Overheid.nl| Zoekpagina

De wegwijzer naar informatie en diensten van alle overheden

Naar zoeken

Circulaire bezoldiging, eindejaarsuitkering en eenmalige uitkering cdK's en gedeputeerden, [...] werkzaamheden statenleden en vergoeding commissieleden

Geldend van 01-01-2006 t/m heden

Circulaire bezoldiging, eindejaarsuitkering en eenmalige uitkering cdK's en gedeputeerden, vergoeding werkzaamheden statenleden en vergoeding commissieleden

In deze circulaire wordt uiteengezet wat de gevolgen zijn van de CAO voor het Rijkspersoneel (die is overeengekomen voor de periode 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006), voor de commissarissen van de Koningin, de gedeputeerden en de staten- en commissieleden.

Eveneens informeer ik u over de hoogte van de vergoedingen per 1 januari 2006 voor staten- en commissieleden.

A. Commissaris van de Koningin

1. Bezoldiging commissaris van de Koningin

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is besloten tot een verhoging van 2% van de salarissen van de ambtenaren in de sector Rijk per 1 januari 2006.

Op grond van artikel 3, vierde lid, van het Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning wordt de bezoldiging van de commissaris herzien overeenkomstig de wijziging van de bezoldiging van het personeel in de Sector Rijk.

Dit betekent dat de bezoldiging van de commissarissen eveneens met ingang van 1 januari 2006 dient te worden aangepast en vanaf die datum € 9.610,50 (was € 9.422,06) bruto per maand bedraagt.

De structurele verhoging van het salaris werkt door naar reeds ingegane wachtgelden en uitkeringen. De bovengenoemde structurele verhoging van het salaris is pensioengevend.

2. Nominale en procentuele eindejaarsuitkering commissaris van de Koningin

Gelet op artikel 4a van het Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning geldt onderstaand besluit van het Sectoroverleg rijkspersoneel ook voor commissarissen.

a. Nominale eindejaarsuitkering

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is besloten dat de nominale eindejaarsuitkering van € 550,56 (€ 45,88 per maand) met ingang van 2006 structureel wordt verhoogd tot € 1.000,– per jaar en dat met ingang van het jaar 2006 de eindejaarsuitkering in november wordt uitbetaald (tot en met het jaar 2005 was december de maand van uitbetaling).

Dat houdt in dat de opbouw van € 1.000,– in 2006 over 11 maanden plaatsvindt (januari tot en met november) en per maand € 90,91 (€ 1.000,– : 11 maanden) bedraagt.

Omdat de nominale eindejaarsuitkering mede is bedoeld als compensatie voor de kosten van de Zorgverzekeringswet is voor 2006 (als overgangsjaar) afgesproken dat de totale nominale eindejaarsuitkering 2006 (ad € 1.000,–) wordt uitbetaald in drie delen. In april 2006 een deel van 4 maanden (4 × € 90,91), in augustus 2006 een deel van 4 maanden (4 × € 90,91) en in november het restant van drie maanden (3 × € 90,91).

Met ingang van het jaar 2007 wordt de nominale eindejaarsuitkering structureel verhoogd naar € 1.100,– per jaar. De uitbetaling vindt plaats in november 2007 (de opbouw vindt plaats van december 2006 tot en met november 2007). De opbouw bedraagt dan € 91,67 (€ 1.100,– : 12 maanden) per maand.

Met ingang van 2007 wordt de nominale eindejaarsuitkering geïndexeerd met het percentage van de generieke salarisstijging. Dat kan inhouden dat het bedrag ad € 1.100,– in 2007 nog kan wijzigen. In dat geval zal ik u nader informeren.

b. Procentuele eindejaarsuitkering

Eveneens is in het Sectoroverleg rijkspersoneel besloten dat de procentuele eindejaarsuitkering vanaf 1 januari 2005 structureel wordt verhoogd van 0,8% naar 1,6%. De verhoging van 0,8% van 2005 kan worden meegenomen in de eerstvolgende salarisbetaling.

Voorts zal met ingang van het jaar 2006 de eindejaarsuitkering in november wordt uitbetaald (tot en met het jaar 2005 was december de maand van uitbetaling). Dat houdt het volgende in.

Commissarissen hebben in 2006 recht op een structurele eindejaarsuitkering van 1,6%. De eindejaarsuitkering over 2006 wordt berekend over 11 maanden (januari 2006 tot en met november 2006). In verband daarmee dient in de eerste 11 maanden van 2006 als procentuele eindejaarsuitkering 1,75% van het maandsalaris te worden opgebouwd en in november 2006 te worden uitbetaald.

Met ingang van het jaar 2007 vindt de uitbetaling plaats in november 2007 (van december 2006 tot en met november 2007 vindt de opbouw plaats). De mogelijkheid bestaat dat de procentuele eindejaarsuitkering met ingang van 2007 wijziging ondergaat. Vooralsnog kunt u over 2007 een eindejaarsuitkering voor commissarissen hanteren van 1,6%. Bij wijziging zal ik u informeren.

