Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Instellingsbesluit Monitorcomité ESF2[Regeling vervallen per 10-12-2014.]

Geldend van 01-12-2009 t/m 09-12-2014

Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 1 november 2007, Directie Arbeidsmarkt, afdeling Bemiddeling en Re-integratie, nr. AM/BR/2007/34777, tot instelling van Monitorcomité ESF

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelet op artikel 63, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1083/2006;

Besluit:

Artikel 1. Definities [Vervallen per 10-12-2014]

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a. de Beschikking: de Beschikking van de Europese Commissie, houdende goedkeuring van het voor Nederland geldende Enig Programmeringsdocument voor de structurele bijstandsverlening uit hoofde van doelstelling 2, voor de periode 2007–2013;

  • b. de Verordening: Verordening (EG) nr.1083/2006 van de Raad van 11 juli 2006 houdende algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Cohesiefonds en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1260/1999;

  • c. de Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • d. Ministerie: het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Artikel 2. Instelling [Vervallen per 10-12-2014]

Er is een Monitorcomité ESF2.

Artikel 3. Samenstelling [Vervallen per 10-12-2014]

  • 1 Het Comité bestaat uit de volgende leden:

    • a. twee leden, benoemd door de Minister, waaronder de voorzitter;

    • b. een lid, benoemd door de Minister op voordracht van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

    • c. een lid, benoemd door de Minister op voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

    • d. een lid, benoemd door de Minister op voordracht van de Minister van Economische Zaken;

    • e. een lid, benoemd door de Minister op voordracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten;

    • f. twee leden, benoemd door de Minister op voordracht van de in de Stichting van de Arbeid vertegenwoordigde organisaties van werkgevers;

    • g. twee leden, benoemd door de Minister op voordracht van de in de Stichting van de Arbeid vertegenwoordigde organisaties van werknemers.

  • 2 De leden van het Comité kunnen zich ter vergadering laten bijstaan door een of meer adviseurs.

  • 3 Voor ieder lid kan de Minister een plaatsvervanger benoemen, voor zover van toepassing op voordracht van de instantie die het te vervangen lid heeft voorgedragen.

  • 4 Op eigen initiatief of op verzoek van het comité neemt een vertegenwoordiger van de Europese Commissie met raadgevende stem zitting in het Comité.

  • 5 Het secretariaat van het Comité berust bij het Ministerie.

Artikel 4. Vergaderingen [Vervallen per 10-12-2014]

  • 1 Het Comité komt ten minste tweemaal per jaar bijeen.

  • 2 Indien nodig kan het Comité gebruik maken van een schriftelijke vergaderprocedure.

Artikel 5. Besluitvorming [Vervallen per 10-12-2014]

Het Comité besluit met meerderheid van ter vergadering aanwezige stemmen. Bij staking der stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag.

Artikel 6. Taken [Vervallen per 10-12-2014]

  • 1 Overeenkomstig artikel 65 van de Verordening:

    • a. onderzoekt en accordeert het Comité de criteria voor de selectie van de te financieren concrete acties binnen zes maanden na de goedkeuring van het operationele programma, en stelt het Comité herziening van deze criteria voor naar gelang van de programmeringsbehoeften;

    • b. gaat het Comité aan de hand van door de managementautoriteit bezorgde documenten periodiek na welke vooruitgang is geboekt bij de verwezenlijking van de specifieke doelstellingen van het operationele programma;

    • c. onderzoekt het Comité de resultaten van de uitvoering, met name de verwezenlijking van de te bereiken doelstellingen per prioriteit, en de in artikel 48, derde lid, van de Verordening bedoelde evaluaties;

    • d. onderzoekt en accordeert het Comité de jaarverslagen en het eindverslag over de uitvoering, bedoeld in artikel 67 van de Verordening;

    • e. onderzoekt en accordeert het Comité elk voorstel tot wijziging van de inhoud van de beschikking van de Commissie over de bijdrage uit de fondsen.

  • 2 Overeenkomstig artikel 65 van de Verordening wordt het Comité in kennis gesteld van het jaarlijkse controleverslag of van het gedeelte van het verslag dat verband houdt met het betrokken operationele programma, alsmede van de eventuele relevante opmerkingen die de Commissie na onderzoek van dat verslag of van dat gedeelte van het verslag kan maken.

Artikel 7. Adviesbevoegdheid [Vervallen per 10-12-2014]

  • 1 Indien het Comité van oordeel is dat aanpassing wenselijk is van enig besluit dat is vastgesteld ter uitvoering van de Beschikking, dan wel dat aanpassing wenselijk is van de wijze waarop een dergelijk besluit wordt uitgevoerd teneinde de aan de subsidiëring uit het Europees Sociaal Fonds ten grondslag liggende doelstellingen zo goed mogelijk te verwezenlijken, kan het terzake gevraagd of eigener beweging advies uitbrengen aan de Minister.

  • 2 Het Comité kan de managementautoriteit, bedoeld in artikel 59, eerste lid onder a, van de Verordening, elke herziening of toetsing van het operationele programma voorstellen die erop is gericht de in artikel 3 van de Verordening omschreven doelstellingen van de fondsen te bereiken of het beheer van het operationele programma, met inbegrip van het financiële beheer, te verbeteren.

Artikel 8. Nadere regeling werkzaamheden [Vervallen per 10-12-2014]

Het Comité kan zijn werkzaamheden nader regelen, binnen het kader, gegeven door de Verordening, de Beschikking en de ter uitvoering daarvan genomen Ministeriële besluiten.

Artikel 9. Beheer van de bescheiden [Vervallen per 10-12-2014]

  • 1 Het beheer van de bescheiden van het Comité geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie.

  • 2 De bescheiden van het Comité worden na beëindiging van de werkzaamheden van het Comité in het archief van het Ministerie opgenomen.

Artikel 10. Inwerkingtreding [Vervallen per 10-12-2014]

Deze regeling treedt inwerking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en vervalt met ingang van 1 januari 2017.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 1 november 2007

De

Staatssecretaris

van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

A. Aboutaleb