Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Beleidsregels programmaquota[Regeling vervallen per 01-01-2008.]

Geldend van 01-12-2006 t/m 31-12-2007

Regeling van het Commissariaat voor de Media van 3 oktober 2006, houdende beleidsregels omtrent Europese, onafhankelijke, recente, Nederlandstalige of Friestalige programmaonderdelen en oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van mensen met een auditieve beperking (Beleidsregels programmaquota)

Het Commissariaat voor de Media,

Gelet op de artikelen 134 en 135 van de Mediawet;

Gelet op de artikelen 4:81 en 5:16 van de Algemene Wet Bestuursrecht;

Besluit:

Artikel 1. Strekking van de regeling [Vervallen per 01-01-2008]

De Beleidsregels vastgesteld in deze regeling hebben betrekking op de wettelijke voorschriften die zijn opgenomen in bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel 2. Definities [Vervallen per 01-01-2008]

In deze regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk I. Europese quota [Vervallen per 01-01-2008]

Artikel 3. Europese producties [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Een ‘producent’, als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Europese richtlijn, wordt geacht in een Europese staat gevestigd te zijn indien zijn onderneming permanent is en over vast personeel beschikt dat zich zowel met productie- als commerciële activiteiten in Europa bezighoudt.

  • 2 Indien niet bekend is welke producent een productie tot stand heeft gebracht wordt onder ‘producent’, als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Europese richtlijn, mede verstaan de distributeur van de productie. In dat geval wordt de staat waarin de distributeur is gevestigd aangemerkt als de staat waar de producent is gevestigd.

  • 3 Het tweede lid is slechts van toepassing indien de omroepinstelling die de productie heeft uitgezonden, naar genoegen van het Commissariaat, heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen om de relevante gegevens over de producent van de productie te achterhalen.

Artikel 4. Onafhankelijke producties [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Als ‘onafhankelijke productie’ wordt mede aangemerkt:

    • a. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een instelling die een programma verzorgt tezamen met een onafhankelijke producent;

    • b. een aangekochte onafhankelijke productie.

  • 2 Niet als ‘onafhankelijke productie’ wordt aangemerkt:

    • a. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een instelling die een programma verzorgt;

    • b. een programmaonderdeel dat geproduceerd is door een producent die meer dan negentig procent van de door hem geproduceerde programmaonderdelen, in de drie afgelopen boekjaren, heeft geleverd aan dezelfde instelling die een programma verzorgt, en gedurende deze periode meer dan één programmaonderdeel of één serie programmaonderdelen heeft geproduceerd.

  • 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op de landelijke publieke omroep, voorzover deze gebonden is aan het convenant.

Artikel 5. Bereik commerciële omroepinstellingen [Vervallen per 01-01-2008]

Voor de toepassing van artikel 71n, vijfde lid, van de wet wordt een televisieprogramma aangemerkt als ‘een televisieprogramma dat in slechts een beperkt aantal aan elkaar grenzende gemeenten kan worden ontvangen’, indien het programma is bestemd voor die betreffende gemeenten en niet tevens wordt uitgezonden op een ander deel van het nationale omroepnetwerk of in andere gemeenten via een omroepzender.

Artikel 6. Berekeningswijze [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Voor de vaststelling van het behaalde percentage Europese, onafhankelijke en recente producties wordt uitgegaan van de totale hoeveelheid zendtijd per net en per kalenderjaar, verminderd met de zendtijd die is besteed aan de volgende programmaonderdelen:

    • a. programmaonderdelen, bestaande uit nieuws;

    • b. programmaonderdelen die betrekking hebben op sport;

    • c. programmaonderdelen die het karakter van een spel hebben, met uitzondering van programmaonderdelen van culturele en educatieve aard, die mede het karakter van een spel hebben;

    • d. programmaonderdelen, bestaande uit reclameboodschappen of telewinkelboodschappen en

    • e. programmaonderdelen, bestaande uit stilstaande beelden.

  • 2 Voor de vaststelling van het behaalde percentage Europese, onafhankelijke en recente producties, worden herhalingen van eerdere uitzendingen meegeteld.

Artikel 7. Ontheffingen [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Ontheffingen van het percentage Europese producties, bedoeld in artikel 71n, zesde lid, van de wet kunnen in bijzondere gevallen, ten aanzien van een bepaalde commerciële omroepinstelling tijdelijk gedeeltelijk worden verleend.

  • 2 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval worden de aard van de zender, het niet voldoende kunnen verkrijgen van rechten voor Europese producties en bijzondere economische omstandigheden betrokken.

