Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Subsidieregeling Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009[Regeling vervallen per 01-01-2010.]

Geldend van 01-01-2007 t/m 31-12-2009

Regeling houdende bepalingen met betrekking tot de verstrekking van subsidie aan de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping (Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009)

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 3 en 4 van de Kaderwet subsidies Verkeer en Waterstaat;

Besluit:

Artikel 1 [Vervallen per 01-01-2010]

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a. de Minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat;

  • b. de Stichting: de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping, gevestigd te Rotterdam-Hoogvliet;

  • c. activiteitenplan: het activiteitenplan, bedoeld in artikel 4:62 Awb.

Artikel 2 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 De Minister kan de Stichting een subsidie verlenen om activiteiten te verrichten die ten doel hebben:

    • a. de bekendheid van verladers en expediteurs met short sea shipping te vergroten;

    • b. de mogelijkheden van short sea shipping voor potentiële gebruikers inzichtelijk te maken;

    • c. het daadwerkelijk gebruik van short sea shipping als transportmodus te bevorderen, of

    • d. de samenwerking met de voorlichtingsbureaus voor het spoorvervoer en de binnenvaart nader te bepalen en concreet in te vullen.

  • 2 De subsidie wordt per boekjaar verleend. Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar.

  • 3 De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat er op de begroting van de uitgaven en ontvangsten van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat (XII) voor het desbetreffende jaar voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.

  • 4 De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat voor het resterende gedeelte van de kosten van de Stichting elk jaar voldoende gelden door medefinanciers beschikbaar worden gesteld.

  • 5 Uiterlijk 1 maart van het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, beschikt de subsidieontvanger over voldoende gelden van medefinanciers. De subsidieontvanger deelt de Minister dit onverwijld mede, met medezending van kopieën van toekenningsbrieven van deze medefinanciers.

Artikel 3 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 De in artikel 2 bedoelde subsidie bedraagt voor de jaren 2007, 2008 en 2009 steeds ten hoogste € 159.000. Dit bedrag is inclusief BTW, die door de Stichting niet verrekend kan worden.

  • 2 De in het eerste lid genoemde bedragen zullen niet worden gecorrigeerd voor inflatie.

Artikel 4 [Vervallen per 01-01-2010]

Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.

Artikel 5 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 De Stichting richt de aanvraag tot subsidieverlening aan de Minister ter attentie van de Directeur-Generaal Transport en Luchtvaart, Postbus 20904, 2500 EX Den Haag.

  • 3 De aanvraag tot subsidieverlening met de in het tweede lid genoemde stukken wordt jaarlijks op uiterlijk 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft ingediend.

  • 4 Na indiening van de subsidieaanvraag kan de Minister om aanvullende informatie vragen of verzoeken een aangepaste aanvraag in te dienen.

Artikel 6 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 Op aanvraag kan de Minister de Stichting per kalenderjaar een voorschot verlenen.

  • 2 Dit voorschot bedraagt ten hoogste 80% van het voor een boekjaar verleende subsidiebedrag, met inachtneming van het maximale bedrag, genoemd in artikel 3, eerste lid.

  • 3 Het in het tweede lid genoemde maximale voorschot van 80% wordt in één keer uitbetaald. De uitbetaling van het voorschot geschiedt uiterlijk op 31 januari van het jaar waarop de subsidie betrekking heeft, nadat de beschikking tot subsidieverlening is verstrekt.

Artikel 7 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 De Minister kan de subsidie weigeren indien het activiteitenplan naar het oordeel van de Minister niet in overeenstemming is met deze regeling.

  • 2 De Minister kan de subsidieverlening intrekken of ten nadele van de Stichting wijzigen, indien:

    • a. de Stichting voor de uitoefening van de gesubsidieerde activiteiten tevens financiële bijdragen krijgt van anderen dan de medefinancierswelke zijn vermeld in de subsidieaanvraag;

    • b. de in de subsidieaanvraag vermelde (overheids)instanties die een financiële bijdrage verlenen hun in de aanvraag vermelde bijdrage verhogen, of

    • c. door de Stichting vermogen is gevormd met de door de subsidie verstrekte gelden.

Artikel 8 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 2 De aanvraag tot de subsidievaststelling wordt uiterlijk op 31 maart van het jaar, volgend op het kalenderjaar waarop de subsidieverlening betrekking heeft, ingediend.

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-2010]

Deze regeling wordt voor 1 maart 2009 geëvalueerd.

Artikel 10 [Vervallen per 01-01-2010]

In afwijking van artikel 5, derde lid, kan de subsidieaanvraag die door de Stichting is ingediend in december 2006, worden aangemerkt als aanvraag tot subsidieverlening voor het jaar 2007. Het voorschot, bedoeld in artikel 6, derde lid, wordt uiterlijk 31 januari 2007 verstrekt tenzij artikel 5, vierde lid, van toepassing is.

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-2010]

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2007 en vervalt met ingang van 1 januari 2010.

  • 2 Deze regeling blijft, in afwijking van het eerste lid, van toepassing op de subsidies die voor 1 januari 2010 zijn verleend.

