KruimelpadVorige
Volgende
Geldend op 25-01-2012
De regeling die nu getoond wordt is dermate groot van omvang dat automatisch is overgeschakeld naar artikelsgewijze weergave. Klik op de knop hiernaast om over te schakelen naar complete weergave van de regeling.
Let op: voor navigatie door de tekst in artikelsgewijze weergave maakt u gebruik van
in de balk hierboven.
1. De toezichthouder stelt de Commissie van de Europese Gemeenschappen in kennis van:
a. de algemene moeilijkheden die beheerders, beleggingsondernemingen, herverzekeraars, banken, levensverzekeraars of schadeverzekeraars met zetel in Nederland ondervinden bij het uitoefenen van hun bedrijf of het verlenen van financiële diensten vanuit een bijkantoor in een staat die geen lidstaat is of het verrichten van diensten naar een staat die geen lidstaat is;
b. het aantal en de aard van de gevallen waarin de toezichthouder een door een beheerder, beleggingsonderneming of bank gedane aanvraag van instemming met het voornemen als bedoeld in artikel 2:72, 2:108, 2:122 of 2:127 heeft geweigerd;
c. het aantal en de aard van de gevallen waarin hij een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 1:58, tweede en derde lid, ten aanzien van een beheerder van een instelling voor collectieve belegging in effecten of een beleggingsonderneming of bank die een bijkantoor in Nederland heeft.
2. De toezichthouder stelt de Commissie van de Europese Gemeenschappen onverwijld in kennis van de gevallen waarin hij ten aanzien van een beleggingsonderneming of een marktexploitant een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 1:58a, tweede lid, 1:58b, tweede lid, onderscheidenlijk artikel 1:58c, derde lid.