Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Circulaire Beleidsregels toetsingskader wettelijke erkenning van specialistentitels[Regeling vervallen per 21-07-2013.]

Geldend van 21-07-2007 t/m 20-07-2013

Circulaire Beleidsregels toetsingskader wettelijke erkenning van specialistentitels

1. Inleiding [Vervallen per 21-07-2013]

Deze circulaire bevat bekendmaking van beleid van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport( de Minister) met betrekking tot de behandeling van verzoeken tot wettelijke erkenning van specialistentitels.

In 2006 is de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (wet BIG) ten aanzien van onder meer de wettelijke erkenning van specialistentitels gewijzigd. Deze wijziging is op 15 december 2006 in werking getreden. Op grond van deze wijziging zal de Minister verzoeken tot wettelijke erkenning beoordelen op wenselijkheid ter bevordering van de goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg. Deze circulaire dient er toe het toetsingskader voor deze beoordeling nader bekend te maken.

Deze circulaire treedt in werking op de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Zij heeft een geldigheidsduur van twee jaar.

2. Algemeen [Vervallen per 21-07-2013]

De Minister kan bepalen dat een titel als wettelijk erkende specialistentitel wordt aangemerkt. Dat kan, indien een organisatie van beoefenaren van een beroep als bedoeld in artikel 3 van de wet BIG daartoe een aanvraag indient. Deze organisatie moet dan eerst zelf een specialistenregister hebben ingesteld en daaraan een titel hebben verbonden.

In een specialistenregister staan ingeschreven beroepsbeoefenaren die een bijzondere deskundigheid hebben verworven met betrekking tot de uitoefening van een deelgebied van hun beroep.

Een aanvraag zoals boven bedoeld moet worden gedaan door het bestuur van de organisatie of door het orgaan, bedoeld in artikel 14, tweede lid, onderdeel d, wet BIG, indien het bestuur aan dit orgaan de bevoegdheid daartoe heeft overgedragen.

Op grond van artikel 14, tweede lid, aanhef, neemt de Minister een dergelijk besluit uitsluitend indien dat wenselijk is ter bevordering van de goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg. Tevens moet aan de voorwaarden van de onderdelen a tot en met e van het tweede lid, artikel 14 van de Wet BIG zijn voldaan. Dit leidt tot een toetsing in drie stappen, waarvan de criteria voor de eerste stap in de wet BIG zijn vastgelegd. Bij de tweede stap heeft de Minister een beperkte toetsingsmogelijkheid. Ten aanzien van de derde stap komt de Minister beleidsvrijheid toe. Voor de overzichtelijkheid zijn ook de wettelijk vastgelegde criteria in deze circulaire vastgelegd.

3. De drie stappen [Vervallen per 21-07-2013]

Stap 1: Toetsing aan voorwaarden van artikel 14, tweede lid, onder a t/m e

Als niet cumulatief aan deze voorwaarden is voldaan is de toetsing voltooid en leidt deze niet tot wettelijke erkenning van de specialistentitel.

Stap 2: De regelingen, bedoeld in het tweede lid, onder c en d, worden getoetst aan strijd met het algemeen belang of met het recht.

In geval er sprake is van strijd met het algemeen belang of strijd met het recht is de toetsing voltooid. In dat geval volgt geen wettelijke erkenning.

Stap 3: Vervolgens wordt beoordeeld of een wettelijke erkenning van het betreffende specialisme wenselijk is ter bevordering van de goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg. De Minister besluit een specialistentitel uitsluitend wettelijk te erkennen in het geval dat dit wenselijk is ter bevordering van de goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg. De Minister zal motiveren waarom het wettelijk erkennen van de betreffende specialistentitel een meerwaarde heeft. Aan de criteria die hierbij gehanteerd wordt wordt cumulatief voldaan.