De bovengenoemde structurele verhoging van de nominale en procentuele eindejaarsuitkeringen werken door naar reeds ingegane wachtgelden en uitkeringen.

De bovengenoemde structurele eindejaarsuitkeringen zijn pensioengevend.

3. Eenmalige uitkeringen commissaris van de Koningin

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is ten aanzien van het arbeidsvoorwaardenbeleid in de contractperiode 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 besloten dat ambtenaren die in december 2005 recht hadden op een Btzr-tegemoetkoming voor een partner (zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, onder 1°, van het Btzr) aanspraak maken op een eenmalige bruto uitkering van € 450,– (vermenigvuldigd met de deeltijdfactor, zoals die geldt per 1 december 2005; de deeltijdfactor mag niet groter zijn dan één).

In artikel 3, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning is bepaald dat, als aan het personeel in de sector Rijk een éénmalige uitkering wordt toegekend de commissaris een uitkering op dezelfde voet ontvangt.

Gelet op deze bepaling en als gevolg van bovengenoemd overleg hebben de commissarissen die in december 2005 recht hadden op een Btzr-tegemoetkoming voor een partner (zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, onder 1°, van het Btzr) aanspraak op een éénmalige bruto uitkering van € 450,–.

B. Gedeputeerden

1. Bezoldiging gedeputeerden

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is besloten tot een verhoging van 2% van de salarissen van de ambtenaren in de sector Rijk per 1 januari 2006.

Op grond van het Rechtspositiebesluit gedeputeerden is de bezoldiging van gedeputeerden gerelateerd aan het maximum van schaal 17 van het BBRA 1984.

Dit betekent dat de bezoldiging van de gedeputeerden eveneens met ingang van 1 januari 2006 dient te worden aangepast en vanaf die datum € 7.330,95 (was € 7.187,21) bruto per maand bedraagt.

De structurele verhoging van het salaris werkt door naar reeds ingegane wachtgelden en uitkeringen. De bovengenoemde structurele verhoging van salaris is pensioengevend.

2. Nominale en procentuele eindejaarsuitkering gedeputeerden

Gelet op artikel 4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit gedeputeerden geldt onderstaand besluit van het Sectoroverleg rijkspersoneel ook voor gedeputeerden.

a. Nominale eindejaarsuitkering

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is besloten dat de nominale eindejaarsuitkering van € 550,56 (€ 45,88 per maand) met ingang van 2006 structureel wordt verhoogd tot € 1.000,– per jaar en dat met ingang van het jaar 2006 de eindejaarsuitkering in november wordt uitbetaald (tot en met het jaar 2005 was december de maand van uitbetaling). Dat houdt in dat de opbouw van € 1.000,– in 2006 over 11 maanden plaatsvindt (januari tot en met november) en per maand € 90,91 (€ 1.000,– : 11 maanden) bedraagt.

Omdat de nominale eindejaarsuitkering mede is bedoeld als compensatie voor de kosten van de Zorgverzekeringswet is voor 2006 (als overgangsjaar) afgesproken dat de totale nominale eindejaarsuitkering 2006 (ad € 1.000,–) wordt uitbetaald in drie delen. In april 2006 een deel van 4 maanden (4 × € 90,91), in augustus 2006 een deel van 4 maanden (4 × € 90,91) en in november het restant van drie maanden (3 × € 90,91).

Met ingang van het jaar 2007 wordt de nominale eindejaarsuitkering structureel verhoogd naar € 1.100,– per jaar. De uitbetaling vindt plaats in november 2007 (de opbouw vindt plaats van december 2006 tot en met november 2007). De opbouw bedraagt dan € 91,67 (€ 1.100,– : 12 maanden) per maand.

Met ingang van 2007 wordt de nominale eindejaarsuitkering geïndexeerd met het percentage van de generieke salarisstijging. Dat kan inhouden dat het bedrag ad € 1.100,– in 2007 wordt gewijzigd. In dat geval zal ik nader u informeren.

b. Procentuele eindejaarsuitkering

Eveneens is in het Sectoroverleg rijkspersoneel besloten dat de procentuele eindejaarsuitkering vanaf 1 januari 2005 structureel wordt verhoogd van 0,8% naar 1,6%. De verhoging van 0,8% kan worden meegenomen in de eerstvolgende salarisbetaling.

Voorts zal met ingang van het jaar 2006 de eindejaarsuitkering in november worden uitbetaald (tot en met het jaar 2005 was december de maand van uitbetaling). Dat houdt het volgende in.

Gedeputeerden hebben in 2006 recht op een structurele eindejaarsuitkering van 1,6%. De eindejaarsuitkering over 2006 wordt berekend over 11 maanden (januari 2006 tot en met november 2006). In verband daarmee dient in de eerste 11 maanden van 2006 als procentuele eindejaarsuitkering 1,75% van het maandsalaris te worden opgebouwd en in november 2006 te worden uitbetaald.