  • 3 Indien de commerciële omroepinstelling, naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval wordt in beginsel ontheffing verleend voor een periode van maximaal drie kalenderjaren.

  • 4 De commerciële omroepinstelling dient het verzoek om ontheffing voorafgaand aan het kalenderjaar in te dienen.

Hoofdstuk II. Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen [Vervallen per 01-01-2008]

Artikel 8. Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen [Vervallen per 01-01-2008]

Als ‘oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen’ bedoeld in artikel 54a, eerste lid, van de wet en artikel 71o, eerste lid, van de wet, worden mede aangemerkt:

  • a. programmaonderdelen die Nederlands- of Friestalig zijn ingesproken;

  • b. programmaonderdelen die onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen bevatten, die in de Nederlandse of Friese taal worden begeleid door een presentator;

Artikel 9. Berekeningswijze [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Voor de vaststelling van het behaalde percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen bedoeld in artikel 54a en artikel 71o van de wet wordt uitgegaan van de totale hoeveelheid zendtijd per net en per kalenderjaar.

  • 2 Voor de vaststelling van het behaalde percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen worden herhalingen van eerdere uitzendingen meegeteld.

Artikel 10. Ontheffingen [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 In bijzondere gevallen kan op grond van artikel 71o, derde lid, van de wet ten aanzien van een bepaalde commerciële omroepinstelling desgevraagd en onder voorwaarden het percentage oorspronkelijk Nederlandstalige of Friestalige programmaonderdelen lager worden vastgesteld.

  • 2 Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval bedoeld in het eerste lid van dit artikel wordt gekeken naar de aard van de zender.

  • 3 Indien de commerciële omroepinstelling naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval wordt het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen in beginsel lager vastgesteld voor een periode van maximaal drie kalenderjaren.

  • 4 Wanneer een commerciële omroepinstelling zich uitsluitend richt op een uitzendgebied buiten Nederland kan het percentage bedoeld in artikel 71o, eerste lid, van de wet op nul worden gesteld, zolang het format van het programma niet wijzigt.

  • 5 De commerciële omroepinstelling dient het verzoek het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen lager vast te stellen voorafgaand aan het kalenderjaar in te dienen.

Hoofdstuk III. Nederlandstalige programmaonderdelen voorzien van ondertiteling [Vervallen per 01-01-2008]

Artikel 11. Ondertiteling [Vervallen per 01-01-2008]

Als oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van mensen met een auditieve beperking worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen met ingebrande ondertiteling en oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van een ondertiteling die is op te roepen via een (ingebouwde) decoder zoals teletekst.

Artikel 12. Bereik commerciële omroepinstellingen [Vervallen per 01-01-2008]

Een commerciële omroepinstelling meldt onverwijld aan het Commissariaat wanneer zij een bereik heeft van ten minste 75 procent van alle huishoudens in Nederland.

Artikel 13. Berekeningswijze [Vervallen per 01-01-2008]

  • 2 Voor de vaststelling van het percentage ondertiteling bedoeld in artikel 16a en 34a van het besluit worden herhalingen van eerdere uitzendingen meegeteld.

  • 3 Voor de vaststelling van de totale hoeveelheid zendtijd genoemd in het eerste lid wordt de zendtijd besteed aan programmaonderdelen die in de Nederlandse taal zijn ingesproken én in het bijzonder bestemd zijn voor kinderen jonger dan 8 jaar buiten beschouwing gelaten.

  • 4 Voor de vaststelling van de totale hoeveelheid zendtijd genoemd in het eerste lid worden afzonderlijke videoclips buiten beschouwing gelaten.

Artikel 14. Ontheffingen [Vervallen per 01-01-2008]

In bijzondere gevallen kan op grond van artikel 71o, derde lid, van de wet ten aanzien van een bepaalde commerciële omroepinstelling desgevraagd en onder voorwaarden het percentage ondertiteling lager worden vastgesteld.

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Indien er ontheffing is verleend van het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen geldt de overgangstermijn opgenomen in artikel II van het besluit ondertiteling niet.

  • 2 Het Commissariaat stelt in dat geval het uit te zenden percentage ondertiteling gelijktijdig met het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen vast, waarbij rekening wordt gehouden met de bedoeling van de overgangstermijn als bedoeld in artikel II, tweede lid, van het besluit ondertiteling.

