch samenwerkingsverband, eenmanszaak. ^ [1]
  2. Naamloze vennootschap, maatschap, besloten vennootschap, commanditaire vennootschap, coöperatieve vereniging, onderlinge waarborgmaatschappij, vereniging, stichting, Europees economisch samenwerkingsverband, eenmanszaak. ^ [2]
  3. Dit dient dezelfde code te zijn als de code waarop uw hernieuwbaar gas productie wordt gemeten. ^ [3]
  4. Indien u een particulier bent vult u hier uw volledige naam in. Vraag 1b, 1c, 1d, 1g en 1h slaat u dan over. ^ [4]
  5. Dit is dezelfde code als de code waarop garanties van oorsprong of certificaten worden geregistreerd of het hernieuwbare gas wordt gemeten. ^ [5]
  6. Vanaf 1 november 2009 worden alle bank- en en betaalrekeningen vervangen door de zogenoemde IBAN (International Bank Account Number) en BIC (Bank Identifier Code). Deze staan op uw bankafschrift en zijn ook verkrijgbaar via http://www.ibanbicservice.nl. ^ [6]
  7. Vanaf 1 november 2009 worden alle bank- en en betaalrekeningen vervangen door de zogenoemde IBAN (International Bank Account Number) en BIC (Bank Identifier Code). Deze staan op uw bankafschrift en zijn ook verkrijgbaar via http://www.ibanbicservice.nl. ^ [7]
  8. Indien dit gewijzigd is ten opzichte van de beschikking moet u een onderbouwing aangeven. ^ [8]
  9. De productieraming van warmte hoeft alleen aangegeven te worden bij opwekking van hernieuwbare elektriciteit met co-vergisting van mest, GFT-vergisting of thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa, waarbij het basisbedrag afhankelijk is van de hoeveelheid nuttige aangewende warmte. De definitie van nuttig aangewende warmte staat in artikel 1 van de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit zoals deze luidde op 1 april 2009. ^ [9]
  10. Dit is alleen van toepassing bij afvalverbrandingsinstallaties en sommige biomassa-installaties ^ [10]
  11. Indien u een particulier bent vult u hier uw volledige naam in. Vraag 1b en 1c slaat u dan over. ^ [11]
  12. Naamloze vennootschap, maatschap, besloten vennootschap, commanditaire vennootschap, coöperatieve vereniging, onderlinge waarborgmaatschappij, vereniging, stichting, Europees economisch samenwerkingsverband, eenmanszaak. ^ [12]
  13. Dit dient dezelfde code te zijn als de code waarop garanties van oorsprong of certificaten worden geregistreerd of het hernieuwbare gas wordt gemeten. ^ [13]
  14. Vanaf 1 november 2009 worden alle bank- en en betaalrekeningen vervangen door de zogenoemde IBAN (International Bank Account Number) en BIC (Bank Identifier Code). Deze staan op uw bankafschrift en zijn ook verkrijgbaar via http://www.ibanbicservice.nl. ^ [14]
  15. Vanaf 1 november 2009 worden alle bank- en en betaalrekeningen vervangen door de zogenoemde IBAN (International Bank Account Number) en BIC (Bank Identifier Code). Deze staan op uw bankafschrift en zijn ook verkrijgbaar via http://www.ibanbicservice.nl. ^ [15]
Naar boven