KruimelpadGeldend op 18-12-2009
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet, anders dan via de televisie of de radio, informatie verstrekt over een effectief kredietvergoedingspercentage of een maandlast van een krediet, verstrekt zij daarbij, naast het effectief kredietvergoedingspercentage en de maandlast, tevens informatie over:
a. de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde kredietsom of kredietlimiet;
b. de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde looptijd of theoretische looptijd;
c. de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde totale prijs van het krediet;
d. het feit dat het een krediet, niet zijnde een doorlopend krediet, of een doorlopend krediet betreft; en
e. indien van toepassing, de om in aanmerking te komen voor het krediet af te sluiten verzekeringen en ten behoeve van de aanbieder te vestigen zekerheidsrechten.
2.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet via de televisie of radio informatie verstrekt over een effectief kredietvergoedingspercentage dan wel een maandlast van een krediet, verstrekt zij:
a. in die reclame-uiting informatie over de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde totale prijs van het krediet en de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde kredietsom of kredietlimiet; en
b. op enig ander moment voorafgaand aan de totstandkoming van een overeenkomst inzake het krediet waarop de reclame-uiting betrekking heeft, naast het effectief kredietvergoedingspercentage, de maandlast, de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde kredietsom of kredietlimiet en de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde totale prijs van het krediet, informatie over:
1°. de voor de berekening van dat percentage of die maandlast gehanteerde looptijd of de theoretische looptijd;
2°. het feit dat het een krediet, niet zijnde een doorlopend krediet, of een doorlopend krediet betreft; en
3°. indien van toepassing, de om in aanmerking te komen voor het aangeboden krediet af te sluiten verzekeringen en ten behoeve van de aanbieder te vestigen zekerheidsrechten.
3.Een financiële onderneming betrekt in de berekening van de maandlast, bedoeld in het eerste of tweede lid, alle kosten die de consument verschuldigd is om voor het betreffende krediet in aanmerking te komen. De informatie, bedoeld in het eerste en tweede lid, heeft alleen betrekking op kredieten die representatief zijn voor de kredieten die feitelijk door de financiële onderneming worden verstrekt.
4.Een financiële onderneming geeft de informatie, bedoeld in het eerste lid, aanhef en de onderdelen a tot en met c, het tweede lid, onderdeel b, aanhef en onder 1°, en, indien van toepassing, het zesde en zevende lid, indien deze wordt verstrekt in een reclame-uiting over krediet, anders dan via de televisie of radio, gecombineerd weer in een tabel waarin geen andere informatie wordt opgenomen.
5.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet reclame maakt voor met krediet aan te schaffen goederen of diensten, verstrekt zij daarbij informatie over het effectief kredietvergoedingspercentage.
6.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet informatie verstrekt over een effectief kredietvergoedingspercentage of over een kredietvergoeding die voor een beperkte duur geldt, dan wel in een reclame-uiting over krediet informatie verstrekt over een variabele kredietvergoeding die voor een beperkte duur afwijkt van de variabele kredietvergoeding die op het moment van het doen van de reclame-uiting geldt voor overeenkomsten over krediet van gelijke soort, omvang en duur:
a. verstrekt zij daarbij informatie over de periode waarin het aangeboden effectief kredietvergoedingspercentage of de kredietvergoeding geldt;
b. verstrekt zij daarbij informatie over de hoogte van het effectief kredietvergoedingspercentage of de kredietvergoeding na afloop van deze periode dan wel, indien de hoogte van dat effectief kredietvergoedingspercentage of die kredietvergoeding variabel is of nog niet kan worden vastgesteld, over de op het tijdstip van het doen van de reclame-uiting geldende kredietvergoeding voor overeenkomsten over krediet van gelijke soort, omvang en duur en wijst zij op de mogelijkheid van een hoger effectief kredietvergoedingspercentage in de toekomst; en
c. baseert zij de overige op grond van het eerste of het tweede lid te verstrekken informatie over de kenmerken van het krediet op het effectief kredietvergoedingspercentage of op de kredietvergoeding na afloop van deze periode met dien verstande dat de informatie over de totale prijs van het krediet wordt gebaseerd op de gehele looptijd van het krediet.
7.Als maandlast als bedoeld in dit artikel wordt in de reclame-uiting de gewogen gemiddelde maandlast die op het krediet van toepassing is genoemd. Indien het krediet geheel of gedeeltelijk aflossingsvrij is, worden, onverminderd het zesde lid, de gewogen gemiddelde maandlast in de aflossingsvrije periode en de bij de aflossing te betalen gewogen gemiddelde maandlast genoemd.
8.Een financiële onderneming neemt in een reclame-uiting over krediet een waarschuwing op met betrekking tot de gevolgen die aan het krediet zijn verbonden, tenzij het een reclame-uiting voor hypothecair krediet betreft waarbij geen relatie met een ander bestedingsdoel wordt gelegd dan de verwerving van de eigen woning.
9.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet informatie verstrekt over de hoogte van de kredietvergoeding, verstrekt zij daarbij informatie over het effectief kredietvergoedingspercentage.
10.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet informatie verstrekt over de hoogte van een korting op een effectief kredietvergoedingspercentage of op een kredietvergoeding, verstrekt zij daarbij informatie over het effectief kredietvergoedingspercentage, dan wel de kredietvergoeding waarop de korting van toepassing is.
11.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting over krediet informatie verstrekt over het effectief kredietvergoedingspercentage, duidt zij deze aan als «effectieve rente op jaarbasis».
12.Een financiële onderneming:
a. neemt in een reclame-uiting over krediet geen mededelingen op die gericht zijn op het gemak of de snelheid waarmee het krediet wordt verstrekt;
b. brengt in een reclame-uiting over krediet niet tot uiting dat lopende overeenkomsten inzake krediet bij de beoordeling van een kredietaanvraag geen of een ondergeschikte rol spelen;
c. brengt in een reclame-uiting over krediet niet tot uiting dat met een negatieve uitkomst van de raadpleging van het stelsel van kredietregistratie of anderszins in afwijking van de geldende gedragscode toch een krediet kan worden verkregen; en
d. geeft in een reclame-uiting over krediet geen kenmerken van het krediet weer waarin fiscale voordelen zijn verwerkt.
13.Indien een financiële onderneming in een reclame-uiting informatie als bedoeld in het eerste of tweede lid of informatie over een specifiek product verstrekt over een krediet, verstrekt zij daarbij informatie over de verkrijgbaarheid van het kredietprospectus, bedoeld in artikel 4:33, eerste lid, van de wet. De eerste volzin is niet van toepassing op reclame-uitingen over krediet, voorzover het krediet onderdeel uitmaakt van een complex product.
14.Indien een financiële onderneming informatie verstrekt over de kenmerken van het krediet, bedoeld in het eerste lid en tweede lid, aanhef en onderdeel b, aanhef en onder 1°, is het vierde lid van overeenkomstige toepassing.
15.Artikel 49, eerste lid, eerste volzin, is niet van toepassing op het verstrekken van informatie in een reclame-uiting als bedoeld in dit artikel.