KruimelpadGeldend op 09-02-2012
In deze regeling wordt verstaan onder:
bijlage: bij deze regeling behorende bijlage;
wet: Wet geurhinder en veehouderij;
emissiepunt: punt waar een relevante hoeveelheid geur buiten:
a. het geheel overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht; of
b. het overdekte gedeelte van het gedeeltelijk overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht.
1. De geurbelasting vanwege een veehouderij wordt berekend met inachtneming van het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning 2010.
2. Het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten wordt aangemerkt als punt waar de geur uit het dierenverblijf treedt of wordt gebracht.
3. De geurbelasting wordt bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten.
4. Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de geurbelasting bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het punt van de begrenzing dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.
5. De geuremissie vanuit een veehouderij is de som van de voor de verschillende diercategorieën, gehouden in de onderscheiden dierenverblijven, berekende aantallen odour units per seconde per dier.
6. Het aantal odour units per seconde per dier van een diercategorie, is het aantal dieren van een diercategorie vermenigvuldigd met de voor de betreffende diercategorie in bijlage 1 opgenomen geuremissiefactor.
7. Indien voor een diercategorie geen geuremissiefactor is vastgesteld, wordt de diercategorie in de berekening van de geurbelasting buiten beschouwing gelaten.
1.De afstand, bedoeld in de artikelen 3, tweede en derde lid, en 4, eerste lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het geurgevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt.
2.Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de afstand gemeten vanaf de buitenzijde van een geurgevoelig object tot het punt van de begrenzing van het dierenverblijf dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.
Rav-nr. | Diercategorie/soort huisvesting | Geuremissiefactor | |
|---|---|---|---|
Rundvee | |||
A 1 | Melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld | |
A 2 | Zoogkoeien ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld | |
A 3 | Vrouwelijk jongvee tot 2 jaar | niet vastgesteld | |
A 4 | Vleeskalveren tot 8 maanden | 35,6 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 24,9 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 19,6 | ||
A 5 | Vleesstierkalveren tot 6 maanden | 35,6 | |
A 6 | Vleesstieren en overig vleesvee van 6 tot 24 maanden (roodvleesproductie) | 35,6 | |
A 7 | Fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar | niet vastgesteld | |
Schapen | |||
B 1 | Schapen ouder dan één jaar, inclusief lammeren tot 45 kilo1 ,2 | 7,8 | |
Geiten | |||
C 1 | Geiten ouder dan één jaar | 18,8 | |
C 2 | Opfokgeiten van 61 dagen tot en met één jaar | 11,3 | |
C 3 | Opfokgeiten en afmestlammeren tot en met 60 dagen | 5,7 | |
Varkens3 | |||
D 1 | Fokzeugen, inclusief biggen tot 25 kilo | ||
D 1.1 | Biggenopfok (gespeende biggen) | ||
emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 0,3 kg per dierplaats per jaar)4 | 5,4 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 3,8 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 3,0 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 3,0 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 1,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 1,4 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 1,1 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 0,8 | ||
overige huisvesting | 7,8 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 5,5 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 4,3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 4.3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 2,3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 2,0 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 1,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 1,2 | ||
D 1.2 | Kraamzeugen (inclusief biggen tot spenen) | ||
emissiearme en overige huisvesting | 27,9 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 19,5 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 15,3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 15,3 | ||
- gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 8,4 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 7,0 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 5,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 4,2 | ||
D 1.3 | Guste en dragende zeugen | ||
emissiearme en overige huisvesting | 18,7 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 13,1 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 10,3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 10,3 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 5,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 4,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 3,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 2,8 | ||
D 2 | Dekberen, 7 maanden en ouder | ||
emissiearme en overige huisvesting | 18,7 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 16,1 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 12,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 12,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 5,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 4,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 3,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 2,8 | ||
D 3 | Vleesvarkens, opfokberen van 25 kilo tot 7 maanden, opfokzeugen van 25 kilo tot eerste dekking5 | ||
emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 1,5 kg per dierplaats per jaar) | 17,9 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 12,5 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 9,8 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 9,8 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 5,4 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 4,5 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 3,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 2,7 | ||
overige huisvesting | 23,0 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 16,1 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 12,7 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2011.07 (45% reductie) | 12,7 | ||
- gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.14.V2 (70% reductie) | 6,9 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2007.01.V2; BWL 2007.02.V1; BWL 2010.02; BWL 2011.08 (75% reductie) | 5,8 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2006.15.V3 (80% reductie) | 4,6 | ||
– gecombineerd luchtwassysteem BWL 2009.12 (85% reductie) | 3,5 | ||
Kippen | |||
E 1 | Opfokhennen en hanen van legrassen; jonger dan 18 weken | ||
Batterijhuisvesting | |||
emissiearme en overige huisvesting | 0,18 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,13 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,11 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,10 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,10 | ||
Niet-batterijhuisvesting | |||
emissiearme en overige huisvesting | 0,18 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,13 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,11 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,10 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,10 | ||
E 2 | Legkippen en (groot-)ouderdieren van legrassen | ||
Batterijhuisvesting | |||
mestopslag onder de batterij | 0,69 | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,35 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,25 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,21 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,19 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,19 | ||
Niet-batterijhuisvesting | |||
emissiearme en overige huisvesting | 0,34 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,24 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,20 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,19 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,19 | ||
E 3 | (Groot-)ouderdieren van vleeskuikens in opfok, jonger dan 19 weken | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,18 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,13 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,11 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,10 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,10 | ||
E 4 | (Groot-)ouderdieren van vleeskuikens | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,93 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,65 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,56 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,51 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,51 | ||
E 5 | Vleeskuikens | ||
emissiearme en overige huisvesting | 0,24 | ||
– uitbroeden en opfokken tot 13 dagen en vervolghuisvesting | 0,22 | ||
– uitbroeden en opfokken tot 19 dagen en vervolghuisvesting | 0,19 | ||
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,17 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,14 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,13 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,13 | ||
Kalkoenen | |||
F 1 | Ouderdieren van vleeskalkoenen in opfok tot 6 weken | 0,29 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,20 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,17 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,16 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,16 | ||
F 2, F 3 | Ouderdieren van vleeskalkoenen vanaf 6 weken | 1,55 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 1,09 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,93 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,85 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,85 | ||
F 4 | Vleeskalkoenen | 1,55 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 1,09 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,93 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,85 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,85 | ||
Eenden | |||
G 1 | Ouderdieren van vleeseenden | 0,49 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,34 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,29 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,27 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,27 | ||
G 2 | Vleeseenden | 0,49 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,34 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,29 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,27 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,27 | ||
Parelhoenders | |||
J 1 | Parelhoenders voor de vleesproductie | 0,24 | |
– chemische luchtwasser (30% reductie) | 0,17 | ||
– chemische luchtwasser BWL 2007.08.V3 (40% reductie) | 0,14 | ||
– biologische luchtwasser (45% reductie) | 0,13 | ||
– biofilter (45% reductie) | 0,13 | ||
Overig | |||
M 1 | Landbouwhuisdieren die in veehouderijen worden gehouden | niet vastgesteld | |
1 De geuremissie heeft betrekking op een stalperiode van maximaal drie maanden in de winter.
2 De geuremissiefactor geldt inclusief opfok, zodat die opfok niet meetelt voor de berekening van de geuremissie.
3 Een stalsysteem met spoelgoten wordt niet gewaardeerd als emissiearme huisvesting maar als overige huisvesting.
4 a.e. is de afkorting van ammoniakemissie.
5 Voor opfokzeugen na de eerste dekking wordt de geuremissiefactor voor fokzeugen gehanteerd.
De afstanden, uitgedrukt in meters, voor nertsen worden als volgt bepaald.
Rav-nr. | Diercategorie | Aantal fokteven | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
H 1 | Nertsen | 1–1000 | 1001–1500 | 1501–3000 | 3001–6000 | 6001–9000 |
Geurgevoelig object binnen bebouwde kom | 175 | 200 | 225 | 250 | 275 | |
Geurgevoelig object buiten bebouwde kom | 100 | 125 | 150 | 175 | 200 | |
1. In de berekening worden jongen en reuen buiten beschouwing gelaten.
2. Indien meer dan 9000 fokteven worden gehouden, wordt de afstand voor elke extra 3000 fokteven met 25 meter vergroot.
3. Indien de pelsdieren in emissiearme huisvesting worden gehouden, waarbij de ammoniakemissie kleiner dan of gelijk is aan 0,25 kg per dierplaats per jaar, worden de afstanden uit de tweede rij van de tabel (‘buiten bebouwde kom’) met 25 meter verkleind.
4. Indien het geurgevoelig object onderdeel uitmaakt van een andere veehouderij, of op of na 19 maart 2000 heeft opgehouden deel uit te maken van een andere veehouderij, bedraagt de afstand tot dat geurgevoelig object:
a. ten minste 100 meter indien het geurgevoelig object binnen de bebouwde kom is gelegen, en
b. ten minste 50 meter indien het geurgevoelig object buiten de bebouwde kom is gelegen.