Artikel 12 [Vervallen per 01-01-2010]

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De

Minister

van Verkeer en Waterstaat,

K.M.H. Peijs

Bijlage behorende bij artikel 8, eerste lid [Vervallen per 01-01-2010]

Controleprotocol Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009 [Vervallen per 01-01-2010]

Inleiding [Vervallen per 01-01-2010]

Dit controleprotocol heeft betrekking op de verantwoording van de aanwending van de door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat verleende subsidie die in het kader van de Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009 is verleend.

De volgende regelgeving en begrippen zijn van toepassing:

  • 1. de regeling: Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009;

  • 2. de beschikking: de beschikking van de Minister van Verkeer en Waterstaat houdende subsidieverlening en/of subsidievaststelling op grond van de regeling;

  • 3. subsidieontvanger: de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping;

  • 4. de verantwoording: de financiële verantwoording door de subsidieontvanger, te overleggen aan het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.

In dit controleprotocol wordt uiteengezet welke algemene uitgangspunten en specifieke vereisten gelden bij de uitvoering van de controle van de financiële verantwoording door de accountant van de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping, alsmede op welke wijze de uitkomsten van deze controle dienen te worden gerapporteerd ten behoeve van de gebruiker van de verantwoording met bijbehorende accountantsverklaring (het Ministerie van Verkeer en Waterstaat).

De verantwoordelijkheid voor het opstellen van de verantwoording berust bij de subsidieontvanger. Het is mogelijk dat door de Departementale Accountantsdienst van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat of door deze dienst aangewezen accountants een review zal worden uitgevoerd bij de controlerend accountant van de subsidieontvanger ter toetsing van de naleving van dit controleprotocol. Indien een review wordt uitgevoerd zal hierover overleg worden gepleegd met de subsidieontvanger.

Algemene uitgangspunten voor de controle.

De controle betreft zowel de getrouwe weergave van de verantwoording als de rechtmatige besteding van de ter beschikking staande middelen. Van de derde-accountant wordt derhalve verwacht dat hij niet alleen de getrouwe weergave controleert, maar ook dat hij de naleving van de subsidievoorwaarden toetst, dat nagegaan wordt of de prestaties daadwerkelijk zijn geleverd en of de uitgaven passen binnen het kader van de regeling. Ten aanzien van de uitvoering van de controle door de accountant geldt een controletolerantie van 1% van de subsidiabele kosten zoals deze blijken uit de verantwoording.

Specifieke vereisten [Vervallen per 01-01-2010]

Bij de uitvoering van de controle van de verantwoording dient door de derde accountant te worden vastgesteld dat aan de volgende specifieke vereisten is voldaan:

  • a. dat de door de subsidieontvanger gevoerde administratie zodanig is ingericht dat daaruit door de Minister op ieder moment op eenvoudige en eenduidige wijze de aan de activiteiten van de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping gerelateerde kosten kunnen worden afgeleid;

  • b. of, qua werkzaamheden en de daarmee samenhangende kosten, gehandeld is naar en getoetst is aan het in artikel 2 van de regeling genoemde doel van de subsidie.

  • c. of, indien er activiteiten hebben plaatsgevonden welke hebben geresulteerd in de totstandkoming van rapporten, documenten en dergelijke, deze door de subsidieontvanger ter kennisname aan de Minister zijn gezonden;

  • d. of de verantwoording zoveel als mogelijk is opgesteld conform de indeling van de subsidieaanvraag, en

  • e. of er aan de subsidieontvanger surséance van betaling is verleend, het faillissement van de subsidieontvanger is aangevraagd, dan wel er een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;

  • f. of alle bijdragen van medefinanciers voor het juiste bedrag in mindering zijn gebracht op de in de verantwoording opgevoerde kosten.

Rapportering [Vervallen per 01-01-2010]

Een model van de accountantsverklaring luidt als volgt:

‘Accountantsverklaring met betrekking tot de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping.

afgegeven ten behoeve van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Wij hebben (in dit rapport/verslag opgenomen) de door ons gewaarmerkte verantwoording inzake de kosten van de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping in het kader van de Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009 gecontroleerd. De verantwoording is opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de leiding van de Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea shipping. Het is onze verantwoordelijkheid een accountantsverklaring inzake de verantwoording te verstrekken. Deze verantwoording is bestemd voor de bepaling van de definitieve bijdrage in het kader van de Subsidieregeling Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009. De gewaarmerkte verantwoording is genummerd van blad <nr.> tot en met blad <nr.>.

Onze controle is verricht overeenkomstig algemeen in Nederland aanvaarde richtlijnen met betrekking tot controleopdrachten. Volgens deze richtlijnen dient onze controle zodanig te worden gepland en uitgevoerd, dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen onjuistheden van materieel belang bevat. Verder is ons onderzoek verricht met inachtneming van hetgeen is vermeld in het controleprotocol Subsidieregeling Stichting Voorlichtingsbureau Short Sea Shipping 2007–2009 d.d. < datum>. Wij zijn van mening dat onze controle een deugdelijke grondslag vormt voor ons oordeel.

Wij zijn van oordeel dat de verantwoording voldoet/niet voldoet aan de terzake gestelde eisen en dat de relevante regelgeving wel/niet is nageleefd.

<Plaats en datum>

<Handtekening en naam van de ondertekenaar>

<Paraaf voor waarmerkingdoeleinden en naam van de parafeerder>’