Hoofdstuk IV. Rapportage [Vervallen per 01-01-2008]

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 2 De regionale publieke omroepinstellingen brengen éénmaal per jaar voor 1 april over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de artikelen 54 en 54a van de wet.

  • 4 De wereldomroep brengt éénmaal per jaar voor 1 april over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van artikel 76, vierde lid, van de wet.

Artikel 17 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 De verslagen bedoeld in artikel 16, eerste lid, van deze regeling bevatten gegevens zowel in absolute zin als procentueel per televisieprogrammanet en voor de publieke landelijke omroep als geheel over de volgende onderwerpen:

    • a. totale zendtijd;

    • b. de voor berekening in aanmerking te nemen zendtijd, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van deze regeling;

    • c. het percentage Europese producties;

    • d. het percentage Europese onafhankelijke producties;

    • e. het percentage recente producties;

    • f. het percentage oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen;

    • g. het percentage ondertiteling;

    • h. in opdracht geproduceerde programma’s bij Nederlandse onafhankelijke producenten;

    • i. coproducties met Nederlandse onafhankelijke producenten;

    • j. aankoop Europees onafhankelijk product, waarbij de producent is gevestigd buiten Nederland;

    • k. coproducties met Europese onafhankelijke producenten gevestigd buiten Nederland;

    • l. eigen producties;

    • m. overige producties;

    • n. herhalingen;

    • o. een statistisch overzicht van de mate waarin door de verschillende televisieprogrammanetten aan de verplichtingen is voldaan;

    • p. per uitgezonden programmaonderdeel moet in ieder geval worden aangegeven of (1) het programmaonderdeel meetelt voor de berekening van de in aanmerking te nemen zendtijd als bedoeld in artikel 9 van deze regeling, (2) taal, (3) land van herkomst, (4) productiejaar, (5) naam van de producent, (6) indien het een oorspronkelijk Nederlandstalig programmaonderdeel betreft of het programmaonderdeel is ondertiteld en (7) indien het een oorspronkelijk Nederlandstalig programmaonderdeel betreft dat niet is ondertiteld of het programmaonderdeel in het bijzonder bestemd is voor kinderen jonger dan 8 jaar.

Artikel 18 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 2 In de verslagen bedoeld in artikel 16, tweede, derde en vierde lid, van deze regeling wordt per uitgezonden programmaonderdeel aangegeven:

    • a. tijdstip van uitzending;

    • b. naam programmaonderdeel;

    • c. de duur van het programmaonderdeel;

    • d. of het programmaonderdeel meetelt voor de berekening van de in aanmerking te nemen zendtijd als bedoeld in artikel 6 van deze regeling;

    • e. of het een Europese productie betreft;

    • f. land van herkomst;

    • g. of het een onafhankelijke Europese productie betreft;

    • h. naam van de producent;

    • i. naam van de distributeur;

    • j. of het een recente Europese productie betreft;

    • k. productiejaar;

    • l. of het een oorspronkelijk Nederlands- of Friestalig programmaonderdeel betreft;

    • m. of het programmaonderdeel is voorzien van een voice-over, dan wel Nederlands is ingesproken;

    • n. indien het een oorspronkelijk Nederlandstalig programmaonderdeel betreft of het is ondertiteld.

    • o. indien het een oorspronkelijk Nederlandstalig programmaonderdeel betreft dat niet is ondertiteld of het programmaonderdeel in het bijzonder bestemd is voor kinderen jonger dan 8 jaar.

  • 3 Het Commissariaat kan een commerciële omroepinstelling toestaan op andere wijze dan genoemd in het tweede lid te rapporteren.

  • 4 Het Commissariaat bepaalt welke weken dienen als steekproef als bedoeld in het eerste lid van dit artikel. Het Commissariaat deelt dit in de loop van een kalenderjaar mee.

  • 5 Het tweede lid, onder n en o is niet van toepassing op de regionale publieke omroepinstellingen en het tweede lid onder l, n en o, is niet van toepassing op de Wereldomroep.

Artikel 19 [Vervallen per 01-01-2008]

  • 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 december 2006.

  • 2 De regeling van 30 augustus 2005 wordt ingetrokken.

  • 3 Deze regeling wordt aangehaald als Beleidsregels programmaquota.

  • 4 Deze regeling wordt bekendgemaakt door kennisgeving ervan in de Staatscourant en op de internetsite van het Commissariaat voor de Media (www.cvdm.nl).

Het Commissariaat voor de Media, De

voorzitter

,

I. Brakman

De

commissaris

,

J. van Cuilenburg