Start van deze paginaSkip navigatie, ga direct naar de Inhoud
Kruimelpad
  • Home
  • Overheidsinformatie
  • Zoeken
  • Verwijzing

Wet- en regelgeving

Instellingen (nu: volledige regeling), opent een nieuw venster
  • Vorige

  • Volgende

Vaststellingsbesluit nadere regels over verplichting tot betaling en hoogte van volgrecht

Geldend op 14-07-2009


  • Besluit van 21 februari 2006, houdende vaststelling van nadere regels over de verplichting tot betaling van het volgrecht en vaststelling van de hoogte van het volgrecht
  • Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

    Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 8 juni 2005, nr. 5355752/05/6, Directie Wetgeving, Sector Privaatrecht;

    Gelet op artikel 43b van de Auteurswet 1912;

    De Raad van State gehoord (advies van 24 juni 2005, nr. W03.05.0219/I);

    Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 15 februari 2006, nr. 5403483/06/6;

    Hebben goedgevonden en verstaan:

  • Artikel 1

    De vergoeding, bedoeld in artikel 43a, eerste lid, van de Auteurswet is niet verschuldigd bij de verkoop van een origineel van een kunstwerk:

    • a. waarvan de verkoopprijs niet hoger is dan € 3.000, of

    • b. dat de verkoper minder dan drie jaren voor deze verkoop heeft verkregen van de maker van dat werk, en de verkoopprijs niet hoger is dan € 10.000, of

    • c. door een persoon, niet handelend als een professionele kunsthandelaar, aan een museum dat handelt zonder winstoogmerk en is opengesteld voor het publiek.

  • Artikel 2

    De vergoeding, bedoeld in artikel 43a, eerste lid, van de Auteurswet wordt als volgt berekend, met dien verstande dat het totaal niet meer bedraagt dan € 12.500:

    • a. 4% van het deel van de verkoopprijs tot en met € 50.000;

    • b. 3% van het deel van de verkoopprijs van € 50.000,01 tot en met € 200.000;

    • c. 1% van het deel van de verkoopprijs van € 200.000,01 tot en met € 350.000;

    • d. 0,5% van het deel van de verkoopprijs van € 350.000,01 tot en met € 500.000; en

    • e. 0,25% van het deel van de verkoopprijs hoger dan € 500.000.

  • Artikel 3

    De in artikel 1 en 2 bedoelde verkoopprijzen zijn de prijzen exclusief belasting.

  • Artikel 4

    Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 9 februari 2006 tot aanpassing van de Auteurswet 1912 ter implementatie van richtlijn nr. 2001/84/EG van het Europees Parlement en van de Raad van de Europese Unie van 27 september 2001 betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk (PbEG L 272) (Stb. 60) in werking treedt.

  • Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

    ’s-Gravenhage, 21 februari 2006

    Beatrix

    De Minister van Justitie ,

    J. P. H. Donner

    Uitgegeven de tweede maart 2006

    De Minister van Justitie ,

    J. P. H. Donner