Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Regeling energieprestatie gebouwen

Geldend van 10-05-2012 t/m 30-11-2013

Regeling van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 21 december 2006, nr. DJZ 2006339319, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, tot vaststelling van nadere voorschriften voor de energieprestatie van gebouwen (Regeling energieprestatie gebouwen)

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op artikel 3.1 van het Besluit energieprestatie gebouwen;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • adviseur: verstrekker van een energielabel;

  • BRL: door het Centraal College van Deskundigen van de Stichting Kwaliteitsborging Installatiesector vastgestelde Nationale Beoordelingsrichtlijn;

  • besluit: Besluit energieprestatie gebouwen;

  • energie-index: cijfer dat het energiegebruik aangeeft op basis van de hoeveelheid energie die nodig wordt geacht voor de verschillende behoeften die verband houden met een gestandaardiseerd gebruik van een gebouw;

  • energielabel: energieprestatiecertificaat als bedoeld in het Besluit energieprestatie gebouwen;

  • Minister: Minister voor Wonen, Wijken en Integratie.

§ 2. energielabel

Artikel 2. Eisen aan het energielabel

  • 1 Een energielabel wordt afgegeven door een adviseur met een geldig NL-EPBD procescertificaat als bedoeld in BRL 9500, delen 00, 01 en 03, zoals vastgesteld op 31 augustus 2011 en volgens de bepalingsmethode zoals vastgelegd in de ISSO 75 en 82 publicaties, uitgave oktober 2011.

  • 2 Een energielabel voor een woning wordt opgesteld volgens het als bijlage 1 bij deze regeling opgenomen model ‘energielabel woning’. Een energielabel voor een ander gebouw wordt opgesteld volgens het als bijlage II bij deze regeling opgenomen model ‘energielabel gebouw’.

  • 3 De bij de bepaling van de energie-index gebruikte rekenmethodiek voldoet aan BRL 9501, zoals vastgesteld op 6 december 2006, inclusief het wijzigingsblad, zoals vastgesteld op 23 september 2011.

  • 4 De energie-index wordt met behulp van de als bijlage III bij deze regeling opgenomen tabel omgezet in een als onderdeel van het energielabel opgenomen energieklasse.

Artikel 3. Afmelding

  • 1 Een adviseur geeft een energielabel niet af dan nadat hij het certificaat heeft afgemeld.

  • 2 Deze afmelding vindt plaats aan een door de Minister aangewezen instelling.

  • 3 Een door de Minister aangewezen instelling:

    • a. bezit rechtspersoonlijkheid;

    • b. heeft een vestiging in Nederland en

    • c. beschikt over een kwaliteitssysteem dat op schrift is gesteld.

  • 4 De Minister kan aan de aanwijzing nadere voorschriften verbinden.

  • 5 De Minister kan de aanwijzing intrekken indien een instelling de aan de aanwijzing verbonden nadere voorschriften niet naleeft of indien de desbetreffende instelling niet meer voldoet aan de in het derde lid bedoelde voorwaarden.

Artikel 4. Zichtbaar ophangen energielabel

Bij toepassing van artikel 2.4 van het besluit wordt tenminste het onderdeel van het energielabel waarin de energieklasse is vermeld, opgehangen op een voor het publiek duidelijk zichtbare plaats in het gebouw.

Artikel 5. Representativiteit

  • 1 Bij een gebouw met een energie-index die niet meer dan vijf procent afwijkt van die van vergelijkbare gebouwen met een energie-index die is bepaald met gebruik van de rekenmethodiek als bedoeld in artikel 2, derde lid, kan de adviseur beslissen bij het verstrekken van een energielabel de rekenmethodiek buiten toepassing te laten.

  • 2 Bij toepassing van het eerste lid wordt dit aangetekend op het energielabel.

§ 3. Gelijkwaardigheid

Artikel 6. Gelijkwaardigheid

  • 1 Aan de verplichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, van het besluit, tot het hebben van een energielabel kan worden voldaan door het hebben van de bij de aanvraag om bouwvergunning of omgevingsvergunning gevoegde berekening of een gewaarmerkt afschrift van die berekening waaruit blijkt dat het gebouw wordt gebouwd met inachtneming van een energieprestatiecoëfficiënt als bedoeld in het Bouwbesluit 2003.

  • 2 Aan de verplichting als bedoeld in artikel 2.1, tweede tot en met vierde lid, van het besluit, tot het verstrekken van een energielabel kan worden voldaan door het overleggen van de bij de aanvraag om bouwvergunning of omgevingsvergunning gevoegde berekening of een gewaarmerkt afschrift van die berekening waaruit blijkt dat het gebouw is gebouwd met inachtneming van de energieprestatiecoëfficiënt als bedoeld in het Bouwbesluit 2003 of daarvoor het Bouwbesluit. Deze gewaarmerkte berekening is niet ouder dan 10 jaar.

Artikel 7. Adviseurs uit andere lidstaten

Met een energielabel als bedoeld in deze regeling wordt gelijkgesteld een energielabel dat is afgegeven door een adviseur die voldoet aan beroepseisen die worden gesteld in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt en die een beroepsniveau waarborgen dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eis wordt nagestreefd.

§ 4. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 7a. Overgangsbepaling

  • 1 Elk energielabel dat op of na 31 augustus 2011 is afgegeven door een adviseur met een geldig NL-EPBD procescertificaat als bedoeld in BRL 9500, delen 00, 01 en 03, zoals vastgesteld op 31 augustus 2011 wordt aangemerkt als een geldig energielabel als bedoeld in artikel 2, eerste lid.

  • 2 Elk energielabel dat op of na 1 oktober 2011 is afgegeven door een adviseur met een geldig NL-EPBD procescertificaat als bedoeld in BRL 9500, delen 00, 01 en 03, zoals vastgesteld op 31 augustus 2011 en volgens de bepalingsmethode zoals vastgelegd in de ISSO 75 en 82 publicaties, uitgave oktober 2011, wordt aangemerkt als een geldig energielabel als bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Artikel 8. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van het tijdstip waarop het Besluit energieprestatie gebouwen in werking treedt.

Artikel 9. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling energieprestatie gebouwen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 21 december 2006

De

Staatssecretaris

van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

P.L.B.A. van Geel

Bijlage III

Inijkingstabel voor de energieklassen

Tabel voor energieklassen voor woningen

Energieklasse

Grenswaarden Energie-Index (EI)

energieprestatie woningen

A++

Kleiner of gelijk aan 0,50

A+

0,51–0,70

A

0,71–1,05

B

1,06–1,30

C

1,31–1,60

D

1,61–2,00

E

2,01–2,40

F

2,41–2,90

G

Groter dan 2,90

Tabel voor energieklassen voor utiliteitsgebouwen

Energieklasse

Grenswaarden Energie-Index (EI)

energieprestatie utiliteitsgebouwen

A++

Kleiner of gelijk aan 0,50

A+

0,51–0,70

A

0,71–1,05

B

1,06–1,15

C

1,16–1,30

D

1,31–1,45

E

1,46–1,60

F

1,61–1,75

G

Groter dan 1,75