4. Stap 1 [Vervallen per 21-07-2013]

Toetsing aan de voorwaarden van artikel 14, tweede lid, onderdelen a t/m e van de Wet BIG:

  • a. De organisatie is, naar het oordeel van de Minister, voldoende representatief voor de beoefenaren van het betrokken beroep;

  • b. De organisatie is een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid;

  • c. De organisatie stelt regels waarin in ieder geval wordt vastgelegd

    • de procedure voor de besluitvorming binnen de organisatie met betrekking tot het instellen van een specialistenregister

    • de taken en samenstelling van de verschillende organen

    • het bedrag dat, ter dekking van de kosten, voor de behandeling van een aanvraag voor inschrijving en voor erkenning van een opleidingsinstelling, onderscheidenlijk opleider, is verschuldigd

  • d. De organisatie kent een orgaan dat

    • belast is met het besluit tot instelling van een specialistenregister

    • regels stelt met betrekking tot de eisen die gesteld worden aan de inschrijving als specialist en aan de erkenning van opleidingsinstellingen, onderscheidenlijk opleiders, voor een specialisme;

  • e. De organisatie kent tevens een orgaan dat is belast met

    • de inschrijving van specialisten

    • de erkenning van opleidingsinstellingen, onderscheidenlijk de opleiders en

    • het toezicht op de uitvoering van de regels door de erkende opleidingsinstellingen, onderscheidenlijk opleiders.

5. Stap 2 [Vervallen per 21-07-2013]

Strijd met het recht of met het algemeen belang

Bij strijd met het recht zal zowel het geschreven recht als het ongeschreven recht betrokken worden, waarbij de nadruk ligt op al bestaande wetgeving op het terrein van de individuele gezondheidszorg en de Europese wetgeving op dit terrein.

Bij het algemeen belang zal vooral naar het belang voor de individuele gezondheidszorg gekeken worden. Er mag geen belemmering uit voortvloeien voor de toegankelijkheid van de zorg. Ook mag er geen onredelijke belemmering zijn voor de toegankelijkheid van de opleiding.

6. Stap 3 [Vervallen per 21-07-2013]

Wenselijk voor een goede uitoefening van de individuele gezondheidszorg

Hiervoor worden de volgende criteria gehanteerd:

  • Het specialisme is voldoende uitgekristalliseerd

    Pas als het specialisme voldoende uitgekristalliseerd is, zal een goede beoordeling van het specialisme plaats kunnen vinden. De opleidingseisen moeten vastliggen. Daarin moet aandacht zijn voor de competenties, deskundigheidsomschrijvingen, standaarden en samenwerkingsprotocollen. Ook de eisen aan de opleidingsinstellingen en waarborgen voor een optimaal opleidingsklimaat moeten vastliggen.

  • Het specialisme is voldoende afgebakend van de al bestaande beroepen en heeft een toegevoegde waarde

    Het specialisme moet zich goed onderscheiden van het basisberoep en de al bestaande specialismen.

    De handelingen en/of deskundigheid zijn zo specifiek dat zij niet vanuit het basisberoep kunnen worden verleend of op een andere wijze verstrekt kunnen worden.

  • De financiering en bekostiging van de opleiding tot het specialisme en de dekking daarvan zijn aantoonbaar deugdelijk geregeld alvorens tot erkenning kan worden overgegaan

    Het wettelijk erkennen van een specialistentitel op zich impliceert geen financiering vanuit de overheid.

    De financiering van opleidingen tot specialist is in Nederland verschillend geregeld. Dit vergt een goede afstemming van de diverse betrokken partijen, waarbij duidelijk moet zijn welke partij welke opleidingskosten draagt en in welke omvang.

  • Er is sprake van voldoende landelijke dekking door het betreffende specialisme

    Er moeten voldoende beoefenaren van het betreffende specialisme zijn, verspreid over het land, om een voldoende landelijke dekking van het aanbod van die specifieke zorg te kunnen garanderen.

De

Minister

van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
namens deze:
de

Directeur-Generaal van de Volksgezondheid

,

J.I.M. de Goeij