Met ingang van het jaar 2007 vindt de uitbetaling plaats in november 2007 (van december 2006 tot en met november 2007 vindt de opbouw plaats). De mogelijkheid bestaat dat de procentuele eindejaarsuitkering met ingang van 2007 wijziging ondergaat. Vooralsnog kunt u over 2007 een eindejaarsuitkering voor gedeputeerden hanteren van 1,6%. Bij wijziging zal ik u informeren.

De bovengenoemde structurele verhoging van de nominale en procentuele eindejaarsuitkeringen werken door naar reeds ingegane wachtgelden en uitkeringen.

De bovengenoemde structurele eindejaarsuitkeringen zijn pensioengevend.

3. Eenmalige uitkeringen gedeputeerden

In het Sectoroverleg rijkspersoneel is ten aanzien van het arbeidsvoorwaardenbeleid in de contractperiode 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 besloten dat ambtenaren die in december 2005 recht hadden op een Btzr-tegemoetkoming voor een partner (zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, onder 1°, van het Btzr) aanspraak maken op een eenmalige bruto uitkering van € 450,– (vermenigvuldigd met de deeltijdfactor, zoals die geldt per 1 december 2005; de deeltijdfactor mag niet groter zijn dan één).

In artikel 4, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit gedeputeerden is bepaald dat, als aan het personeel in de sector Rijk een éénmalige uitkering wordt toegekend de gedeputeerde een uitkering op dezelfde voet ontvangt.

Gelet op deze bepaling en als gevolg van bovengenoemd overleg hebben de gedeputeerden die in december 2005 recht hadden op een Btzr-tegemoetkoming voor een partner (zoals bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, onder 1°, van het Btzr) aanspraak op een éénmalige bruto uitkering van € 450,– (vermenigvuldigd met de deeltijdfactor, zoals die geldt per 1 december 2005; de deeltijdfactor mag niet groter zijn dan één).

C. Vergoeding werkzaamheden statenleden

In artikel 2, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden is bepaald dat het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden van statenleden per 1 januari van elk jaar worden herzien aan de hand van het indexcijfer CAO lonen overheid voor volwassenen inclusief bijzondere beloningen geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar.

Toepassing van het bovenstaande houdt in dat de bedragen van de vergoeding voor werkzaamheden voor statenleden per 1 januari 2006 worden verhoogd met 0,5%. Dit is de verhoging van het indexcijfer van 2005 (113,8) ten opzichte van 2004 (113,2).

Met ingang van 1 januari 2006 wordt het bedrag genoemd in artikel 2, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden voor de vergoeding van de werkzaamheden gewijzigd in € 11.317,34 (was € 11.261,03).

D. Commissieleden

a. Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen commissieleden

In artikel 13 juncto artikel 2, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden is het bedrag bepaald van de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie per 1 januari van elk jaar wordt herzien aan de hand van het indexcijfer CAO lonen overheid voor volwassenen inclusief bijzondere beloningen geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar.

Toepassing van het bovenstaande houdt in dat de bedragen van de vergoeding voor werkzaamheden voor commissieleden per 1 januari 2006 worden verhoogd met 0,5%. Dit is de verhoging van het indexcijfer van 2005 (113,8) ten opzichte van 2004 (113,2).

Met ingang van 1 januari 2006 wordt het bedrag genoemd in artikel 13 van het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden gewijzigd in € 90.97 (was € 90,52).

b. Gevolgen Zorgverzekeringswet voor commissieleden

In onderdeel 12 van mijn circulaire van 5 december 2005 (nr. 2005-284775) over de gevolgen van de Zorgverzekeringwet voor commissieleden wordt gesteld dat voor commissieleden hetzelfde geldt als voor statenleden. Dit betekent dat over de vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van commissieleden een inkomensafhankelijke bijdrage van 4.4% verschuldigd is. In aanvulling hierop is het van belang te melden dat deze bijdrage niet moet worden ingehouden op de vergoeding. De inkomensafhankelijke bijdrage over de commissievergoeding wordt bij de betrokkenen door de Belastingdienst op aanslag geheven.

E. Algemeen

1. Vervallen Btzr en Zvr per 1 januari 2006

a. Besluit tegemoetkoming ziektekosten rijkspersoneel (Btzr)

De Btzr is met ingang van 1 januari 2006 vervallen. De tegemoetkomingen van de Btzr werden uitbetaald in de derde maand volgende op die waarop de tegemoetkomingen betrekking hebben. Voor uw informatie merk ik op dat dit inhoudt dat de tegemoetkoming voor de maanden oktober 2005 tot en met december 2005 nog nabetaald dienen te worden.

b. Regeling ziektekostenvoorziening rijkspersoneel (Zvr)

Voor uw informatie meld ik u dat de Zvr met ingang van 1 januari 2006 is vervallen.

2. Informatie op internet

Informatie die betrekking heeft op politieke ambtsdragers, kunt u vinden op de internetsite van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: www.minbzk.nl, openbaar bestuur, politieke ambtsdragers.

Hoogachtend,
De

Minister

van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
voor deze:
de

directeur-generaal Koninkrijksrelaties en Bestuur

,

L.A.M. van Halder